Hoe de waarheid na te streven (7)

De 11 normen voor het evalueren van iemands kaliber

In de vorige bijeenkomst hebben we gecommuniceerd over wat kaliber is, en ook over hoe iemands kaliber geëvalueerd moet worden. Hoeveel normen voor het evalueren van iemands kaliber hebben we in totaal opgesomd? (Elf.) Herhaal deze elf normen nog eens. (Leervermogen, het vermogen om dingen te begrijpen, bevattingsvermogen, het vermogen om dingen te aanvaarden, cognitief vermogen, het vermogen om oordelen te vellen, het vermogen om dingen te onderscheiden, het vermogen om op dingen te reageren, besluitvormingsvermogen, het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, en innovatief vermogen.) Elk van deze elf capaciteiten is een onderdeel van de maatstaf voor iemands allesomvattende kaliber. De vorige keer hebben we over tien ervan gecommuniceerd, tot aan het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Voor elke capaciteit hebben we gecommuniceerd over de uitingen van een goed kaliber, een gemiddeld kaliber, een slecht kaliber en het hebben van geen kaliber. Mensen zonder kaliber hebben in principe geen gaven, geen echte hobby's of interesses. Wanneer ze met iets worden geconfronteerd, hebben ze geen mening en geen vermogen om oordelen te vellen. Ze hebben niet het vermogen om mensen, gebeurtenissen en dingen te onderscheiden; ze hebben ook niet het vermogen om iets te aanvaarden, laat staan dat er van hen gezegd kan worden dat ze het vermogen hebben om op dingen te reageren of dat ze besluitvormingsvermogen hebben. Omdat zulke mensen geen gaven hebben, zijn ze nog minder in staat dingen te evalueren en te waarderen.

Nummer 10: Het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen

Wat betreft het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, hebben we in de vorige bijeenkomst over een deel van de inhoud ervan gecommuniceerd. Waar verwijst het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen voornamelijk naar? Evalueren verwijst naar wat mensen onderscheidingsvermogen noemen, in de zin van een vermogen om de ideeën, gezichtspunten, standpunten en de gepropageerde thema's van mensen, gebeurtenissen en dingen te onderscheiden. Het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen heeft voornamelijk betrekking op iemands ideeën en gezichtspunten met betrekking tot bepaalde kwesties; dat wil zeggen, dingen die gerelateerd zijn aan het rijk van het denken. Als jij het vermogen hebt om deze dingen te onderscheiden en te waarderen, dan ben jij een persoon met het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Als je niet weet hoe je deze kwesties met betrekking tot ideeën en gezichtspunten moet zien en ze fundamenteel niet kunt waarnemen, dan kun je niet geacht worden het vermogen te hebben om dingen te evalueren en te waarderen – dit vermogen staat volkomen los van jou. Wanneer je echter met iets wordt geconfronteerd, en je de oorsprong van dit ding en het doel erachter kunt onderscheiden, en kunt onderscheiden of de ideeën en gezichtspunten die het overbrengt en bepleit al dan niet correct zijn, en ook kunt onderscheiden of deze ideeën en gezichtspunten standhouden, of het positieve dingen of negatieve dingen zijn, en of ze in overeenstemming zijn met de ontwikkelingswetten van dingen of dicht bij verschijnselen liggen binnen de wetten die alle door God geschapen dingen beheersen – als je zo’n vermogen hebt om dingen te evalueren en te waarderen, dan bewijst dit dat jouw kaliber behoorlijk goed is. Als de ideeën en gezichtspunten die door dit ding worden bepleit, of de richting en doelen die het promoot, fouten, vervormingen en dingen die niet in overeenstemming zijn met menselijkheid of met de denklogica bevatten, of dingen die fundamenteel niet stroken met de objectieve wetten die alle door God geschapen dingen beheersen – als je dit allemaal kunt opmerken, en je zowel wat correct is als wat incorrect is kunt opmerken, is dit voldoende om te bewijzen dat je het vermogen hebt om dingen te evalueren en te waarderen en dat jouw vermogen om dingen te evalueren en te waarderen hoog is; het feit dat je dit vermogen hebt, betekent dat jouw kaliber heel goed is. Wanneer je bijvoorbeeld een artikel leest dat is geschreven door een broeder of zuster van de kerk, kun je opmerken of hun begrip van dingen, hun begrip van de aard-essentie van mensen en hun begrip van Gods woorden in overeenstemming zijn met de waarheidsprincipes, of de gezichtspunten die in het artikel worden uitgedrukt verwrongen zijn, en of het perspectief en het gezichtspunt dat ze innemen correct of incorrect zijn – je kunt al deze dingen opmerken. Als je het eens kunt zijn met de ideeën en gezichtspunten in het artikel die correct zijn; en als je ook de foutieve en absurde ideeën en gezichtspunten in het artikel kunt onderscheiden en corrigeren, en je weet waarom zulke ideeën en gezichtspunten incorrect zijn, en welke aspecten van de denklogica of welke objectieve wetten van positieve dingen ze schenden, en je op een dieper niveau kunt zien welk aspect van de waarheidsprincipes waarover God de mensheid heeft vermaand ze schenden – dan bewijst dit dat jouw kaliber goed is. Allereerst, als je kunt zien welke positieve dingen er in dit artikel staan die de moeite waard zijn om te leren, en je ook kunt beoordelen welke positieve richting het mensen biedt, evenals welke positieve voorziening, hulp en ondersteuning het brengt – en als je daarnaast kunt zien welke nadelige, negatieve en verwrongen dingen het artikel bevat; welke foutieve en absurde ideeën en gezichtspunten het bevat die het denken van mensen in een slechte richting kunnen leiden, en welke negatieve gevolgen ze voor mensen kunnen hebben; hoe deze foutieve en absurde dingen moeten worden gecorrigeerd; en hoe bepaalde tekortkomingen moeten worden gecompenseerd zodat het mensen meer voordeel kan brengen – dan is dit een uiting van het hebben van het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Wanneer je bijvoorbeeld leert dansen en een dansvoorstelling observeert, kun je opmerken welke bewegingen zeer vermenselijkt zijn, de ideeën en wensen binnen menselijkheid uitdrukken, en voortkomen uit het perspectief van menselijkheid, en geworteld zijn in menselijkheid, en sterk in overeenstemming zijn met de behoeften van het geweten en de rede van normale menselijkheid; en je kunt opmerken welke bewegingen, gezichtsuitdrukkingen en expressieve methoden van het gebruik van lichaamstaal, evenals de ideeën die daarin worden bepleit, positief zijn en iemands geestelijke wereld kunnen verrijken – je bent in staat al deze dingen te zien. Je bent niet louter in staat om te dansen of enkele eenvoudige bewegingen uit te voeren – je kunt veeleer de ideeën zien die in een dansvoorstelling worden bepleit; je kunt de betekenis van de ideeën erin bevatten, evenals de dansvormen die onder leiding van deze ideeën worden gebruikt. Als de vormen en lichaamstaal van de dans mensen ten goede komen, en iets zijn wat je zou moeten leren, zou moeten aanvaarden en waaruit je zou moeten putten – en je in staat bent deze dingen te zien en te leren, en je de positieve elementen ervan kunt aanvaarden – dan is dit een uiting van het hebben van het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Natuurlijk, als de dans bepaalde verwrongen ideeën presenteert die niet in overeenstemming zijn met menselijkheid, en je deze ook kunt waarnemen, en je kunt onderscheiden waar de fouten liggen, en je ook weet wat er mis is met deze vorm van presentatie, en wat de leidende ideeën erachter zijn – als je dit allemaal kunt zien en onderscheiden, dan is dit ook een uiting van het hebben van het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Begrijpen jullie nadat je deze twee voorbeelden hebt gekregen, wat het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen is? Is deze norm voor het meten of iemand een goed kaliber en het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen heeft, vastgesteld? (Ja.)

Als je iets ziet en de ideeën en gezichtspunten kent die het bepleit of het perspectief en gezichtspunt dat het inneemt, maar niet weet of deze ideeën en gezichtspunten correct of incorrect zijn, dan heb je niet veel vermogen om dingen te onderscheiden. Je hebt misschien alleen maar het gevoel: ‘Deze dans is best goed; dit artikel is best goed; deze film is best goed; ze heeft artistieke waarde en de expressieve technieken ervan zijn geweldig.’ Je observeert en begrijpt dit slechts vanuit het perspectief van de sector of vanuit het perspectief van kennis, maar je bent niet in staat om te bepalen of de ideeën en gezichtspunten die door dit ding worden bepleit correct of incorrect, juist of onjuist, positief of negatief zijn; en je stelt misschien vragen als: “Zijn deze ideeën en gezichtspunten in overeenstemming met de waarheid? Is deze daad in overeenstemming met de menselijkheid? Is het in overeenstemming met de ontwikkelingswetten van dingen? Bestaan zulke mensen? Hebben zulke gebeurtenissen plaatsgevonden? Is dit een positief ding?” Als elke zin die je uitspreekt eindigt met een vraagteken, dan ontbreekt het je aan het vermogen om dingen te onderscheiden. Als je alleen de technische, professionele of op kennis gebaseerde aspecten kent die erbij betrokken zijn, maar het je, als het gaat om dingen op het niveau van het denken, ontbreekt aan het vermogen om te beoordelen of ze correct of incorrect, juist of onjuist zijn, wat zegt dit dan over je kaliber? Dit geeft aan dat je een gemiddeld kaliber hebt. Hoewel je enig vermogen hebt om dingen te evalueren en te waarderen, is jouw vermogen beperkt tot het waarderen van de ideeën van de auteur vanuit een technisch, professioneel perspectief. Je kunt alleen bevatten of begrijpen waarom de auteur deed wat hij deed, maar je kunt niet evalueren of de ideeën en gezichtspunten die hij bepleit al dan niet correct zijn, en of het positieve dingen zijn, of hoe groot de impact is die deze ideeën en gezichtspunten op mensen hebben zodra ze worden gepresenteerd, of dat het een positieve of een negatieve impact is, of welke gevolgen ze voor mensen met zich meebrengen – je weet niets van dit alles. Gebaseerd op dit niveau is het kaliber van zulke mensen slechts gemiddeld. Ze kunnen alleen waarderen maar niet evalueren, en kunnen daarom niet het kaliber bereiken waarop je het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen hebt. Sommige mensen hebben, ongeacht welke plicht ze vervullen, een zeer slecht vermogen om dingen te onderscheiden. Ze vinden dat je dingen op welke manier dan ook mag doen. Hun gezichtspunten en houding zijn erg troebel en volkomen onduidelijk. Wat anderen ook zeggen, zij kunnen het aanvaarden, en ze hebben geen nauwkeurige gezichtspunten of beoefeningsprincipes. Als gevolg daarvan vervullen ze geen enkele plicht goed. Ongeacht welk werk ze op zich nemen, ze zijn bijzonder troebel en onduidelijk als het gaat om het definiëren en trekken van grenzen met betrekking tot de positiviteit of negativiteit, en de juistheid of onjuistheid, van verschillende ideeën en gezichtspunten die zich in de loop van hun werk voordoen. Wanneer mensen hun vragen: “Deze gedachte of dit gezichtspunt is naar voren gekomen – is het correct?” zeggen ze: “De geest van mensen is vrij. Ze mag niet worden beperkt. Er moet diversiteit zijn – elke gedachte moet naar voren kunnen worden gebracht en uitgedrukt.” Dit is hun gezichtspunt met betrekking tot het bestaan van verschillende ideeën. Dat wil zeggen: ongeacht welke ideeën of gezichtspunten er naar voren komen – of ze nu juist of onjuist, correct of incorrect zijn – ze geloven dat ze allemaal mogen bestaan en dat ze vrijelijk naar voren mogen worden gebracht. Ze denken dat, zolang iemand op een bepaalde manier denkt, zolang iemand een bepaalde behoefte heeft, zolang er mensen zijn die een bepaalde gedachte accepteren of onderschrijven, die gedachte bestaansrecht heeft. Dit idee en dit gezichtspunt van hen is erg troebel. In de woorden van ongelovigen bevindt het zich vaak in een ‘grijs gebied’ zonder grenzen. Deze mensen hebben geen strikte normen of criteria om te beoordelen of dingen correct of incorrect zijn. Men kan ook zeggen dat zulke mensen geen standpunt hebben, geen werkelijke ideeën of gezichtspunten. Natuurlijk kan ook worden gezegd dat deze mensen niets positiefs bepleiten. Kunnen zulke mensen dan de waarheid aanvaarden? Kunnen ze de waarheid begrijpen? Dat is werkelijk moeilijk te zeggen. Een slecht kaliber hebben is problematisch. Wanneer mensen met een slecht kaliber tegelijkertijd met de opkomst van twee ideeën of gezichtspunten worden geconfronteerd, hebben ze geen eigen mening; ze weten niet welke correct is en welke incorrect is. Ze kiezen de kant die het sterkst is, welke dat ook is. Dit heet geen standpunt hebben. Zulke mensen zijn verwarde mensen. We zullen niet bespreken hoe het streven van hun menselijkheid is of hoe hun karakter is – louter sprekend in termen van hun vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, is het kaliber van dit soort mensen slechts gemiddeld. Waarom zeg Ik dit? Omdat, hoewel hun kaliber hen in staat stelt bepaalde dingen op het niveau van het denken te waarderen, het hun ontbreekt aan het vermogen om de authenticiteit van dingen te evalueren en te onderscheiden of dingen juist of onjuist, correct of incorrect zijn. Daarom wordt hun kaliber als gemiddeld geclassificeerd. Omdat hun ideeën, gezichtspunten en standpunten als het gaat om het evalueren van dingen, erg troebel zijn, en ze geen positieve dingen als basis of criterium hebben, kunnen ze enkele goede dingen doen, maar ook enkele slechte dingen. Ze kunnen enkele relatief correcte dingen doen waar anderen baat bij hebben en menselijkheid ondersteunen, maar tegelijkertijd kunnen ze dingen doen die anderen schaden en een nadelige invloed op hen hebben. Daarom is het kaliber van zulke mensen slechts gemiddeld. Stel bijvoorbeeld dat er een film is waarin de ideeën die door de regisseur worden bepleit relatief positief en relatief humaan zijn, en dingen zijn die relatief in overeenstemming zijn met de behoeften van menselijkheid – behoeften die in de huidige samenleving gerechtvaardigd zijn, zoals democratie, vrijheid, mensenrechten en andere positieve dingen – en de regisseur brengt door middel van de film deze dingen die zich diep in de menselijke ideeën bevinden naar voren om mensen te helpen ze te leren kennen. Als een persoon van gemiddeld kaliber naar deze film kijkt, kan hij inzien dat die ideeën goed en correct zijn. Hij kan zien dat die ideeën relatief populair zijn en in de huidige samenleving worden vereerd; hij kan de correctheid waarnemen van de ideeën die door de regisseur worden bepleit. Maar als de regisseur in deze film ook enkele relatief niche-ideeën propageert – dingen waar de meeste volwassenen en mensen met bevattingsvermogen niet aan zouden denken, die zeer extreem zijn en waarvan zelfs kan worden gezegd dat het dingen zijn die zelden worden gezien of bijna onmogelijk kunnen gebeuren volgens de normale ontwikkelingswetten van dingen – dan zouden mensen met een gemiddeld vermogen om dingen te evalueren en te waarderen niet in staat zijn deze te onderscheiden wanneer ze naar de film kijken. Ze zouden denken: ‘Deze specifieke ideeën die door de regisseur worden gepropageerd, zijn niet verkeerd. Zelfs als dit dingen zijn waar slechts een klein aantal mensen van houdt en door een klein aantal mensen wordt omarmd, zouden deze ideeën in de huidige samenleving nog steeds in ere moeten worden gehouden; ze zouden openbaar gemaakt moeten worden zodat iedereen ze kan kennen en aanvaarden.’ Zie je, of de dingen die door de regisseur in dezelfde film worden gepropageerd nu positief zijn of een negatieve invloed op mensen hebben, ze zullen ze aanvaarden en ze zelfs in het bijzonder waarderen. Voor hen is er geen duidelijk of definitief onderscheid tussen correct en incorrect. Daarom kunnen ze de positieve dingen in deze film aanvaarden, en kunnen ze ook de negatieve dingen aanvaarden. Aangezien ze deze dingen kunnen aanvaarden, zullen ze ze ook toepassen. Ze zullen deze dingen verwerken in werken die hun eigen ideeën en gezichtspunten uitdrukken, of ze in het dagelijks leven bij anderen inprenten, en zo anderen beïnvloeden. Natuurlijk zullen de positieve dingen een goed effect op mensen hebben, terwijl de negatieve dingen zeker een negatief effect op mensen zullen hebben. Daarom zullen zulke mensen terwijl ze goede dingen doen, ook enkele slechte dingen doen. Dat wil zeggen, wanneer je honger hebt, zullen ze je bijvoorbeeld een kom pap geven, maar die zal niet schoon zijn en vermengd zijn met wat zand, en als je het een lange tijd eet zal dit schadelijk zijn voor je gezondheid. Of ze zullen je een kom eten geven, maar die zal vermengd zijn met dingen als vliegen en muggen. Je vindt het misschien smakelijk, maar het bevat enkele bacteriën die schadelijk zijn voor het lichaam. Hoewel zulke mensen je honger zullen hebben gestild en je maag hebben gevuld, zullen ze ook enkele nadelige effecten op je lichaam hebben gehad. Op dezelfde manier is het zo dat, als het je aan onderscheidingsvermogen ontbreekt, je wanneer je naar een werk kijkt, zeer waarschijnlijk enkele incorrecte ideeën en gezichtspunten eruit zult aanvaarden, en erdoor misleid en vergiftigd zult worden. Daarom is het ook erg belangrijk om het vermogen om dingen te onderscheiden te bezitten. Dit zijn de uitingen van mensen met een gemiddeld kaliber, wat betreft hun vermogen om dingen te evalueren en te waarderen.

Het volgende niveau bestaat uit mensen met een slecht kaliber. Mensen met een slecht kaliber hebben geen vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Dat wil zeggen dat ze, wanneer ze iets zien, niet weten welke gedachten en gezichtspunten correct zijn om erop na te houden, en evenmin weten welke invalshoek of welk gezichtspunt correct is om in te nemen. Ze weten niet eens wat voor soort incorrecte ideeën en gezichtspunten mensen in deze zaak huldigen, of door welke ideeën mensen zich vroeger lieten leiden wanneer ze met zulke zaken werden geconfronteerd – dit heeft betrekking op denklogica, en mensen met een slecht kaliber schieten hierin simpelweg tekort. Het is dus uitgesloten dat ze in staat zijn dingen te waarderen. Pas nadat men in staat is dingen te waarderen, kan er worden gezegd hoe hun waardering van dingen is of dat ze het vermogen hebben om dingen te evalueren. Als ze dingen niet eens kunnen waarderen, is het niet eens zinvol om te bespreken of ze het vermogen hebben om dingen te evalueren. Na een artikel te hebben gelezen, zeggen sommige mensen bijvoorbeeld: “Dit artikel gebruikt bloemrijke taal, is heel vloeiend uitgedrukt en heel humoristisch. Het artikel is prachtig geschreven!” Iemand vraagt: “Welke ideeën en gezichtspunten wilde de auteur in dit artikel uitdrukken? Wat is zijn houding ten opzichte van mensen, gebeurtenissen en dingen van dit type?” “Oh, wordt er een bepaalde houding ingenomen? Gaat het ook om ideeën en gezichtspunten? Dat is me niet opgevallen. Hoe dan ook, ik vind dat zijn artikel goed geschreven is, en ik heb het met plezier gelezen.” De ander vraagt: “Van welke ideeën en gezichtspunten die hij uitdrukte, heb je dan genoten? Weet je welke alinea of welk verhaal wat voor soort ideeën en gezichtspunten van de auteur uitdrukt, en wat de centrale gedachte van het artikel is?” Hij zegt: “Daar ben ik nog niet achter.” Hij leest het nog twee of drie keer en vindt nog steeds alleen maar dat het artikel goed geschreven en welsprekend is. Hij kan niet opmaken welke ideeën en gezichtspunten het uitdrukt. Dit legt bloot hoe zijn kaliber is, nietwaar? Als hij dit artikel leest en niet kan opmaken welke ideeën en gezichtspunten het artikel uitlegt, kan er alleen maar worden gezegd dat het hem ontbreekt aan het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen en dat hij een persoon met een slecht kaliber is. Als het artikel duidelijke taal bevat die de correcte ideeën en gezichtspunten al uitlegt en ze deze nog steeds niet kunnen opmerken, bewijst dit dat hun kaliber uiterst slecht is. Ze kunnen alleen maar zeggen: ‘Het artikel is goed geschreven, de taal is vloeiend en de schrijfstijl is goed’, maar ze weten of begrijpen niet of de feiten die in het artikel worden besproken objectief zijn, wat het lezers laat voelen, of wat lezers ervan kunnen leren en wat ze eruit kunnen putten – dat zouden ze nog steeds aan de auteur moeten vragen. Dit bewijst volkomen dat zulke mensen een slecht kaliber hebben. Hoe komt hun slechte kaliber tot uiting? Hun slechte kaliber komt tot uiting in het feit dat ze niet begrijpen wat ideeën en gezichtspunten zijn, en niet begrijpen hoe ze dingen moeten waarderen, en natuurlijk des te meer in het feit dat ze volstrekt niet in staat zijn dingen te evalueren. Gezamenlijk wordt dit aangeduid als het missen van het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. De manier waarop mensen die het vermogen missen om dingen te evalueren en te waarderen er slechter aan toe zijn dan degenen met een gemiddeld kaliber, is dat het hun niet alleen ontbreekt aan het vermogen om dingen te evalueren, maar zelfs aan het vermogen om dingen te waarderen. Daarom kunnen ze dingen op het niveau van ideeën en gezichtspunten, denklogica, of de vraag of iets in overeenstemming is met de menselijkheid of de objectieve wetten van dingen niet doorzien en weten ze niet hoe ze deze moeten waarderen. Ze kunnen niet eens opmerken of dit artikel enige ideeën of gezichtspunten uitlegt, laat staan onderscheiden of de ideeën en gezichtspunten correct of incorrect zijn. Het is alleen omdat ze naar school zijn geweest dat ze dingen die te maken hebben met woorden, kennis, technische vaardigheden en beroepen kunnen lezen, maar ze blijven steken op het niveau van het kunnen lezen, bekijken en beluisteren van dingen en zijn niet in staat ze te waarderen. Zulke mensen zijn degenen met een slecht kaliber. Mensen met een slecht kaliber kunnen praten over dingen op het niveau van technische vaardigheden en beroepen of kennis, zoals van welke beroemdheid een bepaald werk is, welk bekend citaat van een beroemdheid er wordt aangehaald, naar welke uitdrukkingsstijl is verwezen, of welke technische vaardigheid of welk beroep is gebruikt om het te bereiken – deze dingen kunnen ze waarnemen. Ze begrijpen echter niet welke concepten er worden bepleit en uitgedrukt op basis van het niveau van deze beroepen en technische vaardigheden of kennis, en ze begrijpen ook niet wat de concepten, grondslagen of fundamenten achter het ontwerp en de presentatie van deze dingen zijn. Dit is wat het betekent om een slecht kaliber te hebben. Zulke mensen hebben één kenmerk: ze weten niet hoe ze over kwesties moeten nadenken of deze moeten overdenken. Ze weten niet hoe ze de grondoorzaak en essentie van de verschijnselen die door iets worden veroorzaakt, of de toekomstige richting van de ontwikkeling van deze verschijnselen en de impact die ze zullen hebben op mensen, gebeurtenissen en dingen, moeten onderscheiden, beoordelen of leren kennen. Zulke mensen denken niet normaal. De dingen die ze kunnen begrijpen en de levenservaring die ze kunnen bevatten, zijn uiterst beperkt. Ongeacht welke complexe zaken ze tegenkomen, ze kunnen ze niet begrijpen of doorzien. Dat wil zeggen, ze kunnen alleen nadenken over de woorden die ze horen en de tekst die ze oppervlakkig over iets zien, evenals over de uiterlijke vormen en methoden die erbij betrokken zijn, en bereiken slechts dit niveau. Wat betreft diepere aspecten, zoals de relaties, logica en wederzijdse invloeden tussen verschillende dingen: daar denken ze niet over na en ze zijn ook niet in staat erover na te denken. Sommige mensen denken zelfs zo lang over iets na dat ze hun eetlust verliezen, slecht slapen of depressief worden – en nog steeds kunnen ze het niet doorzien. Dit is wat het betekent om een slecht kaliber te hebben. Of iemand het vermogen heeft om dingen te evalueren en te waarderen, hangt af van de vraag of hij, wanneer hij met een zaak wordt geconfronteerd, oordelen kan vellen en zo met verschillende mogelijkheden kan komen met betrekking tot de complexe relaties, verbanden of wederzijdse invloeden tussen verschillende dingen, evenals de gevolgen die hieruit zouden kunnen voortvloeien. Als iemand alleen maar kan zeggen wat iemand heeft gezegd of gedaan, en louter navertelt wat hij heeft gehoord of gezien, zonder enig onderscheidingsvermogen en zonder in staat te zijn enige problemen waar te nemen, geeft dit aan dat hij niet normaal denkt. Mensen die het vermogen missen om na te denken, missen het vermogen om dingen te waarderen, en natuurlijk missen ze ook het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, en ze weten niet hoe ze moeten nadenken. Waarom moeten we deze capaciteit dan bespreken? Als het mensen ontbreekt aan de verschillende capaciteiten om de materiële wereld te waarderen, is het kaliber van deze mensen slecht. Ze weten niet hoe ze moeten nadenken en hun denken mist logica. Het ontbreekt zulke mensen dus aan het vermogen om de waarheid te bevatten. Dit komt doordat de waarheid, in één opzicht, betrekking heeft op verschillende aspecten van kwesties in het werkelijke leven van mensen; tegelijkertijd heeft ze ook betrekking op de verschillende principes die mensen moeten beoefenen om hun verdorven gezindheden af te werpen. Natuurlijk heeft ze in nog sterkere mate betrekking op de verschillende soorten eenvoudige of complexe, veelzijdige problemen die mensen in het werkelijke leven tegenkomen, en de relaties daartussen. Of het nu gaat om een enkele waarheid of om meerdere onderling verbonden waarheden, geen enkele waarheid is een regel; het zijn veeleer principes of criteria voor het afmeten van een categorie dingen. Nu we het toch over principes en criteria hebben: dit zijn geen regels of formules zoals één plus één is twee. Aangezien het geen formules zijn, moeten mensen, wanneer ze in het werkelijke leven zaken tegenkomen, in staat zijn te overdenken en te zoeken welke problemen van menselijkheid erbij betrokken zijn, of de uitingen van de menselijkheid in dit aspect elementen van een verdorven gezindheid bevatten, en welke gesteldheden en uitingen er bestaan voor hetzelfde type verdorven gezindheid, evenals welke aspecten van de waarheid mensen moeten beoefenen en waaraan ze zich moeten houden om deze te transformeren – dit alles moet door mensen worden begrepen. Als je alleen de woorden van de waarheid kent, maar niet weet wat de principes zijn waarover in dit aspect van de waarheid wordt gesproken, dan zul je niet weten hoe je deze in verband moet brengen met dingen uit het werkelijke leven, noch zul je weten hoe je de waarheid moet beoefenen. Als je niet het vermogen hebt om de waarheid te bevatten, zul je niet in staat zijn deze in verband te brengen met de problemen die in jezelf bestaan of met de problemen die je in het werkelijke leven tegenkomt. Je zult niet weten hoeveel aspecten van de waarheid erbij betrokken zijn, wat het pad van beoefening en intrede is, of welke problemen je moet oplossen. Natuurlijk is het uitgesloten dat je in staat zult zijn mensen en dingen te bekijken of je te gedragen en te handelen op basis van Gods woorden, of dat je in staat zult zijn je aan de waarheidsprincipes te houden of volgens de waarheidsprincipes te praktiseren. Als het je ontbreekt aan het vermogen om bepaalde mensen, gebeurtenissen en dingen die gerelateerd zijn aan het menselijk leven te waarderen, je er geen ideeën of gezichtspunten over hebt, en je fundamenteel geen dingen kunt bevatten die gerelateerd zijn aan het niveau van het denken, waardoor je niet het vermogen hebt om ze te waarderen, laat staan het vermogen om ze te evalueren, kan er worden gezegd dat je niet het vermogen hebt om de waarheid te bevatten. Als je niet het vermogen hebt om de waarheid te bevatten en niet in staat bent de waarheid te begrijpen, wat zul je dan gebruiken om de gebreken in je menselijkheid te veranderen en je verdorven gezindheden af te werpen? Als je niet het vermogen hebt om de waarheid te bevatten, zul je niet weten welke waarheidsprincipes betrokken zijn bij de zaak die voor je ligt. Natuurlijk zul je ook niet weten aan welke waarheidsprincipes je je zou moeten houden. In dat geval zul je blindelings handelen – ofwel door regels te volgen, ofwel door te handelen op basis van noties en verbeeldingen, of anderszins door roekeloos slechte daden te begaan. Als je de waarheid niet begrijpt, leidt dat tot deze gevolgen, deze uitingen.

Als het gaat om het onderwerp van het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, zelfs als het niet gaat om de kwestie van het nastreven van de waarheid om verdorven gezindheden af te werpen, in termen van het menselijk leven zelf: als je niet het vermogen bezit om dingen te waarderen, heb je geen gezichtspunten over wat je ook maar ziet, noch enige mening op het niveau van het denken – je kijkt naar alles alsof er een laag gaas over je ogen ligt, en bent niet in staat te zien dat er een probleem is – en je kent alleen het verloop van de hele gebeurtenis of de betrokken mensen, gebeurtenissen en dingen, maar je weet niet wat de essentie van het probleem is, of wat de gerelateerde gedachten en gezichtspunten van mensen zijn, dan geeft dit aan dat je een persoon met een slecht kaliber bent. Dit komt omdat je hoegenaamd geen idee hebt over alle problemen in je leven. Je weet niet hoe je de problemen op het niveau van het denken moet overwegen, overdenken of definiëren. Je weet niet hoe je, op basis van je eigen leeftijd, de mate van volwassenheid van je persoonlijkheid of je ervaringen uit het verleden, moet beoordelen wat voor soort probleem iets eigenlijk is, wat je ervan zou moeten leren en wat je eruit zou moeten halen, welke impact het op je heeft, welke les je eruit trekt, vanuit welk perspectief je zo’n probleem zou moeten bekijken en aanpakken, of hoe je zou moeten handelen en wat je zou moeten vermijden als je opnieuw met zo’n zaak wordt geconfronteerd. Het ontbreekt je aan al deze overwegingen. Wat je ook overkomt, je bent zo simpel van geest als een dier en hebt geen gezichtspunten. Hoe oud je ook wordt of hoeveel je ook hebt meegemaakt, je weet nog steeds niet hoe je over problemen moet nadenken. Je weet niet hoe je je eigen ervaringen uit het verleden, je kennis en wat je hebt geleerd moet gebruiken om over de verschillende aspecten van problemen na te denken. Dit soort mensen zijn mensen met een slecht kaliber. Voor mensen met een slecht kaliber geldt dat ze zelfs in triviale zaken van het dagelijks leven geen patronen kunnen ontdekken, laat staan dat ze de waarheid binnen kunnen treden. Zelfs als ze veertig of vijftig, of zeventig of tachtig jaar oud worden, zijn het nog steeds verwarde mensen die geen enkele ervaring kunnen delen. Zulke individuen zijn mensen die traag van begrip zijn, die geen gedachten hebben. Omdat hun kaliber slecht is en het hun ontbreekt aan het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, bekijken zulke mensen, hoe oud ze ook worden, nooit iets op het niveau van het denken. Ze weten niet hoe ze dingen moeten bekijken en kunnen niets doorzien. Daarom moet je bij het beoordelen van iemands kaliber – specifiek of hij het vermogen heeft om dingen te evalueren en te waarderen – niet naar zijn leeftijd of zijn ervaringen uit het verleden kijken. Waar moet je dan wel naar kijken? (We moeten kijken of ze gedachten hebben.) Dat wil zeggen, je moet kijken of ze, nadat ze veertig of vijftig jaar lang verschillende mensen, gebeurtenissen en dingen hebben meegemaakt, enig persoonlijk begrip hebben op het niveau van het denken, en of hun ervaringen uit het verleden betrekking hebben op de waarde van het menselijk leven, het pad dat mensen nemen, of dingen die gerelateerd zijn aan de diepten van het menselijk denken en hun spirituele wereld. Als hun ervaringen alleen betrekking hebben op bepaalde zaken en geen dingen op het niveau van het denken omvatten, dan bezitten ze niet het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Sommige mensen zeggen bijvoorbeeld vaak: “In onze generatie leefden we van de hand in de tand. Het was niet gemakkelijk om iets goeds te eten; we konden alleen wat vlees eten tijdens Nieuwjaar of andere feestdagen. Mensen van onze generatie waren heel eenvoudig en argeloos, en we kleedden ons heel sober.” Ze praten maar door over dit soort dingen. Waarop anderen zeggen: “Waarom is jullie generatie zo de moeite waard dat er herinneringen aan moeten worden opgehaald? Zijn er dingen waaruit wij jonge mensen kunnen putten en waarover we op het niveau van het denken kunnen communiceren?” Ze antwoorden: “In onze tijd sliepen we toen we naar het slagveld gingen om te vechten dagenlang niet omdat we onafgebroken moesten marcheren. Soms kregen we de hele dag geen enkele maaltijd. Wanneer we het kamp bereikten, gingen de nieuwe rekruten meteen slapen, maar wij veteranen aten eerst en gingen daarna pas slapen. Als we dat niet zouden doen en we na etenstijd weer op pad zouden moeten, dan zouden we onderweg honger lijden.” De anderen zeggen: “Dit is slechts een voorval; het telt niet als iets op het niveau van het denken. Deel iets wat voor ons jonge mensen de moeite waard is om te leren, of enkele lessen die ons kunnen helpen omwegen te vermijden, en voorkomen dat we fouten maken of door dwaasheid onnozele fouten begaan.” Ze zeggen: “In die tijd waren we niet zoals de jonge mensen van tegenwoordig, die lui en vraatzuchtig zijn, van gemak houden en een hekel hebben aan werk. Destijds wilden we gewoon meer ontberingen verdragen, meer werk verzetten en goed presteren, zodat we de aandacht van onze leiders konden trekken en gepromoveerd konden worden.” Is er in deze woorden iets op het niveau van het denken? (Nee.) Geeft dit je, nadat je het hebt gehoord, het gevoel dat dit de woorden van een geestelijke mentor zijn, het soort inspirerende toespraken die ongelovigen houden? Verruimt het je denken, verheft het je denkniveau, vergroot het je vermogen om je bewust te zijn van dingen, of helpt het je enkele nieuwe dingen of correcte gedachten en gezichtspunten te ontdekken waar je nog nooit eerder aan had gedacht? (Nee.) Hebben zulke mensen dan het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen? Hoe je hen ook vraagt naar zaken die het niveau van het denken betreffen, je zult niets uit hen loskrijgen. Het is niet zozeer dat ze niet willen spreken; het is simpelweg dat ze vanbinnen niets te melden hebben. Dit is wat het betekent om een slecht kaliber te hebben. Zelfs als ze een leeftijd van vijftig of zestig jaar bereiken, hebben ze geen gedachten of gezichtspunten; ze modderen op deze manier maar wat aan in het leven. Ze weten niet dat leven niet alleen gaat over het nastreven van vooruitzichten, een goed gezin, een goede baan of een goed leven, maar dat er ook zaken op het niveau van het denken zijn die reflectie, overdenking en voortdurende destillatie in het diepst van het hart vereisen. Ze weten niet dat mensen op het pad van het menselijk leven veel onbekende dingen zullen tegenkomen, noch weten ze hoe ze die onder ogen moeten zien. Wanneer hun niets overkomt, denken ze niet van tevoren na om te voorkomen dat ze omwegen maken of het verkeerde pad inslaan en overwegen deze dingen niet. Ze weten ook niet waarom ze zich in bepaalde situaties die ze hebben meegemaakt op een bepaalde manier hebben gedragen, en of dat juist of verkeerd was, of hoe ze het pad dat voor hen ligt moeten bewandelen om gelukkig te leven, met gemoedsrust te leven en een waardevol leven te leiden, en niet tevergeefs te leven. Omdat zulke mensen een slecht kaliber hebben, denken ze niet na over deze kwesties. Wanneer deze mensen zestig jaar oud worden, zitten ze daar gewoon herinneringen op te halen en zeggen ze: “Toen ik jong was, was ik mooi en getalenteerd; er zaten zoveel mensen achter me aan! Ach, in mijn jeugd...” Ze halen altijd alleen maar verhalen uit hun gloriedagen aan, die dingen die het niet waard zijn om te vermelden. Mensen met een slecht kaliber, hoe oud ze ook worden, denken niet na over kwesties die gerelateerd zijn aan het menselijk leven, het pad dat mensen nemen of hoe mensen zouden moeten leven. Ze denken niet na over wat voor soort gezichtspunten mensen zouden moeten hebben bij hun omgang met verschillende zaken. Als gevolg daarvan zal, ongeacht hoe ze leven, hun denkniveau niet verbeteren, zullen hun gedachten inhoud missen, zal hun geestelijke wereld verarmd blijven en zullen ze geen oprechte levenservaring hebben. Dit is wat het betekent om een slecht kaliber te hebben. Wanneer je met zulke mensen omgaat, zijn ze op twintigjarige leeftijd behoorlijk kinderlijk en simpel, ze bruisen van energie en zijn erg opvliegend. Tegen de tijd dat ze dertig zijn, zijn ze nog steeds even verrot. Op hun vijftigste heeft de manier waarop ze spreken nog steeds hetzelfde niveau – ze kunnen alleen maar een paar eenvoudige zinnen zeggen. Hun gezichten hebben meer rimpels en ouderdomsvlekken, en ze hebben meer wit haar. Ze hebben duidelijk een zekere leeftijd, maar ze hebben geen ideeën of gezichtspunten. Wanneer ze met anderen praten, hebben ze nooit iets te zeggen. Al deze jaren van hun leven zijn verspild en ze hebben geen vooruitgang geboekt. Mensen met een slecht kaliber gedragen zich zo in het leven, en als ze in God geloven, zijn hun uitingen aan het begin hetzelfde als aan het eind. Wanneer ze voor het eerst in God geloven in hun twintiger jaren, zijn ze zo. Tegen de tijd dat ze dertig of vijftig zijn, zijn ze nog steeds zo, en hebben ze helemaal geen vooruitgang geboekt. De dingen die ze zeggen zijn nog steeds hetzelfde als voorheen. Het enige is dat ze enkele dingen hebben meegemaakt terwijl ze in God geloofden, enkele woorden en doctrines zijn gaan begrijpen en geestelijke terminologie steeds vollediger kunnen verwoorden. Ze bezitten echter geen werkelijk ervaringsinzicht. Hun gedachten missen nog steeds diepgang, hun gezichtspunten over dingen zijn niet veranderd, hun kennis van God en de waarheid is niet toegenomen en hun kennis van zichzelf is niet gegroeid. Ze hebben geen enkele verandering ondergaan, nietwaar? (Dat klopt.) Dat er door middel van het geheugen en de tempering van de tijd enkele woorden en doctrines of geestelijke terminologie worden verzameld is geen verandering, is geen vooruitgang, en het is zeker geen gewin. Dit is precies de uiting van mensen met een slecht kaliber. Hoeveel grote ups en downs ze ook doormaken, of hoeveel tegenslagen, mislukkingen of frustraties ze ervaren, ze leren geen enkele les of doen geen enkele ervaring op, en kunnen niets nuttigs verkrijgen. Zodra iets voorbij is, is het voor hen gewoon voorbij – ze doorlopen alleen het proces en bereiken uiteindelijk niets. Zulke mensen kunnen worden omschreven als zeer meelijwekkend. We zeggen dat zulke mensen een zeer slecht kaliber hebben, precies omdat het hun ontbreekt aan het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Laat staan dat er kan worden gezegd dat ze enig vermogen hebben om de waarheid te bevatten en laat staan dat er kan worden gezegd dat ze enige verandering ondergaan.

Voor mensen met een slecht kaliber geldt dat ze, wat betreft het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, niet aan de maatstaf voldoen. Wat betreft degenen zonder enig kaliber geldt dat zij het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen in nog sterkere mate missen – ze kunnen dingen niet waarderen en ze nog minder evalueren. Wanneer je jouw gedachten en gezichtspunten over iets deelt, zullen mensen met een slecht kaliber versteld zijn wanneer ze naar je luisteren en geen reactie tonen. In hun hart denken ze: ‘Bevat dit ideeën en gezichtspunten? Hoe komt het dat ik dit niet heb waargenomen?’ Zelfs als ze een beetje kunnen begrijpen van wat je zegt, kunnen ze er alleen maar naar luisteren als woorden en doctrines of als een formule. Voor mensen zonder kaliber geldt dat, wanneer ze anderen horen communiceren over de gedachten en gezichtspunten die ergens inzitten, of over de essentie van het probleem en het standpunt dat mensen ten aanzien daarvan zouden moeten innemen, ze het niet kunnen begrijpen. Ze vinden het alleen maar een beetje diepzinnig, maar het gaat hun begrip te boven. Hoe meer je communiceert over gedachten en begrip, hoe verwarder ze raken. Ze voelen: ‘Hoe is deze gewone zaak ingewikkeld geworden? Waarom kan ik er geen wijs uit worden wat betreft gedachten, gezichtspunten of standpunten? Welk standpunt? We moeten gewoon op de juiste manier in God geloven en onze plichten op de juiste manier vervullen, en God zal het goedkeuren. Waarom is het zo dat hoe langer men in God gelooft, hoe ingewikkelder de dingen worden? Als ik naar jou luister, klinkt het alsof niemand het koninkrijk kan binnengaan!’ Kun je met zulke mensen communiceren? (Nee.) Niet alleen kun je niet met hen communiceren, ze kunnen ook enkele onredelijke dingen zeggen: “Zijn die gedachten en gezichtspunten die je noemde echt zo goed en zo correct? Dat denk ik niet! Mensen kunnen nooit zonder geld. Mensen zouden altijd goed moeten eten en van goede dingen moeten genieten. Hoe kan iemand zijn plicht vervullen zonder geld om uit te geven of goed eten om te eten?” Wat voor logica is dit? Ze zeggen: “Je hebt het altijd over het menselijk leven, over de waarden, gedachten en gezichtspunten van mensen, en het pad dat mensen nemen. Waarom praat je niet over eten en kleden? Waarom praat je niet over hoe je voor je lichaam moet zorgen, zodat je je plicht goed kunt vervullen?” Deze dingen hebben ze in gedachten – kunnen ze de waarheid dan nog bevatten? Je kunt simpelweg niet met zulke mensen communiceren. Wanneer je met hen probeert te praten, praten ze alleen maar over geld verdienen. Ze beschouwen geld verdienen, hun leven leiden, de wereld nastreven en hun leven doorbrengen met eten, drinken en plezier maken als de belangrijkste zaken van het menselijk leven en het pad dat mensen in het leven zouden moeten bewandelen. Wat betreft wat mensen zouden moeten nastreven of verkrijgen door in God te geloven – deze dingen bestaan niet in hun gedachten of bewustzijn. Ze geloven dat, ongeacht hoeveel jaar mensen in God geloven, mensen nog steeds moeten eten en leven, en dat je om goed te leven niet zonder geld kunt – geld hebben betekent een goed leven hebben, en zonder geld kan het leven niet doorgaan. Dit is hun logica; zulke mensen zijn vatbaar voor verwrongenheden. Mensen die vatbaar zijn voor verwrongenheden hebben geen correcte gedachten of gezichtspunten; ze zijn als mensen zonder ziel. Welk verschil is er tussen het leven van zulke mensen en dat van varkens of honden? (Er is geen verschil.) Als je een hond of kat probeert op te voeden zodat hij gehoorzaam wordt en zich gedraagt als een braaf kind, kan hij dat dan begrijpen? (Dat kan hij niet.) Wat kan een hond hoogstens begrijpen? Als je ‘zit’ tegen hem zegt en hem vervolgens een stuk vlees geeft, zal hij dat onthouden. In het vervolg zal hij, zodra je ‘zit’ zegt, hoe ver hij ook weg is, onmiddellijk bij je komen zitten en wachten tot je hem vlees voert. Een hond kan deze mechanische handeling onthouden; zolang je hem laat weten dat zitten tot een beloning leidt, zal hij gehoorzamen. Zo eenvoudig zijn zijn gedachten. Hoe groot is dan het verschil tussen de gedachten van mensen zonder kaliber en die van dieren? (Er is geen noemenswaardig verschil.) Elke dag, nadat ze uitgegeten zijn, gaan dieren naar buiten om te spelen. Wanneer het weer tijd is om te eten en je roept ze terug, komen ze onmiddellijk aanrennen. Of je ze nu vastbindt of laat zitten, ze zullen gehoorzamen. Hoe komt dat? Omdat er eten is. Omwille van dat beetje eten gehoorzamen ze maar al te graag aan jouw bevelen. De gedachten van dieren zijn zo eenvoudig. Voor hen is het genoeg om vast te houden aan een regel of formule die hun ten goede komt; ze denken niet veel verder na. Omdat de instincten die God aan dieren geeft beperkt zijn tot deze dingen die voor hen voldoende zijn om te overleven, en God hun geen enkele opdracht heeft gegeven, hoeven dieren niet na te denken over het leven, de toekomst, hun bestemming, of hun verantwoordelijkheden en verplichtingen. Ze hoeven ook niet na te denken over welk pad ze moeten nemen, over het nastreven van een zinvol leven, enzovoort. Maar mensen zijn anders. God heeft mensen begiftigd met verschillende instincten en hun ook de waarheid geschonken om hun leven te zijn. Daarom heeft God normen voor mensen vastgesteld. Mensen zouden deze kwesties dus moeten overwegen; alleen door dit te doen, kunnen ze de waarheid als hun leven verkrijgen. Dit is de verantwoordelijkheid en verplichting die mensen zouden moeten hebben, en het is natuurlijk ook hun recht. Maar als je dit recht niet kunt uitoefenen of dit vermogen om over kwesties na te denken mist, bewijst dit dat jouw kaliber zeer slecht is. Onder levende wezens op het niveau van mensen, behoor je tot de categorie van degenen met een slecht kaliber. Je kunt niet zelf nadenken, en zelfs wanneer anderen dingen aan je uitleggen, kun je het niet begrijpen. In ernstigere gevallen weersta je anderen, maak je ze belachelijk, bespot je ze of bekritiseer je ze zelfs. Als je kaliber in deze mate slecht is, betekent dit dat je helemaal geen kaliber hebt. Een persoon zonder kaliber leest bijvoorbeeld een artikel met een ervaringsgetuigenis, en je vraagt hem: “Is dit een goed artikel?” Dan zegt hij: “Het is best goed. Elke alinea is nauwkeurig ingedeeld en de interpunctie is grotendeels nauwkeurig. De eerste alinea legt de tijd en plaats uit, de tweede alinea legt de achtergrond van de personages uit, de derde alinea begint het verloop van het verhaal te vertellen, en dan gaat het naar het hoogtepunt en de conclusie.” Als je hem vervolgens vraagt wat de ideeën en gezichtspunten van de auteur zijn, zegt hij: “Zijn er ideeën en gezichtspunten? Het gedeelte van Gods woorden dat de auteur citeerde, drukt zijn ideeën en gezichtspunten uit.” Je vraagt: “Zijn de woorden van God die hij citeerde relevant? Zijn de ideeën en gezichtspunten die hij wil uitdrukken nauwkeurig?” Hij zegt dat hij het niet weet. Dan stel je vragen als: “Is het begrip dat de auteur deelde echt en praktisch? Is wat hij begrijpt doctrine, of ligt het dicht bij de werkelijkheid? Sticht het anderen of heeft het waarde voor hen? Biedt het lezers hulp of voordeel?” Hij weet niets van dit alles en kan het niet waarnemen. Dit is wat het betekent om een zeer slecht kaliber te hebben. Als je met hem communiceert over de fouten in de gedachten en gezichtspunten in het artikel, welke delen praktisch zijn en welke delen niet, weet hij het nog steeds niet en kan hij het niet in verband brengen met het artikel. Toont dit een gebrek aan kaliber aan? (Ja.) Zelfs wanneer anderen communiceren over de problemen die er zijn, weet hij het nog steeds niet. Toont dit niet een gebrek aan kaliber aan? Het is als met sommige kerkleiders: wanneer er kwaadaardige mensen of niet-gelovigen in de kerk verschijnen, weten ze niet hoe ze hen moeten aanpakken. Nadat je de waarheidsprincipes met hen hebt gecommuniceerd, begrijpen ze het nog steeds niet en vragen ze je om een voorbeeld te geven. Nadat je een voorbeeld hebt gegeven, weten ze nog steeds niet hoe ze hen moeten aanpakken. Ze zeggen: “Leer het me alsjeblieft. Hoe moet ik die persoon precies aanpakken? Moet ik hem in een gewone kerk plaatsen, hem in een B-groep plaatsen of hem verwijderen? Hoe moet ik met die persoon communiceren? Leg het me alsjeblieft woord voor woord uit. Ik zal het opnemen en het dan woordelijk volgen om de situatie aan te pakken – op die manier kan ik het doen.” Wat heeft het voor zin om principes met hen te communiceren als ze zo zijn? Zelfs wanneer je voorbeelden geeft, begrijpen ze het niet en kunnen ze de zaak niet aanpakken. Zulke mensen hebben simpelweg geen bevattingsvermogen. Uiteindelijk blijven ze vragen: “Vertel me wat ik aan deze huidige kwestie moet doen, en ik zal het doen.” Je vertelt hun waar ze heen moeten gaan om de zaak aan te pakken, wat ze tegen wie moeten zeggen om het voor elkaar te krijgen, en in hoeverre de zaak moet worden aangepakt om als grondig opgelost te worden beschouwd. Nadat je het hebt uitgelegd, lijken ze het te begrijpen, maar ze kunnen het nog steeds niet aanpakken, en je moet iemand zoeken om met hen samen te werken om het te voltooien. Zulke mensen zijn uiterst traag van begrip en missen kaliber. Stel bijvoorbeeld dat je mensen die leren dansen vertelt dat de passen van een bepaalde dans erg goed zijn en je hen een video laat zien om ze te leren. Als je na een paar dagen vraagt hoe ze gevorderd zijn, zullen sommige mensen die traag van begrip zijn zeggen dat ze niet konden zien welke passen goed waren. Hoewel ze lesmateriaal hebben, kunnen ze het zich nog steeds niet eigen maken. Ze weten niet welke bewegingen goed zijn of welke nuttig zijn, en ze weten niet hoe ze moeten kiezen. Wat doen ze uiteindelijk? Ze hanteren één tactiek; ze zeggen: “Kies gewoon een paar danspassen voor me uit zodat ik ze kan leren, dan zal ik ze volgen – punt uit.” Deze handigheid hebben ze dan weer wel; hoewel ze geen principes begrijpen, ontbreekt het ze niet aan beetje slimheid. Lijken ze niet op robots? Ze hebben misschien kennis en onderwijs genoten, maar het ontbreekt hun aan het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen – dit is wat het betekent om geen kaliber te hebben. Ze weten niet waarom ze zouden moeten leren wat jij hun opdraagt te leren. Wat betreft de dingen waarvan jij hun zegt dat ze die niet moeten leren, weten ze niet wat er mis mee is of waarom ze die niet zouden moeten leren. Zelfs nadat het hun is verteld, kunnen ze het nog steeds niet inzien. Zeg Mij, hebben zulke mensen kaliber? (Nee.) Het ontbreken van het vermogen om zich zelfstandig bewust te zijn van dingen, en het ontbreken van het vermogen om zelfstandig goed van kwaad te onderscheiden en te beoordelen – dit is wat het betekent om geen kaliber te hebben. Net als vee of paarden hebben ze altijd iemand nodig om hen te leiden – zijn ze dan niet gewoon werktuigen? Als jij kaliber had, zou je dan nog steeds iemand nodig hebben om je te leiden? Waar heb je dan hersens voor? Jouw hersens zijn nutteloos. Om precies te zijn, je hebt geen kaliber. Je moet naar anderen luisteren en door hen worden geleid – je bent slechts een werktuig. Ongeacht hoe lang zulke mensen een bepaald beroep bestuderen of hoeveel principes die ermee verband houden ze horen, ze kunnen ze nog steeds niet begrijpen of bevatten. Uiteindelijk weten ze niet hoe ze deze principes moeten toepassen of implementeren. Dit zijn het soort mensen met het slechtste kaliber – degenen die geen kaliber hebben. Sommige mensen zeggen: “Denk niet dat alleen omdat het hun ontbreekt aan het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen en ze altijd jouw leiding volgen bij het vervullen van hun plicht, dit betekent dat ze een slecht kaliber hebben. In feite ontbreekt het hun alleen aan kaliber als het gaat om het bevatten van de waarheid. Als het gaat om zaken die hun eigen belangen betreffen, bedenken ze altijd allerlei manieren om zichzelf te beschermen tegen enig verlies. In deze dingen zijn ze scherp – het zijn beslist geen mensen die traag van begrip zijn. In de kerk lijken ze traag van begrip, maar als ze zouden terugkeren naar de wereld, zouden ze niet traag van begrip zijn. Met betrekking tot de dingen waarvan ze genieten, hebben ze ideeën en creaties; misschien zouden ze enig succes kunnen hebben.” Er zijn ook mensen die roekeloos slechte daden begaan in de kerk, en iedereen zegt dat ze een slecht kaliber hebben, maar zelf zijn ze daar niet van overtuigd: “Jullie zeggen dat ik een slecht kaliber heb, maar als ik in de ongelovige wereld zou zijn, zou ik nog steeds geld kunnen verdienen en in mijn levensonderhoud kunnen voorzien. Ik zou nog steeds kunnen floreren – het is niet vanzelfsprekend dat ik het slechter zou doen dan anderen!” Meet de ongelovige wereld alles af aan de waarheidsprincipes? Vertrouwt ze op Gods woorden als fundament? Als dat niet zo is, dan bewijst het, zelfs als de werken die ze in de ongelovige wereld scheppen stand kunnen houden, niet dat ze kaliber hebben. Sommige mensen schilderen bijvoorbeeld, en op het eerste gezicht lijken de kleuren, de compositie, de belichting, de verhoudingen van de figuren en de andere aspecten van hun schilderijen behoorlijk goed. Wanneer ze echter in Gods huis bepaalde oude heiligen schilderen, ontstaan er problemen. Ik zeg: “De werken van deze schilder verkochten vroeger onder de ongelovigen vrij goed, en mensen waardeerden ze. Maar waarom vind Ik hun afbeeldingen van Abraham, Job en Noach zo ongemakkelijk? Hoe komt het dat deze drie mensen uit verschillende perioden eruitzien alsof ze allemaal tot één familie behoren? Dat waren oude Israëlieten, en de botstructuur van hun gelaatstrekken zou de kenmerken van die etnische groep moeten weerspiegelen. Zelfs als ze de persoonlijkheid van elke figuur niet kennen, zouden ze op zijn minst moeten begrijpen hoe de skeletstructuur en kenmerken van die etniciteit zijn. Tot welke periode de persoon die ze schilderen ook behoort, hun etnische kenmerken zouden moeten worden benadrukt en duidelijk moeten worden gemaakt door hun haar, gelaatstrekken, oogkleur en gezichtsvorm.” Hoe kan het dan dat de figuren die ze uit deze verschillende perioden hebben geschilderd, ondanks dat ze verschillende leeftijden hebben, allemaal botstructuren hebben die niet lijken op die van hun etnische groep? Ze hebben allemaal rechthoekige gezichten; de jongeren hebben gewoon minder rimpels en donkerder haar, terwijl de ouderen wat meer rimpels, een donkerdere huid en meer wit haar hebben. De kenmerken van deze figuren zijn in principe allemaal hetzelfde: brede, rechthoekige gezichten, een lange gestalte en een bijzonder sterke bouw. Ik zeg: “Waarom zien al deze figuren er hetzelfde uit? Ze lijken te veel op elkaar en missen onderscheidende kenmerken.” De schilder zelf merkt het probleem niet op. Misschien heeft hij te veel van dit soort werken geschilderd, is zijn techniek te gepolijst geraakt en is zijn stijl star geworden. Telkens wanneer ze figuren schilderen, hebben de mannen bijna altijd dezelfde gezichtsvorm, ze kunnen de unieke gelaatstrekken van verschillende personages niet vastleggen. Is hun vermogen om dingen te evalueren en te waarderen niet een beetje slecht? (Ja.) Nadat ze het schilderij hebben voltooid weten ze niet of de gelaatstrekken die ze hebben afgebeeld overeenkomen met de skeletkenmerken van de betreffende etnische groep; ze zijn niet zeker van die kenmerken. Zouden jullie zeggen dat hun kaliber op dit gebied gemiddeld of slecht is? (Slecht.) Kunnen ze het corrigeren nadat anderen hun suggesties hebben gegeven? Ik heb hun eens suggesties gegeven, maar toen Ik hun werk later zag, was het nog steeds hetzelfde. Op dat moment valt er niets meer te zeggen – ook als het verder zou worden uitgelegd, zou het hun begrip te boven blijven gaan.

Als het gaat om kwesties die gerelateerd zijn aan het vermogen van mensen om dingen te evalueren en te waarderen, zijn dit de uitingen van mensen op verschillende kaliberniveaus. Mensen met een goed kaliber kunnen dingen niet alleen waarderen, maar ook evalueren. Degenen met een nog beter kaliber zullen, wanneer ze correcte ideeën en gezichtspunten tegenkomen, deze bepleiten en ze met anderen delen of aan anderen verstrekken, en wanneer ze incorrecte ideeën en gezichtspunten tegenkomen, kunnen ze deze onderscheiden en corrigeren. Mensen met een gemiddeld kaliber hebben een zeker vermogen om dingen te waarderen, maar missen het vermogen om dingen te evalueren – ze kunnen dingen niet onderscheiden op het niveau van het denken. Mensen met een slecht kaliber begrijpen dingen niet op het niveau van het denken, dus er kan niet worden gezegd dat ze enig vermogen hebben om dingen te onderscheiden. Mensen zonder kaliber kunnen deze zaken helemaal niet begrijpen. Zelfs als iemand deze aan hen uitlegt, kunnen ze nog steeds niet begrijpen wat de ideeën en gezichtspunten die worden besproken eigenlijk zijn. Voor hen is het alsof ze een verhaal over een andere planeet horen – het gaat hun begrip volkomen te boven. Dit zijn de verschillende kenmerken die worden vertoond door mensen van uiteenlopend kaliber in termen van het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen.

Nummer 11: Innovatief vermogen

De elfde norm voor het evalueren van iemands kaliber is innovatief vermogen. Innovatief vermogen is het creatieve vermogen dat je bezit op basis van het begrip dat je hebt nadat je de fundamenten, principes en wetten hebt leren kennen. Dit creatieve vermogen houdt in dat je dit ding op basis van zijn oorspronkelijke fundament verbetert, het ontwikkelt, de invloedssfeer ervan vergroot, of er een nieuwe generatie van een bepaald soort ding van maakt. – dit wordt innovatief vermogen genoemd. Specifiek betekent het dat je, ervan uitgaande dat je de objectieve wetten van een bepaald ding nauwkeurig begrijpt, ze kunt toepassen in het werkelijke leven, hun toepassingsgebied kunt vergroten en verbreden, en deze fundamenten en principes die in overeenstemming zijn met de ontwikkelingswetten van dingen, meer mensen kunt laten dienen, zodat meer mensen er baat bij hebben en erdoor geholpen worden. Allereerst houd je deze fundamenten en principes in stand en vergroot je voortdurend hun invloedssfeer en hun publiek. Daarnaast transformeer je ze van een letterlijke weergave naar iets tastbaars waar mensen op een meer praktische manier echt voordeel uit kunnen halen, en door nog een stap verder te gaan. Dit is wat het betekent om innovatief vermogen te hebben. Als iemand, op basis van de kennis die hij heeft verworven in het gezin en de omgeving waarin hij is opgegroeid, de fundamenten, principes en ontwikkelingswetten van iets nauwkeurig kan bevatten, weet hoe hij deze fundamenten en principes moet toepassen, en hoe hij deze fundamenten en principes om kan zetten van theorie naar tastbare dingen – zonder te blijven steken op het niveau van woorden en doctrines, maar ze toe te passen in het werkelijke leven, ze deel te laten uitmaken van het leven van mensen en ze om te zetten in resultaten die mensen dienen, waardoor mensen er baat bij hebben en erdoor geholpen worden, en het leven van mensen makkelijker en aangenamer wordt – als iemand dit niveau kan bereiken, is hij een persoon met innovatief vermogen en een persoon met een goed kaliber. Dat wil zeggen, als je, op basis van het begrijpen van de fundamenten van de ontwikkelingswetten van dingen en de waarheidsprincipes, de bevordering, de instandhouding, de uitbreiding of de vernieuwing van een ding kunt realiseren – als je dit vermogen hebt of een van deze dingen kunt volbrengen, en daarmee de fundamenten en wetten van een positief ding of de principes van de waarheid onder de mensen kunt implementeren, materialiseren en uitbreiden – dan bewijst dit dat jouw kaliber goed is. Zelfs als je het niet niveau niet kunt verdiepen, als je het op zijn minst in stand kunt houden, kunt uitbreiden en materialiseren, en de positieve invloed ervan kunt vergroten, dan bewijst dit dat je een persoon met innovatief vermogen bent. Als je dit vermogen niet bezit, en je alleen het vermogen hebt om de wetten van positieve dingen te bevatten, maar dit bevattingsvermogen alleen op het niveau van letterlijk en theoretisch begrip blijft, en je ze niet bij mensen kunt implementeren of laten materialiseren, noch ze mensen kunt laten dienen en hun ten goede kunt laten komen, dan heb je geen innovatief vermogen. Je moet in staat zijn de fundamenten, principes, wetten en regels praktisch te hanteren en toe te passen – pas dan kan er worden gezegd dat je innovatief vermogen hebt. Alleen degenen die dit vermogen bezitten, zijn mensen met een goed kaliber. Sommige leiders en werkers of supervisors kunnen bijvoorbeeld de principes en bepalingen van Gods huis implementeren zodra ze die begrijpen. Ze implementeren de waarheidsprincipes van elk werkonderdeel bij Gods uitverkoren volk, waardoor ze meer mensen helpen de waarheid te begrijpen en ervoor zorgen dat het werk van de kerk op een ordelijke manier verloopt – dat wil zeggen dat het zich binnen het bereik van de principes op positieve wijze blijft verspreiden en zich voortdurend ontwikkelt en vooruitgaat, zonder ervan af te wijken. Welk resultaat zien mensen hiervan? Iedereen doet wat hij moet doen binnen de reikwijdte van dit werk, iedereen begrijpt de principes en handelt volgens de principes, het werk vertoont geen afwijkingen, en dit werk levert voortdurend nieuwe resultaten of nieuwe werkstukken op. Zelfs als er zich in het proces speciale omstandigheden voordoen, zullen de supervisors weten hoe ze daar flexibel mee moeten omgaan volgens de fundamenten, bepalingen en principes van het werk. Onder hun leiderschap verloopt dit werk voortdurend op een ordelijke manier en stopt het in principe niet. Dat wil zeggen: ongeacht welke situatie zich voordoet, ongeacht wie er komt om te verstoren of dwalingen te verspreiden, het zal de ordelijke voortgang van het werk niet beïnvloeden; het werk blijft voortdurend vooruitgaan. Kan er worden gezegd dat de fundamenten van dit werk en de waarheidsprincipes in dit opzicht voortdurend in stand worden gehouden? (Ja.) Door de implementatie, de instandhouding en de bevordering van de fundamenten en principes van dit werk, is dit werk niet onderbroken; het wordt voortdurend op een ordelijke manier geïmplementeerd en in stand gehouden, en tegelijkertijd komen er in verschillende perioden goede werkresultaten naar voren. De invloed van de resultaten van dit werk worden voortdurend groter, en steeds meer mensen hebben er baat bij. Degenen die er baat bij hebben, profiteren in feite van de verschillende principes en fundamenten, en zelfs van strikte bepalingen van de werkregelingen die deze supervisors kunnen bevatten en aanvaarden. Dit is wat het betekent om innovatief vermogen te hebben. Dat wil zeggen, een persoon met een goed kaliber kan de werkprincipes en de waarheidsprincipes die hij begrijpt en aanvaardt voortdurend implementeren in het werk waarvoor hij verantwoordelijk is en ze met iedereen in de praktijk brengen, waardoor het werk op een ordelijke manier kan verlopen of vooruit kan gaan. Tegelijkertijd zullen er periodiek of onregelmatig werkresultaten worden geproduceerd; ongelovigen noemen dit ‘werken produceren’ – dat wil zeggen, er zullen voortdurend werkresultaten verschijnen, en het verschijnen van deze werkresultaten zal vervolgens voor meer invloed zorgen en meer mensen bereiken. Mensen die dit vermogen bezitten, kunnen uiteindelijk de resultaten van het werk voortdurend vergroten, zodat steeds meer mensen er baat bij hebben. Zulke mensen zijn mensen met een goed kaliber. Om je kaliber te evalueren aan de hand van je innovatief vermogen, is het noodzakelijk om te kijken hoe, nadat je de werkprincipes, werkbepalingen en waarheidsprincipes hebt begrepen, jouw vermogen om ze te implementeren, te bevorderen en uit te breiden is; dat wil zeggen, hoe jouw vermogen om dit werk in stand te houden is. Ten tweede is het noodzakelijk om te kijken hoeveel mensen worden bereikt door het werk dat je doet, hoe groot de reikwijdte is van degenen die worden bereikt, hoe groot de mate van invloed is, en hoe de efficiëntie en resultaten van jouw werk zijn. Als jouw werkefficiëntie hoog is, je werkresultaten goed zijn en de reikwijdte van degenen die worden bereikt voortdurend groter wordt, dan is jouw kaliber goed. Als het aantal bereikte mensen klein is, de werkefficiëntie laag is, de resultaten slecht zijn en er voortdurend dingen moeten worden overgedaan, er halt wordt gehouden en mazen moeten worden gedicht, dan is jouw kaliber gemiddeld. Als iemand de werkprincipes, werkregelingen en andere aspecten vrij goed en snel begrijpt, maar zijn voortgang bij de implementatie erg traag is en zijn efficiëntie erg laag – onder normale omstandigheden zouden er in één maand resultaten kunnen worden geproduceerd, maar hij doet er drie of zelfs zes maanden over, en de geproduceerde resultaten zijn nog steeds zeer gemiddeld, het aantal bereikte mensen is klein en het voordeel voor mensen is niet aanzienlijk – dan is zo iemand van een gemiddeld kaliber.

Sommige mensen begrijpen, nadat ze bepaalde principes of fundamenten hebben begrepen, op dat moment alleen de letterlijke betekenis en kunnen die op geen enkele manier in verband brengen met de mensen, gebeurtenissen of dingen in hun werk waarbij deze principes of fundamenten een rol spelen. Ze luisteren slechts naar de principes en fundamenten alsof het regels of doctrines zijn, en maken nadat ze de principes en fundamenten hebben gehoord in hun hart geen plannen en weten niet hoe ze deze moeten implementeren of hoe ze de werkregelingen en de fundamenten of principes die ze begrijpen in het werkelijke leven moeten toepassen. Ze kunnen fundamenteel geen enkel verband leggen tussen het werkelijke leven en deze fundamenten of principes. Als het gaat om het werkelijke leven of werk, schuiven ze de principes, fundamenten en de ontwikkelingswetten van dingen terzijde, zijn ze niet in staat ze toe te passen, en doen ze gewoon wat ze zelf willen doen. Laten we het er voorlopig niet over hebben of hun menselijkheid goed of slecht is, of hoe hun karakter is, of over de vraag of ze opzettelijk iets niet doen, of dat ze iets niet willen doen – louter in termen van kaliber hebben zulke mensen een slecht kaliber. Waar ze ook heen gaan, ze kunnen altijd veel doctrines bezigen, over enkele fundamenten praten en enkele zogenaamde ontwikkelingswetten van dingen met anderen bespreken. Ze lijken een vrij hoog denkniveau en bevattingsvermogen te bezitten, en het lijkt erop dat ze enig kaliber hebben. Wanneer hun echter een werkonderdeel wordt toegewezen, gaan er een of twee maanden voorbij zonder resultaten, en wordt er niets meer van hen vernomen. Op het moment dat ze hun vastberadenheid uitten, spraken ze heel goed, maar wanneer het erop aankomt het daadwerkelijk te doen, weten ze niet wat ze moeten doen. Ze denken bij zichzelf: ‘De Boven heeft de principes heel duidelijk uitgelegd, dus wat moet ik nu doen? Wie moet ik aanstellen als supervisor, wie als prediker, en wie moet de externe zaken afhandelen? Ik weet niet wat ik moet doen!’ Maar ik heb grote beweringen gedaan en mijn vastberadenheid geuit, dus ik moet het wel doen!’ Ze maken zich zo druk dat ze last krijgen van innerlijke hitte en zweertjes in hun mond, niet kunnen eten of slapen, en er uiteindelijk onverzorgd bijlopen en overweldigd raken, en toch weten ze nog steeds niet wat ze moeten doen. Dit zijn de uitingen van mensen met een slecht kaliber. Hoezeer ze ook plechtige geloften afleggen en hun vastberadenheid uiten wanneer er werk voor hen wordt geregeld, en met heel veel vuur grote en hoogdravende woorden uitspreken – je moet kijken of ze het werk kunnen doen, of ze over stappen en plannen beschikken, en of ze begrijpen hoe ze de werkregelingen moeten implementeren en volgens de principes moeten handelen. Als ze dit niet begrijpen of niet kunnen doen, dan hebben ze een slecht kaliber. Als ze alleen maar doctrines begrijpen maar de principes niet kunnen toepassen, en gewoon blindelings en roekeloos handelen, toont dit ook een slecht kaliber aan. Zolang je de principes, fundamenten of ontwikkelingswetten van dingen niet effectief en in het werkelijke leven kunt implementeren, zijn dat, of je nu bezorgd en zenuwachtig bent of roekeloze wandaden begaat, uitingen van een slecht kaliber. Zijn deze woorden accuraat? (Ja.) Sommige mensen handelen blindelings, terwijl anderen niet weten hoe ze het moeten doen en het niet durven te doen – ze weten niet eens waar ze moeten beginnen. De specifieke uitingen van mensen met een slecht kaliber zijn, wat betreft hun innovatief vermogen, dat ze niet weten hoe ze fundamenten en principes moeten toepassen op specifiek, echt werk; ze zijn alleen in staat om woorden na te praten, doctrines te leren en regels uit hun hoofd te leren. Het louter uit het hoofd leren van doctrines en regels is nutteloos en geeft niet aan dat je innovatief vermogen hebt. Of je al dan niet innovatief vermogen hebt, blijkt uit het feit of je deze fundamenten, principes en regels in het werkelijke leven kunt implementeren en het werk dat met deze fundamenten en principes samenhangt goed kunt doen. Op die manier blijven deze fundamenten en principes geen woorden en doctrines, regels en formules, maar worden ze geïmplementeerd in het leven van mensen en op mensen toegepast. Hierdoor kunnen mensen ze gebruiken, er baat bij hebben en hulp uit putten, waardoor ze een beoefeningspad in het leven worden, of een gids, richting en doel om naar te leven. Als iemand dit innovatief vermogen mist en alleen weet hoe hij woorden en doctrines moet spuien en slogans moet roepen, en niet in staat is deze principes en fundamenten te gebruiken wanneer het tijd is om zijn plicht te vervullen, dan zullen degenen die zo'n leider of supervisor volgen geen beoefeningsprincipes in dit aspect van de waarheid verkrijgen. Zulke leiders of supervisors zijn mensen met een slecht kaliber, ongeschikt voor het werk, en moeten worden gerapporteerd en verwijderd zodra ze worden geïdentificeerd. Om te evalueren of iemand een werkonderdeel op zich kan nemen, moet je eerst kijken of hij, nadat hij de werkregelingen heeft gelezen en de waarheidsprincipes heeft begrepen, deze kan regelen en implementeren en het werk op gang kan brengen. Ongeacht hoeveel mensen er in een kerk zijn, als ze alle onderdelen van het werk van de kerk op gang brengen, en als ze, ongeacht voor het werk van hoeveel mensen ze verantwoordelijk zijn – of het er nu vijftig of honderd zijn – het werk tot bloei kunnen brengen en ervoor kunnen zorgen dat iedereen zijn eigen plek heeft en kan werken en zijn plicht kan vervullen volgens de waarheidsprincipes, dan kan zo iemand in overweging worden genomen voor verkiezing tot leider of supervisor. Natuurlijk moet je ook kijken hoe hun karakter is, of ze een juist iemand zijn, en of ze iemand zijn die de waarheid nastreeft – het is essentieel om deze dingen te weten! Een leider of werker moet op zijn minst kaliber en gestalte in deze aspecten bezitten om Gods uitverkoren volk de waarheidswerkelijkheid binnen te leiden, zodat iedereen kan werken en zijn plicht kan vervullen volgens de werkregelingen of de waarheidsprincipes – op deze manier kan Gods uitverkoren volk baat bij hem hebben. Als hij dit vermogen niet bezit, dan kan hij niet worden gekozen. Zou je je in je geest vervuld voelen als je zo iemand kiest, ook al is elke dag rondhangen zonder enig werk te doen wanneer je hem volgt wellicht comfortabel voor je vlees? Als je elke dag een paar uur in bijeenkomsten doorbrengt en luistert naar hoe hij doctrines predikt, maar geen werkelijk werk doet, is dit dan je plicht vervullen? (Nee.) Hij predikt je elke dag doctrines, en hoewel je oren misschien worden verrijkt, vervul je je plicht niet en volg je hem slechts in zijn doelloos aanmodderen. In dat geval ben je door hem misleid en belemmerd. Als je naar hem blijft luisteren terwijl hij die droge woorden en doctrines verkondigt, en uiteindelijk je plicht niet vervult of geen trouw toont, en geen echte ervaring in de waarheid hebt, geen trouw betoont in wat God je heeft toevertrouwd, het werk niet op gang brengt of geen resultaten behaalt – zodat wanneer God mensen om resultaten vraagt, je niets kunt laten zien – zul je dan geen verlies hebben geleden? Verander daarom, als je voorheen dacht dat zulke mensen kandidaten waren om leiders te worden, dan nu snel je zienswijze en schrap zulke mensen van je kandidatenlijst. Ze mogen niet als leiders worden gekozen. Waar schieten mensen met een slecht kaliber en zonder innovatief vermogen tekort? Ze schieten tekort in de zin dat ze alleen weten hoe ze als leunstoelgeneraals moeten optreden, terwijl ze nooit weten hoe ze hun ideeën moeten toepassen in het werkelijke werk, en in de zin dat ze geen werkelijk werk kunnen doen. Wat zouden de gevolgen zijn als zulke mensen leiders werden? Ze zouden een complete puinhoop van het werk maken. Als ze als kerkleider op het vasteland van China zouden dienen, zouden ze de hele kerk te gronde richten. Niet alleen zouden ze er zelf niet in slagen de waarheid te verkrijgen, maar ook het leven van degenen die ze leidden zou verlies lijden. Als je zulke mensen tijdig kunt identificeren en verwijderen, zullen sommige rampen worden voorkomen en zal het werk van de kerk geen schade hoeven te lijden. Maar als je een volgeling van zulke mensen blijft en hun leiderschap aanvaardt, dan zou je hoop op het verkrijgen van redding wel eens door hen geruïneerd kunnen worden, en dan zal je kans op redding verkeken zijn. Daarom is innovatief vermogen een cruciaal vermogen voor een leider, werker of supervisor. Als je het basiskaliber en het vermogen mist om het werk te doen, moet je absoluut voorzichtig zijn en niet uit enthousiasme zomaar vooruitstormen. Je moet niet altijd willen opvallen en altijd een leider of supervisor willen zijn. Wanneer je dat wel doet, belemmer je niet alleen jezelf, maar belemmer je ook anderen bij het verkrijgen van redding. Als je alleen jezelf belemmert, is het slechts je eigen dood die je hebt veroorzaakt, maar als je de broeders en zusters ‘belemmert, schaad je dan niet vele mensen? Je geeft misschien niet om je eigen leven, maar anderen geven wel om dat van hen. Bovendien is het belemmeren van je eigen dagelijks leven of je eigen financiële succes geen grote zaak, maar het belemmeren van het werk van de kerk is geen kleinigheid. Kun je zo'n verantwoordelijkheid dragen? Als je werkelijk iemand met een geweten bent en voelt dat deze zaak een aanzienlijke verantwoordelijkheid met zich meebrengt, en dat je geen verantwoordelijkheid kunt dragen voor het belemmeren van het werk van de kerk, dan mag je absoluut niet alle mogelijke middelen gebruiken om te pronken en te wedijveren om leiderschap. Als je het kaliber en de gestalte mist, streef er dan niet altijd naar om op te vallen. Belemmer het werk van de kerk niet en belemmer Gods uitverkoren volk niet om de waarheid binnen te gaan en een goede bestemming te verkrijgen, alleen maar om je zucht naar gezag te bevredigen – dit is een ongerechtigheid! Je zou enig zelfbewustzijn moeten hebben. Doe wat je in staat bent te doen en ambieer niet altijd om een leider te zijn. Naast leider zijn, zijn er veel andere plichten die je kunt vervullen. Het is niet jouw exclusieve recht om een leider te zijn, noch zou het je streven moeten zijn. Als je het kaliber en de gestalte hebt om een leider te zijn, en je het gevoel hebt dat je deze last op je moet nemen, dan is het beter om je door anderen te laten verkiezen. Deze praktijk komt het werk van de kerk en alle betrokkenen ten goede. Als je het kaliber mist om een leider te zijn, zou je enige goedheid moeten tonen en enige verantwoordelijkheid moeten nemen voor de toekomst van anderen. Wedijver niet altijd om een leider te zijn en belemmer anderen niet. Het toont een gebrek aan verstand wanneer je een leider wilt zijn en de leiding wilt nemen over het werk van de kerk ondanks een slecht kaliber. Als je het kaliber en de gestalte mist, vervul dan gewoon je eigen plichten goed. Je plichten werkelijk vervullen toont aan dat je enig verstand hebt. Doe welk werk je ook maar kunt volgens je vermogen; koester geen ambities en begeerten. Streef niet alleen naar bevrediging van je persoonlijke verlangens, terwijl je onderhand het werk van de kerk verwaarloost – dit schaadt zowel jezelf als de kerk. Dit is de uiting van mensen met een slecht kaliber wat betreft innovatief vermogen.

Mensen met een slecht kaliber beschikken geen van allen over voldoende innovatief vermogen – degenen zonder kaliber bezitten het dus nog minder. Zulke mensen kunnen de fundamenten van dingen, de ontwikkelingswetten van dingen, en de waarheidsprincipes helemaal niet begrijpen wanneer ze die horen. Wanneer ze Gods woorden lezen kunnen ze, zelfs als ze kunnen zien dat dit de waarheidsprincipes zijn, de principes niet in verband brengen met hun toepassingsgebied of met de mensen en zaken waarop ze betrekking hebben. Ze denken zelfs: ‘Deze communicatie over de waarheid is te gedetailleerd, en het is te veel. Als ik deze woorden hoor, kan ik begrijpen dat het principes zijn, maar ik weet niet wat de definitie van de principes is of welk bereik de principes afbakenen.’ Als ze niet eens de definitie van de principes kennen, dan weten ze zeker niet hoe ze die moeten implementeren of beoefenen. Wanneer er bijvoorbeeld iets gebeurt dat moet worden aangepakt, vertellen anderen hun: “Je moet volgens de principes praktiseren.” Ze zeggen: “Ik weet niet eens hoe ik volgens de principes moet praktiseren. Ik weet niet op welk principe deze zaak betrekking heeft.” Zelfs nadat anderen hun het principe hebben uitgelegd dat ze in praktijk zouden moeten brengen bij het aanpakken van deze zaak, weten ze nog steeds niet wat ze moeten doen. Zulke mensen hebben een extreem slecht kaliber; ze kunnen zelfs menselijke taal niet begrijpen en zijn al helemaal ongeschikt om te worden gebruikt. Toont dit niet aan dat zulke mensen zo incompetent zijn dat ze niet meer te redden zijn? Mensen die hopeloos incompetent zijn, bezitten niet het denkvermogen en het vermogen om dingen te begrijpen waarover normale menselijkheid beschikt, laat staan dat ze denklogica bezitten. Daarom hebben mensen die de waarheidsprincipes of verschillende fundamenten en regels begrijpen, geen enkele manier om te communiceren met degenen die kaliber missen; ze kunnen niet tot een consensus komen en hebben uiteraard geen gemeenschappelijke taal. Waarom kunnen ze niet met elkaar communiceren? Er is één wezenlijk probleem, en dat is dat de vermogens van deze twee typen mensen om verschillende dingen te kennen, te onderscheiden, te beoordelen, te begrijpen en te aanvaarden zich niet op hetzelfde niveau bevinden of op hetzelfde spoor liggen – ze zijn als twee parallelle lijnen die elkaar nooit zullen snijden. Dit is in enigszins abstracte termen gesproken. Om het concreter te zeggen: er is een wereld van verschil tussen de kalibers van deze twee typen mensen, ze liggen niet op hetzelfde niveau. Daarom zullen ze nooit hetzelfde vermogen om oordelen te vellen, hetzelfde vermogen om dingen te onderscheiden of hetzelfde cognitief vermogen hebben met betrekking tot dezelfde zaak. Dat wil zeggen, wat mensen met een goed of gemiddeld kaliber kunnen herkennen, kunnen degenen zonder kaliber in het geheel niet herkennen – ze schieten hier des te meer in tekort, en zullen hier voor altijd in tekortschieten, alsof ze die functie missen. Een voorbeeld: wanneer een kip volgroeid is, legt ze van nature eieren. Zelfs als haar productie laag is, zal ze nog steeds eieren leggen omdat ze nu eenmaal die functie heeft. Een haan echter, hoe goed hij ook wordt gevoed, zal geen eieren kunnen leggen omdat hij die functie niet heeft. De haan zegt: “Ik mag dan wel niet de functie heb om eieren te leggen, ik kan 's ochtends wel kraaien!” Hoe vaak je ook kraait of hoe luid je stem ook is, het betekent niet dat je eieren kunt leggen. Hoewel de kip niet kraait, heeft ze wel de functie om eieren te leggen. Waarom geef ik jullie dit voorbeeld? Omdat mensen zonder kaliber zulke verwrongen, foutieve en absurde, onlogische redeneringen zullen uitspreken – dit is wat het betekent om geen kaliber te hebben. Daarom voelt het ongemakkelijk wanneer mensen met een goed kaliber, een gemiddeld kaliber of zelfs een slecht kaliber communiceren en zaken bespreken met mensen zonder kaliber. Met mensen met een slecht kaliber kun je nog altijd over bepaalde eenvoudige en gemakkelijk te begrijpen zaken communiceren. Maar met mensen zonder kaliber kan niemand communiceren – omdat ze geen bevattingsvermogen hebben en er niets is waarover ze gedachten of zienswijzen hebben. Dit is de beschrijving of uitleg van mensen zonder kaliber. Wanneer je iets met hen communiceert, en hoewel je het grondig en duidelijk uitlegt en ze misschien zeggen dat ze het begrijpen, begrijpen ze het toch nog steeds niet wanneer hetzelfde opnieuw gebeurt, en zullen ze opnieuw verwrongen, foutieve en absurde redeneringen uitspreken. Zeg Mij, kunnen zulke mensen de waarheid begrijpen? (Nee.) Ze hebben niet het vermogen om dingen te onderscheiden of te kennen – hoe zouden ze de waarheid kunnen begrijpen? Zeggen dat ze de waarheid kunnen begrijpen, zou simpelweg onzin zijn. Mensen zonder kaliber missen innovatief vermogen, daarom zijn hun uitingen in dit opzicht zo. Omdat ze geen fundamenten of principes begrijpen, ontbreekt het hen aan planning bij alles wat ze doen. In hun hoofd hebben ze geen plan of stappen, en ze kunnen al helemaal geen fundamenten of principes implementeren. Wat ze ook doen, het wordt een complete puinhoop, een totale chaos. Zulke mensen kunnen alleen fysieke inspanning leveren en handmatige taken verrichten. Ze kunnen nog net een eenvoudige, opzichzelfstaande taak aan; het zijn tenslotte gewone mensen die zich met een enkele taak kunnen bezighouden, maar wanneer het niveau wordt bereikt waarbij een werkonderdeel op zich moet worden genomen, missen ze daar al de bekwaamheid voor. Zulke mensen zijn niet in staat om waardevol of technisch veeleisend werk te doen. Ze kunnen alleen wat kleine klusjes aan, zoals handarbeid, boerderijwerk of het houden van vee, en zelfs dan is het nodig dat er een supervisor in de buurt is om toezicht op hen te houden en hen te ondersteunen. Soms, wanneer ze in een slecht humeur zijn, moet iemand hen corrigeren; en wanneer ze soms verstrikt raken in verwrongenheden of negatief worden, moet iemand hen begeleiden in hun denkwijzen. Zelfs bij kleine taken moet iemand controleren wat ze doen; anders zullen er problemen en fouten ontstaan, en zal het werk opnieuw moeten worden gedaan. Als ze geen materialen verspillen, verspillen ze wel energie, of ze verspillen water, elektriciteit en gas. In westerse landen worden ze voortdurend door anderen aangegeven en door de politie beboet. Zonder iemand die op hen let, kunnen ze zelfs kleine klusjes niet goed uitvoeren – zo problematisch en meelijwekkend zijn ze nu eenmaal. Dit zijn de uitingen van mensen zonder kaliber. Zijn zulke mensen niet gewoon nietsnutten en dwazen? Kunnen ze nog steeds als mensen worden gebruikt? In feite kunnen zulke mensen in Gods huis alleen een beetje fysieke inspanning leveren. Als het gaat om kerkwerk, kunnen ze dat niet doen; ze zijn nergens toe in staat. Zelfs klussen die fysieke inspanning vereisen, kunnen ze niet zelfstandig voltooien en hebben ze nog steeds anderen nodig om hen te instrueren, toezicht op hen te houden en te controleren wat ze doen. Wanneer ze echter taken uitvoeren die fysieke inspanning vereisen, hebben ze nog steeds het gevoel dat ze onder het niveau werken dat hun talenten toestaat en dat ze overgekwalificeerd zijn. Ze worden opstandig, en klagen zelfs: “Kijk naar die mensen die technisch computerwerk doen, artikelen schrijven, zingen en dansen, of acteren – hoe glamoureus ze zijn! Maar ik kan alleen maar gasten ontvangen en koken, en ben de hele dag met vet en rook in de weer. Over een paar jaar zal ik in een afgetobde vrouw zijn. Kijk eens hoe meelijwekkend ik ben!” Ze voelen zich altijd heel meelijwekkend als ze dit werk doen, maar ze staan er nooit bij stil waarom ze alleen dit soort werk kunnen doen. Ze gaan niet na of ze werkelijk in staat zijn om ander werk aan te pakken. Het is omdat hun kaliber slecht is dat ze altijd ontevreden zijn wanneer ze bepaalde taken doen die fysieke inspanning vereisen. Als hun kaliber werkelijk goed was, zouden ze niet ontevreden zijn. Hun kaliber is al zo slecht dat ze alleen fysieke taken kunnen doen, en toch hebben ze nog steeds het gevoel dat ze onder het niveau werken dat hun talenten toestaat. Zijn het geen dwazen? Zulke mensen zijn werkelijk dwaas. Zulke mensen kunnen zelfs taken die fysieke inspanning vereisen niet goed uitvoeren. Bij het koken maken ze ofwel te veel ofwel te weinig, en hoe lang ze ook al koken, ze weten nog steeds niet welke werkwijze ze daarbij moeten volgen. Desondanks hebben ze nog steeds het gevoel dat zulke taken niet overeenkomen met het niveau van hun talenten, dat ze overgekwalificeerd zijn, en denken ze dat ze geen taken zouden moeten uitvoeren die fysieke inspanning vereisen. Ze zijn ervan overtuigd dat ze in een kantoor als secretaresse zouden moeten werken, een werkonderdeel in Gods huis op zich zouden moeten nemen, of op zijn minst als kerkleider zouden moeten dienen. Getuigt dit niet van een totaal gebrek aan verstand? Zeg Mij, voor welk werk ben je bekwaam? Als je voor geen enkel soort werk bekwaam bent, en je taken krijgt die fysieke inspanning vereisen, terwijl Gods huis voor je blijft zorgen, is dit dan voor jou geen verheffing? En toch blijf je ontevreden. Is je verstand niet veel te slecht? (Ja.) Is er een relatie tussen verstand en kaliber? (Ja.) Zichzelf niet kennen, niet weten op welk niveau je eigen kaliber zich bevindt, altijd denken dat je eigen kaliber hoog is – zijn dit geen uitingen van een slecht kaliber? (Ja.) Mensen met een goed kaliber zullen weten hoe ze zichzelf moeten evalueren, en nadat ze zichzelf hebben geëvalueerd zullen ze het niveau van hun kaliber kennen. Zodra ze hebben vastgesteld wat hun kaliber is, zullen ze hun plek in de kerk kunnen vinden. Ze zullen zich op hun gemak voelen, wat ze ook doen, en ze zullen de plicht die ze vervullen rationeel kunnen benaderen. Zelfs als hun taken worden toegewezen die fysieke inspanning vereisen, zullen ze daar vrede mee hebben en het als gerechtvaardigd beschouwen; ze zullen zich eraan onderwerpen en er vanuit het diepst van hun hart mee instemmen, en deze opdracht en deze taak aanvaarden. Dit wordt het hebben van rationaliteit genoemd. Als iemand zich nooit op zijn gemak voelt bij het vervullen van zijn plicht, zich altijd gegriefd voelt en bij elke taak die men hem vraagt te verrichten denkt dat deze niet overeenkomt met het niveau van zijn talenten, ontbreekt het hem dan niet aan verstand? (Ja.)

Hoe iemands kaliber veelomvattend te evalueren

We hebben nu de bespreking afgerond van de laatste van de elf vermogens voor het evalueren van iemands kaliber, innovatief vermogen. Hebben jullie, nadat we over deze elf vermogens te hebben gecommuniceerd, een wat duidelijker beeld van jullie eigen kaliber? (Ja.) Zijn jullie dan in staat om het te evalueren? Kunnen jullie nauwkeurig evalueren wat jullie eigen kaliber werkelijk is? Er is een maatstaf om te bepalen of je eigen kaliber goed, gemiddeld of slecht is, of dat je helemaal geen kaliber hebt. Je kunt niet naar slechts één aspect kijken; het moet veelomvattend worden geëvalueerd. Naar welke aspecten moet dan worden gekeken om te evalueren wat iemands kaliber is? Afgaande op de uitingen van de elf vermogens waarover we hebben gecommuniceerd, moet iemand, om als iemand met een goed kaliber te worden geëvalueerd, op zijn minst verschillende relatief belangrijke vermogens bezitten. Sta er eens even bij stil: welke van de elf vermogens zijn de belangrijkste die kunnen aantonen dat iemand een goed kaliber heeft? Kunnen jullie dit inschatten? De volgorde zou van het laatste vermogen naar het eerste moeten gaan: iemand met een goed kaliber moet op zijn minst innovatief vermogen bezitten; vervolgens het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, besluitvormingsvermogen en het vermogen om op dingen te reageren; dan komt het vermogen om dingen te onderscheiden, het vermogen om oordelen te vellen en cognitief vermogen; ten slotte is er het vermogen om dingen te aanvaarden, bevattingsvermogen, het vermogen om dingen te begrijpen en leervermogen. Dit is de volgorde. Waarom is de volgorde omgekeerd? De volgorde die we aanvankelijk hadden opgesteld was van laag naar hoog, maar om te evalueren of iemand een goed kaliber heeft, is deze van hoog naar laag gerangschikt. Iemand met een goed kaliber moet op zijn minst innovatief vermogen bezitten. Dit wordt bereikt op basis van het reeds bezitten van besluitvormingsvermogen, het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen, en het vermogen om dingen te onderscheiden. Als je in staat bent dingen te kennen, te onderscheiden en te beoordelen, en je bezit ook het vermogen om dingen te begrijpen, en je kunt vervolgens innoveren, dan maakt dat jou een persoon met een goed kaliber. Zulke mensen zijn degenen met leiderschapscapaciteiten, in staat om het besluitvormingsniveau te betreden; ze hebben talent om leiders te zijn, en kunnen de leiding hebben over een bepaald werkgebied. Dit zijn mensen met een goed kaliber. Mensen met een gemiddeld kaliber zijn degenen van wie de vermogens in alle aspecten, van innovatief vermogen tot leervermogen, allemaal gemiddeld zijn. Hun efficiëntie en de resultaten wanneer ze dingen doen zijn beide gemiddeld. Dit zijn mensen met een gemiddeld kaliber. Wat is een primaire uiting van mensen met een gemiddeld kaliber? Dat hun bevatting en begrip van principes diepgang missen en niet erg nauwkeurig zijn. Bij het implementeren en in de praktijk brengen zijn er altijd lacunes en afwijkingen. Ze zien altijd dingen over het hoofd, vergeten dit en dat, en kunnen niet met alles volledig rekening houden. Ze worden bijvoorbeeld gekozen als kerkleiders, maar zijn niet in staat om veelomvattend leiding te geven aan alle aspecten van het werk. Wanneer ze verantwoordelijk zijn voor evangeliewerk, richten ze zich alleen op het evangeliewerk en kunnen geen aandacht besteden aan ander werk. Ze brengen het evangeliewerk misschien wel op gang, maar hebben geen tijd om vragen te stellen over tekstueel werk of filmproductiewerk. Hoe komt dit? Omdat hun kaliber door en door gemiddeld is en ze slechts één aspect van het werk aankunnen; ze slagen er ternauwernood in bekwaam te zijn op één werkgebied. Zodra hun wordt gevraagd ook aandacht te besteden aan ander werk, klagen ze steen en been en raken ze overweldigd, niet in staat om welk werk dan ook goed te doen. In hun werk moet er altijd iemand zijn die toezicht houdt, hen eraan herinnert en inspecteert en controleert wat ze doen. Er moet altijd iemand naast hen staan om hen te ondersteunen, om over de waarheid te communiceren, om herhaaldelijk de principes van het werk en de verschillende afwijkingen en lacunes die zich waarschijnlijk zullen voordoen te benadrukken. Er moet altijd iemand zijn die hen eraan herinnert. Waarom hebben ze altijd iemand nodig die hen eraan herinnert en hun instructies geeft? Het is niet omdat hun werkervaring ontoereikend is, maar omdat hun kaliber gemiddeld is. Ze kunnen niet anticiperen op situaties en problemen die zich waarschijnlijk zullen voordoen, of wat ze kunnen anticiperen is zeer beperkt. Daarom moet er altijd iemand naast hen staan om hen te begeleiden, te controleren en hun werk op te volgen, en is het vaak nodig om bij hen te informeren hoe het gaat. Bij het informeren blijkt dat ze ofwel dit werkonderdeel niet hebben gedaan, ofwel dat werkonderdeel zijn vergeten; zo niet dan hebben ze wel een bepaald aspect verwaarloosd of weten ze niet hoe ze verder moeten, en toch weten ze nog steeds niet aan wie ze het moeten vragen of hoe ze moeten zoeken, en zijn ze nog steeds aan het wachten. Kortom, hun vermogen om het werk goed te doen is zeer gemiddeld. Dit ‘gemiddeld’ heeft niets te maken met hoeveel vastberadenheid ze hebben, hoe sterk ze zijn, hoe graag ze werk doen, of hoeveel beproevingen ze kunnen verdragen en welke prijs ze kunnen betalen – het heeft niets met deze dingen te maken. Het gaat veeleer uitsluitend om het feit dat hun werkvermogen gemiddeld is. Mensen met een goed kaliber daarentegen maken in principe geen grote fouten in hun werk. De principes, richting en het overkoepelende kader die ze volgen zijn in wezen accuraat. Hoewel ze misschien vaak enkele kleine details over het hoofd zien, hebben deze details geen invloed op de efficiëntie en resultaten van het algehele werk. Dit zijn mensen met een goed kaliber. Natuurlijk is geen enkel mens volmaakt. Zelfs bij mensen met een goed kaliber kunnen er enkele kleine lacunes in hun werk voorkomen, ze kunnen soms tijdelijk iets over het hoofd zien, of één werkonderdeel enigszins verwaarlozen omdat ze de laatste tijd druk zijn geweest met een ander. Ze kunnen echter, louter in termen van hun kaliber, de situatie snel omkeren en deze managen en beheersen, en ervoor zorgen dat het algehele werk in principe foutloos is, en dat het algehele werk over het algemeen wordt uitgevoerd in overeenstemming met de waarheidsprincipes, de werkregelingen of de bepalingen van de bestuurlijke decreten, en op een ordelijke manier verloopt. Zelfs wanneer er antichristen of kwaadaardige mensen verschijnen om verstoringen te veroorzaken binnen de reikwijdte van hun werk, zullen ze de situatie snel aanpakken, omdat ze in het bezit zijn van het vermogen om op dingen te reageren. Ze zullen de zaak bij de eerste gelegenheid aanpakken en oplossen, en ervoor zorgen dat het kerkwerk snel weer op het juiste spoor komt en dat de omgeving waarin de broeders en zusters hun plicht vervullen niet wordt beïnvloed. Zelfs wanneer zich onverwachte situaties voordoen, weten mensen met een goed kaliber hoe ze daarmee moeten omgaan. Zelfs als ze dergelijke situaties niet eerder hebben aangepakt, zullen ze weten hoe ze de principes moeten zoeken. Omdat ze in het bezit zijn van het vermogen om dingen te onderscheiden, te beoordelen en te kennen, zullen ze de problemen snel volgens de principes oplossen. Ze hebben absoluut het vermogen om problemen op te lossen. Hun vermogens om dingen te onderscheiden, op dingen te reageren en oordelen te vellen, stellen hen in staat om onverwachte situaties snel te de-escaleren en op te lossen. Hierdoor bereiken ze dat de normale en ordelijke voortgang van het werk van de kerk wordt gewaarborgd en de belangen van Gods huis worden veiliggesteld, en zorgen ze ervoor dat dergelijke situaties zich niet herhalen of voor een langere periode onopgelost blijven. Tegelijkertijd dienen zowel de principes volgens welke ze dingen aanpakken als de uiteindelijke resultaten die ze bereiken om de belangen van Gods huis veilig te stellen. Mensen met een goed kaliber kunnen in hun werk een hoge efficiëntie en goede resultaten bereiken. Wanneer echter mensen met een gemiddeld kaliber problemen die zich voordoen in het kerkwerk of het dagelijks leven aanpakken, zijn ze enigszins overweldigd en valt het hun wat zwaar. De manier waarop ze problemen aanpakken is vaak inefficiënt en erg traag. Omdat ze kwesties die in een of twee dagen opgelost zouden moeten zijn niet kunnen doorzien, wachten ze misschien af en moeten ze er wel drie tot vijf dagen over nadenken. Ze kunnen geen doortastende beslissingen nemen om de situatie om te keren. Integendeel, ze staan machteloos en kunnen de situatie alleen maar verder laten verslechteren. Ze kunnen alleen enkele eenvoudige taken afhandelen, zoals het verifiëren van feiten, het naar de situatie vragen bij relevante mensen, of het uitzoeken van de problemen en deze naar boven toe rapporteren. Problemen die anderen in twee dagen kunnen oplossen, kunnen hen een halve maand kosten. Hoewel de problemen uiteindelijk worden opgelost, brengt de langdurige vertraging het kerkwerk enige schade toe. Gedurende deze tijd kunnen sommige mensen door antichristen worden misleid, kunnen offergaven verloren gaan, of kunnen bepaalde werkonderdelen schade oplopen omdat de problemen niet tijdig werden opgelost. Hoewel er achteraf compensatie of vergoeding wordt geboden, en de mensen die moeten worden aangepakt uiteindelijk worden aangepakt, zijn de resultaten en efficiëntie zeer gemiddeld. Het is als brandbestrijding: mensen met een goed kaliber hebben een talent voor het blussen van branden, behalen goede resultaten en voorkomen financiële verliezen. Mensen met een gemiddeld kaliber veroorzaken echter als gevolg van onjuiste methoden, het niet nemen van noodmaatregelen, het traag handelen en hun onvermogen om doortastende beslissingen te nemen en de kernpunten te begrijpen om het probleem op te lossen, uiteindelijk grotere verliezen. Sommige mensen zeggen: “Ik ben bereid compensatie te bieden voor de verliezen die ik heb veroorzaakt.” Als het louter economisch verlies is, kan compensatie het probleem oplossen. Maar als je te maken krijgt met arrestaties van de grote rode draak en je er niet in slaagt dit goed aan te pakken, waardoor het werk van de kerk schade oploopt, kun je dat dan compenseren? Kun je het je veroorloven om de kosten van vertraagd werk en verloren tijd te compenseren? Wanneer zich onverwachte gebeurtenissen voordoen, handelen mensen met een gemiddeld kaliber problemen traag en met een extreem lage efficiëntie af, omdat hun vermogens om op dingen te reageren, oordelen te vellen, dingen te onderscheiden en zelfs hun besluitvormingsvermogen allemaal gemiddeld zijn. Hun noodmaatregelen zijn ineffectief, wat uiteindelijk resulteert in onbevredigende werkresultaten en enkele verliezen. Hoewel de problemen uiteindelijk worden opgelost, vormt dit een verlies omdat er langdurige vertragingen optreden en de efficiëntie afneemt. Daarom worden deze mensen gekenmerkt als mensen met een gemiddeld kaliber. Sommige mensen zeggen: “Dat is niet eerlijk. Ze hebben zich ook ingespannen, hard gewerkt en de problemen opgelost. Hoe kunt U dan nog steeds zeggen dat hun kaliber gemiddeld is?” Het evalueren van dergelijke zaken kan niet gebaseerd zijn op emoties of sentimenten. Objectief en eerlijk gesproken, en in termen van het niveau dat iemands kaliber kan bereiken, is jouw kaliber gemiddeld. Waarom is het gemiddeld? Omdat er mensen zijn met een hoger kaliber dan jij; in situaties waarin hun menselijkheid ongeveer hetzelfde is als de jouwe, handelen mensen met een goed kaliber problemen efficiënter af dan jij, zijn de resultaten beter en zijn de verliezen kleiner dan bij jou. Daarom kan jouw kaliber alleen maar als gemiddeld worden geclassificeerd. Begrijpen jullie dat? (Ja.) De reden dat zulke mensen worden gekenmerkt als mensen met een gemiddeld kaliber, is dat er mensen met een goed kaliber zijn van wie de handelingen efficiënter zijn en die betere resultaten bereiken dan zij. Daarom is hun kaliber gemiddeld. Deze verklaring is eerlijk en redelijk. Sommige mensen zeggen: “Ze zijn oprecht, en ze leggen hun hart in deze taak; ze hebben veel beproevingen doorstaan en een niet geringe prijs betaald.” Wat heeft het voor zin om dat te zeggen? Betekent dat dat ze een goed kaliber hebben? Ongeacht hoe hun menselijkheid, emoties of wensen zijn, louter in termen van hun kaliber zijn dit uitingen van het hebben van een gemiddeld kaliber.

Wat zijn de uitingen van mensen met een slecht kaliber? Bekeken vanuit het perspectief van de verschillende vermogens, bezitten mensen met een slecht kaliber relatief gezien enig leervermogen en vermogen om dingen te begrijpen. Wanneer ze bepaalde kennis, theorieën, professionele vaardigheden of academische vakken leren, kunnen ze deze goed en nauwkeurig onthouden, en de belangrijkste punten in hun notitieboekjes noteren. Omdat ze onderwijs hebben genoten, is hun vermogen om dingen te begrijpen niet al te slecht; het kan een gemiddeld niveau bereiken. Ze bezitten echter niet de vermogens die na het bevattingsvermogen komen, zoals het vermogen om dingen te aanvaarden en het vermogen om dingen te onderscheiden. Dat wil zeggen, hun vermogens blijven beperkt tot het leren en begrijpen van theorieën, kennis, technische vaardigheden of beroepen op theoretisch niveau. Als het gaat om het bekijken van mensen, het aanpakken van zaken, het oplossen van problemen en het implementeren van werkregelingen in het werkelijke leven, schieten ze tekort. Hun vermogens blijven beperkt tot leervermogen en het vermogen om dingen te begrijpen; ze kunnen bevattingsvermogen bereiken, maar ze schieten tekort als het gaat om het vermogen om dingen te aanvaarden. Mensen die het vermogen bezitten om dingen te aanvaarden, kunnen weten op welke dingen in het werkelijke leven deze principes, theorieën en fundamenten betrekking hebben, en ook welke praktisch en toepasbaar zijn, welke niet praktisch zijn, en welke geschikt zijn voor henzelf en welke niet. Mensen met een slecht kaliber kunnen deze dingen echter niet doorzien. Er is bijvoorbeeld online allerlei materiaal over gezondheid en fitnesstraining beschikbaar. Mensen met een slecht kaliber kunnen uit deze bronnen ook leren hoe ze moeten sporten en voor zichzelf moeten zorgen. Ze bezitten leervermogen, het vermogen om dingen te begrijpen en bevattingsvermogen, en ze weten ook hoe ze moeten vinden wat ze leuk vinden. Als het er echter om gaat welke van deze dingen praktisch en effectief zijn en welke mensen werkelijk nodig hebben, kunnen mensen met een slecht kaliber dit niet onderscheiden. Ze schieten tekort als het gaat om het vermogen om dingen te aanvaarden. Vandaag staat er online dat spinazie gestoofd met tofu zeer voedzaam is, dus eten ze het elke dag. Maar nadat ze het een tijdje hebben gegeten, hebben ze geen idee wat de effecten zijn of of het werkelijk het effect heeft dat online wordt beweerd. Later staat er online dat spinazie en tofu onverenigbaar zijn, en nadat ze dit hebben gehoord, maken ze nooit meer spinazie gestoofd met tofu. Of spinazie en tofu werkelijk zeer voedzaam of juist onverenigbaar zijn, weten ze niet en zullen ze niet vragen; ze weten alleen hoe ze blindelings moeten volgen. Informatievoorziening is tegenwoordig zeer geavanceerd; de diverse nieuwsberichten zijn uiterst complex. Ze kunnen niet onderscheiden wat goed en fout is of wat correct en incorrect is. Ze lezen en luisteren naar alles, in de overtuiging dat alles wat ze nog niet eerder hebben gehoord, alles wat nieuw of ogenschijnlijk diepgaand is, wel goed moet zijn. Er staat bijvoorbeeld online dat het eten van chocolade goed is voor het hart, dus eten ze elke dag chocolade. Als gevolg daarvan ontwikkelen ze innerlijke hitte, krijgen ze zweertjes in hun mond, hebben ze rode ogen en hebben ze last van oorsuizen. In feite werd er gezegd dat het met mate eten van chocolade goed is voor het hart, maar ze hebben de woorden ‘met mate’ niet onthouden. Ze zijn niet in staat de kern te begrijpen en schaden uiteindelijk zichzelf. Een paar dagen later staat er online: “Het eten van chocolade is slecht voor het hart en het eten van te veel chocolade kan ook gewichtstoename veroorzaken.” Mensen met onderscheidingsvermogen zouden weten dat te veel chocolade eten slecht is voor het lichaam, maar dat het geen probleem is wanneer je er met mate van eet. Zij kunnen dit echter niet onderscheiden; nadat ze dit hebben gehoord, stoppen ze helemaal met het eten van chocolade. Ze slingeren van het ene uiterste naar het andere, neigen ofwel te ver naar links ofwel te ver naar rechts, en denken toch dat ze vooroplopen: “Kijk, als het internet zegt dat iets goed is, eet ik het, wat het ook is; als het zegt dat slecht is, eet ik niet, wat het ook is. Ik ben iemand die meegaat met de trends van de tijd.” In werkelijkheid zijn het mensen zonder het vermogen om dingen te onderscheiden, verwarde individuen die blindelings de massa volgen. Er is allerlei informatie online, en de meeste beweringen zijn onnauwkeurig. Natuurlijk is er ook een kleine hoeveelheid informatie en beweringen die wel correct zijn. Je moet in staat zijn ze te onderscheiden. Wat betreft welke informatie je moet aanvaarden, moet je beoordelen of deze aansluit bij je behoeften, of deze gunstig voor je is, en of de informatie positief is. Mensen met een slecht kaliber missen het vermogen om dergelijke dingen te onderscheiden. Ze schieten tekort in alle vermogens vanaf het niveau van het vermogen om dingen te aanvaarden. Ze blijven beperkt tot het leren en begrijpen van dingen op tekstueel, theoretisch en kennisniveau, en bezitten enig bevattingsvermogen. Wat betreft het verder onderscheiden van de juistheid van verschillende beweringen en of ze waardevol en betekenisvol zijn, missen mensen met een slecht kaliber echter het vermogen om dit te beoordelen en te onderscheiden. En dan is er het vermogen om op dingen te reageren, dat mensen met een slecht kaliber evenmin bezitten. Als het gaat om verschillende problemen die zich in het werkelijke leven of op het pad van overleven voordoen, kunnen ze deze niet aanpakken op basis van de waarheidsprincipes die ze kennen of hebben begrepen. Hoeveel woorden en doctrines ze ook kunnen spreken, deze zijn leeg en onpraktisch. Voor problemen die zich in hun omgeving of op het pad van overleven voordoen, vertrouwen ze op hun eigen onbeduidende trucjes om die het hoofd te bieden; ze proberen alleen maar te voorkomen dat ze schade oplopen, en daar blijft het bij. Ze slagen er niet in het niveau te bereiken waarop ze de principes die ze hebben aangevoeld, ervaren, begrijpen en verifiëren. Bovendien hebben degenen met een slecht kaliber ook geen cognitief vermogen. Dat wil zeggen dat ze, wanneer er een probleem ontstaat, geen conclusies kunnen trekken of de essentie van de zaak zelf, de grondoorzaak erachter, of de gevolgen waartoe het in de toekomst kan leiden, kunnen herkennen. Mensen met een slecht kaliber weten helemaal niet hoe ze over deze dingen moeten denken, laat staan dat ze de waarheid of de principes en wetten van verschillende dingen die ze hebben aangevoeld, kunnen toepassen om dergelijke problemen onder ogen te zien en aan te pakken. Omdat hun kaliber slecht is, is hun denken simplistisch en oppervlakkig, en vertoont het perspectief dat ze op zaken hebben afwijkingen. Wat bovendien nog problematischer is, is dat ze niet weten vanuit welk perspectief ze dingen correct kunnen bekijken. Daarom kunnen ze van niets de essentie doorzien, en kunnen ook niet de juistheid of het goed en kwaad van iets beoordelen. Zonder oordeel kunnen ze niet onderscheiden; uiteraard hebben ze dan ook geen vermogen om op dingen te reageren, laat staan besluitvormingsvermogen. Sommige mensen zeggen: “Mensen met een slecht kaliber weten ook wat ze elke dag moeten eten en dragen, en kunnen hun dagelijks leven managen.” Dat is niet wat het betekent om kaliber te hebben. Kaliber hebben verwijst naar het in staat zijn om verschillende essentiële problemen die men in het leven en op het pad van overleven tegenkomt, aan te pakken volgens de waarheidsprincipes die men begrijpt. De verschillende problemen die men in het leven tegenkomt, omvatten het evalueren van een persoon, het afhandelen van een zaak, enzovoort. De problemen die men op het pad van overleven tegenkomt, omvatten het omgaan met de grote kwesties van goed en kwaad, de omstandigheden die God voor je heeft gearrangeerd, Gods soevereiniteit, zaken die betrekking hebben op vooruitzichten en bestemming, welke weg je moet kiezen, enzovoort – deze behoren allemaal tot problemen die verband houden met overleven. Als iemand niet het vermogen heeft om problemen af te handelen die zich voordoen in het leven of op het pad van overleven, betekent dit dat hij besluitvormingsvermogen mist. Zulke mensen zijn geestelijk leeg. Het is dus enigszins onterecht om met betrekking tot hen te praten over het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen. Natuurlijk ligt het laatste vermogen, innovatief vermogen, nog verder buiten het bereik van mensen met een slecht kaliber. Het is alsof je een discussie voert over de vraag of de leeuw of de tijger de koning der dieren is. Beide komen op z’n minst in aanmerking; zowel leeuwen als tijgers bezitten de uitstraling en de vermogens van een heerser onder de dieren. Ze hebben elk hun eigen kracht, en wanneer ze tegen elkaar worden uitgespeeld, zouden ze wel eens aan elkaar gewaagd kunnen zijn, wat hen kwalificeert om te strijden om de titel van koning der dieren. Als je gnoes, elanden of yaks met leeuwen en tijgers vergelijkt om te bepalen wie de koning der dieren is, zullen mensen je uitlachen. Waarom zullen ze je uitlachen? (Omdat deze dieren niet vergelijkbaar zijn.) Ze bevinden zich niet op hetzelfde niveau, niet in dezelfde gewichtsklasse; ze zijn niet vergelijkbaar. Evenzo hebben mensen met een slecht kaliber geen gedachten, en hebben ze niet het vermogen om enige persoon, enige gebeurtenis of enig ding op mentaal niveau te beoordelen en te waarderen. Daarom heeft het ook geen zin om te praten over de vraag of zulke mensen het vermogen bezitten om dingen te evalueren en te waarderen. Het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen is relatief geavanceerd en is van toepassing op mensen met een goed kaliber. Innovatief vermogen is dan in nog sterkere mate van toepassing op mensen met een goed kaliber. Innovatief vermogen wordt beoordeeld aan de hand van iemands vermogen om in het dagelijks leven op praktische wijze allerlei dingen aan te kunnen pakken. Mensen met een slecht kaliber ontbreekt het bij alles wat ze doen niet alleen aan ideeën en stappen, maar ze hebben ook niet het vermogen om dingen voor elkaar te krijgen. Er kan dus niet worden gezegd dat ze enig innovatief vermogen hebben. Welke vermogens hebben mensen zonder kaliber dan wel? De meeste mensen zonder kaliber delen een gemeenschappelijk kenmerk: ze hebben geen gaven. Ze hebben geen gaven op het gebied van uitdrukkingsvaardigheid; ze hebben geen gaven op technisch of professioneel gebied; zelfs bij het uitvoeren van de eenvoudigste taak, zoals schoonmaken, komen ze niet met snelle en beknopte oplossingen, weten ze niet welke stappen ze moeten zetten en weten ze geen orde aan te brengen. Aan de hand van het uitvoeren van een eenvoudige taak kun je precies zien wat de kenmerken van mensen zonder kaliber zijn. Het meest voor de hand liggende kenmerk van mensen zonder kaliber is dat ze in elk aspect vermogen missen. Simpel gezegd, ze kunnen niet eens hun eigen menselijk leven of de meest elementaire levensbehoeften managen – deze bevinden zich allemaal in complete wanorde en zijn verstoken van welke principes dan ook. De meest nauwkeurige beschrijving van mensen zonder kaliber is dat ze niets kunnen bereiken en uitsluitend leven om hun elementaire dagelijkse behoeften te bevredigen – niets meer. De verschillende uitingen van mensen met verschillende niveaus van kaliber, evenals de kenmerken van het kaliber en de vermogens die ze bezitten, zijn allemaal duidelijk uitgelegd. Als jullie het hebben begrepen, zullen jullie in staat zijn te leren hoe jullie mensen met verschillende kalibers kunt onderscheiden en behandelen.

Hoe je je eigen kaliber correct moet benaderen

Hebben jullie er, na ernaar te hebben geluisterd, enig profijt van gehad dat we hebben gecommuniceerd over wat kaliber is, en over hoe de niveaus en typen van het kaliber van mensen kunnen worden ingedeeld? (Ja.) Weten jullie werkelijk dat jullie eigen kaliber slecht is? (Ja.) Sommige mensen zonder kaliber zeggen: “Hoezo heb ik geen kaliber? Zelfs als mijn kaliber gemiddeld of slecht zou zijn, zou dat nog steeds prima zijn.” Niemand wil in de categorie vallen van mensen zonder kaliber, of een idioot, een dwaas of een nutteloos persoon zijn, maar het toeval wil dat sommige mensen, wanneer ze zichzelf evalueren op basis van hun voornaamste uitingen en de resultaten van het vervullen van hun plicht gedurende deze jaren, werkelijk in de categorie vallen van mensen zonder kaliber. Maakt dit sommige mensen negatief? Wanneer veel dingen niet duidelijk zijn gemaakt, denken mensen ten onrechte: ‘Ik heb bekwaamheid, ik heb capaciteiten, ik ben wijs, mijn kaliber is niet slecht, ik ben nobel, ik ben iemand in Gods koninkrijk, ik ben een steunpilaar, een toeverlaat.’ Ze klampen zich dwaas vast aan hun wensdromen, voelen zich behoorlijk goed en behoorlijk zelfverzekerd, en denken dat ze potentieel en hoop hebben; ze zijn niet negatief en leven doelbewust. Zodra ze echter de ware feiten kennen, worden ze verdrietig en denken ze: ‘Betekent dit niet dat ik geen hoop heb op het verkrijgen van redding?’ Vervolgens vervallen ze in een negatieve gesteldheid. Als deze dingen niet duidelijk worden gemaakt, zijn mensen dwaas arrogant; hoe dwazer iemand is, hoe arroganter hij is, en hoe grenzelozer zijn arrogantie wordt. Degenen die slim zijn, zullen, na gedurende deze jaren de voorziening van de waarheid te hebben aanvaard, gaan nadenken en zichzelf gaan onderzoeken, de waarheid met zichzelf vergelijken, en geleidelijk zullen hun onthullingen van arrogante gezindheid afnemen. Hoe slechter iemands kaliber is, hoe dwazer zijn arrogantie is. Bestaat er niet zo’n gezegde: “Ze zijn niets, maar ze buigen voor niemand”? Dit gezegde is heel toepasselijk; degenen die niets zijn, buigen voor niemand. Waarom? Omdat hun kaliber te slecht is. In welke mate? In de mate dat ze geen intelligentie hebben, niet weten hoever hun capaciteiten reiken, niet weten hoe hun intelligentie zich verhoudt tot die van anderen, niet weten dat er altijd mensen zijn die beter zijn dan zijzelf, en niet weten wat een goed kaliber is. En tot hoever reikt hun arrogantie? Zover dat mensen het walgelijk en misselijkmakend vinden om ernaar te kijken – dit is dwaze arrogantie. “Ze zijn niets, maar ze buigen voor niemand” betekent dat ze niets kunnen bereiken, dat hun eigen zaken in het leven een complete puinhoop zijn, dat ze niets kunnen doorzien, dat ze geen ideeën of zienswijzen hebben, dat ze niet kunnen beoordelen of de zienswijzen van anderen juist of accuraat zijn, en dat ze gewoon dwaas volharden in hun arrogantie, waarbij ze denken: ‘Ik heb bekwaamheid, ik heb capaciteiten, ik ben wijs, ik ben beter dan anderen!’ Zeg Mij, is het beter om hen dwaze, arrogante mensen te laten zijn die voor niemand buigen, of om hen te laten weten dat hun kaliber slecht is, dat ze niets zijn, slechts dwazen, nutteloze mensen en geestelijk beperkten, zodat ze negatief worden? Wat kiezen jullie? (Laat ze negatief worden, want als ze dwaas arrogant zijn, zullen ze waarschijnlijk dingen doen die principes schenden, en kunnen ze het werk van de kerk hinderen en verstoren.) Als ze negatief worden, kunnen ze terugkeren naar het verstand van menselijkheid en zich beter gedragen, en minder dingen doen die hinderen en verstoren. Dit beschermt hen. Hoewel ze niet veel dingen hebben gedaan die anderen ten goede kwamen, betekent het feit dat ze minder dingen doen die anderen hinderen en verstoren dat ze veel minder overtredingen en slechte daden zullen begaan, en dat de kans dat ze in de toekomst worden gestraft zal afnemen, nietwaar? (Ja.) Zonder in te gaan op de vraag of ze redding kunnen verkrijgen, aangezien dat iets is wat relatief ver weg is – zal de kans dat ze Gods bestuurlijke decreten schenden en Gods gezindheid beledigen afnemen? En zullen hun overlevingskansen toenemen? (Ja.) Beoordeeld vanuit het perspectief van deze voordelen, blijkt het eigenlijk een goede zaak te zijn om mensen hun eigen kaliber te laten erkennen, zodat ze uiteindelijk beseffen dat ze geen kaliber hebben en negatief worden. Anders kunnen ze het simpelweg niet inzien of erkennen wanneer mensen zeggen: “Je bent niets, maar je buigt voor niemand – dit is dwaze arrogantie!”; ze zullen opstandig worden blijven denken: ‘Mijn kaliber is niet slecht! En jij zegt dat ik dwaas arrogant ben. Ik ben veel beter dan een dwaas!’ Dit bewijst des te meer dat ze werkelijk dwaas zijn, dat hun intelligentie te gering is, en dat ze des te meer het feit moeten aanvaarden dat ze geen kaliber hebben. Wat zijn de voordelen van het aanvaarden van dit feit? Het is niet bedoeld om je negatief te stemmen, maar om je te helpen jezelf correct te behandelen en te voorkomen dat je dwaas handelt. Mensen zijn arrogant omdat ze een verdorven gezindheid hebben en helemaal geen zelfkennis bezitten. Het is echter zo dat de arrogantie van sommige mensen normale arrogantie is. Sommige mensen hebben bijvoorbeeld kapitaal omdat ze gevangen hebben gezeten en lijden hebben doorstaan, op bepaalde manieren hebben bijgedragen aan de kerk, of gaven hebben die hen beter maken dan anderen. Omdat hun arrogante gezindheid wordt gecombineerd met het bezitten van enig kapitaal, is het nog begrijpelijk dat ze arrogantie openbaren. Maar als je niets bent, als je in wezen niets kunt bereiken, geen bijdragen hebt geleverd, en al helemaal geen gaven hebt, en je toch nog altijd arrogant bent, is dat onzinnig – het mist rationaliteit. Nu is het je duidelijk gemaakt: je hebt geen kaliber, je bent niets, en je hebt zelfs helemaal geen gaven. Je geest is leeg, en vergeleken met mensen met ideeën, mist je geest inhoud. Hoewel je net zoals zij een mens bent, schiet je ver tekort in vergelijking met hen; in Gods ogen voldoe je niet aan de norm om mens te zijn. Waar ben je dan nog steeds arrogant over? Gemeten naar Gods woorden, voldoe je niet aan de norm om mens te zijn. In Gods ogen zou je niet als een mens behandeld moeten worden. Maar omdat Gods genade onmetelijk is, heeft God je verheven, je gekozen en je als een mens behandeld, en je toegestaan je plicht te vervullen in Gods huis. Behandelt God je als een mens om te zien hoe je God en de waarheid die Hij je verschaft op zo’n dwaas arrogante manier behandelt? Om te zien hoe je op deze manier met je plicht en je leven omgaat? Nee. Aangezien God je als een mens behandelt en je de verschillende waarheden vertelt die mensen zouden moeten begrijpen, hoopt Hij dat je een waar mens kunt zijn, hoopt Hij dat je de ideeën kunt aanvaarden die mensen zouden moeten hebben, en niet dwaas arrogant zult zijn. Daarom is het vereerd om negatief te zijn – je zou niet negatief moeten zijn. Aangezien God je niet heeft behandeld of genegeerd op basis van je kaliber, maar je in plaats daarvan als een normaal persoon heeft behandeld en je op deze manier heeft gebruikt, zou je deze genade van God moeten waarmaken en God niet moeten teleurstellen. Welk kaliber je ook hebt en welk werk je ook kunt doen, doe dat werk gewoon goed. Probeer geen hoogdravende ideeën te spuien, doe niet wat een mens niet zou moeten doen, en koester geen buitensporige ideeën of ambities die een mens niet zou moeten hebben. Doe wat een mens behoort te doen en maak Gods verheffing waar. Is dit niet gepast? Lost dit het probleem van negatief zijn niet op? (Ja.)

Het onderscheiden van de verschillende uitingen van mensen met verschillende kalibers en het geven van deze specifieke voorbeelden zijn bedoeld om je te helpen jezelf ermee te vergelijken. Het is bedoeld om je in staat te stellen je eigen positie nauwkeurig te bepalen, je eigen kaliber en verschillende omstandigheden, en het feit dat God je ontmaskert, oordeelt en snoeit, en het werk dat voor je is geregeld, rationeel te benaderen, en bedoeld om je in staat te stellen je te onderwerpen en vanuit het diepst van je hart dankbaar te zijn, in plaats van weerstand en afkeer te tonen. Wanneer mensen hun eigen kaliber rationeel kunnen benaderen en vervolgens hun eigen positie nauwkeurig kunnen bepalen, op een nuchtere manier handelen als de schepselen die God wenst, naar behoren doen wat ze moeten doen op basis van hun inherente kaliber, en hun trouw en al hun inspanningen toewijden, stellen ze God tevreden. Aangezien God je dit kaliber en deze omstandigheden heeft gegeven, zal God je niet dwingen dingen te doen die moeilijk voor je zijn; Hij zal een vis niet dwingen op het land te leven. Hoeveel God je ook heeft gegeven, dat is wat Hij je laat offeren. Wat God je niet heeft gegeven, zal Hij niet bovenmatig van je eisen. Als je voortdurend te hoge eisen aan jezelf stelt en probeert een sterk persoon te zijn, een supermens, iemand die het gewone overstijgt, geeft dit aan dat je een verdorven gezindheid hebt – dit is ambitie. Als je kaliber goed is, neem je meer werk op je; als je kaliber gemiddeld is, kun je alleen maar minder werk op je nemen. Welke plicht je ook kunt vervullen, geef alles wat je hebt, bied je trouw aan en handel volgens principes – probeer geen hoogdravende ideeën te spuien. Het is verkeerd om altijd maar te willen bewijzen dat je geen gewoon persoon bent, altijd maar te willen dat anderen je hoogachten – dit is verkeerd. Dit toont een groot gebrek aan zelfkennis, dat je niet weet wat je waard bent. Als je je streven blijft laten bepalen door je ambities en begeerten, zal het niet goed met je aflopen. Daarom zouden mensen met een slecht kaliber er niet altijd naar moeten streven leiders, teamhoofden of supervisors te zijn; ze zouden niet te hoog moeten mikken. Als je kaliber slecht is, doe dan gewoon plichtsgetrouw de dingen die mensen met een slecht kaliber kunnen doen. Als het je aan ideeën ontbreekt en je geen enkel werk aankunt, forceer het dan niet – aangezien God je dat kaliber niet heeft gegeven, heeft Hij geen te hoge eisen aan je gesteld. Wat de waarheidsprincipes betreft, beoefen ze voor zover je ze kunt begrijpen en aanvaarden – dit is het belangrijkste. Wat je in staat bent te bevatten, is wat God je heeft gegeven. Heb je deze dingen toegepast op je plicht of op de opdracht die God je heeft toevertrouwd? Als je ze hebt toegepast, dan heb je alles gegeven wat je hebt en je trouw geofferd. God zal tevreden zijn, en je zult als schepsel aan de norm voldoen. Als je kaliber slecht is, zal God absoluut geen eisen aan je stellen volgens de norm voor degenen met een goed kaliber. Dat zal God niet doen. Mensen zonder kaliber behoren onder de mensen tot het laagste niveau wat betreft kaliber. Als sommige gelovigen in God geen kaliber hebben, hoe zouden ze dan moeten praktiseren? Wil je God volgen? Geef je toe dat God soeverein is over alles wat de mens aangaat? Wil je je onderwerpen aan Gods orkestratie en regelingen voor jou? Als je bereid bent dit te aanvaarden en je eraan te onderwerpen, breng je hart dan tot rust en aanvaard alle regelingen die God voor je heeft getroffen. Volgens je kaliber kun je alleen wat taken uitvoeren die fysieke inspanning vereisen, taken die niet zichtbaar zijn, waarop wordt neergekeken en die door mensen worden vergeten – als dit jouw situatie is, zou je het van God moeten aanvaarden en geen klachten moeten koesteren, en zou je nog veel minder je plichten moeten kiezen op basis van je eigen wensen. Doe wat Gods huis ook maar voor je regelt, en zolang het binnen je kaliber ligt, zou je het goed moeten doen. Als je bijvoorbeeld de taak krijgt om varkens te fokken, zou je ze goed moeten voeden zodat de broeders en zusters goed varkensvlees kunnen eten. Als je de taak krijgt om kippen te houden, zou je ze goed moeten voeden en verzorgen, zodat ze tijdens het legseizoen normaal eieren leggen, en je zou ze ook moeten beschermen tegen andere dieren, zodat iedereen die de kippen ziet die jij houdt, zal zeggen dat ze goed gehouden worden. Dit bewijst dat je alle door God geschapen dingen koestert, en dat je ze goed kunt beheren; het bewijst dat, ongeacht wat voor soort schepsel of dier het is, je het kunt koesteren en goed kunt beheren, en dit als je verantwoordelijkheid en plicht op je neemt om uit te voeren. Zelfs al kun je geen ander werk doen, zelfs al kun je geen sleutel- en beslissende rol spelen in het werk van de kerk, en heb je geen noemenswaardige bijdragen geleverd, als je je volledige inspanning en trouw kunt inzetten in wat onopvallend werk en er alleen maar naar streeft God tevreden te stellen, is dat genoeg. Hiermee stel je Gods verheffing van jou niet teleur. Wees niet kieskeurig over taken op basis van of ze vies of vermoeiend zijn, of anderen je ze zien doen, of mensen je prijzen, of dat ze op je neerkijken omdat je ze doet. Denk niet aan deze dingen; streef er gewoon naar het van God te aanvaarden, je te onderwerpen en de plichten te vervullen die je zou moeten vervullen. Wanneer Ik communiceer over de uitingen van mensen zonder kaliber, zeg Ik misschien dat je een dwaas bent, een nutteloos persoon en geestelijk beperkt. Als je echter de klussen die je zijn toevertrouwd op je kunt nemen, en je uiteindelijk Gods verheffing van jou of de levensadem die God je heeft geschonken niet teleurstelt, je niet tevergeefs leeft of eet, je niet tevergeefs geniet van de materiële dingen die God voor de mensheid verschaft, en je de woorden uit Gods mond waarmaakt, is dat voldoende. Zelfs al voldoe je qua kaliber niet aan de maatstaf van een compleet persoon, als je je plicht kunt vervullen en het werk met deze trouw en oprechtheid kunt doen, voldoe je in Gods hart op zijn minst aan de norm als schepsel. Wat God wil is deze trouw en oprechtheid; Hij wil een schepsel dat aan de norm voldoet. Welke plicht Gods huis ook voor je regelt, je aanvaardt het van God, je ben bereid deze te aanvaarden en je eraan te onderwerpen. Dit is het meest kostbare. Als je hebt gedaan wat God van je vereist, en je alles hebt geofferd wat je in staat bent te offeren, zal God dan nog hogere eisen aan je stellen? Als je oprechtheid en trouw in Gods ogen als kostbaar worden gezien, dan heeft je leven waarde. Is dit een juiste interpretatie? (Ja.)

Sommige mensen zeggen: “Ik heb nog steeds het gevoel dat ik het niet begrijp. Waarom is het Gods voorbeschikking dat mensen allerlei soorten kalibers hebben? Aangezien God wil dat mensen van Hem getuigen, de waarheid beoefenen en hun verdorven gezindheden afwerpen, waarom kan Hij mensen dan geen goed kaliber geven? Is het zo moeilijk voor God om mensen een goed kaliber te geven? Als God het zo zou maken dat mensen op alle gebieden vermogens hadden – cognitief vermogen, het vermogen om oordelen te vellen, het vermogen om dingen te onderscheiden, het vermogen om op dingen te reageren, besluitvormingsvermogen, innovatief vermogen, en bovenal het vermogen om dingen te evalueren en te waarderen – als Hij mensen op alle gebieden vermogens zou geven, zou het kaliber van mensen dan niet goed zijn? Zelfs als Hij mensen een gemiddeld kaliber zou geven, zouden ze de waarheid dan niet op een gemiddeld niveau kunnen bevatten? Als mensen de waarheid kunnen bevatten, zouden ze de waarheid dan niet kunnen beoefenen? En zouden ze dan niet in staat zijn hun verdorven gezindheden af te werpen en redding te verkrijgen?” Wat is het probleem als mensen deze gedachten hebben? Mensen begrijpen niet waarom God hun zo’n volkomen gemiddeld kaliber geeft. Het is moeilijk om leiders met een goed kaliber te vinden, en het is buitengewoon moeilijk om het kerkwerk goed uit te voeren. Mensen denken: ‘Als God mensen een goed kaliber zou geven, zou het dan niet gemakkelijker zijn om leiders te vinden? Zou het kerkwerk dan niet gemakkelijker te doen zijn? Waarom geeft God mensen geen goed kaliber?’ Bekeken vanuit het perspectief van het algehele werk van Gods huis, zou het kerkwerk natuurlijk inderdaad gemakkelijker zijn als er meer mensen met een goed kaliber waren. Er is echter een uitgangspunt: in Gods huis doet God Zijn eigen werk, en mensen spelen geen beslissende rol. Daarom bepaalt het feit of het kaliber van mensen goed, gemiddeld of slecht is de resultaten van Gods werk niet. De uiteindelijke resultaten die bereikt moeten worden, worden door God volbracht. Alles wordt door God geleid; alles is het werk van de Heilige Geest. Vanuit het perspectief van Gods werk zou deze zaak op deze manier moeten worden uitgelegd – dit is één reden. Er is nog een reden: na door Satan te zijn verdorven, bezitten mensen Satans verdorven gezindheden als hun levensessentie; dat wil zeggen, ze leven allemaal volgens hun verdorven gezindheden, en hun leven wordt beheerst door hun verdorven gezindheden. Als iemand daarnaast een goed of buitengewoon kaliber bezit, en zijn vermogens op alle gebieden compleet, volmaakt en onberispelijk zijn, zal dat zijn verdorven gezindheden voeden. Het zal leiden tot de ongebreidelde escalatie van zijn verdorven gezindheden, waardoor ze onbeheersbaar worden, en ertoe leiden dat die persoon arroganter, onbuigzamer, bedrieglijker en boosaardiger wordt. Het zal voor hem moeilijker worden om de waarheid te aanvaarden, en er zal geen manier zijn om het probleem van zijn verdorven gezindheden op te lossen. Dit is een andere reden. Bovendien geeft God mensen een dergelijk kaliber omdat de mensheid die God wil redden inherent een onvolledige mensheid is, met in alle aspecten tekortkomingen en gemiddelde vermogens. Bovendien wordt het kennen van Gods woorden en de waarheid niet slechts bereikt door het gebruik van verschillende vermogens; het vereist een proces. Wat houdt dit proces in? Het houdt veranderingen in de omgeving in, het ouder worden van een persoon, de toename van levenservaringen en kennis, en de ervaring die is opgedaan door verschillende omgevingen. Deze stellen mensen in staat om, op de basis van hun inherente kaliber en instincten, geleidelijk te gaan begrijpen en weten waar de waarheid in Gods woorden werkelijk betrekking op heeft. Vervolgens aanvaarden ze Gods woorden en brengen ze deze in praktijk. Door een dergelijk proces wordt de waarheid in Gods woorden in een persoon verwerkt om zijn leven te worden – het wordt geen levenstheorie, filosofie of levensmethode; in plaats daarvan worden Gods woorden de basis voor zijn bestaan. Zo iemand is een nieuw mens, een pasgeboren leven. Dit is een essentieel proces. Zelfs als jouw kaliber en vermogens in alle opzichten uitzonderlijk goed en hoog zijn, kunnen deze processen niet worden overgeslagen. Als geschapen mens kan niemand, bij het uiteindelijk bereiken van de transformatie van Gods woorden in je leven, ook maar één stap overslaan van het hele proces dat moet worden ervaren. Dat wil zeggen, iedereen zal noties, verbeeldingen, weerstand, verzet en opstandigheid jegens God ontwikkelen. Ze zullen allemaal tegenslagen, mislukkingen, struikelpartijen, ontheffing, snoeien, oordeel en tuchtiging doormaken, ze zullen verschillende omgevingen ervaren, verschillende soorten mensen ontmoeten en andere dergelijke processen doormaken. Hoe goed of hoog jouw kaliber ook is, of hoe krachtig je vermogens in alle opzichten ook zijn, geen van deze processen of stappen kan worden overgeslagen. Daarom zou het nog steeds een verspilling zijn, zelfs als God je een uitzonderlijk hoog kaliber en uitzonderlijke vermogens zou geven. Het is beter voor je om een gewone, gemiddelde persoon te zijn. Hoewel je misschien enkele gebreken in je menselijkheid hebt, kun je Gods werk ervaren, Gods woorden nadat je ze hebt gehoord begrijpen, en je zwakheden en gebreken herkennen. Op deze manier is wat je verkrijgt enerzijds praktischer en ontvang je meer van God; anderzijds leer je je natuurlijke vermogens nauwkeuriger kennen en word je rationeler. Daarom is God niet van plan iedereen een goed kaliber te geven – Hij geeft mensen een gemiddeld kaliber.

Nadat jullie hebben gehoord over deze specifieke uitingen van de verschillende vermogens die worden gebruikt om het kaliber van mensen te evalueren, evalueren jullie jezelf en ontdekken jullie dat jullie hooguit slechts een gemiddeld kaliber hebben, en niet het niveau van een goed kaliber bereiken. Wie zijn dan degenen die het niveau van een goed kaliber bereiken? Dat zijn degenen die door de Heilige Geest worden gebruikt. Als God je een goed kaliber geeft, moet je werk op je nemen dat bij een goed kaliber past. Als het niet nodig is dat je zulk werk op je neemt, is het al heel mooi dat God je een gemiddeld kaliber heeft gegeven – dit is Gods genade. Als God je een gemiddeld kaliber geeft, kun je geen heel belangrijk werk doen en kun je dus niet arrogant worden. Dit beschermt je. Met het gemiddelde kaliber dat je is gegeven, heb je geen kapitaal om mee te pochen, noch kun je wereldschokkende bijdragen leveren. Je moet altijd denken: ‘Mijn kaliber is gemiddeld; ik ben niet goed op dit gebied, noch op dat gebied. Ik moet voorzichtig zijn en de waarheidsprincipes zoeken wanneer ik mijn plicht vervul. Wanneer je voelt dat je in alle opzichten tekortschiet, ga je je veel beter gedragen, houd je je veel meer aan de regels en blijf je veel meer op de achtergrond. Als jouw werk bijvoorbeeld, wat voor werk je ook doet, of je nu een supervisor of een gewoon lid bent, gedurende een bepaalde periode relatief soepel verloopt, enige resultaten oplevert, de prestaties relatief uitstekend zijn en je bevestiging krijgt van de Boven, wat zou je dan gaan denken? (We zouden zelfvoldaan worden, het gevoel hebben dat we goed zijn, en niet langer gemakkelijk de waarheid zoeken.) Het zou dan moeilijk voor je worden om de regels te volgen en nuchter te blijven in je gedrag. Dit is een zeer gevaarlijke verzoeking voor je; dit is geen goed teken. Echter, omdat het je aan verschillende vermogens ontbreekt of je daarin gebreken vertoont, en je bij het doen van werk ofwel nalaat één aspect in overweging te nemen, ofwel nalaat te anticiperen op een ander aspect, of het over het hoofd ziet en vergeet, ofwel gesnoeid wordt met betrekking tot één aspect, ofwel te maken krijgt met tegenslagen en klappen in een ander aspect, waarschuw je jezelf voortdurend in het diepst van je hart: ‘Ik ben niet capabel. Mijn kaliber is slecht en ik begrijp de waarheid niet. Ik begrijp de principes niet.’ Op deze manier word je heel voorzichtig in het doen van dingen, heel bang om fouten te maken en gesnoeid te worden, heel bang om te hinderen en te verstoren, en heel bang om lacunes in het werk te veroorzaken die tot verliezen leiden. Omdat je vermogens in verschillende opzichten tekortschieten of allemaal heel gemiddeld zijn, is ook je vermogen om je werk goed te doen heel gemiddeld, en is het werk dat je doet heel gemiddeld. Je hebt dus het gevoel dat er niets is om over te pochen – zelfs als je erin slaagt enkele zwaarbevochten resultaten te bereiken, bereik je die pas na veel tegenspoed te hebben doorstaan en achter de schermen enorme inspanningen te hebben geleverd. Je wilt je voor anderen voordoen alsof je capabel en behoorlijk goed bent, maar in je hart ontbreekt het je aan zelfvertrouwen. Je weet dat, wat je ook doet, je het niet goed kunt doen, en dat je nog steeds de Boven nodig hebt om het te controleren. Bij sommige dingen besef je pas waar je fout zit wanneer je ermee wordt geconfronteerd dat je wordt gesnoeid, en zie je pas hoe ongelooflijk slecht je kaliber is. Op deze manier zul je niet arrogant kunnen worden. Dat wil zeggen, er zal altijd iemand met een goed kaliber in je omgeving zijn die je overtreft, en er zullen altijd de waarheid en Gods vereiste normen zijn die je beteugelen. Je voelt: ‘Het weinige werk dat ik kan volbrengen, is alleen maar mogelijk omdat de Boven het heeft gecontroleerd en erover heeft besloten; het is alleen maar voltooid omdat de Boven het herhaaldelijk heeft onderzocht, gecontroleerd en gecorrigeerd. Ik heb niets om over te pochen. De volgende keer dat je iets doet, wil je nog steeds met je vaardigheden pronken, maar je slaagt er nog altijd niet in om het goed te doen en kunt je nooit onderscheiden. Juist omdat je kaliber en vermogens beperkt zijn, zijn de resultaten van het vervullen van je plichten altijd gemiddeld, en bereiken ze nooit het niveau dat je voor ogen hebt of de norm die je voor ogen hebt. Onbewust, besef je dus voortdurend dat je op geen enkele manier een uitblinker bent, of een superieure of buitengewone persoon. Geleidelijk aan ga je begrijpen dat je kaliber niet zo goed is als je je had voorgesteld, maar juist heel gewoon. Dit stapsgewijze proces is heel nuttig om jezelf te leren kennen – je ervaart op een praktische manier enkele mislukkingen en tegenslagen, en na daar innerlijk over te hebben nagedacht, word je nauwkeuriger in het beoordelen van je niveau, vermogens en kaliber. Je erkent in toenemende mate dat je geen persoon met een goed kaliber bent, dat, hoewel je misschien enkele sterke punten en gaven hebt, een beetje vermogen om oordelen te vellen, of af en toe enkele ideeën of plannen hebt, je nog steeds tekortschiet ten aanzien van de waarheidsprincipes, ver verwijderd bent van Gods vereisten en de normen van de waarheid, en nog verder verwijderd bent van de norm van het bezitten van de waarheidswerkelijkheid – onbewust vel je deze oordelen en beoordelingen over jezelf. In het proces van het oordelen over en beoordelen van jezelf, zal je kennis van jezelf steeds nauwkeuriger worden, en zullen je verdorven gezindheden en onthullingen van verdorvenheid steeds minder en meer beteugeld en beheerst worden. Natuurlijk is het beheersen van je verdorven gezindheden niet het doel. Wat is het doel? Het doel is dat je, naarmate je verdorven gezindheden worden beheerst, geleidelijk leert de waarheid te zoeken en je op een welgemanierde manier te gedragen, waarbij je niet altijd probeert hoogdravende ideeën te spuien of met je vaardigheden te pronken, er niet altijd naar streeft de beste of de sterkste te zijn, en niet altijd probeert jezelf te bewijzen. Terwijl dit besef zich voortdurend diep in je hart grift, zul je overdenken: ‘Ik moet zoeken wat de waarheidsprincipes hiervoor zijn, en wat God erover zegt.’ Dit besef zal geleidelijk diep in je hart worden geplant, en je zult Gods woord en de waarheid in steeds sterkere mate zoeken, erkennen en aanvaarden, wat voor jou de hoop betekent om gered te worden. Hoe meer je de waarheid kunt aanvaarden, hoe minder je verdorven gezindheden zich zullen openbaren. Een nog beter resultaat is dat je meer kansen zult hebben om Gods woord als norm voor de praktijk te gebruiken. Is dit niet geleidelijk het pad van redding inslaan? Is dit geen goede zaak? (Ja.) Maar als al je vermogens superieur en volmaakt zijn, en je onder de mensen uitblinkt, kun je dan nog steeds de waarheid zoeken terwijl je zaken aanpakt en je plichten vervult? Dat is moeilijk te zeggen. Het is heel moeilijk voor iemand die op alle gebieden buitengewone vermogens heeft om met een stil hart of een nederige houding voor God te komen om zichzelf te leren kennen, zijn gebreken en verdorven gezindheden te kennen, en het punt te bereiken waarop hij de waarheid zoekt, de waarheid aanvaardt en vervolgens de waarheid in praktijk brengt. Het is behoorlijk moeilijk om dit te doen, nietwaar? (Ja.)

Als mensen een gemiddeld kaliber hebben, is dat een uiting van Gods goede bedoelingen; als mensen een te slecht kaliber hebben, is dat ook een uiting van Gods goede bedoelingen. God, in Zijn wens om je te redden, geeft je geen buitengewoon goed kaliber. Waarom is dat zo? God bepaalt de verschillende omstandigheden waaronder mensen worden geboren, zoals hun familieachtergrond, uiterlijk, instincten, persoonlijkheid en verschillende levensvaardigheden. God geeft mensen zelfs bepaalde sterke punten, interesses en hobby's, en schenkt sommige mensen ook speciale gaven. Dit is voldoende. Deze zijn voldoende om je persoonlijke overleving te waarborgen. Hiermee bezit je het vermogen en de omstandigheden om onafhankelijk te leven, en kun je op basis van een bepaald niveau van kaliber, Gods woorden aanvaarden, je verdorven gezindheden in verschillende mate afwerpen en bereiken dat je gered wordt. Dit is waarom God mensen geen buitengewoon hoog kaliber geeft. God geeft mensen geen buitengewoon goed kaliber. In de eerste plaats is dit bedoeld om ervoor te zorgen dat mensen, met deze basisvoorwaarde, een beetje nuchter kunnen blijven, en dat ze op basis van het gevoel dat ze gewone, gemiddelde mensen zijn, mensen met verdorven gezindheden, bereidwillig Gods werk en Gods redding kunnen aanvaarden. Alleen op deze manier hebben mensen de basisvoorwaarde om Gods woorden te aanvaarden. In de tweede plaats, als mensen een heel goed kaliber of een uitzonderlijk scherpe geest hebben, met heel sterke vermogens in alle opzichten, allemaal uitzonderlijk zijn, en alles in de wereld voor hen op rolletjes loopt – als ze veel geld verdienen in het bedrijfsleven, een bijzonder vlotte politieke carrière hebben, moeiteloos opereren in alle situaties, zich als een vis in het water voelen – dan is het voor zulke mensen niet eenvoudig om voor God te komen en Gods redding te aanvaarden, nietwaar? (Ja.) De meesten van degenen die God redt, bekleden geen hoge posities in de wereld of onder de mensen in de samenleving. Omdat hun kaliber en vermogens gemiddeld of zelfs slecht zijn, en ze moeite hebben om populariteit of succes in de wereld te vinden, en altijd het gevoel hebben dat de wereld somber en oneerlijk is, hebben ze behoefte aan geloof, en uiteindelijk komen ze voor God en gaan ze Gods huis binnen. Dit is een fundamentele omstandigheid die God voor mensen creëert wanneer Hij hen kiest. Alleen met deze behoefte kun je het verlangen hebben om Gods redding te aanvaarden. Als jouw omstandigheden in alle opzichten heel goed zijn en geschikt om in de wereld vooruit te komen, en je altijd naam voor jezelf wilt maken, dan zou je niet het verlangen hebben om Gods redding te aanvaarden, en zou je zelfs niet de kans hebben om Gods redding te ontvangen. Hoewel je misschien een gemiddeld of slecht kaliber hebt, ben je, doordat je de kans hebt om door God gered te worden, nog steeds veel meer gezegend dan ongelovigen. Daarom is het hebben van een slecht kaliber niet jouw gebrek, noch is het een obstakel voor het afwerpen van je verdorven gezindheden en het bereiken van redding. Uiteindelijk is het God die je dit kaliber heeft gegeven. Je hebt zoveel als God je geeft. Als God je een goed kaliber geeft, dan heb je een goed kaliber. Als God je een gemiddeld kaliber geeft, dan is je kaliber gemiddeld. Als God je een slecht kaliber geeft, dan is je kaliber slecht. Zodra je dit begrijpt, moet je het van God aanvaarden en in staat zijn je te onderwerpen aan Gods soevereiniteit en regelingen. Welke waarheid vormt de basis voor onderwerping? Dat de regelingen van God Gods goede bedoelingen bevatten. Gods bedoelingen zijn nauwgezet, en mensen mogen niet klagen of Gods hart verkeerd begrijpen. God zal je niet hoogachten vanwege je goede kaliber, noch zal Hij je minachten of verafschuwen vanwege je slechte kaliber. Wat verafschuwt God dan wel? Wat God verafschuwt, is dat mensen de waarheid niet liefhebben of aanvaarden, dat mensen de waarheid begrijpen maar deze niet in praktijk brengen, dat mensen niet doen waartoe ze in staat zijn, dat mensen niet alles kunnen geven in hun plichten en toch altijd buitensporige begeerten koesteren, altijd status willen, altijd strijden om positie, en altijd eisen aan Hem stellen. Dit is wat God walgelijk en verachtelijk vindt. Je hebt om te beginnen een slecht kaliber of helemaal geen kaliber en bent niet in staat om enig werk te doen, en toch wil je nog steeds altijd een leider zijn; strijd je altijd om positie en macht, en wil je altijd dat God je een definitief antwoord geeft, dat Hij je vertelt dat je in de toekomst het koninkrijk kunt binnengaan, zegeningen kunt ontvangen en een goede bestemming kunt hebben. Dat God je kiest is al een enorme verheffing, en toch neem je de hele hand als je een vinger krijgt. God heeft je gegeven wat je zou moeten ontvangen en je hebt al veel van God verkregen, en toch blijf je onredelijke eisen stellen. Dit is wat God verafschuwt. Jouw kaliber is heel slecht, of je bereikt niet eens menselijke intelligentie, en toch heeft God je niet als een dier behandeld, maar behandelt Hij je nog steeds als een mens. Daarom zou je moeten doen wat een mens behoort te doen, zeggen wat een mens behoort te zeggen, en alles wat God je heeft gegeven aanvaarden als komend van Hem. Welke plicht je ook kunt vervullen, vervul die. Stel God niet teleur. Neem niet de hele hand als je een vinger wordt gegeven omdat God je als een mens behandelt, en zeg niet: “Aangezien God me als een mens behandelt, zou Hij me een beter kaliber moeten geven, me een teamhoofd, een supervisor of een leider moeten laten zijn. Het zou het beste zijn als Hij het zo zou regelen dat ik geen vermoeiend werk hoefde te doen, zodat Gods huis gratis voor me zou zorgen, en zodat ik me niet hoefde in te spannen of vermoeidheid hoefde te ondervinden, waardoor ik kon doen wat ik wil.” Dit zijn allemaal onredelijke eisen. Dit zijn niet de uitingen of de verzoeken die een schepsel behoort te hebben of die hij naar voren zou moeten brengen. God heeft je niet behandeld naar je slechte kaliber, maar heeft je in plaats daarvan gekozen en je de kans gegeven om je plicht te vervullen. Dit is Gods verheffing. Je zou niet de hele hand moeten nemen als je een vinger krijgt en onredelijke eisen aan God stellen. In plaats daarvan zou je God moeten danken en je plicht moeten vervullen om Gods liefde terug te betalen. Dit is Gods vereiste voor jou. Jouw kaliber is slecht, maar God heeft geen eisen aan je gesteld volgens de normen die gelden voor degenen met een goed kaliber. Het ontbreekt je aan kaliber en intelligentie, maar God heeft niet vereist dat je de normen bereikt die mensen met een goed kaliber kunnen bereiken. Doe gewoon wat je kunt doen, wat dat ook is. God dwingt een vis niet om op het land te leven. Het probleem is dat je zelf altijd buitensporige begeerten hebt en altijd onwillig bent om een gewoon persoon te zijn, een gemiddeld persoon met een slecht kaliber; het probleem is dat je deze zware taken die je niet in de schijnwerpers zetten niet wilt doen, en dat je bij het vervullen van je plicht altijd een hekel aan ontberingen hebt en je terugdeinst voor uitputting, waarbij je wikt en weegt wat je wel en niet moet doen; je bent altijd eigenzinnig en hebt altijd je eigen plannen en voorkeuren – het is niet zo dat God je onrecht heeft aangedaan. Hoe zouden mensen hun eigen kaliber dus correct moeten benaderen? In de eerste plaats; welk kaliber God je ook geeft, je zou het van God moeten aanvaarden en je moeten onderwerpen aan Gods soevereiniteit en regeling. Dit is de meest elementaire gedachte en zienswijze die mensen zouden moeten bezitten. Deze zienswijze is correct, en houdt stand in elke situatie. Het is het waarheidsprincipe dat constant blijft, ongeacht hoe de dingen veranderen. In de tweede plaats, ongeacht of je kaliber goed, gemiddeld of slecht is, of helemaal niet bestaat, zou je het werk moeten doen dat jouw kaliber kan bereiken. Je zou niets moeten achterhouden en je ook niet moeten proberen te onderscheiden. Ongeacht of je kaliber goed of gemiddeld is, kun je alleen de dingen doen die binnen de reikwijdte van je kaliber en vermogen vallen; er is niets om over te pochen – dat is wat God je heeft gegeven; je zou het moeten offeren. Jouw hele wezen, je adem, de omstandigheden waaronder je geboren bent en je vermogens in alle aspecten van je kaliber zijn door God gegeven. De verschillende waarheidsprincipes die je nu begrijpt, zijn ook door God gegeven. Zonder Gods werk en zonder de verschillende aangeboren eigenschappen die God aan mensen schenkt, zijn mensen niets anders dan een handvol stof. Daarom hebben mensen niets om over te pochen. Dit is het tweede aspect. Er is nog een aspect: ongeacht of je kaliber gemiddeld of slecht, of helemaal niet bestaat, moet je het correct benaderen. Erken ten eerste tot welk niveau je kaliber behoort, en doe vervolgens, op basis van je inherente kaliber, wat je behoort te doen. Probeer niet altijd je vermogens te boven te gaan en dingen te doen die je niet kunt volbrengen, probeer je zelf niet altijd tegenover mensen of God te bewijzen. Je kunt niets bewijzen. Hoe meer je op deze manier probeert jezelf te bewijzen, hoe meer het bewijst dat je kaliber slecht is, dat je niet weet wat je waard bent, en hoe meer het bewijst dat je geen verstand hebt en een ernstig verdorven gezindheid hebt. Probeer niet met alle middelen je kaliber te veranderen of je vermogens in alle aspecten te verbeteren, maar onderken in plaats daarvan je inherente kaliber en vermogens nauwkeurig en benader ze correct. Als je ontdekt waar je tekortschiet, bestudeer dan snel die gebieden waarop je in korte tijd vooruitgang kunt boeken, zodat je op deze gebieden je achterstand kunt inhalen. Wat betreft de gebieden die je niet kunt bereiken, moet je niets forceren. Handel naar je werkelijke situatie; doe dingen op basis van je eigen kaliber en vermogens. Het uiteindelijke principe is om je plicht te vervullen in overeenstemming met Gods woord, Gods vereisten voor mensen en de waarheidsprincipes. Ongeacht het niveau van je kaliber, kun je in verschillende mate bereiken dat je handelt en je plichten vervult in overeenstemming met de waarheidsprincipes; je kunt aan Gods normen voldoen of deze waarmaken. Deze waarheidsprincipes zijn absoluut geen loze praatjes; ze overstijgen de menselijkheid absoluut niet. Het zijn allemaal beoefeningspaden die op maat zijn gemaakt voor de verdorven gezindheden, instincten en verschillende vermogens en kalibers van de geschapen mensheid. Daarom is het, ongeacht wat je kaliber is, ongeacht waar je vermogens onvoldoende of gebrekkig zijn, geen probleem; als je de waarheid werkelijk begrijpt en bereid bent de waarheid in praktijk te brengen, zal er een weg vooruit zijn. De gebreken van een persoon in bepaalde aspecten van kaliber en vermogens hinderen zijn beoefening van de waarheid absoluut niet. Als het je ontbreekt aan het vermogen om oordelen te vellen of een ander vermogen, kun je meer zoeken en meer communiceren – zoek instructie en suggesties van degenen die de waarheid begrijpen. Wanneer je de principes en beoefeningspaden begrijpt en bevat, zou je ze met al je inspanning in praktijk moeten brengen op basis van je gestalte. Aanvaarden en in praktijk brengen – dit is wat je behoort te doen. Helpt het jullie om het beter te begrijpen als ik het op deze manier uitleg? (We snappen het nu iets beter.)

Waarom heeft God voorbestemd dat mensen allerlei verschillende kalibers hebben? Waarom geeft God mensen geen volmaakt kaliber? Over hoeveel aspecten hebben we gecommuniceerd met betrekking tot wat Gods bedoelingen in dit opzicht zijn en hoe mensen het correct zouden moeten benaderen? Laten we ze samenvatten. Het eerste aspect is dat je het van God aanvaardt. Dit is de meest elementaire gedachte en zienswijze die mensen zouden moeten bezitten. Het tweede aspect is dat je erkent en beoordeelt wat je kaliber is, en dat je handelt en je plicht vervult op basis van je kaliber en vermogen. Probeer geen dingen te doen die je kaliber en vermogen te boven gaan. Wat je kunt doen, doe dat gewetensvol en op een nuchtere manier, en doe het goed. Wat je niet kunt doen, dwing jezelf daar niet toe. Wat is het derde aspect? (We moeten niet altijd ons kaliber willen veranderen. Zelfs als ons kaliber gemiddeld of slecht is, of helemaal niet bestaat, moeten we het correct benaderen. We moeten niet altijd aan God willen bewijzen dat ons kaliber goed is. Dat is ongepast.) Dat is juist. Benader je kaliber correct. Klaag niet. Hoeveel God je ook heeft gegeven, dat is wat Hij van je zal vragen. Wat God je niet heeft gegeven, eist God niet van je. Als God je bijvoorbeeld een gemiddeld kaliber of een slecht kaliber heeft gegeven, vereist Hij niet van je dat je een leider, teamhoofd of supervisor bent. Als God je echter welsprekendheid, het vermogen om jezelf uit te drukken, of een bepaalde gave heeft gegeven, en van je vereist dat je werk doet dat verband houdt met deze gave, dan zou je het goed moeten doen. Doe de gaven die God je heeft gegeven geen onrecht aan. Je moet de gaven die God je heeft geschonken waarmaken, deze ten volle benutten en goed toepassen, deze toepassen op positieve dingen en waardevolle werkresultaten voortbrengen die de mensheid ten goede komen. Dat zou uitstekend zijn, nietwaar? (Ja.) Bovendien moet je weten dat God goede bedoelingen heeft met het geven van verschillende kalibers aan mensen. Juist omdat God je wil redden, heeft Hij je geen buitengewoon goed kaliber gegeven. Hierin ligt Gods nauwgezette bedoeling besloten. Dat God je een gemiddeld of slecht kaliber geeft, beschermt je. Als mensen een te goed of buitengewoon kaliber zouden hebben, zou het gemakkelijk voor hen zijn om de wereld en Satan te volgen, en zouden ze niet gemakkelijk in God gaan geloven. Kijk naar de uitblinkers in verschillende sectoren en op verschillende gebieden in de wereld – wat voor soort mensen zijn dat? Het zijn allemaal sluwe meesterbreinen, vleesgeworden duivels. Als je hen vraagt om in God te geloven, denken ze: ‘In God geloven leidt nergens toe – alleen onbekwame mensen geloven in God!’ Mensen met een buitengewoon goed kaliber, grote capaciteiten en geavanceerde tactieken worden door Satan gevangengenomen. Ze leven volledig volgens hun verdorven gezindheden en volledig voor de wereld. Zulke mensen zijn allemaal vleesgeworden duivels. Zeg Mij, redt God zulke mensen? (Nee.) Dus, zijn jullie bereid om een vleesgeworden duivel te zijn, of zijn jullie bereid om een gewoon persoon te zijn, iemand met een slecht kaliber maar wel iemand die Gods redding kan ontvangen? (We zijn bereid om gewone mensen te zijn.) Welk van deze twee typen mensen is gezegend? Degenen die floreren in de wereld, die op de voorgrond treden, die roem verwerven, die hoge ambtenaren of rijke mensen worden, die alles hebben wat ze willen en eindeloos veel geld hebben om uit te geven – zijn jullie bereid om zulke mensen te zijn, of zijn jullie bereid om voor God te komen en eenvoudige, gewone mensen met een gemiddeld kaliber te zijn? Wat is jouw keuze? (Om een eenvoudig, gewoon persoon te zijn.) Als je ervoor kiest om een eenvoudig, gewoon persoon met een gemiddeld kaliber te zijn, en er de voorkeur aan geeft om in dit leven niet van een goed materieel bestaan te genieten, niet op de voorgrond wilt treden, geen gevoel van aanwezigheid in deze wereld hebt, en door iedereen wordt geminacht, en er de voorkeur aan geeft om zo’n persoon te zijn en de kans op redding die God aan mensen geeft te koesteren of te verkrijgen – als dit jouw keuze is, als je ervoor kiest om gered te worden en ervoor kiest om deze wereld niet te volgen, en je in je hart wenst niet tot deze wereld maar aan God toe te behoren, dan zou je het kaliber dat God je heeft gegeven niet moeten minachten. Zelfs als je kaliber heel slecht is of God je geen enkel kaliber heeft gegeven, zou je dit feit nog steeds met vreugde moeten aanvaarden en, met de inherente omstandigheden van de verschillende vermogens die God je heeft gegeven, de plicht van een schepsel moeten vervullen. Een ander aspect is dat zelfs als het kaliber dat God aan mensen geeft niet heel goed is – slechts het kaliber van gewone mensen – en de vermogens die Hij hun in alle opzichten geeft gemiddeld of zelfs slecht zijn, de meest elementaire waarheden die mensen zouden moeten beoefenen en die God mensen leert, nog steeds kunnen worden bereikt en behaald als ze bereid zijn zich met hart en ziel in te zetten om ze in praktijk te brengen. Zelfs als je kaliber heel slecht is, en je bevattingsvermogen, het vermogen om dingen te aanvaarden, het vermogen om oordelen te vellen en het vermogen om dingen te onderscheiden heel slecht zijn of helemaal niet bestaan, kunnen de taken en klussen die God je toevertrouwt worden voltooid en goed worden gedaan zolang je de meest elementaire menselijkheid en het meest elementaire verstand bezit. Bovendien is de meest elementaire manier om God te vrezen en het kwaad te mijden, wat God van mensen vereist, iets wat je kunt naleven; het is iets wat je kunt bereiken en volbrengen. Daarom is God nooit van plan geweest je een heel goed kaliber te geven. Als God je een goed kaliber en enkele speciale vermogens zou geven, waardoor je in staat zou zijn om een vleesgeworden duivel in de wereld te worden, dan zou God je niet redden. Kunnen jullie Gods hart met betrekking tot deze zaak nu begrijpen? (Ja.) Als je Gods hart kunt begrijpen, is dat goed; je zult deze waarheid begrijpen en je eigen kaliber correct benaderen; er zullen in dit opzicht geen moeilijkheden meer zijn. Vanaf dit punt zouden mensen gewoon moeten doen wat ze behoren te doen. Zet je met hart en ziel in om het goed te doen en stel Gods verwachtingen van jou niet teleur, zelfs als het maar één taak is. Begrijpen jullie dit? (Ja.) Dat is alles voor de communicatie van vandaag over dit onderwerp. Tot ziens!

11 november 2023

Vorige: Hoe de waarheid na te streven (6)

Volgende: Hoe de waarheid na te streven (8)

Rampen zoals oorlogen en pandemieën komen vaak voor over de hele wereld. Hoe kunnen we de terugkeer van de Heer verwelkomen en Gods bescherming krijgen tijdens rampen? Neem deel aan onze gebedsbijeenkomst om de weg te vinden.

Gerelateerde inhoud

Wat weet jij over het geloof?

In de mens bestaat alleen het onzekere woord van geloof, maar de mens weet niet waar geloof uit bestaat, laat staan waarom hij geloof...

Instellingen

  • Tekst
  • Thema's

Effen kleuren

Thema's

Lettertype

Lettergrootte

Regelruimte

Regelruimte

Paginabreedte

Inhoud

Zoeken

  • Zoeken in deze tekst
  • Zoeken in dit boek

Neem contact op via Messenger