De app van De Kerk van Almachtige God

Luister naar Gods stem en verwelkom de wederkomst van Heer Jezus!

We nodigen alle zoekers van de waarheid uit om contact met ons op te nemen.

Uit de nevel tevoorschijn komen

1

Door Zhenxi, provincie Henan

Tien jaar geleden, in de tijd dat ik voorganger was, deed ik altijd wat ik zelf wilde en handelde ik roekeloos, ten gevolge van mijn zelfingenomen natuur, waardoor ik de regelingen op het gebied van het werk ernstig schond, het werk van de kerk onderbrak en verstoorde, en Gods gezindheid verslechterde. Daarom werd ik vervangen en naar huis gestuurd om geestelijke devotie te beoefenen en over mezelf na te denken. Nadat ik enige tijd aan zelfbespiegeling had besteed, kwam ik tot enige ware kennis over mijn zelfingenomen aard, maar omdat ik geen kennis had van Gods werk om de mens te redden en van de essentie van Gods trouw, werd ik voortdurend ingeperkt door mijn vroegere overtredingen en dacht ik dat God iemand als ik niet zou redden of vervolmaken. Dat wierp een schaduw over me die ik niet kon wegnemen. Later regelde de kerk dat ik de verantwoordelijkheid kreeg voor het evangelisatiewerk. Toen ik dat nieuws vernam, kwamen er twijfels in mijn hart op over God, en dacht ik: “Ik ben zo verdorven en ik heb ook Gods gezindheid beledigd, hoe kan de kerk mij dan de verantwoordelijkheid geven voor zulk belangrijk werk? Wil God me soms met behulp van deze taak ontmaskeren en me dan elimineren?” Maar toen bedacht ik: “Aangezien de kerk deze regeling heeft getroffen, is het vast God die me een kans geeft om mijn vroegere zonden goed te maken. Wat er ook gebeurt, ik moet deze kans koesteren, zelfs al moet ik dan een dienstdoener worden.” Van toen af aan vervulde ik mijn plicht met die negatieve en behoedzame instelling. Ik leek weliswaar mijn plichten ernstig en ijverig te vervullen, maar ik had niet de moed om naar het hogere doel te streven om vervolmaakt te worden gemaakt door God.

Op een keer toen ik geestelijke devotie beoefende, zag ik deze woorden van God: “Tegenwoordig kun je niet alleen tevreden zijn met hoe je overwonnen bent, maar moet je ook het pad overwegen dat je in de toekomst zult bewandelen. Je moet aspiraties hebben en de moed om volmaakt te worden en je moet jezelf niet altijd ongeschikt achten. Heeft de waarheid favorieten? Kan de waarheid zich opzettelijk verzetten tegen mensen? Als je de waarheid nastreeft, kan deze je dan overweldigen? Als je sterk voor gerechtigheid staat, zal deze je dan ten val brengen? Als het echt jouw streven is om het leven na te streven, kan het leven je dan ontglippen? Als je zonder de waarheid bent, is dat niet omdat de waarheid jou negeert, maar omdat jij uit de buurt van de waarheid blijft; als je niet kunt opkomen voor gerechtigheid, dan is dat niet omdat er iets mis is met gerechtigheid, maar omdat je gelooft dat het niet in overeenstemming is met de feiten; als je niet het leven hebt bereikt nadat je het vele jaren hebt nagejaagd, dan komt dat niet omdat het leven jegens jou geen geweten heeft, maar omdat jij geen geweten hebt ten opzichte van het leven en het leven hebt verdreven. […] Als je niet najaagt, kan alleen gezegd worden dat je waardeloos uitschot bent en geen moed hebt in je leven en niet de geest hebt om de krachten van de duisternis te weerstaan. Je bent te zwak! Je kunt niet ontsnappen aan de krachten van Satan die jou belegeren en bent alleen bereid om dit soort veilig en zeker leven te leiden en in onwetendheid te sterven. Wat je zou moeten bereiken, is jouw streven om te worden overwonnen; dit is de plicht waaraan je gebonden bent. Als je tevreden bent om alleen te worden overwonnen, verdrijf je het bestaan van het licht” (‘De ervaringen van Petrus: zijn kennis van tuchtiging en oordeel’ in Het Woord verschijnt in het vlees). Nadat ik deze passage uit Gods woorden had gelezen, was ik vanbinnen diep geroerd. Ik zag in dat het Gods bedoeling is om mensen toe te staan ernaar te streven vervolmaakt te worden en geschikt te zijn om door God te worden gebruikt. Wat voor overtredingen mensen ook in het verleden hadden begaan, zolang zij voor God oprecht berouw kunnen tonen, de waarheid kunnen zoeken en deze in de praktijk kunnen brengen, hebben ze een kans door God te worden vervolmaakt. Toen besloot ik: Ik ga mijn eigen bezorgdheden en twijfel opzijzetten en niet meer negatief en passief zijn. Ik zal in Gods woorden geloven en ernaar streven om vervolmaakt te worden door God.

Maar omdat ik nog steeds enige verdorven gezindheden vertoonde tijdens het uitoefenen van mijn plicht omdat ik door Satan ernstig verdorven was en omdat ik de essentie van Gods trouw niet kende, begon ik langzaamaan opnieuw het geloof in Gods woorden te verliezen. Ik bleef me herinneren hoe ik ooit Gods gezindheid had beledigd en hoe ik het nooit kon laten om mijn verdorven gezindheid te tonen bij het uitoefenen van mijn plicht. Ik dacht dat ik nooit vervolmaakt zou kunnen worden, hoe ik mijn best ook deed, en dat ik me ermee tevreden moest stellen om eenvoudig een dienstdoener te zijn. Ik dacht altijd dat Gods woorden voor andere mensen waren bestemd en dat ze voor iemand als ik alleen maar een beetje troost en bemoediging konden bieden. Zonder dat ik het in de gaten had, begon ik weer in passiviteit te leven. Op een dag zag ik de volgende woorden van God: “De essentie van God is trouw; Hij doet wat Hij zegt en alles wat Hij doet wordt verwezenlijkt” (‘Het tweede belangrijke aspect van de Incarnatie’ in Verslagen van de toespraken van Christus). Gods woorden waren als een lichtstraal die ineens mijn hart verlichtte: Ja! Gods essentie is trouw; God meent wat Hij zegt, en wat Hij meent zal worden verwezenlijkt, en wat Hij verwezenlijkt zal altijd voortduren. In het begin werd al het geschapene door Gods woorden bepaald. Alles wat God zegt, gebeurt. Maar ik dacht dat Gods woorden alleen bedoeld waren om mensen te troosten en te bemoedigen, en dat de feiten waarschijnlijk niet zouden worden verwezenlijkt zoals God het zei. En ik dacht dat Gods woorden tot andere mensen gericht waren, en niet tot mij. Was ik Gods woorden niet aan het ontkennen en Zijn trouw niet aan het ontkennen? Toen herinnerde ik me weer die passage uit Gods woorden die ik vroeger vaak las: “Als het echt jouw streven is om het leven na te streven, kan het leven je dan ontglippen? Als je zonder de waarheid bent, is dat niet omdat de waarheid jou negeert, maar omdat jij uit de buurt van de waarheid blijft; als je niet kunt opkomen voor gerechtigheid, dan is dat niet omdat er iets mis is met gerechtigheid, maar omdat je gelooft dat het niet in overeenstemming is met de feiten; als je niet het leven hebt bereikt nadat je het vele jaren hebt nagejaagd, dan komt dat niet omdat het leven jegens jou geen geweten heeft, maar omdat jij geen geweten hebt ten opzichte van het leven en het leven hebt verdreven […]” Op dat moment voelde ik de oprechtheid en de ernst van Gods woorden, en ze waren doortrokken van Gods trouw en Zijn onbegrensde liefde voor de mens. Ik zag dat God geweldig nobel en groots is. En ik zag ook mijn eigen laaghartigheid en benepenheid. Gods streven is de grenzeloze redding van de mensheid. Dat wordt bepaald door Gods gezindheid en essentie en is onveranderlijk. Zolang mensen in overeenstemming met Gods eisen de waarheid en veranderingen in hun gezindheid nastreven, zal God hen compleet maken, want wat God zegt zal Hij doen, en wat Hij doet zal gedaan worden! En wat was mijn houding tegenover God en tegenover Zijn woorden geweest? Toen ik Gods gezindheid had beledigd en tot duisternis was vervallen, probeerde ik niet mijn eigen verdorven essentie te onderzoeken en te kennen of de waarheid na te streven om mijn verdorven gezindheid op te lossen. In plaats daarvan leefde ik in een staat van me beschermen tegen God en Hem verkeerd begrijpen, in de overtuiging dat God mij vast niet zou redden, en ik raakte de motivatie kwijt om de waarheid na te streven. Toen de kerk regelde dat ik de verantwoordelijkheid op me nam voor het evangelisatiewerk, dacht ik er niet over na hoe ik naar de beginselen van de waarheid moest streven of hoe ik mijn plicht kon doen om betere resultaten te bereiken. Integendeel, ik verdacht God ervan dat Hij me gebruikte, dat Hij deze situatie gebruikte om mij door en door te ontmaskeren en me te elimineren. Dat leidde ertoe dat ik negatief werd, er de kantjes af liep en Gods opdracht luchthartig op ging vatten. Ik beschouwde God als even slecht als de mens en geloofde dat God net zo benepen en gemeen is als de mens, en dat Hij mensen loost zodra ze hun doel hebben gediend, zoals de mens doet. Ik geloofde dat God mensen zal elimineren zodra ze Hem niet langer diensten verlenen. Ik besefte dat ik God helemaal niet kende en evenmin Gods woord als de waarheid behandelde, en bovendien niet oprecht en positief in God geloofde. In plaats daarvan leefde ik in de verbeelding en in opvattingen en was ik vervuld van verdenkingen en behoedzaamheid jegens God, wat ertoe leidde dat ik negatief en passief was, en lafhartig toegaf aan duistere invloeden. Ik was niet in staat om te lijden en de prijs te betalen voor het verwerven van waarheden. Dat was het moment dat waarlijk tot me doordrong dat het najagen van kennis van Gods essentie heel belangrijk is. Als ik eerder aandacht had besteed aan het najagen van kennis over Gods gezindheid en essentie, had ik niet zoveel jaar doorgebracht in stagnatie en het vertragen van de vooruitgang in mijn eigen leven.

Ik dank God voor het losmaken van de knoop in mijn hart. Jaren met misvattingen, bedenkingen en vrees verdwenen in een flits onder leiding van Gods woorden. Ik voelde een reusachtige opluchting, en mijn hart was licht en vrij. Ik wierp me ter aarde voor God uit en sprak een gebed uit: Dank u, Almachtige God! U bent degene die om mij gaf en me verlichtte en leidde om me te bevrijden van de ketenen die me zoveel jaren hebben vastgehouden. In het verleden heb ik, omdat ik u niet kende, vaak in onbegrip geleefd, en twijfelde ik zelfs aan uw woord. Ik behandelde uw woord niet als de waarheid, de weg en het leven, en bovendien behandelde ik u niet als God. En toch verdroeg u mij, was u geduldig jegens mij, verlichtte en illumineerde u mij, zodat ik enige kennis zou hebben van uw trouwe essentie en rechtvaardige gezindheid. O God! Uw liefde is heel werkelijk! Van nu af aan zal ik me geweldig inspannen voor de waarheid, kennis van uw essentie nastreven, en streven naar een snelle verandering van mijn gezindheid zodat ik door u kan worden vervolmaakt en u uw liefde kan terugbetalen.

Gerelateerde media