Punt negen: Ze doen alleen hun plicht om zich te onderscheiden en hun eigen belangen en ambities te voeden; ze denken nooit aan de belangen van Gods huis en verraden die belangen zelfs in ruil voor persoonlijke glorie (deel 2)
II. De belangen van antichristen
Vandaag gaan we verder met de communicatie over punt negen van de uitingen van antichristen. Het negende punt over hun uitingen is als volgt. Ze doen alleen hun plicht om zich te onderscheiden en hun eigen belangen en ambities te voeden; ze denken nooit aan de belangen van Gods huis en verraden die belangen zelfs in ruil voor persoonlijke glorie. De vorige keer hebben we over een klein deel hiervan gecommuniceerd. We maakten slechts een begin met ons onderwerp en communiceerden over wat belangen zijn, wat het eerste punt is. Voor het tweede punt hebben we gecommuniceerd over wat de belangen van mensen zijn en wat de essentie van de belangen van mensen is. Het derde punt waarover we hebben gecommuniceerd, was wat Gods belangen zijn en wat de essentie van Gods belangen is – dat was min of meer de inhoud van de drie punten waarover we hebben gecommuniceerd. Waar we de vorige keer over hebben gecommuniceerd, waren in wezen conceptuele waarheden, waarbij we tot een definitie kwamen voor verschillende aspecten van belangen en mensen een begrip van basisconcepten gaven. We zullen ditmaal niet dieper ingaan op de bovengenoemde inhoud, omdat de inhoud waarover we voor ons negende punt zullen communiceren bedoeld is om verschillende uitingen van antichristen te belichten. Daarom zullen we ons in onze communicatie over dit punt blijven toespitsen op de uitingen van antichristen. We zullen voornamelijk de houding en het gedrag van antichristen ontleden ten opzichte van verschillende belangen die met henzelf te maken hebben, in een poging de aard-essentie en gezindheid van antichristen te identificeren en ze vanuit dit perspectief te ontleden. We zullen beginnen met te communiceren over wat, in de ogen van antichristen, de zaken zijn die relevant zijn voor hun belangen.
In de ogen van antichristen zijn God, het huis van God en de kerk louter etiketten, misschien niets meer dan namen, zonder enige werkelijke waarde. Daarom beschouwen ze de belangen van God, van Gods huis en van de kerk met minachting, en zijn die in hun ogen onbeduidend en hun aandacht niet waard. Daarentegen hechten antichristen het allergrootste belang aan hun persoonlijke belangen. Dientengevolge verraden antichristen veelvuldig de belangen van de kerk en Gods huis in ruil voor hun persoonlijke belangen. Laten we nu categoriseren en grondig ontleden welke zaken relevant zijn voor de belangen van antichristen, om mensen een duidelijk beeld te geven van hun zienswijzen op het gebied van belangen. Allereerst: ongeacht hoe antichristen worden bestempeld – als antichristen, als kwaadaardige mensen of als personen die de waarheid niet beoefenen of vijandig tegenover de waarheid staan – dit soort mensen leeft niet in een vacuüm. Ze leven in het vlees en hebben dezelfde behoeften van het normale menselijke leven. Daarom hebben mensen als antichristen die onder de broeders en zusters of binnen het huis van God en de kerk leven, ook belangen die verband houden met hun eigen veiligheid. Dit is het eerste subonderdeel over de belangen van antichristen: hun eigen veiligheid. Het tweede subonderdeel over de belangen van antichristen is hun eigen reputatie en status, wat te maken heeft met hun gezag. Het derde subonderdeel over de belangen van antichristen betreft hun gewin. Is het duidelijker om de belangen van antichristen via deze drie subonderdelen te ontleden in vergelijking met er op een ongestructureerde, rechttoe rechtaan manier over te communiceren? (Ja.) Als ik jullie vraag te communiceren op basis van deze drie subonderdelen, hebben jullie dan inzichten? Kunnen jullie enig begrip communiceren? (Ik zou misschien wat inzichten kunnen bespreken met betrekking tot het tweede subonderdeel, maar persoonlijke veiligheid en persoonlijk voordeel zijn me niet erg duidelijk.) Goed, terwijl ik communiceer, kunnen jullie aanvullen daar waar jullie duidelijk kunnen spreken, en ik zal communiceren over wat jullie onduidelijk vinden. Is dat goed? (Ja.)
A. Hun eigen veiligheid
We zullen onze communicatie beginnen met het eerste subonderdeel van de belangen van antichristen: hun eigen veiligheid. De betekenis van dit subonderdeel zou voor iedereen duidelijk moeten zijn; het heeft betrekking op iemands fysieke veiligheid. Op het vasteland van China betekent in God geloven dat je in een gevaarlijke omgeving leeft. Iedereen die God volgt, loopt dagelijks het risico om door de grote rode draak gearresteerd, veroordeeld en aan wrede vervolging onderworpen te worden. Antichristen vormen hierop geen uitzondering. Hoewel ze binnen het huis van God als antichristen kunnen worden gekenmerkt, doet de grote rode draak, in verbond met de religieuze wereld, voortdurend zijn uiterste best om de kerk van God en Zijn uitverkoren volk te onderdrukken en te vervolgen, en natuurlijk bevinden antichristen zich ook in een dergelijke omgeving en zijn ze niet vrijgesteld van de dreiging van arrestatie. Daarom moeten ze veelvuldig te maken krijgen met de kwestie van hun eigen veiligheid. Dit raakt aan de vraag hoe antichristen met hun eigen veiligheid omgaan. In dit subonderdeel communiceren we voornamelijk over de houding die antichristen hebben ten opzichte van hun eigen veiligheid. Welnu, wat is hun houding? (Ze doen hun uiterste best om hun eigen veiligheid te beschermen.) Antichristen doen hun uiterste best om hun veiligheid te beschermen. Ze denken: ik moet absoluut mijn veiligheid garanderen. Wie er ook wordt gepakt, ik mag het niet zijn. In deze kwestie komen ze vaak in gebed voor God en smeken dat God hen behoedt voor problemen. Ze hebben het gevoel dat ze, wat er ook gebeurt, inderdaad het leiderschapswerk in de kerk verrichten en dat God hen zou moeten beschermen. Om hun eigen veiligheid te garanderen, arrestatie te vermijden, aan alle vervolging te ontsnappen en zich in een veilige omgeving te plaatsen, smeken en bidden antichristen vaak voor hun eigen veiligheid. Alleen als het om hun eigen veiligheid gaat, vertrouwen ze werkelijk op God en geven ze zich werkelijk aan God over. Op dit punt is hun geloof echt en hun vertrouwen op God is echt. Ze nemen alleen de moeite om tot God te bidden en Hem te vragen hun veiligheid te beschermen, zonder ook maar de geringste gedachte te wijden aan het werk van de kerk of hun plicht. In hun werk is persoonlijke veiligheid voor hen het leidende principe. Als een plaats veilig is, zullen antichristen die plaats kiezen om te werken. Sterker, ze zullen zeer proactief en positief lijken en pronken met hun grote ‘verantwoordelijkheidsgevoel’ en ‘trouw’. Als het doen van wat werk betekent dat ze risico’s moeten nemen, en het waarschijnlijk is dat ze in gevaar komen, dat ze door de grote rode draak worden ontdekt, verzinnen ze excuses en weigeren ze het, en zoeken ze een kans om ervoor te vluchten. Zodra er gevaar is, of zodra het geringste gevaar dreigt, bedenken ze elke mogelijke manier om zich terug te trekken en hun plicht te verzaken, zonder zich om de broeders en zusters te bekommeren, en zijn ze er alleen op uit aan het gevaar te ontsnappen. Ze hebben zich misschien mentaal al voorbereid: zodra er gevaar dreigt, zullen ze al het werk dat ze doen onmiddellijk laten vallen, zonder zich zorgen te maken over hoe het met het werk van de kerk gaat, of over welke schade het de belangen van Gods huis kan berokkenen, of over de veiligheid van de broeders en zusters – wat voor hen telt, is vluchten. Ze hebben zelfs een ‘troef achter de hand’, een plan om zichzelf te beschermen: zodra het gevaar hen treft of ze worden gearresteerd, vertellen ze alles wat ze weten, pleiten ze zichzelf vrij en ontslaan ze zichzelf van alle verantwoordelijkheid om hun eigen veiligheid te waarborgen. Dit is het plan dat ze paraat hebben. Deze mensen zijn niet bereid vervolging te ondergaan omdat ze in God geloven; ze zijn bang om gearresteerd, gemarteld en veroordeeld te worden. Feit is dat ze in hun hart allang voor Satan zijn bezweken. Ze zijn doodsbang voor de macht van het satanische regime, en nog banger voor zaken als marteling en hardhandige ondervraging die hen zouden kunnen overkomen. Bij antichristen is het dus zo dat, als alles op rolletjes loopt en hun veiligheid op geen enkele wijze bedreigd of in het geding is, en er geen enkel gevaar mogelijk is, ze hun ijver en ‘trouw’ en zelfs hun bezittingen kunnen aanbieden. Maar als de omstandigheden slecht zijn en ze op elk moment kunnen worden gearresteerd omdat ze in God geloven en hun plicht vervullen, en als hun geloof in God hen hun officiële positie kan kosten of ertoe kan leiden dat ze door hun naasten in de steek worden gelaten, dan zullen ze buitengewoon voorzichtig zijn, en noch het evangelie prediken en van God getuigen, noch hun plicht vervullen. Bij het geringste teken van problemen trekken ze zich terug als een schildpad in zijn schild; bij het geringste teken van problemen willen ze onmiddellijk hun boeken met Gods woorden en alles wat met het geloof in God te maken heeft aan de kerk teruggeven, zodat ze veilig en ongedeerd blijven. Zijn ze niet gevaarlijk? Als ze gearresteerd zouden worden, zouden ze dan geen judassen worden? De antichristen zijn zo gevaarlijk dat ze op elk moment judassen kunnen worden; er is altijd de mogelijkheid dat ze God zullen verraden. Bovendien zijn ze extreem egoïstisch en verachtelijk. Dit wordt bepaald door de aard-essentie van de antichristen.
Sommigen zeggen mogelijk: “Misschien zijn mensen met deze uitingen alleen te vinden in het land van de grote rode draak, in de sociale context van China. Wanneer je naar het buitenland gaat, is er geen vervolging of arrestatie, dus wordt persoonlijke veiligheid irrelevant. Is dit onderwerp nog wel nodig?” Denken jullie dat het nodig is? (Ja.) Zelfs in het buitenland vertonen veel mensen die hun plicht in het huis van God vervullen, veelvuldig dit gedrag. Zodra de discussie gaat over aanvallen, laster en acties tegen het huis van God door het politieke regime van een bepaald land, door ongelovigen of door de religieuze wereld, voelen bepaalde mensen diep vanbinnen diepe angst en lafheid. Ze kunnen zelfs het gevoel hebben dat ze op dat moment beter af zouden zijn en vrijer zouden zijn als ze niet in God geloofden. Sommigen van hen hebben er spijt van dat ze hun vertrouwen in God hebben gesteld, en in hun hart overwegen sommigen zelfs een aftocht en koesteren ze ideeën om zich terug te trekken. Zulke mensen maken zich te allen tijde zorgen over hun eigen veiligheid, en hebben het gevoel dat niets belangrijker is dan dit. Hun leven en hun eigen veiligheid zijn diep in hun hart de belangrijkste zorgen. Wanneer ze worden geconfronteerd met hoe de wereld en de hele mensheid de kerk en het werk van God belasteren, veroordelen en erover kwaadspreken, staan deze mensen in hun hart dus niet aan Gods kant. In plaats daarvan staan ze wanneer deze dingen gebeuren, wanneer ze stemmen horen die God belasteren en veroordelen, diep vanbinnen lijnrecht tegenover God. Ze willen vurig een grens trekken tussen henzelf en God, Zijn huis en de kerk. Bovendien is het op zulke momenten voor hen een moeilijke en pijnlijke taak om toe te geven dat ze in God geloven. Ze willen wanhopig geen enkele associatie hebben met God, Zijn huis of de kerk. Op zulke momenten voelen ze zich ongemakkelijk en zelfs beschaamd dat ze lid zijn van het huis van God en durven ze daar niet mee voor de dag te komen. Zijn zulke mensen werkelijk volgelingen van God? Hebben ze werkelijk alles verlaten om God te volgen? (Nee.) Wanneer mensen in God geloven op het vasteland van China, krijgen ze veelvuldig te maken met vervolging en arrestatie en stuiten ze vaak op problemen met hun persoonlijke veiligheid; hoewel de omgeving in het buitenland niet zo hard is, verzeilen mensen nog steeds in soortgelijke omstandigheden. Ze krijgen te maken met laster en veroordeling vanuit de religieuze wereld, en ze moeten het hoofd bieden aan de onverschilligheid of bepaalde uitingen van onbegrip van verschillende landen ten opzichte van de kerk. Sommigen zijn radeloos, hebben zelfs onzekerheden en twijfels over de vraag of het werk van God echt is en stellen de juistheid van God nog meer ter discussie. Daarom, omdat ze veelvuldig hun eigen veiligheid overwegen, kunnen ze hun plichten in het huis van God niet met een standvastig en gerust hart vervullen. Hebben deze individuen hun leven werkelijk aan God overgegeven? (Nee, dat hebben ze niet.) Sommigen denken zelfs: naar het buitenland komen betekent ontsnappen aan de klauwen van de grote rode draak, nietwaar? Is er in het buitenland geen godsdienstvrijheid? Is alles niet vrij en bevrijd? God heeft ons naar het buitenland geleid om onze plichten te vervullen; waarom moeten we dan nog steeds dezelfde harde omstandigheden onder ogen zien? Waarom moeten we in het buitenland nog steeds deze lessen leren en dit lijden ondergaan? Sommige mensen hebben twijfels in hun hart, en sommigen twijfelen niet alleen, maar verzetten zich en koesteren vragen als: aangezien het de ware weg is, aangezien het het werk van God is, waarom moeten wij, die trouw zijn in het vervullen van onze plichten, die alles hebben verlaten om ons voor God in te zetten, dan nog steeds zo’n ongelijke behandeling in deze wereld ondergaan? Ze begrijpen het niet. Omdat ze het niet begrijpen en hun eigen veiligheid boven alles stellen, zetten ze dit gebrek aan begrip om in klachten en vragen gericht aan God. Is dat niet het geval? (Ja.) Sommige mensen in het buitenland zijn zelfs bang om risico’s te nemen bij het vervullen van hun plichten. Als hun een plicht wordt opgedragen die enig risico met zich meebrengt, verzinnen ze excuses als: “Ik ben niet geschikt voor deze plicht. Mijn familie is nog steeds op het vasteland van China, en als de grote rode draak mij ontdekt, wordt het dan niet lastig voor me?” Ze weigeren zulke plichten te vervullen. Ze kiezen ervoor zichzelf te beschermen, hun eigen veiligheid te waarborgen en hun eigen leven te redden. Ze laten een uitweg voor zichzelf open in plaats van zich volledig over te geven, alles los te laten en alles te verlaten om hun plichten te aanvaarden. Dit kunnen ze niet voor elkaar krijgen. Dit zijn enkele van hun gedragingen als het om hun eigen veiligheid gaat. Sommige mensen voelen zich ongemakkelijk in hun hart en bidden hier vaak over. Sommige mensen voelen vaak angst en lafheid, en denken dat de machten van Satan te sterk zijn, en hoe kan een gewoon mens als zij zich daartegen verzetten? Daarom zijn ze hier vaak bang en bezorgd over. Sommigen hebben zelfs het gevoel dat zodra ze worden gearresteerd, de kerk of het huis van God niets kan doen, dat niemand iets kan uitrichten als er iets gebeurt. Dus denken ze dat het het allerbelangrijkste is om zichzelf te beschermen. Daarom, wanneer ze hun nek moeten uitsteken en een riskante plicht op zich moeten nemen, verstoppen ze zich en kan niemand hen overtuigen. Ze beweren dat ze niet competent zijn en verzinnen allerlei excuses en redenen om de belangrijke plichten die hun door het huis van God zijn toevertrouwd te weigeren. Als de omgeving goed is, kunnen deze mensen zelfs op een openbare plaats voor een grote menigte met een microfoon gaan staan en roepen: “Ik geloof in Almachtige God, ik ben lid van De Kerk van Almachtige God. Ik hoop dat iedereen de ware weg kan komen onderzoeken.” Ze kunnen dit zonder enige angst doen wanneer hun persoonlijke veiligheid niet in het geding is. Zodra er ook maar het geringste teken van een dreiging is of een situatie die hun eigen veiligheid betreft, of wanneer er plotselinge omstandigheden ontstaan, verdwijnt hun enthousiasme, vervaagt hun ‘trouw’ en lost hun ‘geloof’ op. Ze weten alleen nog maar alle kanten op te vluchten en proberen altijd onopvallend werk achter de schermen te vinden, terwijl ze de taken en plichten die vereisen dat ze hun nek uitsteken en risico’s nemen op anderen afschuiven. Zodra de omgeving verbetert, duiken ze weer op als narren op het toneel. Waarom verschijnen ze weer? Om zichzelf te etaleren, om mensen van hun bestaan op de hoogte te stellen, om God hun enthousiasme te tonen, om God hun trouw op dat moment te laten zien, en tegelijkertijd om goed te maken wat ze eerder hebben gedaan, in een wanhopige poging om de schade te herstellen. Bij het geringste teken van problemen of verandering in de omgeving, verdwijnen deze mensen echter weer en duiken ze onder.
Toen het evangeliewerk net begon zich te verspreiden, was het bijzonder moeilijk om het evangelie te prediken. In die tijd waren er niet veel mensen die het evangelie konden prediken, en degenen die dat wel deden, hadden een vrij oppervlakkig begrip van de waarheid. Ze konden de religieuze noties van mensen niet goed onderscheiden, en het was een uitdaging om mensen te winnen. Bovendien bracht het prediken van het evangelie ook risico’s met zich mee. Wanneer je mensen tegenkwam met een enigszins goede menselijkheid, weigerden ze hoogstens het te aanvaarden en lieten ze het daarbij, maar ze deden je geen kwaad en beledigden je niet. Als je contact met hen onderhield, was er misschien nog hoop om hen te winnen, wat enig resultaat zou opleveren. Wanneer je echter kwaadaardige mensen of dominees en ouderlingen van verschillende denominaties tegenkwam, weigerden deze mensen niet alleen het te aanvaarden, maar leidden ze zelfs een gezamenlijke aanval, dwongen ze je om je zonden te belijden, en als je dat niet deed, konden ze je fysiek mishandelen. In ernstigere gevallen konden ze je zelfs bij de politie aangeven en je overdragen aan het bureau, waardoor je op elk moment het gevaar liep te worden vastgehouden. Sommige kerkleiders lieten zich door deze zaken niet beperken. Ze bleven hun plichten vervullen wanneer ze dat hoorden te doen en namen zelfs het voortouw met het prediken van het evangelie en het getuigen van God. Sommige zogenaamde leiders of die valse leiders handelden echter niet op deze manier. Wanneer ze met zulke gevaren werden geconfronteerd, gingen ze niet zelf, maar stuurden ze anderen. Ik hoorde van een leider die erachter kwam dat een potentiële ontvanger van het evangelie een leider was bij een bepaalde denominatie. Ze was van plan iemand te regelen om het evangelie aan hem te prediken. Na erover te hebben nagedacht, kon ze geen geschikte persoon vinden en dacht ze dat het geschikter was om zelf te gaan. Ze was echter bang voor het gevaar en wilde niet gaan, dus regelde ze dat een jonge zuster van achttien of negentien in haar plaats ging. Wat denken jullie? Had ze moeten regelen dat deze jonge zuster ging? (Dat had ze niet moeten doen.) Waarom niet? (Omdat de potentiële ontvanger van het evangelie een leider was bij een bepaalde denominatie met veel religieuze noties. De jonge zuster had een kleine gestalte, een oppervlakkig begrip van de waarheid, kon niet over de waarheid communiceren om in te gaan op de problemen van de potentiële ontvanger van het evangelie, en niet alleen zou ze hem misschien niet hebben kunnen bekeren, ze had zelf misleid kunnen worden.) Hoeveel van de waarheid kon deze jonge zuster werkelijk begrijpen, gezien haar leeftijd? Hoeveel kennis van de Bijbel bezat ze? Wat is de kans dat ze de leider van die denominatie zou bekeren? Gezien haar leeftijd had ze beslist niet veel ervaring met het prediken van het evangelie. Bovendien was ze net volwassen en miste ze ervaring. Kon ze de noties, ideeën en moeilijkheden van volwassenen doorzien? (Nee, dat kon ze niet.) Zeker niet. Op haar leeftijd was ze gewoon niet opgewassen tegen de gedachten van volwassenen. Zeg Mij, was deze jonge zuster de beste keuze, gezien haar leeftijd? (Dat was ze niet.) Ze was niet de beste keuze. Had deze leider dan, door de jonge zuster te sturen, de juiste bedoeling? (Ze had niet de juiste bedoeling.) Ze had niet de juiste bedoeling. Ze had de jonge zuster niet moeten sturen. Later, toen de jonge zuster in contact kwam met de leider van die denominatie en ontdekte dat hij geen goede persoon was, rapporteerde ze dit terug aan de leider, en liet ze weten dat ze erg bang was en niet opnieuw durfde te gaan. Deze leider zette haar onder druk en stond erop: “Nee, dit is je plicht, en je moet gaan!” De jonge zuster werd tot tranen toe gedwongen en zei: “Het is mijn plicht en ik zou moeten gaan, maar ik kan het niet aan, ik kan het niet.” Desondanks gaf deze leider niet toe en bleef zeggen: “Zelfs als je het niet kunt, moet je gaan; er is niemand anders, dus jij moet het zijn!” Wat voor leider denken jullie dat dit is? Niet alleen beschermde ze zichzelf toen er gevaar dreigde, ze bracht ook een ander in gevaar terwijl zij zich terugtrok. Zelfs in situaties waarin deze jonge zuster haar onvermogen uitte en zelfs huilde van angst, bleef ze bij haar standpunt. Wat voor ellendeling is dit? Is dit een mens? (Nee.) Het is geen mens. Ze dacht niet aan de veiligheid van haar broeders en zusters, alleen aan zichzelf. Ze ruilde zelfs de veiligheid van anderen in voor haar eigen belang, net als die gokkende ouders die, wanneer ze al hun geld hebben verloren en niets meer hebben, hun eigen dochters als onderpand aanbieden om hun schulden af te betalen, om zichzelf door moeilijke tijden te loodsen en aan een ramp te ontsnappen, en degenen die ze het meest liefhebben opofferen in ruil voor hun eigen geluk. Wat voor ellendeling is deze leider? Heeft ze nog enige menselijkheid over? (Nee.) Er zit geen greintje menselijkheid in haar. Kunnen mensen als zij op basis van dit gedrag als antichristen worden gekenmerkt? (Dat kan.) Absoluut! Sommigen zeggen misschien: “Wat ze doen is in het belang van het werk van de kerk, voor de prediking van het evangelie. Bedoelen ze het niet goed? Doen ze het niet om de belangen van Gods huis te beschermen? Hoe kunnen ze als antichristen worden gekenmerkt?” Heeft iemand ooit zo gedacht? Kan dit argument worden aangevoerd? (Nee, dat kan niet.) Zeg Mij dan, wat is de aard van deze kwestie? (Deze leider gebruikte, omwille van haar eigen belangen en veiligheid, het leven en de veiligheid van de jonge zuster als onderhandelingsfiche, dat wil zeggen, ze duwde haar opzettelijk in een kuil – ze heeft een bijzonder kwaadwillige menselijkheid.) Eenvoudiger gezegd, deze leider, die zich er volledig van bewust was dat de jonge zuster totaal ongeschikt was voor deze taak, trof deze regeling met het doel zichzelf te beschermen. Tegelijkertijd deed ze het om verantwoording af te leggen voor de vervulling van haar eigen plicht, waarbij ze de belangen en veiligheid van een ander opofferde om haar persoonlijke doelen te bereiken. Dat was haar bedoeling. Ze overwoog eenvoudigweg niet wie in staat was dit werk te doen, wie deze persoon kon bekeren, of wie dit werk effectief kon doen, en de beste persoon voor de taak kon vinden. De essentie van haar handelingen was niet het vervullen van haar plicht of het vervullen van haar trouw of verantwoordelijkheid, maar het kunnen afleggen van verantwoording aan haar meerderen en het beschermen van zichzelf door de belangen van anderen op te offeren, zelfs door anderen schade te berokkenen. Ze handelde op een manier die anderen schaadde om zichzelf te beschermen en haar eigen doelen te bereiken – is dit niet de essentie ervan? (Ja.) Dat is de essentie ervan. Daarom kunnen de handelingen van deze leider worden gekenmerkt als de handelingen van een antichrist. Is dit niet de wortel van de zaak? (Ja, dat is het.) Dit is precies het geval. Als er geen geschikte kandidaten waren en deze jonge zuster er niet was, en als haar werd gezegd zelf de leider van die denominatie te gaan bekeren, zou ze dan zijn gegaan? Zou ze hebben kunnen zeggen: “Als er geen geschikte kandidaten zijn, dan ga ik. Ik ben niet bang. Zelfs als het betekent dat ik mijn leven opoffer om deze persoon te winnen, ben ik bereid het weg te gooien, want dit is mijn plicht en mijn verantwoordelijkheid”? Had ze dat kunnen doen? (Nee.) Waarom zeggen we dat ze dat niet kon? We speculeren hier niet. Waarop baseren we ons door te zeggen dat ze dat niet kon? (Omdat het haar bij het vervullen van haar plicht niet echt ging om het bereiken van resultaten en het bekeren van die potentiële ontvanger van het evangelie. Daarom deed ze maar alsof door de jonge zuster te sturen. Als de jonge zuster er niet was geweest, zou ze niet persoonlijk zijn gegaan om deze persoon te winnen.) Juist, zo zou het zijn. Als ze zag dat er geen geschikte kandidaten beschikbaar waren, had ze dan niet zelf moeten gaan? (Ja.) Als ze werkelijk trouw was aan haar plicht en haar eigen persoonlijke veiligheid niet in overweging nam, zou ze de jonge zuster niet hebben laten gaan, maar zou ze zelf zijn gegaan. Dus, welk probleem wordt onderstreept door het feit dat ze niet zelf ging? (Ze beschermde haar eigen veiligheid en belangen.) Juist, zo is het gegaan. Als ze werkelijk trouw was aan haar plicht, zou ze die zware verantwoordelijkheid zelf op zich hebben genomen. Dat deed ze echter niet; in plaats daarvan koos ze de minst geschikte kandidaat om in haar plaats te gaan. Was het haar bedoeling om de minst geschikte persoon naar de gevaarlijkste plaats te sturen om haar eigen doel te bereiken, namelijk zichzelf te beschermen tegen gevaar en zichzelf te behouden? (Ja.) Dit is het gedrag van antichristen. Dit heeft te maken met het inzetten van mensen.
Op het vasteland van China heeft de grote rode draak mensen die in God geloven consequent en wreed onderdrukt, gearresteerd en vervolgd, waardoor ze vaak in gevaarlijke omgevingen terechtkwamen. De regering gebruikt bijvoorbeeld verschillende voorwendsels om gelovigen aan te houden. Telkens wanneer de overheid de omgeving ontdekt waarin een antichrist verblijft, wat is dan het eerste waar de antichrist aan denkt? Het is niet het correct regelen van het werk van de kerk, maar hoe te ontsnappen aan deze gevaarlijke situatie. Wanneer de kerk wordt geconfronteerd met onderdrukking en arrestaties, houden de antichristen zich nooit bezig met het werk in de nasleep daarvan. Ze treffen geen regelingen voor essentiële kerkelijke middelen of personeel. In plaats daarvan komen ze met ze excuses en redenen om een veilige plek voor zichzelf te bemachtigen en er verder geen omkijken meer naar te hebben. Zodra hun persoonlijke veiligheid is gegarandeerd, raken ze zelden persoonlijk betrokken bij het regelen van het werk, het personeel of de middelen van de kerk, informeren ze niet naar de zaak en treffen ze geen speciale regelingen. Dit leidt ertoe dat de middelen en financiën van de kerk niet tijdig naar veilige locaties worden overgebracht, en uiteindelijk wordt veel geplunderd en meegenomen door de grote rode draak, wat aanzienlijke verliezen voor de kerk veroorzaakt en leidt tot de gevangenneming van meer broeders en zusters. Dit is het gevolg van het feit dat de antichristen hun verantwoordelijkheid voor het werk ontlopen. Diep in het hart van de antichristen heeft hun persoonlijke veiligheid altijd voorrang. Het is een kwestie in hun hart die hen voortdurend bezighoudt. Ze denken: “Ik mag niet in de problemen komen. Wie er ook gepakt wordt, ik kan het me niet veroorloven – ik moet in leven blijven. Ik wacht nog steeds om te delen in gods glorie wanneer het werk van god is voltooid. Als ik gepakt word, zal ik me als Judas gedragen, en dan is het voorbij voor mij. Er zal geen goede uitkomst voor mij zijn. Ik zal gestraft worden.” Telkens wanneer ze naar een nieuwe plaats gaan om te werken, onderzoeken ze daarom eerst wie het veiligste en machtigste huishouden heeft, waar ze zich kunnen verbergen voor de zoekacties van de regering en zich veilig kunnen voelen. Ten tweede zoeken ze naar huishoudens met betere levensomstandigheden, waar er bij elke maaltijd vlees is, airconditioning in de zomer en verwarming in de winter. Bovendien informeren ze wie van de gelovigen enthousiaster is en een sterkere basis heeft, iemand die bescherming kan bieden wanneer er problemen ontstaan. Ze onderzoeken al deze zaken eerst. Na hun onderzoek vinden ze een plek om zich te vestigen en doen ze wat oppervlakkig werk, sturen ze een brief of geven ze mondeling wat informatie of werkregelingen door. Denken jullie nu dat de antichristen in staat zijn om werk te verrichten? Wanneer je kijkt naar hoe nauwgezet en netjes ze hun persoonlijke veiligheid overwegen en regelen, lijkt het misschien alsof ze weten hoe ze specifiek werk moeten doen, ze weten in hun hart hoe ze het moeten doen. Hun bedoelingen zijn echter niet juist, ze denken alleen aan persoonlijk gewin en ze zijn afkerig van de waarheid; zelfs als ze weten dat wat ze doen tegen de waarheid ingaat en egoïstisch en verachtelijk is, staan ze erop de dingen op hun eigen manier te doen en handelen ze losbandig en roekeloos. Alles wat ze doen is om hun eigen veiligheid te waarborgen. Nadat ze zichzelf hebben gesetteld en het gevoel hebben dat ze buiten gevaar zijn, dat het gevaar geweken is, gaan de antichristen over tot het doen van wat oppervlakkig werk. Antichristen zijn vrij nauwgezet in hun regelingen, maar het hangt ervan af met wie ze te maken hebben. Ze denken zeer zorgvuldig na over zaken die hun eigen belangen betreffen, maar als het gaat om het werk van de kerk of hun eigen plichten, tonen ze hun eigen egoïsme en verachtelijkheid en tonen ze geen verantwoordelijkheid, en ontbreekt het hun zelfs aan enig geweten of verstand. Juist vanwege deze gedragingen worden ze als antichristen gekenmerkt. Als we alleen op basis van kaliber zouden oordelen, gezien hoe goed ze nadenken over en nauwgezette en concrete plannen maken voor hun eigen veiligheid, ontbreekt het hun niet aan kaliber en hebben ze hun hoofd erbij. Ze zouden het werk van Gods huis aan moeten kunnen. Als je het nu bekijkt op basis van hun bekwaamheid, zouden ze geen antichristen moeten worden genoemd, dus waarom worden ze dat dan toch genoemd? Dat wordt bepaald op basis van hun essentie, of ze de waarheid kunnen aanvaarden en beoefenen, of ze mensen zijn die de waarheid nastreven. Ze maken doordachte en specifieke overwegingen en regelingen met betrekking tot hun leefomgeving, hun eten en drinken en hun veiligheid. Als het echter gaat om het werk van Gods huis, worden ze totaal andere mensen, bijzonder egoïstisch en verachtelijk, en houden ze geen enkele rekening met Gods bedoelingen. Dit zijn zeker geen mensen die de waarheid nastreven. Antichristen gaan om met het werk van Gods huis en de werkregelingen van de Boven door ze te filteren. Ze filteren selectief wat ze wel en niet bereid zijn te doen, en wat wel en niet met hun eigen veiligheid te maken heeft. Vervolgens doen ze wat gemakkelijk werk dat geen gevaar met zich meebrengt, alleen maar om te voorkomen dat de Boven erachter komt dat ze snel zijn met eten en traag met werken, en dat ze hun eigenlijke plichten niet vervullen. Nadat ze het werk hebben geregeld, informeren ze nooit naar de uitvoering van de specifieke taken en houden ze er geen toezicht op. Gods huis heeft bijvoorbeeld specifieke principes en regels met betrekking tot offergaven en diverse middelen: hoe ze te regelen, waar ze te plaatsen, hoe ze te bewaren en wie ze moet bewaren. De antichristen daarentegen praten alleen over deze dingen, en zodra ze de regelingen hebben getroffen, beschouwen ze het als afgedaan. Ongeacht of de omgeving geschikt is of niet, ze bezoeken nooit de locatie om een kijkje te nemen; ze bewegen slechts hun lippen, en in hun hart hebben ze er geen benul van, en informeren, onderzoeken of bekommeren ze zich er niet om of de specifieke regelingen voor deze middelen van Gods huis gepast of veilig zijn. Gedurende de tijd dat de antichristen leiders waren, werden daarom binnen hun werkterrein sommige boeken met Gods woorden in beslag genomen door kwaadaardige mensen. Sommige boeken beschimmelen door onjuiste opslag, en in sommige gevallen werden bepaalde boeken of middelen op locaties geplaatst waar niemand ernaar omkijkt. De antichristen treffen niet alleen geen specifieke regelingen voor deze zaken, ze informeren, onderzoeken of vragen er zeker niet naar. In plaats daarvan beschouwen ze hun taak als volbracht zodra ze de regelingen hebben getroffen. Ze praten erover en dat is het; ze doen slechts voor de vorm mee, zonder daadwerkelijke resultaten na te streven. Tonen de antichristen door dit gedrag trouw? (Nee.) Ze hebben geen trouw. Als het gaat om het regelen van diverse middelen van de kerk, informeren de antichristen nooit. Wat betekent ‘nooit informeren’? Betekent het dat ze helemaal geen regelingen treffen? Ze doen voor de vorm mee en treffen regelingen om mensen om de tuin te leiden, opdat niemand hen bij de meerderen aangeeft. Maar ze doen nooit specifiek werk. Waar verwijst specifiek werk naar? Het omvat het bepalen waar deze dingen moeten worden geplaatst, of het veilig is of niet, of er iets mee kan gebeuren, of knaagdieren eraan kunnen knagen, of ze overstroomd kunnen raken of gestolen kunnen worden, of de personen die verantwoordelijk zijn voor de bewaring geschikt zijn, enzovoort. De antichristen informeren echter nooit, onderzoeken nooit en bekommeren zich er nooit om. In hun hart geloven ze dat deze dingen niet voor hen zijn om van te genieten; ze hechten er geen waarde aan en hebben er niets aan. Ze behoren toe aan andere mensen, aan Gods huis, en hebben geen betrekking op hen. Het kan hun niets schelen; laat wie zich zorgen wil maken zich maar zorgen maken – zij maken zich geen zorgen. Ze regelen dingen, en daarmee is de kous af. Sommige antichristen nemen niet eens de moeite om iets te regelen. Ze geloven dat ze geen beloning krijgen, zelfs als ze dit werk goed doen, en dat niemand hen ter verantwoording zal roepen als ze het slecht doen. Wie zou hen aangeven voor zoiets kleins? Zou God hen ervoor straffen? De houding en het standpunt van de antichristen ten opzichte van hun plichten zijn precies zo: ze doen voor de vorm mee en behandelen zaken op een plichtmatige manier. Zolang deze dingen hun eigen status of veiligheid niet beïnvloeden, kan het hun niet schelen of ze worden beheerd of niet. Of deze dingen nu verloren gaan, verminderen of beschadigd raken, het heeft allemaal niets met hen te maken. In de gedachten van de antichristen worden deze middelen van Gods huis beschouwd als openbaar bezit. Ze hoeven zich er geen zorgen over te maken, hoeven er geen aandacht aan te besteden en hoeven er geen energie aan te besteden om ze te beheren. Dus, gedurende de tijd dat de antichristen leiders waren, werden vanwege hun nalatigheid ten opzichte van hun plicht, hun gerichtheid op persoonlijk genot en hun falen om specifieke taken uit te voeren, diverse middelen in Gods huis geplunderd of meegenomen door de grote rode draak, of in beslag genomen door kwaadaardige mensen. Er waren veel van dergelijke gevallen. Sommigen zeggen misschien: “Wie kan er nu zo nauwgezet op alles letten in zo’n vijandige omgeving? Wie kan een beetje nalatigheid of het maken van een paar fouten vermijden?” Gaat dit slechts over het maken van een paar fouten? Ik durf te zeggen: als mensen hun verantwoordelijkheden zouden kunnen vervullen en trouw zouden kunnen tonen, zou het verlies van deze middelen niet zo groot zijn; het zou zeker afnemen, en de effectiviteit van het werk zou veel beter zijn.
Antichristen geloven in God om zegeningen te verkrijgen. Ze bekommeren zich nooit om iets wat te maken heeft met Gods huis of Gods belangen. Wat ze ook doen, het moet draaien om hun persoonlijke belangen. Als het werk van Gods huis hun persoonlijke belangen niet raakt, kan het hun eenvoudigweg niet schelen en informeren ze er niet naar. Wat moeten ze toch egoïstisch zijn! Toen bepaalde antichristen als leiders optraden, plunderde de grote rode draak grote hoeveelheden offergaven die onder hun toezicht vielen, en een verbijsterend bedrag ging verloren. Maar deze antichristen gaven zichzelf totaal geen schuld. Ze zeiden achteraf zelfs: “Het is niet alleen mijn verantwoordelijkheid: hoe kan alles op mij worden afgeschoven? Bovendien is dit soort situatie onvermijdelijk.” Ze hadden totaal geen wroeging, schoven de schuld af op andere mensen en probeerden zich, vol van excuses, te verdedigen. Wat voor ellendelingen zijn dat? Zouden zulke mensen niet verdreven moeten worden? Zouden ze niet vervloekt en gestraft moeten worden? (Ja.) Na het begaan van zo’n grote fout hadden deze antichristen absoluut geen wroeging! Welke uitingen zouden normale mensen, mensen met menselijkheid, mensen die trouw zijn aan God, of mensen met een Godvrezend hart vertonen als hun nalatigheid ertoe zou leiden dat de bezittingen van Gods huis door de grote rode draak werden weggeroofd? (Ze zouden wroeging hebben, zichzelf de schuld geven en in hun hart voelen dat ze hun plicht niet naar behoren hadden vervuld.) Wat zouden ze vervolgens doen? Ze zouden een manier bedenken om het goed te maken. Vanuit het diepst van hun hart zouden ze een schuldgevoel en wroeging hebben; ongeacht wat anderen zeiden, zouden ze geen enkele klacht uiten, ze zouden zichzelf niet verdedigen. Ze zouden erkennen dat het hun nalatigheid was, hun overtreding. Ze zouden aanvaarden wat God ook tegen hen zei en hoe Gods huis ook besloot hen aan te pakken. Waarom aanvaarden antichristen dit dan niet? Waarom zijn ze vol grieven nadat ze zijn verdreven? Dit onthult de aard van antichristen. Deze antichristen veroorzaakten zulke aanzienlijke verliezen voor het werk van Gods huis, zoveel inspanning van anderen ging verloren doordat zij hun plichten verwaarloosden, en zoveel offergaven werden door de grote rode draak meegenomen, en toch voelden ze geen zelfverwijt, hadden ze geen schuldgevoel en verdedigden ze zichzelf zelfs. Toen Gods huis hen aanpakte, weigerden ze zich te onderwerpen en verspreidden ze overal hun ongehoorzaamheid. Wat voor ellendelingen zijn dat? Is dat niet de dood uitlokken? (Ja.) Dat is de dood uitlokken. Als we naar de kern van antichristen kijken, is hun aard-essentie er een van vijandigheid jegens de waarheid en God. Het ontbreekt hun aan menselijkheid; ze zijn levende demonen, Satans, beesten in mensenkleren. Wanneer mensen met menselijkheid een kleine fout maken of iets verkeerds zeggen, voelen ze zelfverwijt. Maar levende demonen, antichristen, voelen dit niet. Zelfs na het begaan van zo’n ernstige fout voelden die antichristen geen enkel zelfverwijt en probeerden ze zichzelf zelfs te verdedigen. Wat is de waarheid dan voor hen? Erkennen ze de waarheid in hun hart? Gods woorden zijn de waarheid en God is de waarheid – erkennen ze dit feit? (Ze erkennen het niet.) Ze erkennen het duidelijk niet. In hun hart beschouwen ze zichzelf als de waarheid, als God; ze denken dat er buiten hen geen andere God is. Zijn dit geen duivels? (Ja.) Dit zijn duivels, typische duivels. Antichristen informeren totaal niet naar de middelen van de kerk en treffen er geen specifieke regelingen voor. Maar als ze zelf toevallig iets kostbaars bezitten, kun je er zeker van zijn dat ze er uitstekend voor zullen zorgen. Ze zullen er zelfs in hun slaap geen woord over loslaten en je zou het er met geen stok uitkrijgen. Ze bewaken het uitzonderlijk goed. Als het echter om de middelen van Gods huis gaat, is hun houding compleet anders. Ze hebben dan werkelijk zo’n houding: wat heeft dat met mij te maken? Ik geniet niet van die middelen en ze zijn niet van mij. Zelfs als ik er goed voor zorg, worden ze misschien aan iemand anders gegeven! Wat heeft het voor zin om ze zo goed te bewaken? Ze beschouwen deze zaak niet als hun plicht. Is dit niet een gebrek aan menselijkheid? (Ja.) Het is een uiting van een gebrek aan menselijkheid. Hoe noem je dat? Dat noem je onbetrouwbaar zijn. God heeft dit werk aan je toevertrouwd en je de plichten gegeven die je moet vervullen – dit is een onderdeel van je taak. Je behoort deze zaken naar behoren af te handelen door ze een voor een uit te voeren, de door God vereiste principes en de werkregelingen van Gods huis te volgen, en ze goed te regelen; dan is je verantwoordelijkheid vervuld. Maar hebben antichristen deze mentaliteit of dit idee? (Nee.) Totaal niet. Dit is een compleet gebrek aan menselijkheid. Wat is de specifieke uiting van een gebrek aan menselijkheid? Het is niet geven om geweten of verstand, en egoïstisch en verachtelijk zijn, onbetrouwbaar zijn, geen vertrouwen verdienen en het niet waard zijn dat hun iets wordt toevertrouwd.
Als het gaat om personele kwesties binnen de kerk, zoals wie welk werk waar doen, of ze het naar behoren doen, of ze hun plicht effectief vervullen, of er gevallen van hinder of verstoringen zijn opgetreden, en hoe de feedback van de broeders en zusters is: antichristen informeren nooit in detail naar deze zaken en treffen er nooit regelingen voor. Wanneer Gods huis hen bijvoorbeeld vraagt om verschillende soorten getalenteerde personen aan te leveren, werpen antichristen slechts een blik op de schriftelijke introducties van deze personen zonder specifiek hun situatie te achterhalen of ernaar te informeren – bijvoorbeeld of deze personen een fundament in hun geloof hebben, hoe hun menselijkheid is, of ze de waarheid kunnen aanvaarden, of hun specifieke talenten en technische vaardigheden in overeenstemming zijn met de door Gods huis vereiste normen, en of ze geschikt zijn om gecultiveerd te worden en belangrijke plichten op zich te nemen. Antichristen doen deze dingen slechts voor de vorm, houden een façade op, bekijken kort de schriftelijke introducties en dat is het. Ze hebben nooit daadwerkelijk contact met de aangeleverde personen en streven niet naar een gedetailleerd of diepgaand begrip van hen. Als gevolg daarvan worden de meeste mensen die ze selecteren uiteindelijk geëlimineerd omdat ze hun plichten niet vervulden of hun eigenlijke werk niet deden. Hoe zien antichristen deze situatie? ‘Het is niet zo dat ik word gepromoveerd om deze plichten te vervullen; ik heb er geen deel aan. Wat maakt het uit wie er gaat? Zolang ik de aanbevelingen goedkeur en deze mensen aanlever, telt dat als mijn werk doen. Bovendien zullen de personen die zijn gepromoveerd mij een gunst verschuldigd zijn. Of ze al dan niet geschikt zijn voor cultivering is mijn zaak niet.’ Als antichristen ongeschikte personen aanleveren en zo het werk van Gods huis hinderen, dragen ze dan enige verantwoordelijkheid? (Ja.) Ze dragen een grote verantwoordelijkheid, maar deze duivelse dingen voeren totaal geen controle uit. Sommigen zeggen: “Op bepaalde plaatsen met barre omstandigheden kunnen we niet persoonlijk met mensen in contact komen. Hoe kunnen we hen dan controleren?” Hoe bar de omstandigheden ook zijn, er zijn nog steeds methoden en manieren om deze zaken aan te pakken. Het hangt ervan af of je verantwoordelijk bent en oprecht toegewijd. Is het niet zo? (Ja.) Als je je trouw en verantwoordelijkheid aanbiedt, zal God, zelfs als het resultaat niet ideaal is, het nauwkeurig onderzoeken en het weten, en zal de verantwoordelijkheid niet bij jou liggen. Maar als je je trouw en verantwoordelijkheid niet aanbiedt, zal God het nauwkeurig onderzoeken, zelfs als er uiteindelijk niets misgaat en het geen gevolgen heeft. De aard van deze twee benaderingen is verschillend en God zal ze verschillend behandelen. Antichristen smeden ook plannen als het gaat om het aanleveren van mensen, ze hebben ook motieven die egoïstisch en verachtelijk zijn, en het ontbreekt hun aan trouw. Wat ze ook doen, antichristen hebben hun eigen berekeningen en houden zich niet aan principes. Bovendien moeten ze, om concreet werk goed te kunnen doen, hun gezicht laten zien, rondreizen om meer mensen te ontmoeten, ontberingen doorstaan en risico’s nemen. Zodra iets de kwestie van hun eigen veiligheid raakt, beginnen antichristen weer te berekenen en wordt hun aard onthuld. Wat wordt er onthuld? Ze geloven dat het omgaan met te veel mensen een risico voor hun eigen veiligheid is en dat ze niet willekeurig contact met mensen kunnen opnemen. Antichristen hebben geen contact met degenen met wie ze dat wel zouden moeten hebben en ontmoeten niemand. In plaats daarvan vinden ze een veilige haven om te verblijven, waar ze zich verbergen en niets meer doen dan eenvoudige taken. Wat betreft hoe goed andere aspecten van het werk worden gedaan, of er mensen zijn die verstoringen veroorzaken, en of de werkregelingen, verschillende boeken met Gods woorden of opgenomen preken worden verspreid: antichristen treffen nooit specifieke regelingen voor deze zaken en informeren er nooit naar. Het is niet zo dat ze risico’s moeten nemen, hun gezicht moeten laten zien en problemen moeten tegenkomen om als trouw te worden beschouwd. Wat is hier het probleem? Wie kan het uitleggen? (Toen ze aanvankelijk met dit werk begonnen, hebben ze nooit overwogen hoe ze het goed moesten doen en of het aanbevolen personeel geschikt was, en ze hebben nooit met heel hun hart gehandeld of hun verantwoordelijkheid vervuld. Ze hebben nooit over deze dingen nagedacht.) Ze tonen eenvoudigweg geen trouw. Er is een verschil in de aard van hoe mensen met trouw aan God werken in vergelijking met degenen zonder. Wanneer ze beiden zaken tegenkomen die gevaar met zich meebrengen, zijn degenen met trouw in staat het gevaar het hoofd te bieden en hun werk te doen, waarbij ze wijsheid en methoden gebruiken om de werkregelingen uit te voeren. Antichristen houden zich echter niet bezig met concreet werk, ongeacht of er gevaar bij betrokken is of niet, en werkregelingen worden door hen nooit uitgevoerd. Dat is het onderscheid. Antichristen kunnen mondeling informeren naar de situatie van de kerk, verschillende taken, enzovoort, maar zelfs hun vragen zijn louter formaliteiten, ze leveren slechts oppervlakkige inspanningen en zijn er helemaal niet nauwgezet in. Van buitenaf lijkt het misschien alsof ze concreet werk doen, maar in werkelijkheid begrijpen ze het werk niet, maken ze geen aantekeningen, denken ze er niet over na en bidden of zoeken ze niet. Ze steken geen energie in het overwegen hoe verschillende segmenten van het werk vorderen, of wie verantwoordelijk is voor gebieden waar de dingen niet goed worden gedaan, of welke kerkleiders mogelijk ongeschikt zijn, of waar werk niet is geïmplementeerd. Ze overwegen deze dingen niet, ze doen het slechts voor de vorm, en wanneer ze problemen identificeren, lossen ze die niet op. Sommige zogenaamde leiders brengen alleen mensen bijeen voor bijeenkomsten, informeren naar de situatie en analyseren en onderzoeken het werk. Zodra er wat concreet werk bij komt kijken dat van hen vereist dat ze lijden en een prijs betalen, dat hun persoonlijke veiligheid op het spel zet en een zekere moeilijkheidsgraad heeft, doen ze het niet. Ze stoppen op dat punt met werken en geven prioriteit aan zelfbehoud. Zelfs wanneer ze problemen herkennen, treffen ze geen specifieke regelingen. Als ze bekendstaan om hun geloof en het gevaar lopen gevangen te worden genomen, delegeren ze deze taken dan aan anderen? Nee, dat doen ze niet. Ze regelen niet dat anderen deze taken doen, en dat is het probleem. Welke essentie wordt dus door dit soort mensen onthuld? Het ontbreekt hun aan trouw, ze zijn egoïstisch en verachtelijk, en denken bij alles aan hun eigen veiligheid. Ze informeren nooit of de werkregelingen van Gods huis worden uitgevoerd, of naar de voortgang van het werk van Gods huis, en deze zaken kunnen hun niet schelen. Ze hebben hun trouw niet aangeboden en tonen hun trouw niet. Voor hen is het voldoende om deze zaken voor de vorm af te handelen; dat beschouwen ze als werk doen. Als het risico klein is, doen ze misschien met tegenzin wat werk. Maar als het risico groot is en de mogelijkheid bestaat dat ze gevangen worden genomen, doen ze het niet, hoe cruciaal de taak ook is. Dat is de essentie van antichristen. In het diepst van hun hart zijn ze, zolang hun belangen veilig zijn, in staat om iedereen te verraden. Hun belangen worden gerealiseerd ten koste van de belangen van Gods huis; voor hen zijn hun belangen het allerbelangrijkste. Kunnen antichristen trouw zijn zodra ze een plicht op zich nemen? (Nee, dat kunnen ze niet.) Trouw is voor hen onmogelijk. Kunnen ze rekening houden met het leven en de veiligheid van hun broeders en zusters? (Dat kunnen ze niet.) Als het om hun eigen veiligheid gaat, zullen antichristen alleen zichzelf in veiligheid brengen, hun broeders en zusters in de vuurzee duwen en hen als offerlammeren gebruiken. Dat is de aard-essentie van antichristen.
Waar denken bepaalde antichristen naast hun eigen veiligheid nog meer aan? Ze zeggen: “Op dit moment zijn de omstandigheden ongunstig, dus laten we ons minder laten zien en minder het evangelie prediken. Op die manier is de kans kleiner dat we worden gepakt en wordt het werk van de kerk niet vernietigd. Als we voorkomen dat we worden gepakt, zullen we geen judassen worden, en dan kunnen we in de toekomst blijven bestaan, nietwaar?” Zijn er geen antichristen die zulke excuses gebruiken om hun broeders en zusters te misleiden? Sommige antichristen zijn erg bang voor de dood en rekken een onwaardig bestaan; ze houden ook van reputatie en status en zijn bereid leiderschapsrollen op zich te nemen. Hoewel ze weten dat ‘het werk van een leider niet gemakkelijk te dragen is – als de grote rode draak erachter komt dat ik leider ben geworden, word ik beroemd en kom ik misschien op een opsporingslijst te staan, en zodra ik word gepakt, is mijn leven in gevaar’, negeren ze deze gevaren om zich te kunnen tegoed doen aan de voordelen van deze status. Wanneer ze als leiders dienen, geven ze zich alleen over aan hun vleselijk genot en verrichten ze geen werkelijk werk. Afgezien van wat correspondentie met verschillende kerken, doen ze niets anders. Ze verbergen zich ergens en ontmoeten niemand, houden zich afgesloten, en de broeders en zusters weten niet wie hun leider is – zo bang zijn ze. Is het dus niet juist om te zeggen dat ze alleen in naam leiders zijn? (Ja.) Ze verrichten geen werkelijk werk als leiders; het enige waar ze om geven is zich te verbergen. Wanneer anderen hun vragen: “Hoe is het om leider te zijn?”, zullen ze zeggen: “Ik heb het ongelooflijk druk en omwille van de veiligheid moet ik steeds verhuizen. Deze omgeving is zo verontrustend dat ik me niet op mijn werk kan concentreren.” Ze hebben altijd het gevoel dat vele ogen hen in de gaten houden en weten niet waar ze zich veilig kunnen verbergen. Afgezien van het dragen van vermommingen, zich op verschillende plaatsen verbergen en niet op één locatie blijven, verrichten ze elke dag geen werkelijk werk. Bestaan zulke leiders? (Ja.) Welke principes volgen ze? Deze mensen zeggen: “Een listig konijn heeft drie holen. Om zich te beschermen tegen een aanval van een roofdier, moet een konijn drie holen voorbereiden om zich in te verbergen. Als een mens gevaar tegenkomt en moet ontsnappen, maar geen schuilplaats heeft, is dat dan aanvaardbaar? We moeten van konijnen leren! Gods geschapen dieren hebben dit overlevingsvermogen, en mensen zouden van hen moeten leren.” Sinds ze leiderschapsrollen op zich hebben genomen, zijn ze tot deze doctrine gekomen en geloven ze zelfs dat ze de waarheid hebben begrepen. In werkelijkheid zijn ze doodsbang. Zodra ze horen over een leider die bij de politie is aangegeven omdat de plaats waar hij woonde onveilig was, of over een leider die het doelwit was van de spionnen van de grote rode draak omdat hij te vaak op pad ging om zijn plicht te doen en met te veel mensen omging, en hoe deze mensen uiteindelijk werden gearresteerd en veroordeeld, worden ze onmiddellijk bang. Ze denken: o nee, zal ik de volgende zijn die wordt gearresteerd? Ik moet hiervan leren. Ik moet niet te actief zijn. Als ik een deel van het werk van de kerk kan vermijden, zal ik het niet doen. Als ik kan vermijden mijn gezicht te laten zien, zal ik het niet doen. Ik zal mijn werk tot een minimum beperken, vermijden naar buiten te gaan, vermijden met iemand om te gaan en ervoor zorgen dat niemand weet dat ik een leider ben. Wie kan zich tegenwoordig om iemand anders bekommeren? Alleen al in leven blijven is een uitdaging! Sinds ze de rol van leider op zich hebben genomen, doen ze, afgezien van het dragen van een tas en zich verbergen, geen werk. Ze leven op hete kolen, in voortdurende angst om gepakt en veroordeeld te worden. Stel dat ze iemand horen zeggen: “Als je wordt gepakt, word je gedood! Als je geen leider was, als je maar een gewone gelovige was, zou je misschien na het betalen van een kleine boete worden vrijgelaten, maar aangezien je een leider bent, is het moeilijk te zeggen. Het is te gevaarlijk! Sommige leiders of werkers die werden gepakt, weigerden informatie te geven en werden door de politie doodgeslagen.” Zodra hen wordt verteld van mensen die worden doodgeslagen, wordt hun angst groter en worden ze nog banger om te werken. Elke dag denken ze alleen maar aan hoe ze kunnen voorkomen dat ze worden gepakt, hoe ze kunnen voorkomen hun gezicht te laten zien, hoe ze kunnen voorkomen dat ze in de gaten worden gehouden en hoe ze contact met hun broeders en zusters kunnen vermijden. Ze breken hun hoofd over deze dingen en vergeten hun plichten volledig. Zijn dit trouwe mensen? Kunnen zulke mensen enig werk aan? (Nee, dat kunnen ze niet.) Zulke mensen zijn gewoon timide, en we kunnen hen niet definitief als antichristen bestempelen op basis van alleen deze uiting, maar wat is de aard van deze uiting? De essentie van deze uiting is die van een niet-gelovige. Ze geloven niet dat God de veiligheid van mensen kan beschermen, en ze geloven zeker niet dat jezelf toewijden aan het je inzetten voor God jezelf toewijden is aan de waarheid, en dat het iets is wat God goedkeurt. Ze vrezen God niet in hun hart; ze zijn alleen bang voor Satan en boosaardige politieke partijen. Ze geloven niet in het bestaan van God, ze geloven niet dat alles in Gods handen ligt, en ze geloven zeker niet dat God het zal goedkeuren dat iemand alles voor Hem inzet, en omwille van het volgen van Zijn weg en het voltooien van Zijn opdracht. Ze kunnen niets van dit alles zien. Waarin geloven ze wel? Ze geloven dat als ze in handen van de grote rode draak vallen, hen een slecht einde te wachten staat, dat ze veroordeeld kunnen worden of zelfs hun leven kunnen riskeren. In hun hart denken ze alleen aan hun eigen veiligheid en niet aan het werk van de kerk. Zijn dit geen niet-gelovigen? (Ja, dat zijn ze.) Wat zegt de Bijbel? ‘Wie zijn leven verliest omwille van mij, die zal het behouden’ (Matteüs 10:39). Geloven ze deze woorden? (Nee, dat doen ze niet.) Als hun wordt gevraagd een risico te nemen bij het doen van hun plicht, zullen ze zich willen verstoppen en door niemand gezien willen worden – ze zullen onzichtbaar willen zijn. Zo bang zijn ze. Ze geloven niet dat God de steun van de mens is, dat alles in Gods handen ligt, dat als er echt iets misgaat of ze daadwerkelijk worden gepakt, het door God is toegestaan, en dat mensen een hart van onderwerping moeten hebben. Deze mensen bezitten dit hart, dit begrip of deze voorbereiding niet. Geloven ze werkelijk in God? (Nee, dat doen ze niet.) Is de essentie van deze uiting niet die van een niet-gelovige? (Ja, dat is zo.) Zo is het. Dit soort mensen is uitzonderlijk timide, doodsbang en bang voor lichamelijk lijden en dat hun iets ergs overkomt. Ze worden zo bang als schichtige vogels en kunnen hun werk niet meer doen. Personen van het type waar we het eerder over hadden, doen gewoon helemaal geen werk, zelfs als ze het wel kunnen. Zelfs als ze weten dat er een probleem is, zullen ze het niet aanpakken. Ze beschermen zichzelf alleen maar en zijn bijzonder egoïstisch en verachtelijk. Beide typen mensen zijn niet-gelovigen. Het eerste type is glad en verraderlijk, is bang voor ontberingen en vermoeidheid, is begaan met zijn vlees en verricht geen werkelijk werk. Het tweede type is timide en bang, durft geen werkelijk werk te doen en is bang om door de grote rode draak gepakt en vervolgd te worden. Is er geen verschil tussen deze twee typen mensen? (Ja.)
Zijn er voorbeelden die jullie kennen van hoe antichristen hun eigen veiligheid beschermen? (God, ik ken zo’n geval. Er was een kerk die werd opgerold door de grote rode draak omdat die werd bestuurd door een antichrist die losgeslagen was en slechte dingen deed, en de leiders, diakenen en een paar broeders en zusters werden allemaal gearresteerd. Op dat moment was de antichrist bang om gepakt te worden. Zonder regelingen te treffen voor het werk van de afhandeling, verborg hij zich op een afgelegen locatie. Hij weigerde zelfs bij een gastgezin te verblijven en stond erop in plaats daarvan offergaven te gebruiken om een huis te huren. Omdat hij geen goede regelingen trof voor het vervolgwerk en de verborgen gevaren niet tijdig elimineerde, werd vervolgens nog een aantal broeders en zusters gearresteerd en werd het werk van de kerk gedwongen stopgezet. Het is duidelijk dat antichristen uitzonderlijk egoïstisch en verachtelijk zijn. Op kritieke momenten beschermen ze alleen hun eigen belangen en beschermen ze de belangen van Gods huis helemaal niet.) Antichristen zijn extreem egoïstisch en verachtelijk. Ze hebben geen waar geloof in God, laat staan trouw aan God; wanneer ze een probleem tegenkomen, beschermen en beveiligen ze alleen zichzelf. Voor hen is niets belangrijker dan hun eigen veiligheid. Zolang ze kunnen leven en niet worden gepakt, kan het hun niet schelen hoeveel schade er aan het werk van de kerk wordt toegebracht. Deze mensen zijn extreem egoïstisch, ze denken helemaal niet aan de broeders en zusters, of aan het werk van de kerk, ze denken alleen aan hun eigen veiligheid. Het zijn antichristen. Wanneer zulke dingen degenen overkomen die trouw zijn aan God en een waar geloof in God hebben, hoe gaan zij er dan mee om? Hoe verschilt wat zij doen van wat antichristen doen? (Wanneer zulke dingen degenen overkomen die trouw zijn aan God, zullen ze er alles aan doen om de belangen van Gods huis te beschermen, om verliezen van Gods offergaven te voorkomen, en zullen ze de nodige regelingen treffen voor de leiders en werkers, en de broeders en zusters, om de verliezen te minimaliseren. Antichristen daarentegen zorgen ervoor dat zij als eersten beschermd zijn. Ze maken zich geen zorgen over het werk van de kerk of de veiligheid van Gods uitverkoren volk, en wanneer de kerk met arrestaties wordt geconfronteerd, leidt dit tot schade aan het kerkwerk.) Antichristen laten het werk van de kerk en Gods offergaven in de steek, en ze regelen niet dat mensen de nasleep afhandelen. Dit staat gelijk aan het toestaan dat de grote rode draak Gods offergaven en Zijn uitverkoren volk in beslag neemt. Is dit niet een verkapte vorm van verraad van Gods offergaven en Zijn uitverkoren volk? Wanneer degenen die trouw zijn aan God duidelijk weten dat een omgeving gevaarlijk is, trotseren ze nog steeds het risico om het werk van de afhandeling te doen, en beperken ze de verliezen voor Gods huis tot een minimum voordat ze zich terugtrekken. Ze geven geen prioriteit aan hun eigen veiligheid. Zeg Mij, wie zou in dit boosaardige land van de grote rode draak kunnen garanderen dat het geloven in God en het doen van een plicht helemaal geen gevaar met zich meebrengt? Welke plicht men ook op zich neemt, het brengt enig risico met zich mee – toch is de vervulling van de plicht een opdracht van God, en terwijl men God volgt, moet men het risico nemen om zijn plicht te doen. Men moet wijsheid betrachten en het is nodig maatregelen te nemen om de veiligheid te waarborgen, maar men moet zijn persoonlijke veiligheid niet op de eerste plaats stellen. Men moet Gods bedoelingen in acht nemen, het werk van Zijn huis op de eerste plaats stellen en de verspreiding van het evangelie op de eerste plaats stellen. Het voltooien van Gods opdracht aan hen is het allerbelangrijkste en komt op de eerste plaats. Antichristen geven de hoogste prioriteit aan hun persoonlijke veiligheid; ze geloven dat niets anders iets met hen te maken heeft. Het kan hun niet schelen wanneer iemand anders iets overkomt, ongeacht wie het ook moge zijn. Zolang de antichristen zelf niets ergs overkomt, voelen ze zich op hun gemak. Ze zijn verstoken van enige trouw, wat wordt bepaald door de aard-essentie van de antichristen. Is het in de omgeving van het vasteland van China mogelijk om elk risico te vermijden en te garanderen dat er niets ergs gebeurt tijdens het vervullen van je plicht? Zelfs de meest voorzichtige persoon kan dat niet garanderen. Maar voorzichtigheid is noodzakelijk. Goed voorbereid zijn zal de zaken een beetje verbeteren, en het kan helpen de verliezen te minimaliseren wanneer er iets misgaat. Als er helemaal geen voorbereiding is, zullen de verliezen aanzienlijk zijn. Kunnen jullie het verschil tussen deze twee situaties duidelijk zien? Daarom is het, of het nu gaat om bijeenkomsten of de vervulling van welke plicht dan ook, het beste om voorzichtig te zijn, en noodzakelijk om enkele preventieve maatregelen te nemen. Wanneer een trouwe persoon zijn plicht vervult, kan hij wat uitgebreider en grondiger nadenken. Hij wil deze zaken zo goed mogelijk regelen, zodat als er iets misgaat, de verliezen worden geminimaliseerd. Hij voelt dat hij dit resultaat moet bereiken. Iemand wie het aan trouw ontbreekt, overweegt deze dingen niet. Hij denkt dat deze dingen er niet toe doen en behandelt ze niet als zijn verantwoordelijkheid of plicht. Wanneer er iets misgaat, voelt hij geen enkel zelfverwijt. Dit is een uiting van gebrek aan trouw. Antichristen tonen geen trouw aan God. Wanneer hun werk wordt toegewezen, aanvaarden ze het blijmoedig en leggen ze mooie verklaringen af, maar wanneer er gevaar dreigt, rennen ze het snelst weg; zij zijn de eersten die rennen, de eersten die ontsnappen. Dit toont aan dat hun egoïsme en verachtelijkheid bijzonder ernstig zijn. Ze hebben totaal geen verantwoordelijkheidsgevoel of trouw. Wanneer ze met een probleem worden geconfronteerd, weten ze alleen hoe ze moeten vluchten en zich verbergen, denken ze alleen aan het beschermen van zichzelf en overwegen ze nooit hun verantwoordelijkheden of plichten. Omwille van hun eigen veiligheid tonen antichristen consequent hun egoïstische en verachtelijke aard. Ze geven geen prioriteit aan het werk van Gods huis of hun eigen plichten. Nog minder geven ze prioriteit aan de belangen van Gods huis. In plaats daarvan geven ze prioriteit aan hun eigen veiligheid.
Heeft het gedeelte waarover we zojuist hebben gecommuniceerd niet te maken met het negende punt van de diverse uitingen van antichristen – ze denken nooit aan de belangen van Gods huis en verraden die belangen zelfs in ruil voor persoonlijke glorie? (Ja.) Om zichzelf te beschermen, om gevaar en lichamelijk lijden te vermijden, nemen antichristen een plichtmatige houding aan ten opzichte van het werk van Gods huis en hun eigen plichten. Ze bekleden posities zonder werkelijk werk te doen. Is dit niet het verraden van de belangen van Gods huis? Is het niet het negeren van de belangen van Gods huis, het werk van God en hun eigen verantwoordelijkheden, in ruil voor persoonlijke veiligheid? (Ja.) De uitingen die we in dit gedeelte hebben ontleed, leggen de egoïstische en verachtelijke essentie van antichristen volledig bloot. Waarover hebben we hier voornamelijk gecommuniceerd? Antichristen vervullen, uit angst om in de problemen te komen en om zichzelf te behouden, hun plichten niet en tonen geen enkele trouw aan God. Is er enige waarheidswerkelijkheid in deze uiting? Is het niet een verlies van geweten en verstand? Dit is een compleet gebrek aan menselijkheid!
B. Hun eigen reputatie en status
Laten we doorgaan met het tweede onderdeel van de communicatie: de eigen reputatie en status van antichristen. Dit raakt ook aan de belangen van antichristen. De drie onderdelen die we nu bespreken – de eigen veiligheid van antichristen, hun eigen reputatie en status en hun eigen voordelen – hebben allemaal betrekking op de eigen belangen van antichristen. Hebben deze enig verband met het werk van Gods huis? (Ja, dat hebben ze.) Wat is het verband? (Antichristen kunnen, om zichzelf te beschermen en hun reputatie en status te vrijwaren, het werk van de kerk verstoren en ondermijnen.) Antichristen schaden de belangen van Gods huis en het werk van de kerk om hun eigen belangen te beschermen. Wat koesteren personen van dit type, als we kijken naar hun egoïstische en verachtelijke aard, behalve dat ze hun eigen veiligheid bijzonder beschermen? (Ze zijn erg gesteld op reputatie en status.) Juist. Antichristen zijn erg gesteld op reputatie en status. Reputatie en status zijn hun levensader; ze vinden het leven zinloos zonder reputatie en status en ze hebben geen energie om iets te doen zonder reputatie en status. Voor antichristen zijn zowel reputatie als status nauw verbonden met hun persoonlijke belangen; ze zijn hun achilleshiel. Daarom draait alles wat antichristen doen om status en reputatie. Als het niet om deze dingen ging, zouden ze misschien helemaal geen werk doen. Ongeacht of antichristen status hebben of niet, het doel waarvoor ze vechten en de richting waarin ze streven, zijn gericht op deze twee dingen: reputatie en status. Wanneer ze in God geloven in een autocratische omgeving zoals het Chinese vasteland, houden antichristen, omwille van het verzekeren van hun eigen veiligheid, geen enkele rekening met de belangen van Gods huis. Enerzijds streven ze met alle macht naar status, houden ze stevig vast aan de macht en beheersen ze de kerk. Anderzijds praten, werken, rennen en zwoegen ze altijd omwille van hun eigen reputatie en status. Dit is de kern waarom alles wat antichristen zeggen en doen draait. Antichristen doen nooit enig werkelijk werk voor de ingang in het leven van Gods uitverkoren volk en ze doen nooit enig werkelijk werk om het koninkrijksevangelie te verspreiden. Wanneer ze een prijs betalen, kijk dan waarom ze een prijs betalen. Wanneer ze vurig over een kwestie debatteren, kijk dan waarom ze erover debatteren. Wanneer ze een persoon bespreken of veroordelen, kijk dan welke bedoeling en welk doel ze hebben. Wanneer ze over iets van streek of boos zijn, kijk dan welke gezindheid ze onthullen. Mensen kunnen niet in de harten van mensen kijken, maar God kan dat wel. Wanneer God in de harten van mensen kijkt, wat gebruikt Hij dan om de essentie te peilen van wat mensen zeggen en doen? Hij gebruikt de waarheid om die te peilen. In de ogen van de mens is het beschermen van je reputatie en status gepast. Waarom wordt het in Gods ogen dan gekenmerkt als de onthulling en uitdrukking van antichristen, en als de essentie van antichristen? Dit is gebaseerd op de drijfveer en motivatie voor alles wat antichristen doen. God onderzoekt nauwkeurig de drijfveer en motivatie voor wat ze doen en stelt uiteindelijk vast dat alles wat ze doen voor hun eigen reputatie en status is, in plaats van om hun plicht te vervullen, laat staan om de waarheid te beoefenen en zich aan God te onderwerpen.
Antichristen streven naar reputatie en status, dus spreken en werken ze beslist ook om hun reputatie en status hoog te houden. Ze hechten meer waarde aan hun reputatie en status dan aan al het andere. Als iemand in hun omgeving een goed kaliber heeft en de waarheid nastreeft, en deze persoon enig prestige verwerft onder de broeders en zusters en wordt gekozen als teamleider, en de broeders en zusters deze persoon echt bewonderen en goedkeuren, hoe zullen antichristen dan reageren? Zeker, ze zullen er niet blij mee zijn en er zal jaloezie in hen opkomen. Als antichristen jaloezie koesteren, zeg Mij, kunnen ze zich dan gedragen? Zullen ze er niet iets aan moeten doen? (Ja.) Wat zullen ze doen als ze deze persoon werkelijk benijden? In hun hoofd zullen ze zeker dit soort berekeningen maken: deze persoon heeft een behoorlijk goed kaliber, hij heeft enig verstand van dit vak en is sterker dan ik. Dit is gunstig voor het werk van gods huis, maar niet voor mij! Zal hij mijn positie innemen? Als hij me op een dag echt vervangt, wordt dat dan geen probleem? Ik moet preventief handelen. Als hij op een dag op eigen benen kan staan, zal het voor mij niet zo gemakkelijk zijn om hem aan te pakken. Het is beter dat ik als eerste toesla. Als ik uitstel en hem de kans geef mij te ontmaskeren, wie weet wat dan de gevolgen zullen zijn. DHoe kan ik dan toeslaan? Ik moet een excuus vinden, een kans vinden. Zeg Mij, als mensen iemand willen kwellen, is het dan niet gemakkelijk voor hen om een excuus en een kans te vinden om dat te doen? Wat is een van de tactieken van de duivel? (‘Wie een hond wil slaan, vindt makkelijk een stok.’) Precies: ‘Wie een hond wil slaan, vindt makkelijk een stok.’ In Satans wereld bestaat dit soort logica en gebeurt dit soort dingen. Dit bestaat helemaal niet bij God. Antichristen zijn van Satan en ze zijn het meest bedreven in het doen van deze dingen. Ze zullen hierover peinzen: wie een hond wil slaan, vindt makkelijk een stok. Ik zal je een aanklacht in de schoenen schuiven, een kans zoeken om je te kwellen, je arrogantie en overmoed onderdrukken en ervoor zorgen dat de broeders en zusters je niet langer hoogachten en jou de volgende keer niet als teamleider kiezen. Dan ben je geen bedreiging meer voor mij, toch? Als ik dit potentiële probleem elimineer en deze concurrent uitschakel, zal ik me dan niet op mijn gemak voelen? Als hun gedachten zo woelen, kunnen ze zich dan uiterlijk bedwingen om niet te handelen? Kunnen ze, gezien de aard van antichristen, dit idee in zich begraven houden en niets doen? Absoluut niet. Ze zullen zeker een manier vinden om te handelen. Dit is de venijnigheid van antichristen. Ze denken niet alleen zo, ze willen dit doel ook bereiken. Dus peinzen ze verwoed over deze kwestie en pijnigen ze hun hersens. Ze houden geen rekening met de belangen van Gods huis, noch met het werk van de kerk. Nog minder kan het hun schelen of hun daden in overeenstemming zijn met Gods bedoeling. Het enige waar ze aan denken is hoe ze hun reputatie en status kunnen behouden, hoe ze hun macht kunnen vrijwaren. Ze denken dat hun rivaal al een bedreiging vormt voor hun status, dus proberen ze een kans te vinden om hem ten val te brengen. Wanneer ze vernemen dat hun rivaal, zonder hen te raadplegen, iemand uit zijn functie heeft ontheven die zijn plicht consequent plichtmatig vervulde, zien ze dit als de perfecte kans om hun rivaal iets in de schoenen te schuiven. In het bijzijn van de broeders en zusters zeggen ze: “Laten we deze zaak naar voren brengen voor ontleding, nu iedereen hier vandaag is. Is het niet dictatoriaal om iemand zonder toestemming uit zijn functie te ontheffen, zonder het met je collega’s of partners te bespreken? Waarom zou iemand zo’n fout maken? Is er geen probleem met zijn gezindheid? Moet hij niet worden gesnoeid? Moeten de broeders en zusters hem niet opgeven?” Ze grijpen dit probleem aan en blazen het buiten proportie op om hun rivaal te kleineren en zichzelf te verheffen. In werkelijkheid is de situatie niet zo ernstig. Het is volkomen aanvaardbaar om een rapport op te stellen nadat een teamlid uit zijn functie is ontheven of zijn toegewezen plicht is aangepast, zolang die ontheffing of aanpassing in overeenstemming is met de principes. Antichristen blazen dit probleem echter buiten proportie op. Ze vallen doelbewust hun rivaal aan en verheffen zichzelf. Is dit geen uiting van het kwellen van anderen? Ze snoeien hun rivaal genadeloos en uiten overdreven beschuldigingen over hem. Nadat ze dit hebben gehoord, denken de broeders en zusters: wat is hier aan de hand? Er klopt iets niet. Wat ze zeggen, strookt niet met de werkelijkheid! De persoon wiens toegewezen plicht werd aangepast, vervulde zijn plicht niet verantwoordelijk – dat feit is bekend. Hij werd uit zijn functie ontheven om het werk van de kerk te beschermen. Op deze manier je plicht vervullen is een serieuze en verantwoordelijke benadering, en een uiting van trouw. Waarom wordt dit dan bestempeld als dictatoriaal handelen? Dit is duidelijk een geval van ‘Wie een hond wil slaan, vindt makkelijk een stok’! Iedereen met enig begrip van de waarheid en een beetje onderscheidingsvermogen kan in één oogopslag zien dat deze antichristen gewoon hun macht laten gelden en hun frustraties op hun rivaal afreageren. Hoe is dit verantwoordelijkheid nemen voor het werk? Hoe is dit de persoon snoeien? Deze antichristen maken van een mug een olifant: het is gewoonweg vergelding en persoonlijke wraak. Dit komt voort uit de menselijke wil en Satan, het komt niet van God. Het komt zeker niet voort uit een houding van verantwoordelijkheid nemen voor het werk en voor hun plichten – dat is niet hun bedoeling. Antichristen leggen hun bedoelingen te duidelijk bloot, en sommige mensen zien dit. Kunnen antichristen dat aanvoelen? (Ja.) Dat is de sluwheid van antichristen. Ze zijn het meest bedreven in het vrijwaren van hun status, in misleidende redeneringen, in het voor zich winnen van mensen, en vooral in het hebben van ‘inzicht’ in de harten van mensen. Ze denken: ik kan elke gedachte die jullie in je hart hebben doorzien. Jullie begrijpen misschien de waarheid, maar jullie kunnen mij niet doorzien. Ik kan jullie wel doorzien. Ik kan zien wie er niet overtuigd is door de dingen die ik zeg. Maar zeggen ze dit ook? Nee, dat doen ze niet. Ze gebruiken enkele aangename woorden en uitdrukkingen om iedereen te overtuigen, om hen te doen denken dat het redelijk was dat ze die persoon snoeiden. Welke woorden gebruiken ze? Ze zeggen: “Ik heb je niet gesnoeid uit een egoïstisch, persoonlijk motief. In werkelijkheid is er geen persoonlijke wrok tussen ons. Het is alleen zo dat toen je die persoon willekeurig van zijn plicht onthief, dit de belangen van gods huis schaadde. Kan ik daar een oogje voor dichtknijpen? Je dat laten doen zou onverantwoordelijk van mijn kant zijn. Ik doe dit niet om jou of iemand in het bijzonder aan te vallen. Als ik het mis heb, mogen de broeders en zusters me bekritiseren en berispen. Ik stel me bij de volgende verkiezing niet kandidaat.” Wanneer sommige mensen dit horen, raken ze helemaal in de war. Ze denken: het lijkt erop dat ik hem verkeerd heb begrepen. Hij is zelfs bereid zich niet kandidaat te stellen bij de verkiezingen. Hij heeft die persoon niet gesnoeid om te strijden voor status, zijn handeling was gebaseerd op een houding van verantwoordelijkheid nemen voor het werk van de kerk. Hier is niets verkeerds aan. Deze antichristen slagen erin om weer enkele mensen te misleiden. Zijn antichristen niet sluw? (Ja, dat zijn ze.) Ze zijn uiterst sluw! Men kan zeggen dat antichristen hun hersens pijnigen, de diepste krochten van hun geest doorzoeken en geen middel onbeproefd laten omwille van hun reputatie en status. Er is een gezegde: ‘Geef ze een klap en bied ze dan een zoete dadel aan.’ Zullen antichristen deze tactiek niet gebruiken? Nadat ze je hebben geslagen, zeggen ze misschien enkele aangename woorden om je te paaien, je te troosten en je het gevoel te geven dat ze ongelooflijk tolerant, geduldig en liefdevol zijn. Uiteindelijk moet je hen goedkeuren en zeggen: “Kijk, deze persoon heeft zulke duidelijke doelen in zijn werk en is zo bedreven in zijn werk – wat een geweldige vaardigheid! Het is duidelijk dat hij de kwaliteiten van een leider heeft, en wij voelen allemaal dat we tekortschieten in vergelijking met hem.” Hebben deze antichristen dan niet hun doel bereikt? Dit zijn de listen van antichristen.
Antichristen zijn bijzonder verraderlijk en sluw. Alles wat ze zeggen is zorgvuldig overwogen; niemand is bedrevener in het zich voordoen als iemand anders. Maar zodra de aap uit de mouw komt, zodra mensen hen zien voor wat ze werkelijk zijn, doen ze hun uiterste best om voor zichzelf te pleiten, en bedenken ze manieren om de situatie te herstellen en zich eruit te bluffen om hun imago en reputatie te redden. Antichristen leven elke dag alleen voor reputatie en status, ze leven alleen om zich tegoed te doen aan de voordelen van status; dit is het enige waar ze aan denken. Zelfs wanneer ze af en toe wat kleine ontberingen lijden of een onbeduidende prijs betalen, is dit omwille van het verkrijgen van status en reputatie. Status nastreven, macht hebben en een gemakkelijk leven leiden zijn belangrijke zaken waar antichristen altijd op zinnen zodra ze in God geloven, en ze geven niet op totdat ze hun doelen hebben bereikt. Als hun slechte daden ooit worden blootgelegd, raken ze in paniek, alsof de hemel op hen neer dreigt te storten. Ze kunnen niet eten of slapen, en ze lijken in trance, alsof ze aan een depressie lijden. Wanneer mensen hun vragen wat er mis is, verzinnen ze leugens en zeggen: “Gisteren was ik zo druk dat ik de hele nacht niet heb geslapen, dus ik ben erg moe.” Maar in werkelijkheid is hier niets van waar, het is allemaal bedrog. Ze voelen zich zo omdat ze voortdurend peinzen: de slechte dingen die ik heb gedaan zijn blootgelegd, dus hoe kan ik mijn reputatie en status herstellen? Welke middelen kan ik gebruiken om mezelf te rehabiliteren? Welke toon kan ik gebruiken om dit aan iedereen uit te leggen? Wat kan ik zeggen om te voorkomen dat mensen me doorzien? Lange tijd kunnen ze niet bedenken wat ze moeten doen, en dus zijn ze depressief. Soms staren hun ogen wezenloos naar één punt, en niemand weet waar ze naar kijken. Vanwege deze kwestie pijnigen ze hun hersens, putten ze elke gedachtegang uit en willen ze niet eten of drinken. Desondanks doen ze nog steeds voorkomen dat ze om het kerkwerk geven, en vragen ze mensen: “Hoe gaat het met het evangeliewerk? Hoe effectief wordt het evangelie gepredikt? Hebben de broeders en zusters de laatste tijd enige ingang in het leven verkregen? Heeft iemand voor hinder of verstoringen gezorgd?” Deze vragen van hen over het werk van de kerk zijn bedoeld als een show voor anderen. Als ze van problemen zouden vernemen, zouden ze geen manier hebben om ze op te lossen, dus hun vragen zijn louter een formaliteit, gesteld om het te doen lijken alsof ze om het werk van de kerk geven. Als iemand de problemen van de kerk aan hen zou rapporteren om ze op te lossen, zouden ze alleen maar hun hoofd schudden. Geen enkele list zou hen baten, en hoewel ze zich zouden willen vermommen, zouden ze dat niet kunnen, en zouden ze het risico lopen te worden blootgelegd en onthuld. Dit is het grootste probleem waar antichristen in hun hele leven tegenaan lopen. Op dit moment zijn antichristen als een mier op een hete plaat. Af en toe schudden ze hun hoofd alsof ze willen zeggen: dit kan zo niet doorgaan. Dan tikken ze met hun handen op hun hoofd, alsof ze denken: hoe kan ik zo dwaas zijn? Hoe kon ik over deze kwestie struikelen? Antichristen kunnen dit feit niet aanvaarden en kunnen alleen maar zuchten. Ze arbeiden, lijden en betalen de prijs alleen voor hun eigen reputatie en status, en geven zich over aan allerlei slechte daden om hun ambities en begeerten te bevredigen. Ontmaskerd worden door Gods uitverkoren volk is een onvermijdelijke uitkomst. Mensen die de waarheid niet nastreven, komen vroeg of laat ten val. Dit gezegde komt volledig uit in het geval van antichristen. Ze mogen bedreven zijn in vermommingen en overtuigend kunnen spreken en anderen kunnen misleiden, maar als Gods uitverkorenen de waarheid begrijpen en iemands essentie kunnen onderscheiden, kunnen ze antichristen volledig doorzien, ongeacht hoe diep die zich verbergen of hoeveel kwaad ze doen. Er zijn een paar gezegden: ‘Volharden in het kwaad leidt tot zelfvernietiging’, en ‘Wie met vuur speelt, zal zich branden’. Dit zijn objectieve wetten die de ontwikkeling van dingen beheersen, door God ingesteld voor de ontwikkeling van alle dingen en alle gebeurtenissen. Niemand kan eraan ontsnappen. Hoewel het werk van de kerk doorgaat onder de heerschappij van antichristen, is de effectiviteit ervan sterk verminderd. Sommig belangrijk werk wordt nog steeds beheerst door kwaadaardige individuen, en de werkregelingen van Gods huis zijn niet geïmplementeerd. Hoewel Gods uitverkorenen allemaal hun plicht vervullen, is er geen werkelijk resultaat, en diverse taken zijn al lang in een staat van verlamming geraakt. Wat is de grondoorzaak van deze problemen? Die is dat antichristen de controle over de kerk hebben overgenomen. Overal waar antichristen de macht hebben, ongeacht de omvang van hun invloed, zelfs als het maar één team is, zullen ze het werk van Gods huis en de ingang in het leven van een deel van Gods uitverkoren volk beïnvloeden. Als ze de macht hebben in een kerk, worden het kerkwerk en Gods wil daar gehinderd. Waarom kunnen de werkregelingen van Gods huis in bepaalde kerken niet worden uitgevoerd? Omdat antichristen in deze kerken de macht hebben. Antichristen zullen zich geen van allen oprecht voor God inzetten; het vervullen van hun plichten zal slechts een kwestie van formaliteiten en plichtmatigheid zijn. Ze zullen geen werkelijk werk doen, zelfs als ze leiders of werkers zijn, en ze zullen alleen spreken en handelen omwille van roem, gewin en status, zonder het werk van de kerk ook maar enigszins te beschermen. Wat doen antichristen dus de hele dag? Ze zijn druk met het opvoeren van voorstellingen en het pronken met zichzelf. Ze doen alleen dingen die te maken hebben met hun eigen roem, gewin en status. Ze zijn bezig anderen te misleiden, mensen naar zich toe te trekken, en wanneer ze hun krachten hebben vergaard, zullen ze vat krijgen op nog méér kerken. Ze wensen uitsluitend als koningen te heersen en de kerk in hun onafhankelijke koninkrijk te veranderen. Ze wensen alleen de grote leider te zijn; het volledige, eenzijdige gezag uit te oefenen; meer kerken te beheersen. Ze geven geen zier om iets anders. Ze bekommeren zich niet om het werk van de kerk, of de ingang in het leven van Gods uitverkoren volk, laat staan dat ze zich bekommeren om de vraag of Gods wil wordt uitgevoerd. Ze zijn alleen bezig met de vraag wanneer ze onafhankelijk de macht kunnen hebben, Gods uitverkoren volk kunnen beheersen en op gelijke voet met God kunnen staan. De begeerten en ambities van antichristen zijn werkelijk enorm! Hoe hardwerkend antichristen ook lijken te zijn, ze zijn alleen bezig met hun eigen ondernemingen. Ze doen wat ze graag doen, en zijn alleen bezig met dingen die verband houden met hun eigen roem, gewin en status. Ze denken niet eens na over hun verantwoordelijkheden of de plicht die ze zouden moeten vervullen, en ze doen helemaal niets wat gepast is. Dit is het soort ding dat antichristen zijn – het zijn duivels en Satans, die Gods werk hinderen en verstoren.
In het verleden was er een leider aan wie ik tijdens zijn ambtstermijn vijf taken toevertrouwde. Na twee maanden was echter geen van deze zaken uitgevoerd. Oppervlakkig gezien leek het alsof de leider niet stilzat; hij was behoorlijk druk en uitgeput en je zag hem bijna nooit. Waar was hij dan druk mee en waarom was hij niet in staat de taken die ik hem had opgedragen te vervullen? Hier was een probleem. De leider deed sommige taken niet omdat hij ze niet graag deed, omdat hij vond dat ze niet tot zijn plichten behoorden. Dit was één probleem. Daarnaast had hij over sommige taken een andere mening en schoof hij ze opzettelijk terzijde. Er waren ook taken die uitdagingen met zich meebrachten, hulp van anderen vereisten en enigszins lastig waren, die de leider niet aanpakte. Dit waren de scenario’s die zich voordeden. Er gingen dus twee maanden voorbij en geen enkele taak was volbracht. Sommige mensen zeiden: “Is het mogelijk om al deze taken binnen twee maanden te voltooien?” Het is mogelijk, deze taken konden allemaal binnen twee maanden worden voltooid en de meeste van deze taken konden binnen een dag of twee worden voltooid, maar de leider slaagde er niet in ze uit te voeren. Toen iemand anders het overnam en de taken uitvoerde, waren alle vijf binnen een week voltooid. Vinden jullie dat zo’n leider uit zijn functie ontheven moet worden? (Ja.) Als jullie zo iemand tegenkomen, die geen van de taken uitvoert die door de Boven zijn opgedragen, maar die er oppervlakkig gezien behoorlijk druk uitziet, dan is hij een valse leider. Zulke individuen moeten onmiddellijk uit hun functie worden ontheven of worden geëlimineerd. Wat vinden jullie van dit principe? (Het is goed.) Kijk niet naar hun uiterlijke enthousiasme en het feit dat ze de hele dag behoorlijk druk lijken. In werkelijkheid doen ze geen werkelijk werk; ze houden zich bezig met onbeduidende zaken. Wat doen ze? Hun handelingen vallen in een paar verschillende categorieën. Ten eerste nemen ze taken op zich waarvan ze geloven dat ze die aankunnen, die veilig zijn en niet veel risico met zich meebrengen. Wat bedoel ik met ‘niet veel risico met zich meebrengen’? Ik bedoel dat het bij het uitvoeren van deze taken gemakkelijk is om fouten te vermijden, ze geen contact hoeven te hebben met de Boven en ze kunnen voorkomen dat ze dingen verkeerd doen en worden gesnoeid. Verder pakken ze taken aan waar ze bedreven in zijn, waarbij ze minder snel fouten maken. Op deze manier kunnen ze voorkomen dat ze verantwoordelijkheid dragen en kunnen ze zichzelf grotendeels beschermen tegen snoeien, verwijdering of verdrijving. Deze taken zijn risicovrij en brengen geen verantwoordelijkheid met zich mee, dus kunnen ze erop reageren en ze aanpakken. In werkelijkheid zit hier een verborgen element in. Zouden ze deze taken doen als ze die konden doen zonder dat iemand ze zag? Als er geen persoonlijk voordeel voor hen in zat, zouden ze die dan doen? Ze zouden ze zeker niet doen. Wat voor soort taken hebben ze liever? Ze hebben liever taken die relatief gemakkelijk en eenvoudig zijn en die zonder al te veel lijden kunnen worden volbracht. Daarnaast zijn ze bereid te luisteren naar meer preken die hen interesseren en die overeenkomen met hun noties, en meer van zulke preken te onthouden. Zodra ze die begrijpen, kunnen ze deze preken met anderen bespreken, en dit doen ze om zichzelf te etaleren en bewondering van anderen te oogsten. Bovendien, als het uitvoeren van deze taken hen in staat stelt met meer mensen in contact te komen en anderen ervan bewust maakt dat ze druk aan het werk zijn, dat ze in een leiderschapspositie verkeren en deze status en identiteit hebben, zullen ze die doen. Ze kiezen taken van deze aard. Als het werk dat ze moeten verrichten echter complex is en hun capaciteiten te boven gaat, en als iemand anders er bekwamer in is en er een risico bestaat dat ze gezichtsverlies lijden als ze falen, dat anderen op hen neerkijken, dan zijn ze niet bereid deze taken uit te voeren. Ze zijn bang voor hard werk, vermoeidheid en de schaamte van het niet goed presteren. Bovendien zijn ze bijzonder lui en neigen ze ertoe zware en moeizame taken te vermijden en zich er ver van te verstoppen. In plaats daarvan doen ze liever taken die hun imago verbeteren, die gemakkelijk zijn, waarbij ze voor de vorm kunnen meedoen en de harten van mensen kunnen winnen, zonder door de Boven te worden doorzien. Dit zijn allemaal inherente eigenschappen van antichristen. Als het gaat om het vervullen van hun plichten, zijn ze kieskeurig. Ze hebben persoonlijke keuzes, plannen en zelfs listen. Ze zijn absoluut niet eenvoudigweg gehoorzaam aan de regelingen van Gods huis; in plaats daarvan maken ze hun eigen keuzes. Wat betreft bepaalde regelingen van de Boven: als ze het er niet mee eens zijn, zullen ze die absoluut niet uitvoeren. Ze blokkeren deze zaken volledig, waardoor de broeders en zusters in de kerk zich niet bewust zijn van deze zaken. Als het uitvoeren van deze regelingen van de Boven in strijd zou zijn met bepaalde individuen of mensen zou beledigen, zouden ze die dan uitvoeren? Dat zouden ze niet doen. In hun hart denken ze: als de boven dit gedaan wil hebben, doe ik het niet. Zelfs als ik het doe, moet ik het in naam van de boven doen en beweren dat het door de boven is bevolen. Ik kan het me niet veroorloven die mensen te beledigen. Antichristen zijn een sluw soort, nietwaar? Alles wat ze doen, beramen en berekenen ze acht of tien keer, of zelfs vaker. Hun hoofd zit vol gedachten over hoe ze een stabiele positie in een menigte kunnen verwerven, hoe ze een goede reputatie en hoog aanzien kunnen verkrijgen, hoe ze bij de Boven in de gunst kunnen komen, en hoe ze de broeders en zusters ertoe kunnen brengen hen te steunen, lief te hebben en te respecteren. Ze doen er alles aan om deze resultaten te bereiken. Welke weg bewandelen ze? Voor hen zijn de belangen van Gods huis, de belangen van de kerk en het werk van Gods huis niet de belangrijkste overweging, laat staan dingen waar ze zich zorgen over maken. Wat denken ze? Deze dingen hebben niets met mij te maken. Ieder voor zich en God voor ons allen; mensen moeten voor zichzelf leven en voor hun eigen reputatie en status. Dat is het hoogste doel dat er is. Als iemand niet weet dat hij voor zichzelf moet leven en zichzelf moet beschermen, dan is hij een idioot. Als mij werd gevraagd te praktiseren volgens de waarheidsprincipes en me te onderwerpen aan god en de regelingen van zijn huis, dan zou het ervan afhangen of er enige baat voor mij in zat en of er voordelen aan verbonden waren. Als het zich niet onderwerpen aan de regelingen van gods huis de kans met zich meebrengt dat ik word verwijderd en zegeningen misloop, zal ik me onderwerpen. Om hun eigen reputatie en status te beschermen, kiezen antichristen dus vaak voor compromissen. Je zou kunnen zeggen dat antichristen omwille van status elk soort lijden kunnen verdragen en omwille van een goede reputatie elke soort prijs kunnen betalen. Het gezegde: ‘Een groot man weet wanneer hij moet toegeven en wanneer niet’ is op hen van toepassing. Dit is de logica van Satan, nietwaar? Dit is Satans filosofie voor wereldlijke betrekkingen en het is ook Satans overlevingsprincipe. Het is uiterst walgelijk!
Antichristen vinden hun eigen status en reputatie belangrijker dan wat dan ook. Deze mensen zijn niet alleen bedrieglijk, sluw en boosaardig, maar ook extreem venijnig. Wat doen zij wanneer ze merken dat hun status in het geding is, of wanneer ze hun plek in het hart van mensen kwijtraken, wanneer ze de steun en genegenheid van deze mensen kwijtraken, wanneer mensen hen niet langer vereren en niet langer naar hen opkijken, en wanneer ze in ongenade zijn gevallen? Dan worden ze plotseling vijandig. Zodra ze hun status verliezen, zijn ze niet bereid om enige plicht te vervullen, is alles wat ze doen plichtmatig en hebben ze geen interesse om ook maar iets te doen. Maar dat is nog niet de ergste uiting. Wat is de ergste uiting? Zodra deze mensen hun status kwijtraken, en niemand naar hen opkijkt, en niemand door hen wordt misleid, dan steken haat, jaloezie en wraak de kop op. Niet alleen hebben ze geen Godvrezend hart, ze hebben ook geen greintje onderwerping. In hun hart zijn ze bovendien geneigd Gods huis, de kerk, de leiders en de werkers te haten; ze verlangen ernaar dat het kerkwerk in de problemen komt of stil komt te staan. Ze willen de kerk en de broeders en zusters bespotten. Ook haten ze iedereen die de waarheid nastreeft en God vreest. Ze vallen iedereen aan en drijven de spot met iedereen die zijn plicht trouw doet en bereid is een prijs te betalen. Dit is de gezindheid van de antichristen – is die venijnig of niet? Het zijn duidelijk slechte mensen. In essentie zijn antichristen slechte mensen. Zelfs als ze bij online bijeenkomsten zien dat de ontvangst goed is, vloeken ze stilletjes en zeggen tegen zichzelf: “Ik hoop dat het signaal uitvalt! Ik hoop dat het signaal uitvalt! Het is beter als niemand de preken kan horen!” Wat zijn deze mensen? (Duivels.) Het zijn duivels! Het zijn zeker niet de mensen van Gods huis. Duivels en kwaadaardige mensen van dit soort stoken op deze manier, in welke kerk ze ook zijn. Zelfs als mensen met onderscheidingsvermogen hen ontmaskeren en beperken, zullen ze niet over zichzelf nadenken of hun fouten toegeven. Ze zullen denken dat het slechts een moment van onoplettendheid van hun kant was en dat ze ervan moeten leren. Zulke mensen, die absoluut weigeren berouw te tonen, zullen zich niet onderwerpen, ongeacht wie hen doorziet en ontmaskert. Ze zullen wraak zoeken op die persoon. Wanneer ze zich ongemakkelijk voelen, willen ze ook niet dat de broeders en zusters het gemakkelijk hebben. In hun hart vervloeken ze zelfs in het geheim de broeders en zusters, en wensen ze dat hun slechte dingen overkomen. Ze vervloeken het werk van Gods huis en wensen dat er problemen ontstaan. Wanneer er iets misgaat in Gods huis, verheugen ze zich en vieren ze dat in het geheim. Ha, denken ze, eindelijk is er iets misgegaan. Dit gebeurt allemaal omdat je me uit mijn functie hebt ontheven. Het is goed dat alles uit elkaar valt! Ze voelen zich gelukkig en scheppen er genoegen in anderen te zien verzwakken en negatief te zien worden, ze spreken spottende woorden om mensen te kleineren en verspreiden zelfs woorden van negativiteit en dood. Ze zeggen: “Wij gelovigen geven onze families en carrières op om onze plichten te vervullen en lijden te doorstaan. Denk je dat gods huis echt verantwoordelijkheid kan nemen voor onze toekomst? Heb je daar ooit over nagedacht? Is het de prijs die we betalen waard? Mijn gezondheid is op dit moment niet geweldig en als ik mezelf uitput, wie zal er dan voor me zorgen op mijn oude dag?” Ze zeggen zulke dingen zodat iedereen zich negatief zal voelen – alleen dan zijn ze tevreden. Zijn ze niet op kwaad uit, zijn ze niet sinister en kwaadwillig? Moeten zulke mensen geen vergelding ontvangen? (Ja, dat moeten ze.) Denken jullie dat zulke mensen werkelijk God in hun hart hebben? Ze lijken geen mensen die oprecht in God geloven; ze geloven fundamenteel niet dat God de diepten van de harten van mensen nauwkeurig onderzoekt. Zijn het geen niet-gelovigen? Als ze werkelijk in God geloofden, hoe zouden ze dan zulke dingen kunnen zeggen? Sommigen zeggen misschien dat het is omdat ze geen Godvrezend hart hebben – is dat juist? (Nee, dat is niet juist.) Waarom is het niet juist? (God is gewoonweg afwezig in hun hart; ze zijn tegen God gekant.) In werkelijkheid durven ze zulke dingen te zeggen omdat ze niet in het bestaan van God geloven. Ze geloven nog minder dat God iedereen nauwkeurig onderzoekt en ze geloven niet dat God elk van hun woorden en daden, elke gedachte en elk idee waarneemt. Ze geloven deze dingen niet, dus zijn ze niet bang en kunnen ze vrijelijk en gewetenloos zulke duivelse woorden spreken. Zelfs ongelovigen zeggen vaak: “De hemel heeft ogen” en “Wanneer de mens handelt, kijkt de hemel toe”. Iedereen met ook maar een beetje oprecht geloof zou niet achteloos deze duivelse woorden van niet-gelovigen uiten. Zullen er geen ernstige gevolgen zijn voor gelovigen die zo denken en spreken? Is de aard hiervan niet ernstig? Die is zeer ernstig! Dat ze God op zo’n manier kunnen ontkennen, betekent dat ze authentieke duivels zijn en kwaadaardigen die Gods huis zijn binnengedrongen. Alleen duivels en antichristen durven openlijk tegen God tekeer te gaan. De belangen van Gods huis vertegenwoordigen Gods belangen. Alles wat Gods huis doet, staat onder Gods leiding, Zijn toestemming en Zijn begeleiding; het is nauw verbonden met Gods managementwerk en kan er niet van worden gescheiden. Mensen die openlijk het werk van Gods huis op deze manier vervloeken, die het in hun hart belasteren en Gods huis willen uitlachen, die wensen te zien dat Gods uitverkorenen allemaal worden gearresteerd, het werk van de kerk volledig wordt verlamd en gelovigen zich van hun geloof afkeren, die gelukkig zullen zijn wanneer dit gebeurt – wat voor soort mensen zijn dit? (Duivels.) Het zijn duivels, het zijn gereïncarneerde kwaadaardige demonen! Gewone mensen hebben verdorven gezindheden, ze zijn af en toe opstandig en ze koesteren een paar kleine ideeën wanneer ze zich negatief en zwak voelen, dat is alles, maar ze zouden niet zo slecht zijn of zulke boosaardige en kwaadwillige gedachten voortbrengen. Dit soort essentie is alleen aanwezig in antichristen en duivels. Wanneer antichristen deze ideeën hebben, vermoeden ze dan dat ze zich misschien vergissen? (Nee, dat doen ze niet.) Waarom niet? (Omdat ze wat ze denken en zeggen als de waarheid beschouwen. Ze geloven niet in God, ze hebben geen Godvrezend hart en hun aard is om God te weerstaan.) Precies, dat is hun aard. Wanneer heeft Satan God ooit als God behandeld? Wanneer heeft hij geloofd dat God de waarheid is? Nooit, en dat zal ook nooit gebeuren. Antichristen, deze duivels, zijn hetzelfde; ze behandelen God niet als God en geloven niet dat Hij de waarheid is. Ze geloven niet dat God Degene is die alle dingen heeft geschapen en er soeverein over is. Daarom denken ze dat wat zij zeggen juist is. Ze denken en handelen gewetenloos op deze manier; dit is hun aard. Wanneer verdorven mensen hetzelfde doen, ervaren ze een innerlijk conflict. Ze hebben een geweten en een menselijk bewustzijn. Hun geweten, hun bewustzijn en de waarheden die ze begrijpen, hebben een innerlijke uitwerking op hen en dit leidt tot een conflict. Wanneer dit conflict ontstaat, vindt er een strijd plaats tussen juist en onjuist, goed en kwaad, en gerechtigheid en boosaardigheid, en wordt er een uitkomst bereikt: degenen die de waarheid nastreven, staan aan de kant van God, terwijl degenen die de waarheid niet nastreven, aan de kant van Satans boosaardige machten staan. Alles wat antichristen doen, is samenwerken met Satan. Ze uiten negativiteit, verspreiden ongegronde geruchten en lachen Gods huis uit. Ze vervloeken en belasteren het werk van Gods huis en vervloeken de broeders en zusters. Ze voelen zich er zelfs gemakkelijk bij dit alles te doen, zonder dat hun geweten hen ook maar in het minst beschuldigt, zonder het minste beetje wroeging, en ze geloven dat hun handelingen volkomen juist zijn. Dit legt de satanische aard van antichristen volledig bloot en onthult hun lelijke gezichten die God weerstaan. Daarom is het geen overdrijving om te zeggen dat antichristen echte duivels en Satans zijn. Antichristen zijn geboren duivels en zijn absoluut geen ontvangers van Gods redding. Ze maken absoluut geen deel uit van de gewone verdorven mensheid. Antichristen zijn gereïncarneerde duivels, het zijn geboren kwaadaardige demonen. Zo is het nu eenmaal.
Antichristen zijn boven alles gericht op reputatie en status. Wat zijn de handelingen die antichristen ondernemen als het gaat om reputatie en status? Ze handelen gewetenloos, pijnigen hun hersens, putten elke gedachte uit en sparen kosten noch moeite om hun eigen reputatie en status te beheren. Deze twee dingen zijn hun levensader, ze zijn alles voor hen. Ze geloven dat het verkrijgen van deze twee dingen betekent dat ze alles hebben verkregen. In hun wereld bestaan alleen status, reputatie en hun eigen belangen; niets anders doet er voor hen toe. Is het daarom nuttig om met mensen zoals antichristen te communiceren over de waarheid, menselijkheid, gerechtigheid of positieve dingen? (Het is niet nuttig.) Juist, het is niet nuttig. Het is alsof je een prostituee probeert te vertellen hoe ze een vrouw in een deugdzaam huishouden moet zijn, of probeert haar te leren een deugdzame echtgenote en moeder te zijn; ze wil niet luisteren, ze houdt er niet van en ze vindt het weerzinwekkend. Hoe weerzinwekkend vindt ze het? Ze berispt je in haar hart en grijpt kansen aan om je te bespotten, te ridiculiseren, aan te vallen en buiten te sluiten. Zijn er tegenwoordig in de kerk geen mensen die, zodra ze iemand horen communiceren over de waarheid, of over waarheden als het zich onderwerpen aan Gods orkestratie en regelingen of het gehoorzamen van de regelingen van Gods huis, een bijzonder opstandige houding aannemen? (Ja, die zijn er.) Die moeten er zijn. Observeer en identificeer degenen die zulk gedrag vertonen. Wanneer je communiceert over de noodzaak je te onderwerpen aan Gods soevereiniteit en regelingen, reageren ze met een sterke afkeer en denken ze: de hele dag praten ze maar over zich onderwerpen aan gods regelingen, alsof alles door god is geregeld en mensen helemaal geen keuze hebben! Zodra je communiceert over de waarheid of de noodzaak om harmonieus samen te werken, Gods bedoelingen te zoeken en te handelen volgens de waarheidsprincipes in hun plichten, worden ze bijzonder afkerig en onwillig om te luisteren. Zelfs als ze met tegenzin luisteren, kunnen ze niet stilzitten, en als het hun op de een of andere manier lukt om stil te zitten, is het vrijwel zeker dat ze in slaap zijn gevallen. Wanneer je communiceert over de waarheid en over het volgen van principes bij het afhandelen van zaken, worden ze slaperig en dommelen ze in. Na enige tijd zonder communicatie over de waarheid, zonder snoeien, komen ze vol energie te zitten. Ze handelen onbeteugeld en roekeloos, nemen eenzijdig beslissingen, en grijpen met de ene hand naar reputatie en met de andere naar status. Ze springen hoger dan wie dan ook en geven zich over aan allerlei onruststokerij. Deze mensen zijn allemaal antichristen; ze weerstaan allemaal God en kunnen op elk moment grote problemen veroorzaken.
Iedereen die de aard van antichristen bezit, moet als een antichrist worden gekenmerkt. Wanneer ze eigenmachtig willen handelen, moeten ze worden beteugeld en gestopt; dit staat buiten kijf. Sommigen zeggen misschien: “Wat als we hen niet kunnen stoppen? Wat moeten we doen?” Ik zal jullie een trefzekere manier vertellen om hen met slechts één zin te stoppen. Wanneer je zo’n situatie meemaakt, zeg dan gewoon: “Als je stopt met roekeloos handelen, het nemen van eenzijdige beslissingen en het hebben van het laatste woord, ga je dan dood?” Hoe klinkt dat? (Goed.) Denken jullie dat een antichrist echt zou kunnen sterven als hij wordt verhinderd eigenmachtig te handelen? (Ja.) Hoe zijn jullie tot dit ‘ja’ gekomen? (Antichristen zijn in hun diepste wezen zo; als ze niet eigenmachtig kunnen handelen, voelen ze zich ellendig en kunnen ze niet verder leven.) Precies, zo zijn ze in hun diepste wezen, en als ze niet op deze manier kunnen handelen, voelen ze zich ellendig. Zijn deze mensen dan normaal? (Nee.) Ze zijn niet normaal. Hoe zou een normaal mens denken? Als ik niet eigenmachtig kan handelen, geef ik het gewoon op; wat is daar zo moeilijk aan? Het maakt het leven zelfs gemakkelijker voor me! Zo zou een normaal mens denken. Maar een antichrist zal zich ellendig voelen als je hem niet op deze manier laat handelen. Woont er geen duivel in hem? (Ja.) Hem niet eigenmachtig laten handelen kan hem dus het gevoel geven dat hij sterft. Wat betekent dit ‘sterven’? Het betekent dat de duivel hem in zijn hart kwelt en verstoort, waardoor hij het gevoel heeft het niet te kunnen verdragen en niet verder te kunnen leven, alsof hij op het punt staat te sterven; dat is wat het betekent. Voor antichristen, kwaadaardige mensen en die duivels die het werk van Gods huis proberen te verstoren, is het zeggen van deze ene zin tegen hen effectiever dan het bespreken van welke waarheid dan ook met hen. Deze ene uitspraak is nuttig bij mensen als antichristen, kwaadaardige mensen en duivels, die het werk van Gods huis verstoren. Is het nuttig om de waarheid tegen deze mensen te spreken? (Nee, dat is het niet.) ‘Je moet harmonieus samenwerken, je plicht vervullen en zaken afhandelen volgens de waarheidsprincipes’ – dit soort woorden wordt al vele jaren gesproken; is er iemand die ze niet begrijpt of onthoudt? Dat zou niet zo moeten zijn. Waarom handelen sommige mensen dan nog steeds eigenmachtig? Dit kan maar één ding betekenen: ze hebben zichzelf niet in de hand; het zijn geen normale mensen. Hun verstand en hart kunnen hen niet besturen; er is iets anders binnenin dat hen bestuurt, dat hen gewelddadig en krachtig aanzet tot handelen op deze manier, wat precies het werk van Gods huis hindert, verstoort en schaadt, en de belangen ervan verliezen doet lijden. Wie zou zulke dingen kunnen doen? Alleen Satans en duivels. Degenen die God volgen, de normale mensen, de ware schepselen, zouden niet de motivatie hebben om zulke dingen te doen; alleen Satans en duivels hebben de motivatie en doen deze dingen opzettelijk. Hebben jullie deze uitspraak onthouden? (Ja.) Dan sluiten we onze communicatie hier voor vandaag af. Tot ziens!
29 februari 2020