Punt tien: Ze verachten de waarheid, schenden schaamteloos principes en negeren de regelingen van Gods huis (deel 4)
II. Het vlees waarin God geïncarneerd is verachten
In de vorige communicatie hebben we gecommuniceerd over het tweede subonderwerp van de tiende uiting van antichristen – het vlees waarin God geïncarneerd is verachten. Waar waren we gebleven in onze communicatie? (Hoe ze Christus behandelen hangt af van hun humeur.) We waren aanbeland bij het punt ‘hoe ze Christus behandelen, hangt af van hun humeur’. Laten we eerst herhalen over welke aspecten er is gecommuniceerd. Hoeveel situaties werden er ontleed met betrekking tot ‘afhankelijk van hun humeur’? (Er waren vijf situaties: hun gedrag wanneer ze worden geconfronteerd met het snoeien, hun gedrag jegens Christus toen Hij werd opgejaagd, wanneer ze noties ontwikkelen over de geïncarneerde God, wanneer ze worden gepromoveerd of van hun positie worden ontheven, en wanneer ze worden geconfronteerd met verschillende omgevingen.) Dat is het in grote lijnen. Wanneer jullie naar de inhoud van deze aspecten luisteren, horen jullie dan alleen maar over de gebeurtenissen die erin voorkomen, of toetsen jullie die aan jezelf, om door deze gebeurtenissen de waarheid te verkrijgen en te begrijpen? Met welk perspectief luisteren jullie? (Wanneer God deze gesteldheden en uitingen blootlegt en ontleedt, kan ik ze op mezelf betrekken. Soms is mijn gedrag misschien niet volledig hetzelfde als de uitingen van antichristen, maar de onthulde gezindheid en aard-essentie zijn hetzelfde.) De blootgelegde gesteldheden, uitingen en essenties bestaan in verschillende mate in iedereen. Wanneer mensen voor het eerst in God gaan geloven, is het moeilijk voor hen om de uitingen van deze verdorven gezindheden in zichzelf op te merken, maar naarmate hun ervaring in het geloof in God geleidelijk dieper wordt, worden ze zich onbewust bewust van bepaalde gezindheden en gedragingen. Daarom, ongeacht of de specifieke uitingen waarover we spreken momenteel op jou van toepassing zijn of dat je je in het verleden met dergelijk gedrag hebt ingelaten, betekent dit niet dat deze kwesties niets met jou te maken hebben; het betekent niet dat je zulke dingen in de toekomst niet zult doen, noch betekent het dat je zulke gezindheden en gedragingen niet bezit. We communiceren en leggen de verschillende uitingen van antichristen nu al meer dan een jaar bloot. We hebben al meer dan een jaar aan de communicatie over een onderwerp besteed en zijn er nog steeds niet mee klaar. Vinden jullie dan dat we de inhoud van onze communicatie specifiek en grondig behandeld hebben? (Die is grondig behandeld.) Die is uiterst specifiek en grondig behandeld! Ondanks dat de communicatie dit niveau heeft bereikt, vertonen veel mensen nog steeds hun oorspronkelijke gedrag, zonder ook maar in het minst te veranderen. Dat wil zeggen, de gesproken woorden en de blootgelegde gesteldheden, gezindheden en essenties helpen hen volstrekt niet. Gedurende deze periode zijn er nog steeds sommigen die zich roekeloos en gewetenloos blijven gedrag en willekeurig en dictatoriaal blijven handelen, en zich eigenzinnig en grillig gedragen. Ze blijven zoals ze voorheen waren, of geven zich er nog meer aan over nadat ze status hebben verkregen, en onthullen zichzelf nog duidelijker. Bovendien zijn er altijd mensen die van hun positie worden ontheven en worden verwijderd – wat is hier aan de hand? (Dat komt omdat deze mensen de waarheid nooit hebben aanvaard; ze hebben zoveel preken gehoord, maar hebben die niet ter harte genomen.) Een van de redenen is dat deze mensen de waarheid nooit aanvaarden; ze zijn afkerig van de waarheid en houden niet van positieve dingen. Een andere reden is dat ze inherent de essentie van antichristen bezitten, en niet in staat zijn de waarheid of positieve dingen te aanvaarden. Daarom is het zo dat, hoewel ik de verschillende essenties en uitingen van antichristen zo specifiek heb gecommuniceerd en blootgelegd, deze antichristen en kwaadaardige mensen ongeremd en zonder vrees blijven handelen, en ze doen wat ze willen. Wordt dit niet bepaald door hun essentie? Het is voor deze mensen werkelijk onmogelijk om hun aard te veranderen; ze blijven onaangedaan door preken, hoeveel ze er ook horen, en tonen ook geen berouw. Afgaande op hun dagelijks leven, hun houding ten opzichte van het vervullen van hun plichten en de manier waarop ze die vervullen, aanvaarden ze de waarheid totaal niet en zijn hun gezindheden niet in het minst veranderd; deze woorden zijn als aan dovemansoren gericht – volstrekt ineffectief. Deze woorden hebben geen effect op antichristen, maar hebben ze wel een zeker remmend effect op jullie gehad? Hebben ze gediend om bepaalde gedragingen te beteugelen en de normen van jullie geweten en moraal te verhogen? (Enigszins.) Als ze dit effect niet op iemand hebben gehad, is zo iemand dan nog een mens? Nee, dat is een duivel. Natuurlijk hebben de meeste mensen na het horen van deze woorden enig inzicht gekregen in de verschillende gezindheidsessenties van antichristen, en hebben ze vanuit het diepst van hun hart een haat ontwikkeld voor de gezindheden van antichristen. Daarnaast hebben ze ook enig inzicht en kennis gekregen in hun eigen verdorven gezindheidsessenties. Dit is een goed teken, een goede zaak. Maar zijn er ook mensen die steeds negatiever worden naarmate ze meer luisteren? Mensen die bij het horen van deze woorden denken: het is voorbij. Elke keer dat de uitingen, gesteldheden en gezindheden van antichristen worden blootgelegd, komen ze volledig overeen met de mijne. Geen enkele keer zijn ze niet op mij van toepassing. Wanneer kan ik me volledig losmaken van de gezindheid van antichristen? Wanneer kan ik enige uitingen van Gods volk, van Gods geliefde zonen, tonen? Hoe meer ze luisteren, hoe negatiever ze worden, hoe meer ze het gevoel hebben dat ze geen pad hebben om te volgen. Is deze reactie normaal? (Nee.) Voelen jullie je negatief? (Nee.) Steekt het elke keer als jullie Mij deze uitingen en gebeurtenissen van antichristen horen blootleggen, of veroorzaakt het ongemak? Schamen jullie je? (Het steekt, we schamen ons.) Ongeacht welke gevoelens jullie hebben, het feit dat het niet tot negativiteit leidt is goed; jullie hebben standgehouden. Niet negatief zijn is echter niet genoeg; het doel wordt er niet mee bereikt, het is niet het uiteindelijke doel. Jullie moeten door deze woorden tot kennis van jezelf komen. Het gaat niet om het begrijpen van één aspect van gedrag, maar om het kennen van je eigen gezindheid en essentie. Dit begrip moet je in staat stellen de weg te vinden om in het leven en tijdens het vervullen van je plicht te beoefenen, en te weten welke handelingen in overeenstemming zijn met het gedrag van antichristen, welke handelingen een antichristelijke gezindheid onthullen en welke handelingen principieel zijn. Als je dit kunt bereiken, dan heb je niet tevergeefs naar deze woorden geluisterd; ze hebben effect op je gehad. Vervolgens zullen we verder communiceren over de vierde uiting van hoe antichristen de geïncarneerde God behandelen – slechts luisteren naar wat Christus zegt, maar noch gehoorzamen noch zich onderwerpen.
D. Slechts luisteren naar wat Christus zegt, maar noch gehoorzamen noch zich onderwerpen
Antichristen luisteren slechts naar wat Christus zegt, maar ze gehoorzamen noch onderwerpen zich; hoe luisteren ze dan? Deze zin vat in wezen de houding samen waarmee ze luisteren: er is geen volgzaamheid, geen oprechte onderwerping; ze aanvaarden het niet vanuit hun hart, maar luisteren slechts met hun oren, zonder het met hun hart te vatten. Letterlijk genomen kunnen het gedrag en de gezindheid van antichristen in dit opzicht worden samengevat in deze basiselementen. Vanuit het perspectief van de gezindheidsessentie van antichristen, gehoorzamen zulke mensen noch geven ze toe aan iets wat van God komt of iets wat door God of mensen als goed en positief wordt beschouwd, en iets wat in overeenstemming is met natuurwetten; in plaats daarvan kijken ze op zulke dingen neer en hebben ze hun eigen perspectieven en zienswijzen. Zijn hun perspectieven in lijn met de regels en wetten van positieve dingen? Nee. Hun perspectieven komen neer op twee aspecten: het ene wordt gevormd door de wetten van Satan, en het andere is in lijn met Satans belangen en Satans aard-essentie. Daarom komen, wat betreft het vlees waarin God geïncarneerd is, de perspectieven en houdingen van antichristen in wezen neer op twee dingen: het ene is de logica en de wetten van Satan, en het andere is de gezindheidsessentie van Satan. Christus is terwijl Hij een werkfase op aarde uitvoert de woordvoerder van God; Hij is de uitdrukking en de incarnatie van God terwijl Hij een werkfase op aarde uitvoert. Antichristen hebben, naast dat ze nieuwsgierig zijn naar deze rol, een voorliefde deze te onderwerpen aan nauwkeurig onderzoek en Hem te behandelen zoals ze een persoon met status zouden behandelen, dat wil zeggen te vleien en te paaien. Ze hebben geen oprecht geloof en geen oprechte navolging in hun hart, laat staan echte liefde en onderwerping. Wat Christus betreft, dat is een figuur die onbeduidend lijkt in de ogen van de verdorven mensheid: Zijn uiterlijk is gewoon en normaal; Zijn spraak, gedrag, houding en alle aspecten van Zijn menselijkheid zijn ook gewoon en normaal. Sterker nog, de vorm, manier en methode van het werk dat Hij doet, lijken in de ogen van iedereen uiterst gewoon, normaal en praktisch. Ze zijn niet bovennatuurlijk, niet hol, niet vaag en staan niet los van het werkelijke leven. Kortom, van buitenaf gezien lijkt Christus niet verheven. Zijn spraak, handelingen en houding zijn niet diepzinnig of abstract. Met het menselijk oog zijn er geen mysteriën te zien, noch iets onbegrijpelijks; Hij is gewoon te praktisch, te normaal. Laten we, voordat we de essentie en aard van al het werk dat door de geïncarneerde God wordt uitgevoerd bespreken, alles in overweging nemen wat uiterlijk zichtbaar is voor mensen met betrekking tot deze rol van de geïncarneerde God: Zijn spraak, gedrag, houding, dagelijkse routine, persoonlijkheid, interesses, opleidingsniveau, de kwesties waar Hij om geeft en die Hij bespreekt, de manier waarop Hij mensen behandelt en met hen omgaat, de dingen waarover Hij kennis verwoordt, enzovoort. Dit alles is in de ogen van de mens niet bovennatuurlijk, verheven of hol, maar bijzonder praktisch. Al deze aspecten zijn een test voor iedereen die Christus volgt; maar voor degenen die werkelijk in God geloven, die een geweten en verstand hebben, vatten deze aspecten, zodra zij enkele waarheden begrijpen, al deze normale en praktische uiterlijke manifestaties van Christus samen onder de noemer ‘de geïncarneerde God’ om die te begrijpen, te bevatten en zich eraan te onderwerpen. Alleen de antichristen slagen hier niet in; zij kunnen het niet. Diep in hun hart vinden ze dat het zo’n uitzonderlijk alledaags figuur als Christus aan iets ontbreekt. Wat ontbreekt er precies? Diep vanbinnen voelen antichristen vaak dat zo’n gewoon persoon niet echt op god lijkt. Ze eisen ook vaak dat zo’n gewoon persoon op een manier zou moeten spreken, handelen en zich gedragen die, naar hun mening, de ware god, de christus van hun verbeelding, zou passen. Daarom zijn ze, wanneer we diep in de harten van antichristen kijken, onwillig om zo’n gewoon persoon als hun heer, als hun god te aanvaarden. Hoe normaler, praktischer en gewoner een aspect van Christus is, des te meer wordt het door antichristen veracht, geminacht en zelfs met vijandigheid bejegend. Voor antichristen is dus diep vanbinnen geen enkel aspect van Christus’ gedrag, inclusief Zijn woorden, aanvaardbaar en ze verzetten zich er zelfs tegen.
Waarover spreekt Christus? Soms gaat het over het maken van werkregelingen, soms over het aanwijzen van iemands tekortkomingen, soms over het blootleggen van de verdorven essentie van een bepaald type persoon, soms over het analyseren van de essentie en alle details van een kwestie om de betrokken problemen te ontleden, soms over het oordelen over het goed en kwaad van een zaak, soms over het bepalen van de uitkomst voor een bepaald type persoon, soms over het promoveren van sommige mensen, soms over het uit hun positie ontheffen van sommige mensen, soms over het snoeien van sommige mensen, en soms over het troosten en aansporen van sommige mensen. Natuurlijk, naast de waarheden met betrekking tot de levensgezindheid van mensen waarover Christus tijdens Zijn werk spreekt, stipt Hij ook vaak allerlei andere zaken aan, en gaat Hij in op onderwerpen die verband houden met menselijke kennis en verschillende vakgebieden. Christus is een normaal en praktisch persoon; Hij leeft niet in een vacuüm. Hij heeft gedachten en standpunten over alle zaken die het menselijk bestaan en leven betreffen, en Hij benadert deze zaken met principes. Als deze principes betrekking hebben op de onderwerpen van het overleven van mensen, de ingang in het leven van mensen, de aanbidding van God, kan dan worden gezegd dat het allemaal waarheden zijn? (Ja.) De woorden die Christus spreekt over menselijke kennis, filosofie en sommige professionele zaken kunnen niet direct de waarheid worden genoemd, maar ze verschillen wat betreft zienswijze, houding en principe van wat mensen over deze onderwerpen weten. Mensen kunnen bijvoorbeeld een eerbiedige houding aannemen ten opzichte van een stuk kennis en ernaar leven, terwijl Christus allerlei soorten kennis kan ontleden en onderscheiden en er correct mee om kan gaan. Neem bijvoorbeeld jullie expertise in een bepaald beroep en jullie beheersing van de bijbehorende kennis. Wat kunnen jullie bereiken met jullie toepassing van deze kennis? Hoe passen jullie deze kennis toe tijdens het vervullen van jullie plicht? Zijn er waarheidsprincipes bij betrokken? Als je de waarheid niet begrijpt, dan zijn er geen principes, en vertrouw je uitsluitend op kennis bij het vervullen van je plicht. Hoewel Ik misschien geen expert ben in dat beroep of een diepgaand begrip heb van die kennis, en slechts het algemene idee begrijp en enkele grondbeginselen ken, weet Ik hoe Ik deze kennis op een manier en met principes moet toepassen zodat Gods werk effectief wordt gediend. Dit is het verschil. Antichristen zullen, omdat ze de waarheid niet aanvaarden, dit punt nooit zien en nooit begrijpen wat de essentie van Christus werkelijk is. Christus bezit Gods essentie – waar wordt deze uitspraak precies verwezenlijkt en gemanifesteerd, hoe moeten mensen ermee omgaan, en welke voordelen en winsten levert het mensen op? Antichristen zullen dit aspect nooit zien. Hoe komt dat? Er is een zeer belangrijke reden: hoe antichristen ook naar het vlees waarin God geïncarneerd is kijken, ze zien alleen maar een persoon. Ze meten het af vanuit een menselijk perspectief, met menselijke kennis, ervaring, intellect, listen en bedrog. Maar hoe ze ook kijken, ze kunnen niets bijzonders aan deze persoon ontdekken, noch kunnen ze onderscheiden dat Hij Gods essentie heeft. Zeg Mij, kunnen ze het met het blote oog zien? (Nee.) Wat als ze een microscoop of een röntgenapparaat zouden gebruiken? Dan is de kans nog kleiner dat ze het zouden zien. Sommige mensen vragen: ‘Als het niet met het blote oog of een microscoop kan worden gezien, kunnen degenen die in contact staan met het spirituele rijk het dan zien?’ (Nee.) Degenen die in contact staan met het spirituele rijk kunnen in dat rijk kijken en geesten waarnemen, waarom zouden ze de geïncarneerde God dan niet kunnen onderscheiden? Denken jullie dat Satan God kan zien in het spirituele rijk? (Ja.) Net als God bestaat Satan in het spirituele rijk, maar erkent hij God als God? (Nee.) Volgt of gelooft hij in God? (Nee.) Satan kan God elke dag zien, maar hij gelooft noch volgt Hem. Zelfs als degenen die in contact staan met het spirituele rijk Gods Geest zouden kunnen zien, zouden ze dan deze Geest dan als God erkennen? (Nee.) Lost deze uitleg de wortel van het probleem op? (Ja.) Wat is hier de wortel? (Ze erkennen God niet en vrezen Hem niet.) Diep vanbinnen erkennen antichristen God niet. Hun voorouders, hun diepste wortels, erkenden God niet. Zelfs met God recht voor hun ogen, erkennen noch aanbidden ze Hem. Hoe zouden ze dan de geïncarneerde God kunnen aanbidden, die zo gewoon en onbeduidend lijkt? Dat zouden ze absoluut niet kunnen. Daarom is het zinloos, welke middelen antichristen ook gebruiken om te zien. Vanaf het moment dat God Zijn werk begon tot nu toe heeft God zoveel woorden gesproken en zulk groot werk verricht. Is dit niet het grootste teken en wonder in de mensenwereld? Als antichristen het zouden kunnen erkennen, zouden ze allang geloofd hebben; ze zouden niet tot dit moment gewacht hebben. Zijn er mensen die denken: antichristen hebben gewoon niet genoeg van Gods werkelijke daden gezien, dus blijven ze niet overtuigd; als God enkele tekenen en wonderen zou tonen, hen zou laten zien hoe het spirituele rijk werkelijk is, en als ze Gods persoon zagen en dat al Zijn woorden werden vervuld, dan zouden ze God erkennen en volgen? Is dat het geval? Na zoveel jaren in het spirituele rijk met God te hebben gestreden zonder overtuigd te raken, zouden antichristen zich dan plotseling in slechts een paar jaar onderwerpen? Dat is onmogelijk; hun aard-essentie is onveranderlijk. De geïncarneerde God heeft zoveel werk verricht en zoveel woorden gesproken, maar niets van dit alles kan hen overwinnen, noch kunnen ze Gods identiteit en essentie erkennen. Dit is hun aangeboren aard. Wat duidt deze aard aan? Het betekent dat zulke mensen als antichristen voor altijd oorlog zullen voeren tegen God, de waarheid en positieve dingen, vechtend tot het bittere einde en er tot de dood mee doorgaan. Zijn zij niet de rechtmatige doelwitten van vernietiging? Wat betekent ‘tot de dood ermee doorgaan’? Het betekent dat ze liever sterven dan Gods woorden als de waarheid te erkennen, dat ze liever sterven dan zich aan God te onderwerpen. Dit verdient de dood.
Wanneer het op Christus aankomt, deze gewone persoon, onderzoeken antichristen Hem niet alleen van buitenaf, maar ook van binnenuit nauwkeurig. Wanneer Christus dus spreekt en handelt, vertonen antichristen een verscheidenheid aan gedragingen. Laten we hun aard-essentie blootleggen aan de hand van de verschillende uitingen die antichristen vertonen in reactie op de woorden en handelingen van Christus. Bijvoorbeeld, wanneer Christus met mensen communiceert over werk en de waarheidsprincipes, noemt Hij enkele specifieke praktijken. Deze hebben betrekking op hoe mensen een taak specifiek moeten uitvoeren en implementeren tijdens het vervullen van hun plicht. Over het algemeen bestaat geen enkele taak uit het bespreken van theorie, het roepen van slogans, het iedereen oppeppen en vervolgens iedereen een eed laten afleggen, en dat is het dan. Elke taak die verband houdt met de plicht is complex en gedetailleerd. Bijvoorbeeld: hoe de juiste persoon moet worden gekozen, hoe moet worden omgegaan met de verschillende gesteldheden van diverse mensen en hoe ze moeten worden behandeld, hoe de diverse problemen die zich voordoen tijdens het vervullen van de plicht volgens principes aan moeten worden gepakt; hoe harmonieuze samenwerking tussen mensen kan worden bereikt zonder arbitrair en dictatoriaal te handelen of zich eigenzinnig en grillig te gedragen, enzovoort. Er vallen verschillende onderwerpen onder. Wanneer mensen specifiek werk moeten implementeren waarover Christus heeft gecommuniceerd en de leiding moeten nemen over specifieke projecten, kunnen ze moeilijkheden tegenkomen. Slogans roepen en doctrines prediken is gemakkelijk, maar de daadwerkelijke implementatie is niet zo eenvoudig. Op zijn minst moet men inspanning leveren, een prijs betalen en tijd besteden om deze taken daadwerkelijk uit te voeren. Dit omvat enerzijds het vinden van geschikte individuen, en anderzijds het leren over het betreffende beroep, het onderzoeken van de algemene kennis en theorieën met betrekking tot verschillende professionele aspecten, en de specifieke methoden en benaderingen van de uitvoering. Bovendien kunnen ze enkele uitdagende kwesties tegenkomen. Normale mensen voelen zich over het algemeen een beetje ontmoedigd als ze over deze moeilijkheden horen en voelen enige druk, maar degenen die trouw en onderworpen zijn aan God, zullen, wanneer ze met moeilijkheden worden geconfronteerd en druk voelen, in stilte in hun hart bidden en God om leiding, een groter geloof, verlichting en hulp vragen. Ze zullen ook om bescherming tegen het maken van fouten vragen, zodat ze hun plicht trouw kunnen vervullen en hun uiterste best kunnen doen om een zuiver geweten te bereiken. Mensen als antichristen zijn echter niet zo. Wanneer ze van Christus horen over specifieke werkregelingen die ze moeten implementeren en dat het werk enige moeilijkheden met zich meebrengt, beginnen ze innerlijk weerstand te voelen en zijn ze onwillig om door te gaan. Hoe ziet deze onwil eruit? Ze zeggen: ‘Waarom komen er nooit goede dingen op mijn pad? Waarom altijd problemen en eisen? Word ik als nutteloos beschouwd of als een slaaf die men kan commanderen? Ik ben niet zo gemakkelijk te manipuleren! je zegt het zo gemakkelijk, waarom probeer je het zelf niet eens!’ Is dit onderwerping? Is dit een houding van aanvaarding? Wat doen ze? (Weerstand bieden, zich verzetten.) Hoe ontstaat deze weerstand en dit verzet? Als ze bijvoorbeeld wordt opgedragen: ‘Ga een paar pond vlees kopen en kook een maaltijd van gestoofd varkensvlees voor iedereen,’ zouden ze zich hiertegen verzetten? (Nee.) Maar als men zegt: ‘Vandaag ga je dat land omploegen, en tijdens het ploegen moet je eerst de stenen verwijderen voordat je kunt eten,’ dan worden ze onwillig. Zodra het fysieke ontbering, moeilijkheid of druk met zich meebrengt, komt hun wrok naar boven en worden ze onwillig om door te gaan; ze beginnen weerstand te bieden en te klagen: ‘Waarom overkomen mij geen goede dingen? Waarom word ik over het hoofd gezien als het tijd is voor gemakkelijke of lichte taken? Waarom word ik gekozen voor het zware, vermoeiende of vuile werk? Is het omdat ik argeloos en gemakkelijk te commanderen lijk?’ Hier begint de innerlijke weerstand. Waarom bieden ze zoveel weerstand? Wat voor ‘vuil en vermoeiend werk’? Wat voor ‘moeilijkheden’? Maken deze niet allemaal deel uit van hun plicht? Wie wordt aangewezen, moet het doen; wat valt er te kiezen? Gaat het erom het hen opzettelijk moeilijk te maken? (Nee.) Maar zij geloven dat het hen opzettelijk moeilijk wordt gemaakt, dat ze in het nauw worden gedreven, daarom aanvaarden ze deze plicht niet van God en zijn ze onwillig deze te aanvaarden. Wat is hier aan de hand? Is het zo dat wanneer ze moeilijkheden ondervinden, fysieke ontberingen moeten doorstaan en niet langer in comfort kunnen leven, ze weerstand bieden? Is dit je onvoorwaardelijk zonder een klacht te uiten onderwerpen? Ze worden al bij de geringste moeilijkheid onwillig. Alles wat ze niet willen doen, elk werk dat ze als moeilijk, ongewenst, vernederend of door anderen geminacht beschouwen, daar verzetten ze zich hevig tegen, maken ze bezwaar tegen en weigeren ze, zonder ook maar het geringste spoor van onderwerping te tonen. Wanneer antichristen moeilijkheden ondervinden die voortkomen uit de woorden, geboden of principes van Christus – wanneer lijden of opoffering vereist is – is hun eerste reactie verzet en afwijzing, en voelen ze afkeer in hun hart. Wanneer het echter gaat om dingen die ze bereid zijn te doen of die hen ten goede komen, is hun houding niet dezelfde. Antichristen geven zich graag over aan comfort en vallen graag op, maar zijn ze ook blij en bereid wanneer ze het lijden van het vlees, de noodzaak om een prijs te betalen, of zelfs het risico anderen te beledigen te aanvaarden? Kunnen ze dan absolute onderwerping bereiken? Geenszins; hun houding is volledig opstandig en weerspannig. Wanneer mensen als antichristen worden geconfronteerd met dingen die ze niet willen doen, dingen die niet in overeenstemming zijn met hun voorkeuren, smaak of eigenbelang, wordt hun houding ten opzichte van de woorden van Christus er een van absolute weigering en weerstand, zonder een spoor van onderwerping.
Sommige mensen beginnen, terwijl ze naar Christus luisteren, gedachten te vormen: ‘waarom zegt Christus dit? Hoe kan Hij deze zaak vanuit deze zienswijze behandelen? Hoe kan Hij zo’n mening hebben, hoe kan Hij iets op deze manier definiëren? Is dit ook de waarheid? Zijn dit ook Gods woorden? Ik denk het niet. De manier waarop God in de Bijbel spreekt, is anders opgetekend, met een zekere rationaliteit, zonder in te gaan op deze gedetailleerde en triviale zaken. Waarom spreekt Christus zo? Het gaat altijd over details en het ontleden van details; kan God echt zo spreken?’ Wanneer ze Gods woorden lezen, hebben ze nooit noties, maar denken het volgende: dit zijn Gods woorden; ik moet erop vertrouwen om leven, redding en zegeningen te verkrijgen. Wanneer ze echter daadwerkelijk met Christus omgaan, beginnen ze meningen te vormen over Zijn zienswijzen, opmerkingen en houdingen ten aanzien van sommige zaken, en ook over de manieren waarop Hij met bepaalde mensen omgaat. Deze meningen kunnen als menselijke noties worden beschouwd. Wanneer antichristen noties in hun hart ontwikkelen, zullen ze dan tot God bidden om hun noties te laten snoeien? Absoluut niet. Ze meten voortdurend de woorden van Christus af aan hun eigen noties, zonder een spoor van een hart van onderwerping. Wanneer ze dus noties over Christus ontwikkelen, beginnen ze innerlijk weerstand te voelen en worden ze geleidelijk aan antagonistisch jegens Christus. Wanneer een dergelijk antagonisme ontstaat, zijn antichristen dan nog van plan zich te onderwerpen? Zijn ze nog van plan te aanvaarden? In hun hart beginnen ze weerstand te bieden en denken ze: hmpf, nu heb ik iets tegen je in handen. je wordt verondersteld God te zijn, nietwaar? Zijn al je woorden niet de waarheid? Het blijkt dat ook jij logisch redeneert wanneer je dingen doet, en je over zaken oordeelt op basis van wat je met je ogen ziet. je handelingen komen niet overeen met gods essentie! Ze beginnen innerlijk opstandigheid te voelen. Wanneer deze opstandigheid ontstaat, wordt die uiterlijk onthuld. Ze zeggen misschien: ‘Wat je zegt lijkt juist, maar ik moet in Gods nakijken om te zien wat Hij daarover zegt. Ik moet tot God bidden om te zien hoe Hij me leidt. Ik moet wachten en zoeken om te zien hoe God me leidt en verlicht. Wat je hebt gezegd valt niet langer binnen mijn overwegingen en kan niet de basis vormen voor mijn handelingen.’ Wat voor soort uiting is dit? (Christus ontkennen.) Ze ontkennen Christus, maar waarom lezen ze dan nog steeds ‘Het Woord verschijnt in het vlees’? (God, ik denk dat ze alleen de vage God in de hemel erkennen en Christus op aarde ronduit ontkennen.) Antichristen leven consequent binnen holle woorden en doctrines, en vereren een verheven, onzichtbare god. Daarom vereren en achten ze de geschreven woorden die de opgetekende uitspraken van Christus zijn in hoge mate, maar beschouwen ze Christus, die zo gewoon is als maar kan, in hun hart als iemand zonder enige status. Is dit niet tegenstrijdig? Wanneer ze noties over Christus koesteren, zeggen ze: ‘Ik moet bidden en zoeken om te zien wat Gods woorden zeggen.’ Wanneer ze alleen Gods woorden erkennen maar Christus niet, wat zijn zij dan? (Antichristen.) Hoe belangrijk of diepgaand hun noties over de woorden van Christus ook mogen zijn, zodra die woorden zijn gedrukt, verdwijnen hun noties. Zodra de woorden tekst worden, aanbidden ze die als God. Is dit niet dezelfde fout die farizeeën en degenen in religieuze kringen maakten? Wanneer de waarheid niet wordt begrepen, ontstaan deze uitingen en noties makkelijk. Nadat antichristen noties hebben ontwikkeld, kunnen hun harten zich niet meer onderwerpen; er is geen onderwerping, alleen maar weerstand.
Onder welke omstandigheden ontwikkelen gewone mensen noties, of wat voor soort mensen zijn geneigd noties te ontwikkelen? Er zijn twee soorten mensen die geneigd zijn noties te ontwikkelen: degenen die Gods woorden niet begrijpen, en degenen die geen geestelijk begrip hebben en de waarheid niet aanvaarden. Zodra er noties ontstaan, beginnen ze zich in hun hart te verzetten. Ik kan mensen bijvoorbeeld vertellen iets op een bepaalde manier te doen op basis van de achtergrond, de omgeving en de menselijke behoeften op dat moment. Later, naarmate de tijd verstrijkt en situaties veranderen, kan de aanpak van de zaak echter ook veranderen. Deze verandering geeft antichristen echter een gelegenheid om noties te ontwikkelen: ‘Jij zei dit eerder, verklaarde het als de waarheid en vertelde mensen het op die manier te beoefenen. We begrepen het eindelijk en waren in staat het te beoefenen en ons eraan te houden, denkend dat we hoop mochten koesteren op zegeningen, en nu vertel je ons het anders te doen – wat betekent dit? Ben je ons niet aan het kwellen? Behandel je ons niet als minder dan menselijk? Wat is precies de juiste manier om het te doen?’ Elke verandering in methode, aanpak of uitspraak kan sommige mensen woedend maken – dit zijn de individuen die de waarheid volstrekt niet begrijpen en deze niet kunnen bevatten. Ze meten alles wat God doet af aan oude zienswijzen, oude theorieën, bepaalde menselijke morele normen, gewetensnormen en zelfs aan enig logisch denken en menselijke kennis. Wanneer dit alles in strijd is met wat Christus heeft gezegd of wanneer er tussentijds discrepanties ontstaan, weten ze niet hoe ze ermee om moeten gaan. Wanneer ze niet zeker weten hoe ze verder moeten, behoren normale mensen eerst te kalmeren en het te aanvaarden, en het vervolgens geleidelijk proberen te begrijpen. Antichristen zijn echter niet zo. Ze bieden eerst weerstand en bidden dan tot de vage God, waarbij het lijkt alsof ze de waarheid beoefenen en God heel erg liefhebben. Wat is het doel van hun gebed? Het is om voldoende bewijs te vinden om de woorden van Christus te ontkennen, om te veroordelen en te bekritiseren wat Christus heeft gezegd, teneinde zo gemoedsrust te bereiken. Dit is hoe ze hun noties oplossen. Kan dit hun noties oplossen? (Nee.) Waarom niet? (Omdat ze de waarheid niet aanvaarden. Ze zoeken de waarheid niet vanuit Gods woorden, maar proberen God te ontkennen.) Precies, ze lossen hun noties niet op met een houding van het aanvaarden van de waarheid of op een manier die de waarheid aanvaardt. Hun noties worden niet losgelaten; ze blijven in hun hart voortbestaan. Daarom zal een dergelijke aanpak hun noties nooit oplossen en hen nooit in staat stellen hun noties los te laten. In plaats daarvan stapelen deze noties zich in de loop van de tijd op; naarmate de tijd verstrijkt en de jaren van hun geloof in God toenemen, nemen ook hun noties en verbeeldingen toe. Bijgevolg wordt hun houding ten opzichte van Christus, ten opzichte van deze gewone persoon, onvermijdelijk steeds meer vertekend door noties. Tegelijkertijd groeien ook de barrière in hun hart ten opzichte van Christus en hun wrok jegens Hem. Wat kunnen ze uiteindelijk verwerven als ze deze barrières en noties met zich meedragen terwijl ze hun plichten vervullen, bijeenkomsten bijwonen en Gods woorden eten en drinken? Behalve dat hun verlangen naar zegeningen met de dag toeneemt, verwerven ze niets.
Hebben jullie noties over Christus? De eisen die mensen aan God stellen, vormen hun noties over Christus. Waar komen deze eisen vandaan? Ze komen voort uit de ambities, begeerten, noties en verbeeldingen van mensen. Wat voor soort noties ontwikkelen mensen dus? Ze geloven dat Christus dit of dat zou moeten zeggen, dat Hij op bepaalde manieren zou moeten spreken en handelen. Wanneer iemand zich bijvoorbeeld negatief en zwak voelt, denkt hij misschien: is God geen liefde? God is als een liefdevolle moeder, als een barmhartige vader; God zou mensen troost moeten bieden. Vergeet de God in de hemel; Hij is onbereikbaar. Nu God naar de aarde is gekomen, is het voor mensen gemakkelijk geworden. Aangezien ik me negatief voel, moet ik voor God komen en mijn hart uitstorten. En terwijl ze hun hart uitstorten, vergieten ze tranen, praten ze over hun moeilijkheden en zwakheden, en bespreken ze openlijk hun verdorven gezindheid. Wat zoeken mensen werkelijk in hun hart? Ze willen getroost worden, ze willen aangename woorden horen, ze willen dat God woorden spreekt die hun verdriet verlichten, hen opbeuren, troost brengen en ervoor zorgen dat ze zich niet meer negatief voelen. Is dat niet het geval? Vooral een bepaald type mens koestert deze verbeelding: voor mensen zijn zwakheid en negativiteit slechts dat, maar voor God kan slechts één enkele zin iemand volledig verfrissen, waarbij alle problemen en zorgen in zijn hart onmiddellijk als sneeuw voor de zon verdwijnen. Zwakheid en negativiteit zullen als rook oplossen, en ze kunnen tegenover alles sterk zijn, niet langer zwak of vastzittend in negativiteit, en standvastig staan in hun getuigenis. Welnu, laat Christus spreken! Zeg Mij, wat moet Ik zeggen als Ik met zo’n situatie word geconfronteerd? Enerzijds moet Ik uitzoeken waarom deze persoon zich negatief voelt en welke plicht hij vervult; anderzijds moet Ik communiceren over de principes die men moet naleven tijdens het vervullen van zijn plicht. Is dit niet duidelijk verwoord? Voor sommigen die dwaas en koppig zijn en de waarheid niet aanvaarden, is het noodzakelijk om een disciplinerend woord te spreken om hen te prikkelen, om hen aan te moedigen. Tegelijkertijd is het ook noodzakelijk om de aard-essentie van dit type persoon bloot te leggen, zodat ze begrijpen wat het inhoudt om altijd negatief te zijn en waarom ze voortdurend negatief zijn. Als Ik zeg dat degenen die altijd negatief zijn, mensen zijn die de waarheid niet aanvaarden, die de waarheid niet liefhebben, kunnen ze dan troost vinden wanneer ze dit horen? (Nee.) Stel dat Ik dit zou zeggen: “Voortdurend negatief zijn is normaal. Het is een kinderlijke uiting; het is alsof een kind de lasten van een volwassene draagt en door het gewicht voortdurend negatief wordt. Je hebt een kleine gestalte, bent jong en hebt niet veel meegemaakt, je zult het dus geleidelijk moeten leren. Bovendien hebben je ouders ook een verantwoordelijkheid; ze hebben je niet goed onderwezen, dus het is niet jouw schuld.” Ze zouden dan kunnen vragen: “Wat is dan deze verdorven gezindheid van mij?” “Dit is geen verdorven gezindheid; het is gewoon dat je te jong bent en uit een goed gezin komt; je bent verwend en in de watten gelegd. Over een paar jaar, als je opgroeit, zal het beter gaan.” Zouden ze zich getroost voelen als ze dit horen? Als Ik er een dikke knuffel aan toevoegde en wat positieve energie overbracht, zouden ze zich dan niet warm vanbinnen voelen? Op deze manier zouden ze het gevoel hebben dat ze Gods liefde en warmte hebben ervaren. Maar Christus handelt gewoonlijk niet zo. Hij zou dit misschien voor oudere kinderen doen als een vorm van troost, maar voor een volwassene zou Hij niet op deze manier handelen; dat zou neerkomen op het bedriegen van een dwaas. In plaats daarvan zal Hij ter zake komen, je een pad wijzen, verduidelijken wat er werkelijk aan de hand is en je vrij laten kiezen. Wat voor soort persoon je bent, bepaalt het pad dat je bewandelt. Als we kijken naar de essentie van alles wat Christus doet dan zien we dat Hij mensen niet bedriegt en niet met hen solt. Dit kunnen ze echter niet aanvaarden. Ze zien de feiten niet onder ogen, maar toch is dit de ware essentie van Christus; Hij kan alleen maar op deze manier handelen. Als mensen dit niet kunnen aanvaarden, creëert dit dan geen conflict tussen mensen en God? Als ze hun doel niet kunnen bereiken en ook de waarheid niet aanvaarden, creëert dit dan geen barrière? (Ja.) Dit zet zich vast in de harten van mensen. Mensen dachten oorspronkelijk dat God heel liefdevol was, zachtaardig als een moeder of grootmoeder. Maar nu ze zien dat de dingen niet zo zijn en ze zelfs geen greintje warmte voelen, voelen ze zich ontmoedigt. Kan hun verbeelding dat “slechts één zin van Christus mij uit mijn negativiteit kan halen” worden vervuld? “Zolang Christus mijn problemen komt oplossen, garandeer ik dat ik me onmiddellijk warm vanbinnen zal voelen en nooit meer negatief zal zijn; alles zal helder worden en er zal zich een pad openen.” Is deze verbeelding realistisch? Kan dit doel worden bereikt? (Nee.) Daarom zal het niet werken als mensen in deze kwestie altijd op hun noties en verbeeldingen vertrouwen; ze moeten de waarheid zoeken om de kwestie op te lossen.
Sommige mensen doen bepaalde dingen achter de schermen, en wanneer ze Mij ontmoeten, vertellen ze Mij: “Ik heb de zonde van onkuisheid begaan toen ik een tiener was.” Ik zeg: “Vertel Mij hier alsjeblieft niet over. Bid oprecht in het verborgene en toon waar berouw, dan zal het probleem worden opgelost en zal God het Zich niet herinneren. Je hoeft het Mij niet recht in mijn gezicht te vertellen; Ik verdiep me niet in deze dingen.” Wanneer Ik hen het woord ontneem, beginnen ze na te denken: bent U werkelijk God? Mijn hart is zo oprecht, een vurig hart, en U hebt er een emmer koud water overheen gegooid. Ik wilde gewoon een openhartig gesprek met U voeren, waarom wilt U niet luisteren? Het zou goed zijn als U luisterde; ik heb meer details te vertellen. Ik zeg: “Het uiteindelijke doel van het belijden van je zonden is berouw tonen, niet het oprakelen van talloze details. Als je diep in je hart werkelijk berouw hebt getoond, doet de vorm er niet toe; dit proces doorlopen is nutteloos. Alle details en omstandigheden aan Mij verduidelijken, betekent niet dat je berouw hebt getoond. Als je werkelijk berouw hebt getoond, heb je, zelfs als je niets zegt, toch berouw getoond. En als je geen berouw hebt getoond, is het zinloos, ook als je er wel over spreekt.” Sommige mensen begrijpen het niet en denken dat Ik alles wil horen, zoals dat ze onkuis zijn geweest, hebben gestolen, of anderen hebben veroordeeld en erin hebben geluisd voordat ze in God gingen geloven. Ze denken dat Ik bereid ben naar al deze persoonlijke levenskwesties te luisteren, dat Ik ieders diepste gedachten en alle daden die ze hebben verricht, goed of slecht, wil weten en doorgronden. Is dit geen menselijke notie? Ze vergissen zich. Ik hoef alleen maar te weten over de verdorven gezindheden van mensen, hun essentie en het pad dat ze bewandelen; dit is voldoende om de belangrijke kwestie van hun redding aan te pakken. Het is niet nodig om ieders huidige leven of volgende leven te kennen; zulke details zijn niet nodig. Mensen veronderstellen: U bent ook normaal en praktisch. Er zijn sommige dingen die U niet weet, dus misschien wilt U de familieachtergrond van ieder individu begrijpen, de omgeving waarin ze zijn opgegroeid en deze speciale ervaringen tijdens het opgroeien, zodat U ze voor de doeleinden van het werk grondig leert kennen, om iets tegen hen in handen te hebben waarmee U hen kunt oordelen en ontmaskeren. Is dit hoe het zit? (Nee.) Sommige mensen, die deze noties en verbeeldingen met zich meedragen, willen altijd hun daden uit het verleden met Mij delen wanneer ze Mij ontmoeten, en zeggen: “Oh, U weet het niet, mijn familie was vroeger zo …” Ik zeg: “Praat niet over de zaken van je familie; deel enkele ervaringen over het geloof in God.” Anderen zeggen: “Oh, U weet het niet, ik heb vroeger zoveel partners gehad”, of: “U weet niet wie ik vroeger erin heb geluisd.” Is het nuttig om deze dingen te zeggen? (Nee.) Ze denken dat de geïncarneerde God werkelijk bereid is deze zaken te weten, erop gebrand is alle schandelijke gedragingen onder mensen en de diverse gedetailleerde aspecten van het gevallen leven van mensen te begrijpen. Wanneer Ik zulke mensen tegenkom, vertel Ik hun: “Als je wilt biechten en berouw wilt tonen, bid dan in het verborgene voor God, vertel het niet aan Mij. Ik ben alleen verantwoordelijk om je te leren hoe je je plicht goed kunt vervullen en hoe je God in het werkelijke leven kunt aanbidden, om je te helpen redding te bereiken. We kunnen over alles praten wat hiermee te maken heeft wanneer we elkaar ontmoeten, maar het is het beste om ongerelateerde zaken niet te noemen.” Als ze dit horen, beginnen sommige mensen te denken: het ontbreekt God werkelijk aan liefde, God is niet verdraagzaam. Wat voor soort persoon heeft volgens hen liefde? Een directeur van het buurtcomité, iemand die zich specifiek bezighoudt met de dagelijkse triviale zaken van andere mensen. Word Ik geacht zulke dingen af te handelen? Ik geef helemaal niets om die zaken! Hoe je je leven leidt, wat je eet en draagt, hoe je geld verdient, je economische situatie, hoe je met je buren omgaat – met niets van dat alles bemoei Ik Mij. Dit is de houding die mensen ten opzichte van Christus hebben wanneer ze noties koesteren. Vooral wanneer ze noties ontwikkelen ten opzichte van de woorden van Christus of wanneer de woorden van Christus volledig in strijd zijn met hun eigen noties, laten antichristen hun noties niet los en aanvaarden ze de waarheid niet, noch ontleden ze hun noties of zoeken ze de waarheid; in plaats daarvan houden ze vast aan hun noties en veroordelen ze in hun hart heimelijk wat Christus zegt.
In deze laatste periode voert God het oordeelswerk van de laatste dagen uit. Naarmate Gods evangelie van het koninkrijk zich verspreidt, zijn er in Gods huis heel wat werkzaamheden ontstaan die verband houden met verschillende beroepen, zoals muziekgerelateerd werk, tekstueel werk, filmproductiewerk, enzovoort. In de loop van dit werk is Christus ook betrokken geweest bij sommige werkzaamheden die verband houden met deze beroepen, natuurlijk voornamelijk door richtlijnen te bieden en de richting van diverse werkzaamheden te bepalen; Hij werkt binnen dit kader. Het is onvermijdelijk dat Christus misschien niet vertrouwd is met bepaalde kennis of algemene informatie met betrekking tot deze vakgebieden, en er zijn misschien dingen die Hij niet begrijpt. Is dit niet heel normaal? Voor de meeste mensen lijkt dit volkomen normaal en is het geen groot probleem, omdat iedereen in een leerproces zit, en onder Gods leiding kan allerlei werk alleen maar beter en beter worden, waarbij er steeds meer eindproducten en hoogwaardige resultaten worden geproduceerd. Maar voor antichristen is dit geen geringe kwestie. Ze zeggen: “Je bent totaal onbekend met een bepaald vakgebied, zelfs onwetend. Welk recht heb je om je ermee te bemoeien, om ons te leiden en te begeleiden? Waarom zou jouw woord de doorslag moeten geven? Waarom zouden wij allemaal naar jou luisteren? Is luisteren naar jou noodzakelijkerwijs juist? Zullen we niet het verkeerde pad opgaan of fouten maken in ons werk als we naar jou luisteren? Daar ben ik niet zo zeker van.” Wanneer Christus richtlijnen biedt voor het werk, benaderen sommige mensen deze met een sceptische houding: ‘Laten we eerst eens kijken of wat Hij zegt steekhoudt en binnen het juiste kader van expertise valt, en of het beter is dan onze eigen ideeën. Als dat zo is, zullen we het aanvaarden en Zijn richtlijnen volgen; zo niet, dan maken we een andere keuze, vinden we een andere weg.’ Antichristen koesteren innerlijk echter een mentaliteit van volledige opstandigheid: ‘Wij zijn professionals en werken al vele jaren in dit vakgebied. We zouden deze taak met onze ogen dicht kunnen voltooien. Wanneer we jouw richtlijnen zouden volgen zou dat toch alleen maar voor de vorm zijn? Waarom zouden we naar jou luisteren? Zijn jouw suggesties niet gewoon officiële praatjes? Als we naar jou zouden luisteren, zouden we dan niet incompetent lijken? Maar nu luistert iedereen, en ik kan niet opstaan en bezwaar tegen je maken, omdat dit ertoe kan leiden dat ik als een antichrist word behandeld. Ik zal dus een tijdje doen alsof, veinzen dat ik luister, voor de vorm meedoen, en later gewoon doorgaan zoals gewoonlijk zonder dat het ergens invloed op heeft.’ Dus ongeacht hoe Christus over de waarheidsprincipes communiceert, ongeacht hoe duidelijk Hij de dingen uitlegt, antichristen hebben altijd hun eigen vaststaande ideeën en geloven altijd dat ze het vak begrijpen, dat ze experts zijn op dat gebied, en dus begrijpen ze niet wat de waarheidsprincipes zijn waarover Christus communiceert. Telkens wanneer Christus richtlijnen biedt voor werk dat verband houdt met hun beroepen, wordt het voor antichristen een moment om hun bekwaamheden en talenten met Christus te vergelijken. Erger nog, soms, wanneer Christus spreekt over zaken die verband houden met hun beroepen, zien antichristen het alsof Christus Zijn onwetendheid toont, en bespotten en verachten ze Christus in het geheim, waarbij ze zich ondanks zichzelf nog meer verzetten tegen en afkerig voelen van Christus’ richtlijnen voor hun werk. Ze zijn er in hun hart in het geheel niet van overtuigd en zeggen: “Jij vertelt ons dat we dit en dat moeten doen, maar wat weet jij nou? Begrijp je überhaupt de verschillende stappen die bij deze vakgebieden komen kijken? Ken je de specifieke details van hoe ze werken? Wanneer je ons begeleidt bij het maken van films, weet je dan hoe je authentiek moet acteren of hoe je geluid moet opnemen?” Wanneer antichristen met deze zaken worden geconfronteerd, luisteren ze in hun hart niet oprecht naar de waarheidsprincipes die voor elk beroep gelden. In plaats daarvan gaan ze innerlijk in het geheim de strijd aan met Christus, en staan ze zelfs als toeschouwers Christus belachelijk te maken en te bespotten, terwijl hun hart vervuld is van opstandigheid. Wanneer ze hun werk gaan uitvoeren, doorlopen ze oppervlakkig het proces, waarbij ze eerst de aantekeningen van Gods communicatie doornemen om te zien wat God heeft gezegd, en beginnen vervolgens gewoon op de oude manier te werken en de dingen te doen. Sommigen zeggen misschien: “God heeft dat niet gezegd, waarom doe jij het zo?”, waarop zij antwoorden: “God heeft het niet gezegd, maar kent god de werkelijke situatie? Zijn wij niet degenen die het daadwerkelijk voor elkaar moeten krijgen? Wat weet god nou? God heeft slechts een principe verschaft, maar wij moeten het aanpakken volgens de werkelijke situatie. Ook als god hier zou zijn, zouden we het nog zo moeten aanpakken. We luisteren naar gods woorden wanneer ze de waarheid betreffen, maar wanneer het over professioneel werk gaat en de waarheid er niet bij betrokken is, nemen wij de beslissingen.” Ze hebben geluisterd naar de waarheidsprincipes waarover door God is gecommuniceerd, en hebben er aantekeningen van gemaakt, en iedereen heeft het proces doorlopen en de aantekeningen bekeken, maar als het erop aankomt hoe de dingen moeten worden gedaan, wie heeft dan het laatste woord? In hun geval is het niet de waarheid die de macht heeft, laat staan dat het iets te maken heeft met Christus die de macht heeft. Wie heeft er dus de macht? Een antichrist heeft de macht; het is een mens die het laatste woord heeft. Vanuit hun perspectief is de waarheid als lucht, slechts doctrines en slogans die terloops worden genoemd en vervolgens worden genegeerd – mensen doen nog steeds wat ze moeten doen, op de manier waarop zij dat willen. Destijds stemden ze er heel vriendelijk mee in, en hun houding leek uitzonderlijk oprecht, maar zodra het op het werkelijke leven aankomt, verandert alles; het is niet zoals het leek.
Omdat antichristen voortdurend noties en weerstand koesteren tegen de geïncarneerde God en innerlijk niet overtuigd zijn, erkennen ze de geïncarneerde God fundamenteel niet in hun hart; ze geloven alleen in de God in de hemel. Ze zijn net als Paulus: hij was niet oprecht overtuigd door de geïncarneerde Jezus, maar was vervult van noties. Daarom getuigde hij in alle brieven die hij schreef nooit van Jezus, getuigde hij nooit van de woorden van Jezus als de waarheid, en besprak hij nooit of hij enige liefde voor Jezus had. Dit zijn dingen die mensen kunnen zien; Paulus is een ware antichrist. Nu kunnen jullie allemaal inzien dat Paulus een klassiek voorbeeld van een antichrist is. Kunnen degenen die tot de categorie van antichristen behoren, zelfs als ze erkennen dat de woorden die door God worden uitgedrukt de waarheid zijn, de waarheid aanvaarden? Kunnen ze zich aan Christus onderwerpen? Kunnen ze van Christus getuigen? Dat is een andere zaak. Kunnen ze zich onderwerpen aan alles wat Christus doet? Als Christus werk regelt of toewijst en mensen instrueert hoe ze het moeten doen, kunnen antichristen dan gehoorzamen? Deze kwestie onthult mensen het duidelijkst. Antichristen kunnen niet gehoorzamen; ze negeren en bagatelliseren de woorden van Christus. Daarom zullen antichristen, ongeacht welke specifieke richtlijnen Christus geeft of welke taken Hij voor welk werk dan ook toewijst, deze nooit uitvoeren. Antichristen zijn simpelweg onwillig zich aan Christus te onderwerpen. Ongeacht hoe Hij het werk regelt, ze zijn onwillig het uit te voeren, geloven altijd dat hun eigen ideeën wijzer zijn en denken dat het het beste is hun eigen plannen te volgen. Als je hun vertelt: “Wanneer jullie met situaties worden geconfronteerd, moeten jullie met drie of vier anderen samenwerken, met elkaar overleggen, meer communiceren over de waarheidsprincipes en volgens die principes handelen zonder ze te schenden”, zullen ze dan luisteren? Ze luisteren helemaal niet; ze hebben deze woorden allang in de wind geslagen en willen zelf het laatste woord hebben. Je vertelt hun: “Als er een probleem is dat niet kan worden opgelost, kunnen jullie bij de Boven zoeken”, maar wanneer er werkelijk een probleem is en iedereen erover denkt om bij de Boven te zoeken, zeggen antichristen: “Waarom zou je over zo’n onbeduidende zaak vragen stellen? Je valt er de Boven alleen maar mee lastig. We kunnen het zelf afhandelen, het is niet nodig om het na te vragen! Ik heb het laatste woord, en ik zal de gevolgen dragen als er iets misgaat!” Hoe mooi deze woorden ook klinken, kunnen ze werkelijk de gevolgen dragen wanneer er daadwerkelijk iets misgaat? Als het werk van de kerk schade lijdt, kunnen ze de nasleep dan dragen? Als er bijvoorbeeld broeders en zusters tijdens een bijeenkomst worden gearresteerd omdat leiders en werkers onzorgvuldig waren bij het regelen van bijeenkomsten, wat tot gevolg heeft dat sommigen negatief en zwak worden en wankelen, wie kan dan zo’n verantwoordelijkheid dragen? Zijn antichristen verantwoordelijk in hun woorden? Ze zijn volkomen onverantwoordelijk! Dit is de houding die antichristen hebben ten opzichte van werk. Zeg Mij, kunnen antichristen de woorden die Christus spreekt werkelijk aanvaarden en zich eraan onderwerpen? (Nee.) Wat is in het hart van de antichristen hun houding ten opzichte van het beoefenen van de waarheid en het zich onderwerpen aan Christus? Eén woord: verzet. Ze blijven zich verzetten. En welke gezindheid ligt er in dit verzet besloten? Waardoor wordt het veroorzaakt? Opstandigheid is wat het veroorzaakt. Qua gezindheid is dit afkeer van de waarheid, is het opstandigheid in hun hart hebben, is het dat ze zich niet willen onderwerpen. Wat denken de antichristen dus in hun hart wanneer Gods huis vraagt dat leiders en werkers harmonieus leren samenwerken, in plaats van dat één persoon de scepter zwaait, dat ze leren hoe ze met anderen moeten overleggen? Het is te veel gedoe om alles met mensen te overleggen! Ik kan zelf over deze dingen beslissen. Met anderen samenwerken, het met hen overleggen, dingen volgens principe doen – wat slap, wat gênant! De antichristen denken dat ze de waarheid begrijpen, dat alles duidelijk voor hen is, dat ze hun eigen inzichten en manieren hebben om dingen te doen, en dus zijn ze niet in staat om met anderen samen te werken, bespreken ze niets met mensen, doen ze alles op hun eigen manier en geven ze aan niemand anders toe! Hoewel de antichristen mondeling beweren dat ze bereid zijn zich te onderwerpen en met anderen samen te werken, zijn ze niet in staat hun opstandige toestand te veranderen, zijn niet in staat hun satanische gezindheden te veranderen, ongeacht hoe goed hun antwoorden aan de buitenkant lijken, hoe mooi hun woorden ook klinken. Vanbinnen bieden ze fel verzet – in welke mate? Als het wordt uitgelegd in de taal van de wetenschap, is dit een verschijnsel dat zich voordoet wanneer twee dingen van verschillende aard worden samengebracht: afstoting, wat we kunnen interpreteren als ‘verzet’. Dit is precies de gezindheid van antichristen: verzet tegen de Boven. Ze verzetten zich graag tegen de Boven en ze gehoorzamen niemand.
Wanneer antichristen met de woorden van Christus worden geconfronteerd, hebben ze slechts één houding: opstandigheid; en hun enige benadering is verzet. Ik zeg bijvoorbeeld: “Onze binnenplaats is vrij groot en heeft geen schaduw. In de winter schijnt de zon overal, zodat mensen zich in het zonlicht kunnen koesteren, maar in de zomer wordt het een beetje heet. Laten we wat bomen kopen, bomen die snel groeien en in de toekomst voldoende schaduw zullen bieden, en die relatief schoon en esthetisch aangenaam zijn.” Hoeveel principes zijn hier? (Drie.) Eén is dat de bomen snel moeten groeien, een ander is dat de bomen schoon en relatief mooi moeten zijn, en een ander is dat ze in de toekomst voldoende schaduw zullen moeten bieden, wat betekent dat ze dichte takken en bladeren moeten hebben. Mensen hoeven alleen deze drie principes uit te voeren; Ik heb ze ook vertelt hoeveel er gekocht moeten worden, waar ze geplant moeten worden en welke boomsoorten. Is deze taak gemakkelijk uit te voeren? (Ja.) Wordt dit als een moeilijke taak beschouwd? (Nee.) Het is geen moeilijke taak. Waarom is het niet moeilijk? Er zijn plaatsen die bomen verkopen, Gods huis zorgt voor he geld en aan de basisvoorwaarden voor het kopen van bomen is voldaan. Wat overblijft is dat mensen het gewoon moeten uitvoeren; er is niets moeilijks aan deze taak. Maar voor een antichrist is er een moeilijkheid: “Wat? Bomen kopen? Geld uitgeven alleen voor schaduw en om de omgeving mooier te maken? Is dat niet het begeren van vleselijk comfort? Dat geld is een offergave aan god, kan dat zo onzorgvuldig worden uitgegeven? Wat is er mis met een beetje hitte? De zon is door god geschapen; ga je dood als je je in de zon koestert? Dat betekent het weer nemen zoals het komt. Als je niet in de zon wilt zijn, blijf dan binnen. En nu wil je geld uitgeven voor dit comfort – je droomt zeker!” Ze overpeinzen: ik heb hierover in mijn eentje niet het laatste woord; het is niet goed me er direct tegen te verzetten. Ik zou veroordeeld kunnen worden en anderen zijn het er misschien niet mee eens. Ik zal dit dus aan de besluitvormingsgroep rapporteren. Het zou ook het beste zijn om de broeders en zusters eveneens hun mening te laten uiten. Als de besluitvormingsgroep het goedkeurt, dan kopen we de bomen; als ze dat niet doen, dan kopen we ze niet, zelfs als de broeders en zusters het er wel mee eens zijn. Ze roepen iedereen bij elkaar, brengen de kwestie ter sprake en laten iedereen vervolgens discussiëren en zijn mening uiten. Iedereen zegt: “Bomen kopen is een goede zaak; iedereen heeft er baat bij.” De antichrist hoort dit en zegt: “Hoezo is het een goede zaak? Kan het oké zijn alleen maar omdat iedereen er baat bij heeft? Van wiens geld profiteert iedereen? Dat is gods geld uitgeven; is dat niet het verkwisten van offergaven? Is dit in overeenstemming met de principes?” Iedereen denkt er diep over na: offergaven verkwisten ten behoeve van iedereen, voor de belangen van mensen, lijkt inderdaad enigszins ongepast. Na heen en weer gediscussieerd te hebben, is de uiteindelijke beslissing om de bomen niet te kopen. Het geld moet worden bespaard; ongeacht wie het beveelt, het kan niet worden uitgevoerd. Na zo’n discussie wordt er een conclusie getrokken. Wat is de conclusie? “Wat betreft dit bevel van christus is ons uiteindelijke besluit om ons ertegen te verzetten; we zullen de offergaven niet uitgeven of ook maar een cent van het geld van gods huis verspillen. Concreet betekent dit dat we de bomen niet zullen kopen, we zullen de binnenplaats niet van groen voorzien.” Dit is de beslissing die wordt genomen. Enkele dagen later merk Ik dat de bomen nog niet zijn gekocht, dus vraag Ik: “Waarom hebben jullie de bomen niet gekocht?” “Oh, we zullen het binnenkort doen.” Waarom hebben ze er dan nog steeds geen gekocht wanneer het seizoen aanbreekt en de bomen van anderen bladeren hebben gekregen? Bij navraag kom Ik erachter dat ze na erover gediscussieerd te hebben, niet hebben ingestemd met het kopen van de bomen; Mijn woorden waren tevergeefs. Na overleg, discussie en analyse besloot iedereen gezamenlijk Mijn bevel te verwerpen, wat impliceerde: ‘wij maken hier de dienst uit. Aan de kant! Dit is ons huis, jij hebt hier niets mee te maken’. Wat voor soort benadering is dit? Is dit geen verzet? In welke mate verzetten ze zich? Ze baseren zich op het uitgangspunt dat ze geen cent van het geld van Gods huis mogen verspillen, dat ze Gods offergaven niet uit mogen geven. Wat vinden jullie van dit uitgangspunt? Zijn deze woorden juist? (Nee.) Vaak zijn degenen die offergaven verkwisten en misbruiken juist deze antichristen. Ze willen het laatste woord hebben, dus komen ze met deze reeks theorieën om degenen die dwaas, onwetend en zonder onderscheidingsvermogen zijn te misleiden. En inderdaad, sommige mensen trappen erin en handelen volgens hun woorden, terwijl de woorden van Christus door antichristen worden verstoord en gesaboteerd, wat vertragingen in de uitvoering veroorzaakt. Wat is de wortel van dit probleem? De sleutel ligt erin dat Gods uitverkoren volk de huichelarij van de antichristen niet doorziet, altijd wordt misleid door het oppervlakkige aspect van zaken en de essentie van dingen niet waarneemt. Antichristen werpen op tirannieke wijze obstakels op onder deze mensen, waardoor sommigen van degenen zonder onderscheidingsvermogen onder Gods uitverkoren volk vaak door hen worden misleid en beheerst.
Bij elke specifieke werkregeling en opdracht die Christus in de kerk uitvaardigt, kunnen deze, als er geen antichristen zijn die verstoringen veroorzaken, snel worden uitgevoerd. Zodra een antichrist zich er echter mee bemoeit, loopt de taak vertraging op en kan deze niet worden uitgevoerd. Soms worden de regelingen en opdrachten die Christus mensen wil laten uitvoeren, door antichristen onder een of ander voorwendsel ronduit verworpen. Daarbij hanteren ze een vorm van besluitvorming waarbij iedereen betrokken is, en zeggen: “Dit is bij stemming aangenomen door de broeders en zusters; het is het resultaat van een gezamenlijk besluit, het is niet alleen mijn beslissing.” Wat wil dit zeggen? Het suggereert dat de besluiten van de broeders en zusters in overeenstemming zijn met de waarheid, en dat wanneer zich een kwestie voordoet, het gezamenlijke besluit van de broeders en zusters betekent dat de waarheid de scepter zwaait. Maar wanneer een antichrist die de leiding heeft zich verzet tegen wat Christus zegt, is dit dan de waarheid die de scepter zwaait? Het is duidelijk dat dit in feite de antichrist is die de scepter zwaait. Is het niet absurd en bedrieglijk om te zeggen dat de waarheid de scepter zwaait wanneer een antichrist de hele situatie beheerst? Antichristen kunnen zich inderdaad goed vermommen! Wanneer Christus hun vraagt iets uit te voeren, en aan iedereen bekend wordt gemaakt dat het Gods werk is, dat Hij handelt uit zorg voor iedereen, en iedereen dankbaar is voor Gods genade, bezorgt dit antichristen ongenoegen en ongemak. Dan breken ze zich het hoofd om manieren te vinden om het werk te verstoren en te saboteren. Als het initiatief echter van hen uitgaat en het ermee eindigt dat iedereen hen diep dankbaar en erkentelijk is, voeren ze het actiever uit dan wie ook, bereid om elk lijden te verdragen. Zijn zulke mensen als antichristen niet walgelijk? (Ja.) Wat voor soort gezindheid is dit? (Een boosaardige gezindheid.) Antichristen zijn in staat zichzelf te vermommen, te doen alsof ze goede mensen zijn om anderen te misleiden en voor zich te winnen, en zelfs te doen alsof ze de waarheid beoefenen. Dit is boosaardigheid. Welke waarheid beoefen jij? Jij verwerpt de woorden en opdrachten die door Christus zijn gegeven, niet in staat je te onderwerpen en ze uit te voeren. Waar is de waarheid die jij beweert te beoefenen? Geloof jij in God? Behandel jij God als God? De God in wie jij gelooft is niet jouw collega, niet jouw medewerker, niet jouw vriend; Hij is Christus, Hij is God! Erken jij dit niet? Altijd de woorden van Christus analyseren en nauwkeurig onderzoeken, proberen hun juistheid te onderscheiden, de voor- en nadelen afwegen – neem je niet de verkeerde positie in? Antichristen zijn bedreven in het nauwkeurig onderzoeken en analyseren van de woorden van mensen, en uiteindelijk passen ze dit onophoudelijke nauwkeurige onderzoek toe op Christus. Christus op deze manier nauwkeurig onderzoeken en behandelen – zijn het volgelingen van God? Zijn het niet gewoon niet-gelovigen? Ze onderzoeken Christus altijd nauwkeurig, maar kunnen ze de goddelijke essentie van Christus begrijpen? Hoe meer ze Christus nauwkeurig onderzoeken, hoe meer ze gaan twijfelen, en uiteindelijk stellen ze vast dat Christus een gewoon mens is. Is er nog enig waar geloof of enige onderwerping in hen over? Helemaal niet. In het hart van een antichrist wordt Christus slechts als een gewoon mens beschouwd. Christus als een mens behandelen lijkt voor hen natuurlijk, dus vinden ze dat ze de woorden en opdrachten van Christus kunnen negeren, ze niet ter harte hoeven te nemen, maar ze alleen maar tijdens bijeenkomsten naar voren hoeven te brengen om ze te bediscussiëren en aan een nauwkeurig onderzoek te onderwerpen. Uiteindelijk is degene die beslist hoe dingen worden gedaan de antichrist, niet God. Hoe beschouwen ze Christus? Ze beschouwen Hem als niet meer dan een gewone leider en behandelen Christus helemaal niet als God. Is dit niet van dezelfde aard als het geloof dat Paulus in God had? Paulus behandelde de Heer Jezus nooit als God, at en dronk Zijn woorden nooit, en streefde er ook niet naar zich aan de Heer Jezus te onderwerpen. Hij dacht altijd dat leven voor hem Christus was, en probeerde de Heer Jezus te vervangen, en als gevolg daarvan ontving hij Gods straf. Aangezien jij hebt aanvaard dat Christus de vleesgeworden God is, moet jij je aan Christus onderwerpen. Ongeacht wat Christus zegt, je moet het aanvaarden en je onderwerpen, en niet nauwkeurig onderzoeken en bespreken of Gods woorden juist zijn of met de waarheid stroken. Gods woorden zijn niet bedoeld om door jou te worden geanalyseerd en nauwkeurig te worden onderzocht, maar om je aan te onderwerpen en uit te voeren. Hoe je dingen aan moet pakken en hoe je de stappen voor de uitvoering bepaalt – dat is de reikwijdte van jullie communicatie en discussie. Omdat antichristen in hun hart altijd twijfelen aan de goddelijke essentie van Christus en altijd een opstandige gezindheid hebben, onderzoeken ze, wanneer Christus hun vraagt dingen te doen, deze altijd nauwkeurig en bespreken ze die, en vragen ze mensen vast te stellen of ze goed of fout zijn. Is dit een ernstig probleem? (Ja.) Ze benaderen deze dingen niet vanuit het perspectief van onderwerping aan de waarheid; in plaats daarvan benaderen ze ze in verzet tegen God. Dit is de gezindheid van de antichristen. Wanneer ze de opdrachten en werkregelingen van Christus horen, aanvaarden ze die niet en onderwerpen ze zich er niet aan, maar beginnen ze te discussiëren. En wat bespreken ze dan? Bespreken ze hoe ze onderwerping moeten beoefenen? (Nee.) Ze bespreken of de woorden en opdrachten van Christus goed of fout zijn, en onderzoeken of ze al dan niet moeten worden uitgevoerd. Is hun houding er een van deze dingen daadwerkelijk willen uitvoeren? Nee – ze willen meer mensen aanmoedigen om zoals zij te zijn, om deze dingen niet te doen. En is het niet doen ervan een beoefening van de waarheid die in onderwerping ligt? Duidelijk niet. Wat doen ze dus? (Zich verzetten.) Niet alleen verzetten ze zichzelf tegen God, ze zijn ook uit op collectief verzet. Is dit niet de aard van hun handelingen? Collectief verzet: iedereen hetzelfde maken als zij, iedereen hetzelfde laten denken als zij, hetzelfde laten zeggen als zij, hetzelfde laten beslissen als zij, zich collectief verzetten tegen de beslissing en opdrachten van Christus. Dit is de werkwijze van de antichristen. De overtuiging van de antichristen is: ‘Het is geen misdaad als iedereen het doet’, en dus sporen ze anderen aan om zich samen met hen tegen God te verzetten, in de gedachte dat Gods huis hen in dat geval niets kan maken. Is dit niet dwaas? Het eigen vermogen van de antichristen om zich tegen God te verzetten is uiterst beperkt; ze staan er alleen voor. Dus proberen ze mensen te ronselen om zich collectief tegen God te verzetten, terwijl ze in hun hart denken: ik zal een groep mensen misleiden en hen op dezelfde manier laten denken en handelen als ik. Samen zullen we de woorden van christus verwerpen, en de woorden van god belemmeren en voorkomen dat ze tot vervulling komen. En wanneer iemand mijn werk komt controleren, zal ik zeggen dat iedereen heeft besloten het zo te doen – en dan zullen we zien hoe jij dat aanpakt. Ik ga het niet voor je doen, ik ga dit niet uitvoeren – en laten we maar eens zien wat je me doet! Ze denken dat ze macht hebben, dat Gods huis niets kan doen om hen aan te pakken, en Christus evenmin. Wat denken jullie, is zo iemand gemakkelijk aan te pakken? Hoe moet dit type persoon worden aangepakt? De eenvoudigste methode is hen te ontheffen van hun positie en onderzoek naar hen te doen. Zodra een duivel zich openbaart, moet je hem met één trap elimineren. Daarmee is de kous af. Gods huis staat jou toe een leider te zijn, maar jij onderwerpt je niet en durft je zelfs tegen God te verzetten; ben je dan geen duivel? Gods huis wijst jou aan om leiding te geven zodat je daadwerkelijk werk kunt verrichten, zodat je je onderwerpt aan de werkregelingen van Gods huis, en zodat je je plicht goed kunt vervullen. Je moet Gods woorden aanvaarden en je eraan onderwerpen; wat God ook zegt, je moet Zijn woorden aanvaarden en uitvoeren, niet je tegen Hem verzetten. Je hebt verzet tegen God als je plicht opgevat – nou, sorry, maar in dat geval is jou van je positie ontheffen de eenvoudigste oplossing. Gods huis heeft het gezag om jou te gebruiken en ook het gezag om jou van je positie te ontheffen. Sommige mensen zeggen: “Ik deed het prima als leider, waarom ben ik dan van mijn positie ontheven? Is dit niet gewoon de ezel doden zodra hij klaar is met het malen van het graan?” Deed je het werkelijk prima toen je van je positie werd ontheven? Een ezel die in het wilde weg trapt en bijt, en zich niet op zijn eigenlijke taken richt, hoe hij ook wordt afgericht, zal inderdaad moeten worden gedood zodra ‘hij klaar is met het malen van het graan’. Wanneer hij gedood moet worden, hangt af van zijn prestaties. Zeg Mij, zou iemand zich vrijwillig ontdoen van een goede ezel? De ezel is bij het malen de meest cruciale en belangrijke helper. Zou iemand, juist wanneer het het hardst nodig is, zo dwaas zijn om de ezel te doden, te stoppen met malen en liever zonder graan te zitten? Doet iemand dat? (Nee.) Er is maar één situatie waarin dit zou gebeuren: de ezel laat zich niet africhten en blijft in het wilde weg trappen en bijten, waardoor het onmogelijk is om iets te malen. Dan zou je moeten stoppen met malen en de ezel doden, toch? (Ja.) Degenen die wat deze zaak betreft over onderscheidingsvermogen beschikken, kunnen het duidelijk inzien. Hoe moeten antichristen die opstandig en weerspannig zijn en geen enkel werk uitvoeren, dus worden aangepakt? De eenvoudigste methode is hen eerst uit hun positie te ontheffen. Er zijn mensen die vragen: “Is het hen van hun positie ontheffen het einde van het verhaal?” Waarom die haast? Observeer hun gedrag. Zodra ze zijn ontheven van hun positie en hun macht verliezen, zullen ze, als ze nog steeds in Gods huis kunnen arbeiden, niet worden verdreven. Als ze echter niet arbeiden en in plaats daarvan de zaken verergeren door noties te verspreiden, kwaad te doen en overal verstoringen te veroorzaken, dan moeten ze volgens de principes worden verdreven. Al met al, zijn deze dingen die zich in de antichristen manifesteren niet hatelijk? (Ze zijn uiterst hatelijk.) En wat maakt ze hatelijk? Deze antichristen willen de macht grijpen in het huis van God; de woorden van Christus kunnen door hen niet worden uitgevoerd, ze zullen ze niet uitvoeren. Natuurlijk kan er ook een ander soort situatie meespelen wanneer mensen niet in staat zijn zich aan de woorden van Christus te onderwerpen: sommige mensen zijn van slecht kaliber, ze kunnen Gods woorden niet begrijpen wanneer ze die horen, en weten niet hoe ze die moeten uitvoeren. Zelfs als je hun leert hoe, kunnen ze het nog steeds niet. Dit is een andere zaak. Het onderwerp waarover we nu communiceren is de essentie van antichristen, wat geen verband houdt met de vraag of mensen in staat zijn dingen te doen, of hoe hun kaliber is; het houdt verband met de gezindheid en essentie van de antichristen. Ze verzetten zich volledig tegen Christus, de werkregelingen van het huis van God en de waarheidsprincipes. Ze onderwerpen zich niet, ze verzetten zich alleen maar. Dit is wat een antichrist is.
Overweeg en onderscheid onder welke van de eerder genoemde uitingen van antichristen de volgende situatie valt. Er was een leider die elke dag van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat werkte en heel verantwoordelijk overkwam. Toch werd hij zelden gezien, wat de indruk wekte dat hij erg druk was met werk en vermoedelijk niet stilzat, en ogenschijnlijk een prijs betaalde om zijn plicht te vervullen. Later, toen er werk gedaan moest worden in hun woonverblijven en op het erf, regelden we iemand om hen bij het werk te begeleiden. Wanneer wij er niet waren, had hij naar voren moeten stappen om het werk te begeleiden en verantwoordelijkheid te nemen over voor het werk; hij had het initiatief moeten nemen. Is dit niet redelijk en gepast? Moet Ik er altijd zijn om toezicht te houden op deze huishoudelijke klusjes en taken? (Nee.) Meestal hebben dit soort arbeidsintensieve taken niet echt betrekking op de waarheid. Mensen hoeven alleen maar ijverig te werken, geen destructieve handelingen te verrichten, meegaand te zijn en te doen wat er gevraagd wordt – het is simpel en gemakkelijk te volbrengen. Later, toen de taken in dat gebied in wezen voltooid waren, maar er nog steeds doorlopend beheer nodig was, droeg Ik de verantwoordelijkheid over aan deze leider. Ik vertelde hem het gebied netjes te houden en ervoor te zorgen dat alles wat onderhoud nodig had goed verzorgd werd. Er waren voornamelijk twee taken: ten eerste, houd alle vaste ruimtes en kamers van binnen en van buiten schoon en netjes. Ten tweede, zorg goed voor de planten; geef bijvoorbeeld de nieuw geplante planten water zodat ze niet doodgaan, snoei ze indien nodig volgens het seizoen en hun groei, en bemest ze wanneer nodig. Alleen deze twee taken – denken jullie dat dat veel is? Zou het vermoeiend kunnen zijn? (Nee.) Deze twee taken stellen niet veel voor; men zou ze kunnen voltooien door gewoon na de maaltijd een wandelingetje te maken. Bovendien, moet je niet sowieso ook voor je eigen leefomgeving zorgen? Dit is gewoon hoe het is om als mens te leven; dit soort taken zijn essentieel voor een normaal menselijk leven. Je moet je eigen leefomgeving beheren. Als je dat niet doet, ben je niet anders dan een dier. Kun je dan nog een mens worden genoemd? Dieren beheren hun omgeving niet; ze hebben geen aangewezen plekken voor hun lichamelijke behoeften, noch hebben ze vaste plekken om te eten en te slapen. Mensen zijn in dit opzicht superieur aan dieren; mensen beheren hun omgeving, geven om netheid en hanteren normen voor hun omgeving. Het was dus niet overdreven dat Ik dit van hem vroeg, toch? (Klopt.) Nadat Ik deze taken had toegewezen, vertrok Ik naar een andere plaats, en de leider werd geacht het specifieke werk uit te voeren. Op een dag ging Ik kijken hoe de omgeving werd beheerd, en tijdens de inspectie voelde Ik hartzeer, irritatie en woede! Wat denken jullie dat er was gebeurd? Wat zou dit soort emoties kunnen veroorzaken? (Hij heeft Gods opdrachten en regelingen niet uitgevoerd.) Precies, dat is de enige manier om het te zeggen – hij heeft ze niet uitgevoerd. In de periode dat Ik weg was, was het weer niet bijzonder droog, maar veel van de nieuw geplante jonge boompjes hadden toch vergelende bladeren, en sommige vielen zelfs af. Wat me woedend maakte was dat de bladeren van twee beroemde bloeiende bomen van weelderig groen paarsrood waren geworden, bijna vergeeld. Worden jullie hier niet boos van? Wat me nog woedender maakte was dat het schone cementen platform bij de ingang bezaaid lag met manden, plastic zakken, afval, houtsnippers van voltooid werk, spijkers, gereedschap – alles lag verspreid en vormde een vuile en wanordelijke puinhoop! Wie zou er niet boos worden bij het zien van zo'n tafereel? Er is maar één soort persoon die dat niet zou worden – degenen die tot de categorie dieren behoren, zonder normen of gevoeligheid voor hun omgeving, onverschillig voor geur, netheid of comfort, en zich totaal niet bewust van wat goed of slecht is. Iedereen met een normale menselijkheid, die normen heeft voor zijn omgeving en het vermogen om na te denken, zou boos worden bij het zien van zo'n toestand. Er woonde daar een grote groep mensen, en toch konden ze zelfs deze kleine taak niet aan. Wat voor soort mensen zijn dat? Nadat Ik instructies had gegeven, was dit de manier waarop ze daarmee omgingen, dit is wat ze deden. De omgeving hier beheren en voor deze paar dingen zorgen is toch niet zo vermoeiend? Het hindert toch geen van je activiteiten? Het heeft toch geen invloed op je bijeenkomsten, gebeden of het lezen van Gods woord? Waarom kan het dan toch niet worden gedaan? Wanneer Ik in de buurt ben, toezicht hou en toekijk, doen deze mensen wat werk, maar zodra Ik wegga, stoppen ze; niemand neemt verantwoordelijkheid. Wat is hier aan de hand? Beschouwen ze deze plek als hun thuis? (Nee.) Ze zeggen nog steeds dat het koninkrijk van Christus hun warme thuis is, maar is dat wat ze werkelijk denken? Is dat hoe ze werkelijk handelen? Nee. Ze beheren niet eens de omgeving waarin ze leven. Zelfs nadat Ik hen had geïnstrueerd, neemt niemand verantwoordelijkheid en kan het niemand iets schelen. Wanneer hun wordt verteld te werken, doen ze een beetje, maar nadat ze het werk af hebben gemaakt, gooien ze het gereedschap achteloos opzij, denkend: wie het wat kan schelen moet het maar oplossen, het is mijn zaak niet. Zolang ik eten en onderdak heb, vind ik het best. Wat voor menselijkheid is dit? Wat voor moraal? Bezit zo iemand ook maar een greintje normale menselijkheid? Dat iemand na zoveel jaren in God te hebben geloofd geen enkele verandering vertoont, is werkelijk onvoorstelbaar! Ik heb zoveel moeite gedaan om deze dingen voor jullie te doen, alles zo goed te regelen. Ik woon hier niet, Ik geniet er niet van – het is allemaal voor jullie. Jullie hoeven niet dankbaar te zijn; jullie hoeven alleen maar jullie eigen leefomgeving te beheren, dat is voldoende – waarom is dat zo moeilijk te doen? Later realiseerde Ik Mij dat er een reden was voor dit gedrag. Mensen komen naar Gods huis, of ze nu hun familie en carrière hebben achtergelaten of hun studie en toekomstperspectieven hebben opgegeven, om hun plicht te vervullen, niet om Mijn ingehuurde arbeider te zijn. Waarom? Ze krijgen geen cent, dus waarom zouden ze naar Mij luisteren? Waarom zouden ze de omgeving voor Mij beheren? Waarom zouden ze deze inspanning voor Mij leveren? Dit is hoe ze denken. Ze vinden dat het genoeg is als ze hun eigen werk goed doen en hun plichten vervullen, dat ze aan hun verantwoordelijkheden voldoen als ze zich bezighouden met zaken binnen hun werkterrein. Al het andere waar Ik om vraag, zolang het betrekking heeft op hun plichten en beroepen, willen ze misschien overwegen, maar voor de rest moet Ik maar iemand anders zoeken om het te doen. De impliciete boodschap is: ‘Wij zijn mensen van het koninkrijk; hoe kunnen we zulk vuil en vermoeiend werk doen? Wij zijn superieure mensen; het schaadt ons ego als we altijd laag en vernederend werk moeten doen! Wij zijn mensen met een bepaalde identiteit, waarom maak jij het ons steeds moeilijk?’ Nadat Ik dit begreep, kreeg Ik enig inzicht in waarom de meeste mensen afkerig zijn van werken, zich ertegen verzetten en onwillig zijn, waarom ze zichzelf met anderen vergelijken en hun toevlucht nemen tot listen om hun plichten te ontlopen wanneer ze werken – het is omdat de meesten de waarheid niet nastreven. Er wordt veel gesproken over het niet nastreven van de waarheid, maar in werkelijkheid zijn veel mensen van nature geneigd om van gemak te houden en werk te haten. Gekoppeld aan het feit dat ze beheerst worden door een mentaliteit van zomaar wat aanmodderen, geloven ze dat de waarheid nastreven betekent samen te zitten, te praten en te discussiëren, net als in het land van de grote rode draak waar mensen voortdurend vergaderen, kranten lezen en thee drinken. Ze denken dat dat in God geloven en hun plicht vervullen is. Zodra het onderwerp van werken en zwoegen als boeren ter sprake komt, denken velen dat zo leven niets met ons christenen te maken heeft. Het leven van een christen is er een dat is losgemaakt van ‘lage genoegens’. Impliciet geloven ze dat ze boven de alledaagse taken van de wereld staan – schoonmaken, ongediertebestrijding, landbouw, snoeien, bloemen planten, enzovoort, hebben allemaal niets met hen te maken; ze zijn zulke lage manieren van leven allang ontstegen. Is dit niet de gesteldheid van de meeste mensen? (Ja.) Is dit soort gesteldheid gemakkelijk recht te zetten? Wanneer sommige mensen wordt gevraagd machines te leren bedienen, nemen ze het niet serieus en gebruiken ze deze zelfs opzettelijk verkeerd, waardoor de machine in slechts een paar dagen beschadigd raakt. Nieuw gekochte machines gaan kapot en de reparatiekosten zijn niet gering. Ze denken: heb jij me niet gevraagd het te leren? Nu ik de machine kapot heb gemaakt en er geen machine meer is, heb ik een excuus om te rusten, toch? Ik hoef niet meer te werken, toch? Jij bleef me vragen het te leren, en dit is het resultaat. Is dit wat je wilde zien? De kosten voor het repareren van sommige machines zijn bijna even hoog als het kopen van nieuwe. Sommige mensen voelen zich helemaal niet slecht of schuldig wanneer ze zulke fouten maken. Wanneer je dit vergelijkt met de eerder genoemde notie van “geen cent van het geld van gods huis uitgeven, omdat het een offer aan god is”, welke uitspraak is dan oprecht en welk gedrag vertoont men in werkelijkheid? Ze vernielen de machines, en de kosten van een paar reparaties zijn genoeg om een nieuwe machine te kopen. Dit verkwistende gedrag is de werkelijkheid, terwijl de uitspraak over het niet verkwisten van de offers vals, bedrieglijk en misleidend is. Als we het eerder besproken voorbeeld onder de gesteldheid of essentie van een antichrist zouden categoriseren, met welk aspect van de discussie van vandaag zou het dan verband houden? Onder welk aspect zou het worden ondergebracht? Ze zeggen: “Ik ben hier om mijn plicht te vervullen, niet om jouw ingehuurde arbeider te zijn.” Is deze uitspraak juist? Jij bent hier om je plicht te vervullen, maar wie heeft bepaald wat die plicht wel en niet inhoudt? Maken deze taken geen deel uit van wat jij zou moeten doen? Net als in het dagelijks leven is het jouw verantwoordelijkheid om eropuit te gaan om geld te verdienen om je gezin te onderhouden. Als jij groenten wilt en besluit ze zelf te verbouwen, is dat jouw keuze, maar betekent dat dat andere huishoudelijke taken niet jouw verantwoordelijkheid zijn? De uitspraak dat jij hier bent om je plicht te vervullen is juist, maar zeggen dat je hier niet bent om een ingehuurde arbeider te zijn, is problematisch. Wat betekent ‘ingehuurde arbeider’? Wie behandelt jou als zodanig? Niemand beschouwt jou als een ingehuurde arbeider en je wordt er ook geen omdat je deze taken doet of een beetje inspanning levert. Ik zie jou niet als een ingehuurde arbeider, en Gods huis gebruikt jou ook niet als zodanig. Jij voert het werk uit dat jouw verantwoordelijkheid is; dit valt allemaal binnen de reikwijdte van je plicht. Op kleinere schaal gaat dit over het onderhouden van je dagelijks leven, het waarborgen van je fysieke welzijn en normale fysiologische functies, ervoor zorgen dat jij goed leeft. Op grotere schaal houdt elke taak verband met de verspreiding van Gods werk. Waarom ben je dan bereid om sommige van deze taken te doen, maar andere niet? Waarom ben je kieskeurig? Waarom beschouw je het leveren van een beetje inspanning, wat schoonmaken en het beheren van de omgeving als het werk van een ingehuurde arbeider, als minderwaardig werk? Hier ligt een reden aan ten grondslag: als het gaat om de opdrachten van Christus en al Zijn vereisten, beschouwen mensen de taken die ze bereid zijn te doen als onderdeel van hun plicht, terwijl de taken die ze onwillig zijn te doen of waartegen ze zich verzetten, worden beschouwd als de taken van een ingehuurde arbeider. Is dit niet een verdraaiing van de feiten? Dit is een afwijking in het begrip van mensen. Wat veroorzaakt deze afwijking? Het zijn de voorkeuren van mensen. En waar neigen deze voorkeuren naar? Ze hangen af van de vraag of het vlees lijdt. Als het vlees niet van comfort kan genieten, als het ontberingen of vermoeidheid doorstaat, worden mensen opstandig. De taken die ze bereid zijn te doen, die welke glansrijk en respectabel zijn, worden met tegenzin aanvaard en beschouwd als het vervullen van hun plicht. Kan deze houding worden gecategoriseerd als verzet tegen Christus? Mensen verzetten zich krachtig tegen taken die ze niet willen doen en weigeren die; hoe goed je ook argumenteert, ze weigeren en verzetten zich gewoon. Zijn deze gesteldheden en problemen van mensen gemakkelijk op te lossen? Het hangt er allemaal vanaf hoeveel iemand de waarheid liefheeft. Als iemand de waarheid helemaal niet liefheeft en er afkerig van is, dan zal hij nooit veranderen. Als jij echter de vastberadenheid hebt om te lijden, in opstand kunt komen tegen het vlees en oprechte onderwerping en een houding van onderwerping bezit, dan kunnen deze problemen gemakkelijk worden opgelost, toch? (Klopt.) In iemands leven bestaat er niet zoiets als geen enkel werk doen. Sommige mensen zeggen: “De keizers uit het verleden deden geen enkel werk.” Is dat echt waar? De meeste keizers brachten niet al hun dagen door met genieten van het paleisleven. Sommigen begonnen op jonge leeftijd poëzie en literatuur te bestuderen en werkten van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat. Nadat ze de troon hadden bestegen, legden ze incognito bezoeken af om het leed van het volk te begrijpen, en in tijden van nationale crisis gingen sommigen zelfs naar het slagveld. Hoewel er niet veel van zulke keizers waren, waren er toch enkele. Zelfs als er keizers waren die weinig tot niets deden, zoals sommige mensen zeggen, waren het er heel weinig. Iemand die geen enkele gepaste bezigheid onderneemt maar er toch van droomt alleen van het beste te genieten, is slechts aan het fantaseren.
Veel mensen beschouwen het leveren van fysieke arbeid altijd als iets onwaardigs. Is deze opvatting juist? Er zijn ook mensen die dergelijke inspanning als arbeiden beschouwen, die geloven dat alleen het kerkwerk dat leiders en werkers doen, als het vervullen van een plicht kan worden beschouwd – is dit een juist begrip? (Nee.) Je moet deze zaak op de volgende manier begrijpen: er zijn mensen nodig om alles uit te voeren wat God van mensen vereist, en alle verschillende soorten werk in het huis van God – deze dingen tellen allemaal als de plichten van mensen. Ongeacht het werk dat mensen verrichten, dit is de plicht die zij moeten vervullen. Plichten bestrijken een zeer breed terrein en omvatten vele gebieden, maar welke plicht je ook vervult, dit is eenvoudig gezegd je verplichting, het is iets wat je moet doen. Zolang je er met je hart naar streeft om het goed te doen, zal God je prijzen en zal Hij je erkennen als iemand die echt in God gelooft. Wie je ook bent, als je steeds probeert je plicht te ontlopen of je ervoor te verbergen, dan is er een probleem. Om het zacht uit te drukken, je bent te lui, te glad, je bent te veel aan het luieren, je houdt van vrije tijd en verafschuwt arbeid. Om het ernstiger uit te drukken: je bent niet bereid je plicht te vervullen en je toont geen toewijding of onderwerping. Als je jezelf niet eens fysiek kunt inspannen om dit kleine beetje werk op je te nemen, wat kun je dan wel doen? Wat kun je naar behoren doen? Als iemand werkelijk trouw is en een gevoel van verantwoordelijkheid heeft ten opzichte van zijn plicht, dan zal hij, zolang het door God vereist wordt en zolang het nodig is voor het huis van God, zonder zijn eigen keuze te maken alles doen wat hem gevraagd wordt. Is het niet een van de principes van het vervullen van een plicht om de taak die je kunt en moet doen goed uit te voeren? (Ja.) Sommigen die buiten fysieke arbeid verrichten, zijn het daar niet mee eens en zeggen: “Jullie doen de hele dag je plicht in je kamer, beschut tegen weer en wind. Daar komt helemaal geen ontbering bij kijken, jouw plicht is veel aangenamer dan die van ons. Plaats jezelf eens in onze schoenen, laten we eens kijken of jullie het kunnen volhouden om een paar uur buiten in de wind en de regen te werken.” In feite brengt elke plicht enige ontbering met zich mee. Fysieke arbeid brengt fysieke ontberingen met zich mee, en mentale arbeid brengt mentale ontberingen met zich mee; elk heeft zijn moeilijkheden. Alles is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Wanneer mensen werkelijk een taak ondernemen, is in één opzicht hun karakter cruciaal, en in een ander of zij de waarheid liefhebben of niet. Laten we het eerst hebben over karakter. Als iemand een goed karakter heeft, ziet hij overal het positieve van in en is hij in staat om dingen vanuit een positief perspectief en op basis van de waarheid te accepteren en te begrijpen; dat wil zeggen dat zijn hart, karakter en geest rechtvaardig zijn – dit is vanuit het perspectief van karakter. Laten we het vervolgens hebben over een ander aspect – of men de waarheid liefheeft of niet. De waarheid liefhebben verwijst naar het vermogen om de waarheid te aanvaarden, dat wil zeggen als je – ongeacht of je Gods woorden begrijpt of niet, en ongeacht of je Gods bedoeling begrijpt of niet, en ongeacht of je mening, opinie en perspectief ten aanzien van de taak, ten aanzien van de plicht die je geacht wordt te vervullen, in overeenstemming zijn met de waarheid – die nog steeds van God kunt aanvaarden, en je onderworpen en oprecht bent, dan is dit voldoende, dan ben je goed genoeg om je plicht te vervullen, dit is de minimumvereiste. Als je onderworpen en oprecht bent, dan zul je niet oppervlakkig zijn en zul je niet op een bedrieglijke manier verslappen, maar zul je er met je hele hart en kracht voor inzetten. Als iemands innerlijke toestand verkeerd is en er negativiteit in hem opkomt, verliest hij zijn drive en wil hij zijn plicht oppervlakkig vervullen; hij weet in zijn hart heel goed dat zijn toestand niet goed is, en toch probeert hij dit niet te verhelpen door de waarheid te zoeken. Zulke mensen hebben geen liefde voor de waarheid en zijn slechts in geringe mate bereid om hun plicht te vervullen. Ze zijn niet geneigd om zich in te spannen of ontberingen te lijden, en zoeken altijd naar manieren om op een bedrieglijk manier te verslappen. God heeft dit alles reeds grondig bestudeerd, waarom schenkt Hij dan geen aandacht aan deze mensen? God wacht slechts tot Zijn uitverkorenen ontwaken en deze mensen onderscheiden, ontmaskeren en verstoten. Zulke mensen denken echter nog steeds bij zichzelf: kijk eens hoe slim ik ben. We eten hetzelfde voedsel, maar na het werken zijn jullie helemaal uitgeput en ik ben helemaal niet moe. Ik ben de slimmerik. Ik wil niet hard werken, iedereen die hard werkt is een idioot. Hebben ze gelijk als ze op die manier naar eerlijke mensen kijken? Nee. In feite zijn mensen die hard werken bij het vervullen van hun plicht, bezig met het beoefenen van de waarheid en het tevredenstellen van God – zij zijn dus de slimste mensen van allemaal. Wat maakt hen slim? Ze zeggen: “Ik doe niets wat God mij niet vraagt te doen en ik doe alles wat Hij mij vraagt te doen. Ik doe alles wat Hij vraagt, ik zet mij er met heel mijn hart en al mijn energie voor in, en ik doe het niet oppervlakkig. Ik doe dit niet voor een mens, ik doe het voor God. God houdt zoveel van mij; ik moet dit doen om God tevreden te stellen.” Dit is de juiste geestestoestand. Als gevolg daarvan worden, wanneer de kerk mensen wegzuivert, degenen die hun plicht niet goed vervullen allemaal geëlimineerd, terwijl de eerlijke mensen die Gods nauwkeurige onderzoek accepteren, overblijven. De toestand van die eerlijke mensen blijft verbeteren en zij worden door God beschermd in alles wat hun overkomt. En waardoor verdienen zij deze bescherming? Omdat ze in hun hart eerlijk zijn. Ze vrezen geen ontberingen of uitputting wanneer zij hun plicht doen, en zijn niet kieskeurig over iets dat ze krijgen opgedragen. Ze vragen niet waarom, ze doen gewoon wat hun wordt opgedragen, ze gehoorzamen, zonder onderzoeken of analyses uit te voeren, of iets anders in overweging te nemen. Ze maken geen berekeningen en zijn in alle dingen tot gehoorzaamheid in staat. Hun innerlijke gesteldheid is altijd heel normaal. Wanneer ze met gevaar worden geconfronteerd, beschermt God hen, wanneer ze door ziekte of pest worden overvallen, beschermt God hen ook – en in de toekomst zullen ze alleen maar van zegeningen genieten. Er zijn mensen die deze kwestie niet doorzien. Wanneer ze zien dat eerlijke mensen bereidwillig ontberingen en uitputting verdragen bij het vervullen van hun plicht, denken ze dat deze eerlijke mensen dwaas zijn. Zeg Mij, is dit dwaasheid? Dit is oprechtheid, dit is waar geloof. Zonder waar geloof zijn er veel dingen die men nooit echt kan begrijpen of verklaren. Alleen degenen die de waarheid begrijpen, degenen die altijd voor God leven en een normale omgang met Hem hebben, en degenen die zich werkelijk aan God onderwerpen en Hem oprecht vrezen, weten in hun hart het duidelijkst wat er werkelijk aan de hand is. Waarom weten zij het terwijl anderen het niet weten? Dat komt doordat ze ervaring opdoen door de waarheid te beoefenen en eerlijke mensen te zijn. Deze ervaring kan door niemand worden gegeven, noch kan die door iemand worden gestolen of weggenomen. Is dit geen zegen? Een dergelijke staat van zegen kan niet door gewone mensen worden verkregen. En waarom is dit zo? Omdat mensen te bedrieglijk en boosaardig zijn; ze schieten tekort in eerlijkheid, ze zijn niet in staat eerlijke mensen te zijn en ze missen een oprecht hart. Wat ze ontvangen is dus beperkt. Wat antichristen betreft, die hoeven we niet eens te noemen. Op basis van hun houding ten opzichte van diverse zaken, hun aard-essentie, en vooral op basis van hun houding ten opzichte van Christus, zullen mensen zoals antichristen deze zegen nooit ontvangen. Waarom is dit zo? Het is omdat hun hart te boosaardig en sluw is! Ze behandelen mensen verschillend afhankelijk van de persoon, ze veranderen van kleur als een kameleon, en hun gedachten zijn altijd in beweging; ze laten de havik niet los voordat ze de haas hebben gezien, zijn niet oprecht tegenover God, onderwerpen zich niet aan Hem en sluiten alleen maar transacties met Hem. Wat is het gevolg van zo’n houding en essentie? Het gevolg is dat ze in geen enkele zaak de essentie van diverse mensen en situaties kunnen doorzien of begrijpen, evenals de waarheden die bij deze situaties een rol spelen. Gods woorden liggen voor hen uitgestald en ze zijn opgeleid, weten hoe ze moeten lezen en analyseren, hebben intellect en weten hoe ze nauwkeurig moeten onderzoeken. Waarom kunnen ze het dan niet begrijpen? Hoe oud ze ook worden, zelfs als ze de tachtigjarige leeftijd bereiken, ze zullen het nog altijd niet begrijpen. Waarom zullen ze het niet begrijpen? De belangrijkste reden is dat hun ogen geblinddoekt zijn. Sommige mensen zeggen: “Maar we hebben niet gezien dat hun ogen bedekt werden.” Het is hun hart dat bedekt is. Wat betekent bedekt zijn? Het betekent dat hun hart onverlicht is; het is voortdurend in nevelen gehuld. Vroeger werd gezegd dat ‘het hart van mensen vet is geworden’. Wie is het dan die het hart van de antichristen vet heeft gemaakt? In feite is het God die hen niet heeft verlicht. Hij is niet van plan hen te vervolmaken of te redden. Hij grijpt slechts op gepaste tijden in, op kritieke, belangrijke momenten, om hen een beetje tegen te houden en te voorkomen dat de belangen van Gods huis worden geschaad. Maar in de meeste dingen, als het gaat om zaken van Gods woorden, de waarheid, zich aan Hem onderwerpen, zichzelf kennen en Hem kennen, verlicht Hij hen nooit. Sommigen zeggen misschien: “Dat klopt niet. Hoe kunt U zeggen dat Hij hen niet verlicht? Sommigen die als antichristen zijn getypeerd, zijn erg slim. Wanneer ze een preek hadden beluisterd, konden ze er zes uur over spreken ook als U maar drie uur had gesproken. Is dat geen verlichting?” Hoeveel uur ze ook kunnen spreken, al zouden het er dertig zijn, het zijn slechts een hoop woorden en doctrines. Konden de farizeeën en schriftgeleerden beter spreken dan deze mensen? Ieder van hen was een expert op het gebied van preken, en ieder van hen sprak welbespraakt, maar wat voor goeds deed het? Toen God kwam, weerstonden en veroordeelden ze Hem toch nog. Wat bracht dit hun? Het bracht hun vernietiging, ondergang en grote rampspoed. Van buitenaf lijkt iedereen in Gods huis zijn plicht te vervullen, waarbij ieder mens drie maaltijden per dag nuttigt, overdag zijn plichten vervult en 's nachts rust. Na enkele jaren worden de verschillen tussen diverse soorten mensen echter aanzienlijk, en worden de uitkomsten van verschillende typen mensen onthuld en onderscheiden. Sommige mensen verkondigen met de mond dat ze in God geloven, maar volgen niet het juiste pad en rennen in plaats daarvan richting de hel. Anderen hebben de waarheid lief en streven er voortdurend naar, en gaan zo geleidelijk de waarheidswerkelijkheid binnen. Sommigen willen altijd een comfortabel leven leiden en worden steeds sluwer in het vervullen van hun plichten, en worden uiteindelijk geëlimineerd. Sommigen kunnen de waarheid aanvaarden, worden steeds eerlijker in hun hart en ervaren een verandering in hun levensgezindheid, waardoor ze geliefd worden bij zowel God als mensen. Sommigen richten zich altijd op het prediken van woorden en doctrines, en na al hun prediking worden ze door God verworpen en zijn ze dus geruïneerd. Sommigen missen geestelijk begrip, en hoe meer ze naar preken luisteren, hoe verwarder, minder geïnteresseerd in de waarheid en minder onderworpen ze worden; ze willen eigenzinnig en grillig handelen, proberen altijd hun eigen begeerten te bevredigen en streven naar roem, gewin en status – dit is gevaarlijk. Sommige mensen volgen God enkele jaren, en na het eten en drinken van Gods woorden en het ervaren van vele dingen, gaan ze vele waarheden begrijpen, krijgen ze steeds meer geloof in God en verdienen ze Zijn goedkeuring. Al deze mensen geloven in God, leven het kerkleven en vervullen hun plichten, waarom zijn hun resultaten na acht of tien jaar dan zo verschillend, ieder naar zijn soort? Wat illustreert dit? Zijn er geen verschillen in de aard-essentie van mensen? (Ja.)
Hier is nog een zaak waar jullie naar moeten luisteren en over moeten nadenken om te bepalen tot welke categorie deze behoort onder de uitingen van antichristen die we hebben besproken. In sommige kerken zijn er duidelijk kwaadaardige mensen die tiranniek en onredelijk optreden. Ze kunnen geen enkel concreet werk doen, maar willen toch altijd de macht in handen hebben. Welk werk ze ook ondernemen, ze veroorzaken verstoringen en vernietiging en houden zich niet aan de principes, en wat ze ook doen, ze willen nooit de prijs betalen maar willen altijd dat anderen naar hen luisteren. Kortom, zolang zo iemand in een kerk is, zullen vele anderen door hen worden verstoord, en zullen het werk van Gods huis en de orde van de kerk worden aangetast en beschadigd. Hoewel zulke mensen geen openlijke daden van groot kwaad hebben begaan of de broeders en zusters hebben geschaad, behoren ze, wanneer je kijkt naar hun menselijkheid, hun essentie, hun zienswijzen over diverse zaken, evenals hun houding tegenover de broeders en zusters, het werk van Gods huis en hun eigen plichten, puur tot de gelederen van de kwaadaardigen. Hoe moet Ik zulke mensen aanpakken als Ik ze tegenkom voordat de broeders en zusters het hebben opgemerkt? Moet Ik wachten tot ze een ernstige fout maken of een grote ramp veroorzaken om hen te verwijderen, en hen wegsturen wanneer ze ‘grote ophef maken’? Is dat nodig? (Nee.) Wat moet Ik dan doen? Op zijn minst moet Ik hen van hun plicht ontheffen. Vervolgens moet Ik hen isoleren of verwijderen, en voorkomen dat ze hun plicht vervullen om te vermijden dat ze anderen beïnvloeden. In het essentiële werk van Gods huis is de aanwezigheid van zulke kwaadaardige mensen niet toegestaan – is dit principe juist? Als ze niet zijn onthuld, dan is dat maar zo, maar zodra ze zijn onthuld, zodra ze zijn doorzien en als kwaadaardige mensen zijn getypeerd, is het dan niet juist om hen weg te zuiveren? (Ja.) Sommige mensen zeggen misschien: “Dat gaat niet. Jij hebt hen doorzien, maar anderen niet. Hen wegzuiveren zal invloed hebben op anderen. Als je hen gewoon wegzuivert omdat jij hen hebt doorzien, betekent dat dan niet dat jij de beslissing alleen neemt? Is dat werkelijk de waarheid de scepter laten zwaaien? We moeten bijeenkomen en met de broeders en zusters communiceren, met hen ontleden, ideologisch werk bij hen verrichten, materialen samenstellen en ieders goedkeuring krijgen voordat we verdergaan. Je moet de procedures volgen. Als je dat niet doet, schend je dan niet de werkregelingen van de kerk? Zou dit niet verkeerd zijn? Je moet je eerst zelf aan de werkregelingen van de kerk houden; je mag ze niet ondermijnen. Bovendien, wordt niet alles, ongeacht wat het is, gedaan uit zorg voor de broeders en zusters? Aangezien dat het geval is, moet je alle broeders en zusters hier volledig van bewust maken en duidelijkheid verschaffen over dit aspect van de waarheid. Je kunt hen niet in verwarring achterlaten; je moet alle broeders en zusters in staat stellen hen te onderscheiden.” Als deze procedures niet worden gevolgd en Ik zeg dat iemand verwijderd moet worden, hoe zouden jullie dan verdergaan? Jullie zouden niet weten wat jullie moeten doen, toch? Dat jullie zouden vastlopen, bewijst dat zulke zienswijzen onder jullie bestaan. Waar Ik over praat, is daadwerkelijk gebeurd. In een essentiële werkomgeving was er een duivel met een slechte menselijkheid, die tijdens het vervullen van zijn plicht bedrieglijk de kantjes ervan af liep en probeerde ontberingen en uitputting te vermijden. Hij hinderde en verstoorde het werk van de kerk bij elke stap, en toen hij werd gesnoeid, werd hij weerspannig en verwierp hij de waarheid volledig. Hij wilde altijd een ambt bekleden, de dienst uitmaken en anderen commandeerde. Hij hield nooit rekening met de belangen van de kerk en hield zich niet aan de principes, maar handelde uitsluitend op basis van zijn voorkeuren. In de tijd dat hij de leiding had over het werk, negeerde hij verschillende dingen die Ik hem had opgedragen te doen, en sloeg Mijn woorden in de wind. Behalve dat hij zijn taken niet deed, veroorzaakte hij verstoringen. De kerk is een belangrijke werkplek voor het vervullen van je plichten – als hij dacht dat hij niet was gekomen om zijn plicht te vervullen, maar om in prinsheerlijk comfort te leven of van een vervroegd pensioen te genieten, dan had hij het mis. Gods huis is geen welzijnsinstelling en geen opvangcentrum. Zulk uitschot als deze man deugt nergens voor, waar hij ook gaat; hij is nooit trouw in zijn plichten, werkt altijd plichtmatig en moddert maar wat aan. Dus zei Ik dat hij onmiddellijk verwijderd moest worden. Zou dit gemakkelijk in praktijk te brengen zijn geweest? (Ja.) Voor een bepaald type mens is echter zelfs zo’n eenvoudige zaak moeilijk uit te voeren. Pas drie maanden nadat Ik had gesproken, werd deze kwaadaardige persoon uiteindelijk met geweld weggestuurd. Wat was de reden hiervoor? Nadat Ik de opdracht had gegeven om deze man te verwijderen, begon de leider van die kerk de taak “uit te voeren”. Hoe voerde hij die uit? Hij riep een bijeenkomst bijeen zodat iedereen over de beslissing kon stemmen. Na veel discussie stemde de meerderheid er uiteindelijk mee in om hem te verwijderen, maar er was één tegenstem, dus werd de zaak opgeschort. Deze leider zei dat ze aan de persoon moesten werken die het er niet mee eens was, om met hem te overleggen en zijn instemming te vragen. In de tussentijd vroeg Ik twee keer of de man was weggestuurd. De leider antwoordde van niet, dat ze nog steeds bezig waren materiaal te verzamelen en samen te vatten. Achter Mijn rug om zei hij ook: “Zolang één persoon het er niet mee eens is, kunnen we hem niet verwijderen.” Met deze uitspraak bedoelde hij dat hij deze man niet wilde verwijderen. Hij vond dus deze absurde reden. In werkelijkheid hield hij anderen voor de gek; hij was bang deze man te beledigen en durfde hem niet te verwijderen. Uiteindelijk kwam er een ultimatum van de Boven: “Deze man moet worden weggestuurd. Als hij niet gaat, dan moet jij gaan. Een van jullie moet vertrekken; jij kiest!” Toen hij dit hoorde, dacht hij: ik kan niet vertrekken; ik heb nog niet lang genoeg van mijn positie genoten! Pas toen stuurde hij deze duivel weg. Zeg Mij, waarom nam deze leider de duivel in bescherming? Is dit niet de werkwijze van een antichrist? Dit is precies het gedrag van een antichrist.
Sommige mensen verkondigen voortdurend hun geloof in God, maar wanneer hun dingen overkomen, vragen ze de mening van elke broeder en zuster, terwijl ze nooit de mening van Christus vragen. Ze informeren niet naar wat Christus zegt, wat Zijn conclusie is, waarom Hij dit wil doen, of hoe mensen zich moeten onderwerpen. Ze hebben de mening van elke broeder en zuster gevraagd en zijn in staat al hun meningen en gedachten te respecteren, maar ze aanvaarden geen enkele zin die door Christus is gesproken, en tonen geen enkele intentie om zich te onderwerpen. Wat is de aard hiervan? Zijn het geen antichristen? (Ja.) Wat is er aan de hand in deze situatie? Waarom voeren ze deze zaak niet uit? Waarom is het zo moeilijk voor hen om het uit te voeren? Er is een reden voor. Ze denken: christus heeft de waarheid en gods essentie, maar dat is allemaal officiële retoriek, niet meer dan doctrines en slogans. Als het op de werkelijke zaken aankomt, doorzie jij helemaal niemand. Jouw woorden worden alleen maar gesproken en in boeken gedrukt opdat wij ze horen, en hebben helemaal niets te maken met jouw werkelijke capaciteiten. Als jij dus iemand typeert als een kwaadaardig persoon of een antichrist, bestaat de kans dat dit niet nauwkeurig is. Waarom heb ik niet opgemerkt dat hij kwaadaardig of een antichrist is? Waarom begrijp ik deze zaak niet? Denken ze niet zo? Ze geloven: jij hebt deze persoon maar twee keer ontmoet, hem een paar woorden horen zeggen en één ding zien doen, en jij zegt al dat hij kwaadaardig is. De broeders en zusters denken niet dat hij dat is; hoe kun jij dat dan wel denken? Waarom zouden jouw woorden zoveel gewicht in de schaal leggen? Ik heb geen slechte daden van deze persoon gezien, en ik weet ook niet welke slechte dingen hij heeft gedaan, ik kan dus geen ‘amen’ zeggen op wat jij zegt. Ik heb noties en bedenkingen bij wat jij doet. Deze noties kan ik echter niet direct uitspreken, dus moet ik mijn toevlucht nemen tot indirecte methoden: ik laat de broeders en zusters over deze zaak beslissen door te stemmen. Als de broeders en zusters het er niet mee eens zijn, dan is er niets aan te doen – kun jij ze werkelijk ook allemaal snoeien? Bovendien heb jij maar een paar keer contact gehad met deze persoon en typeer je hem al als kwaadaardig. Waarom geef je hem niet een kans? Kijk eens hoe verdraagzaam en liefdevol de broeders en zusters zijn. Ik kan niet de slechterik zijn; ik moet ook liefdevol zijn en mensen kansen geven – niet zoals jij, die zo snel oordelen velt over mensen. Iemand verwijderen is niet eenvoudig – wat als de persoon daarna zwak wordt? Wanneer er zich problemen voordoen, zou christus de broeders en zusters moeten beschermen. Hij zou alle dwaasheid, opstandigheid of onwetendheid van de broeders en zusters moeten tolereren en niet zo beslist en liefdeloos moeten zijn. Wordt god niet verondersteld overvloedig barmhartig te zijn? Waar is die barmhartigheid gebleven? Iedereen die je niet mag als kwaadaardig typeren en hen willen wegsturen, dat strookt helemaal niet met de regels! Dit zijn noties, nietwaar? (Ja.) Wanneer Christus iets doet of een beslissing neemt, en zij zijn het er niet mee eens, wordt het moeilijk om het uit te voeren. Ze treuzelen, gebruiken verschillende excuses en methoden om zicht te verzetten; ze weigeren gewoon het uit te voeren of te gehoorzamen. Hun bedoeling is: als ik dit niet uitvoer, dan wordt jouw taak niet volbracht! Ik zal je vertellen: als jij het niet uitvoert, dan vind ik wel iemand die wel leider kan zijn, en kun jij teruggaan naar waar je vandaan kwam! Zou deze zaak niet op deze manier afgehandeld moeten worden? (Ja.) Ik stuurde hen gewoon zo weg, rechttoe rechtaan en efficiënt – het was niet nodig om met wie dan ook te overleggen.
Sommige mensen begrijpen de waarheid nooit en hebben altijd twijfels over Gods woorden. Ze zeggen: “Is de waarheid die de scepter zwaait hetzelfde als christus die de scepter zwaait? De woorden van Christus zijn niet noodzakelijkerwijs altijd juist, omdat hij een menselijk aspect heeft.” Ze kunnen niet aanvaarden dat Christus de scepter zwaait. Als de Geest van God de scepter zwaaide, zouden ze geen noties hebben. Wat is hier het probleem? Zulke mensen hebben niet de minste twijfel over de God in de hemel, maar twijfelen altijd aan de geïncarneerde God. Christus heeft zoveel waarheid uitgedrukt, en toch erkennen ze Hem niet als de geïncarneerde God. Kunnen ze dan erkennen dat Christus de waarheid, de weg en het leven is? Dat is moeilijk te zeggen. Zelfs als zulke mensen Christus volgen, kunnen ze dan van Hem getuigen? Zijn ze verenigbaar met Christus? Er is geen definitief antwoord op deze vragen. Het is ook onzeker of zulke mensen het pad tot het einde kunnen volgen. Sommige mensen erkennen in hun hart volledig dat in Gods huis de waarheid de scepter zwaait. Maar hoe begrijpen ze dat de waarheid de scepter zwaait? Ze denken dat welk werk er ook wordt gedaan, iedereen samen moet overleggen en beslissen zolang het gerelateerd is aan Gods huis. Zolang er een consensus over wordt bereikt moet het worden uitgevoerd, wat het resultaat ook is. Dat is, zo geloven zij, wat het betekent dat de waarheid de scepter zwaait. Is deze zienswijze juist? Dit is een ernstige misvatting; het is een bijzonder absurde en dwaze uitspraak. Waar komt de waarheid vandaan? Die wordt uitgedrukt door Christus. Alleen Christus is de waarheid. De verdorven mensheid bezit helemaal geen waarheid. Hoe kunnen mensen dan door middel van overleg de waarheid voortbrengen? Als mensen de waarheid zouden kunnen voortbrengen door overleg, zou dat impliceren dat de verdorven mensheid de waarheid bezit. Is dat niet het meest absurde wat er is? Daarom betekent dat de waarheid de scepter zwaait, dat Christus de scepter zwaait, het betekent dat Gods woorden de scepter zwaaien, niet dat iedereen de macht heeft of het voor het zeggen heeft. Bijeenkomen om te communiceren over de waarheid en Gods woorden is juist; dit is het kerkleven. Maar wat is het effect van deze manier van beoefenen? Het is bedoeld om iedereen de waarheid te laten begrijpen en Gods woorden te laten kennen, om ervoor te zorgen dat iedereen in staat is zich aan Gods woorden te onderwerpen en ernaar te werken. Mensen komen bijeen om over de waarheid te communiceren, juist omdat ze die niet begrijpen. Als ze de waarheid al zouden begrijpen, zouden ze zich rechtstreeks aan Christus en aan Gods woorden kunnen onderwerpen; dat zou oprechte onderwerping zijn. Als op een dag alle leden van Gods uitverkoren volk de waarheid begrijpen, alle leden zich rechtstreeks aan Christus kunnen onderwerpen, Hem kunnen verhogen en van Hem kunnen getuigen, zal dat betekenen dat Gods uitverkoren volk is vervolmaakt. Sterker nog, het zal ervan getuigen dat in Gods huis de waarheid de scepter zwaait, dat Christus de scepter zwaait. Alleen zulke feiten en getuigenissen zouden bewijzen dat God als koning op aarde heeft geregeerd en dat het koninkrijk van Christus is verschenen. Maar hoe begrijpen sommige antichristen en valse leiders dat de waarheid de scepter zwaait? Zij vatten het zo op dat wanneer de waarheid de scepter zwaait, de broeders en zusters de scepter zwaaien. Welk werk ze ook doen, ze doen het naar hun eigen wil als ze het volledig kunnen doorgronden en communiceren met een paar mensen en laten ze de groep beslissen als ze dat niet kunnen. Kan dit bewijzen dat de waarheid wordt beoefend? Is de beslissing van de groep noodzakelijkerwijs in overeenstemming met Gods bedoelingen? Kan een dergelijke praktijk ertoe leiden dat de waarheid de scepter zwaait? Kan het ervan getuigen dat Christus de scepter zwaait in Gods huis? Ze beschouwen het als de waarheid de scepter laten zwaaien als ze toestaan dat de broeders en zusters hun meningen uiten, hun zienswijzen bespreken en uiteindelijk tot een consensus komen en beslissingen nemen. Dit impliceert dat de broeders en zusters de woordvoerders van de waarheid zijn, synoniem met de waarheid zelf. Is het juist om het op deze manier te begrijpen? Duidelijk niet, maar sommige antichristen en valse leiders handelen inderdaad op deze manier en voeren het ook zo uit. Ze denken dat ze door dit te doen democratie beoefenen, dat ze een democratische beslissing nemen en dat het op deze manier moet gebeuren, ongeacht of het in overeenstemming is met de waarheid of niet. Wat is de essentie van op deze manier handelen? Zijn zaken die democratisch worden besloten automatisch in overeenstemming met de waarheid? Vertegenwoordigen ze automatisch God? Als democratie de waarheid was, zou het niet nodig zijn dat God de waarheid uitdrukt; zou het dan niet genoeg zijn om gewoon de democratie te laten regeren? Hoe de verdorven mensheid ook de democratie beoefent, ze kan de waarheid niet voortbrengen door democratie te beoefenen. De waarheid komt van God, van de uitdrukkingen van Christus. Hoezeer een menselijke methode ook in overeenstemming mag zijn met menselijke ideeën of smaken, ze kan de waarheid niet vertegenwoordigen. Dit is een feit. De essentie van de aanpak van valse leiders en antichristen is, onder het mom van de waarheid die de scepter zwaait, Christus volledig buitenspel te zetten, Christus te vervangen door democratie, en de heerschappij van Christus te vervangen door de methode van gemeenschappelijke communicatie en democratische heerschappij. Zijn de aard en de gevolgen hiervan gemakkelijk te onderscheiden? Scherpzinnige mensen zouden ze moeten kunnen zien. Valse leiders en antichristen zijn niet degenen die zich aan Christus onderwerpen, maar degenen die Hem ontkennen en trotseren. Wat Christus ook in de kerk communiceert, zelfs als mensen luisteren en begrijpen, slaan ze het in de wind en zijn ze niet bereid het uit te voeren. In plaats daarvan letten ze op wat de valse leiders en antichristen zeggen; uiteindelijk zijn het hun woorden die tellen. Of mensen kunnen beoefenen volgens de woorden van Christus hangt af van de beslissingen van deze valse leiders en antichristen, en de meeste mensen neigen ernaar hen te volgen. Antichristen houden streng toezicht op het werk van de kerk, staan alleen zichzelf toe beslissingen te nemen en laten God geen zeggenschap hebben of de scepter zwaaien. Ze denken: christus is hier alleen om het werk te inspecteren. Jij kunt je zegje doen en het werk regelen, maar hoe het wordt uitgevoerd, is aan ons. Bemoei je niet met ons werk. Is dit niet wat antichristen doen? Antichristen zeggen altijd “alle broeders en zusters hebben gecommuniceerd” of “alle broeders en zusters hebben een consensus bereikt” – begrijpen degenen die zulke dingen zeggen werkelijk de waarheid? Wie zijn de broeders en zusters? Zijn ze niet slechts een groep mensen die diep door Satan zijn verdorven? Hoeveel waarheid begrijpen ze, hoeveel van de waarheidswerkelijkheid bezitten ze? Kunnen ze Christus vertegenwoordigen? Zijn ze de belichaming van de waarheid? Kunnen ze de woordvoerders van de waarheid zijn? Hebben ze enige relatie met de waarheid? (Nee.) Wanneer er geen relatie is, waarom beschouwen degenen die zulke dingen zeggen de broeders en zusters dan altijd als het hoogste? Waarom verhogen ze God niet en getuigen van Hem? Waarom spreken en handelen ze niet volgens de waarheid? Zijn degenen die op deze manier spreken geen absurde mensen? Na zoveel jaren Gods woorden te hebben gelezen en naar preken te hebben geluisterd, begrijpen ze nog geen enkele waarheid en kunnen ze niet zien wat ware broeders en zusters zijn. Zijn ze niet blind? Nu is iedereen ingedeeld naar zijn soort; velen hebben hun ware aard onthuld, ze zijn allemaal van Satans soort – het zijn puur beesten. Kunnen jullie dit niet duidelijk zien? Jullie bezitten helemaal geen waarheid! Sommige mensen zijn niet bereid te luisteren naar hoe Ik antichristen ontleed. Ze zeggen: “O, praat niet altijd over zoiets onbenulligs als antichristen; het is gênant. Waarom ontleed Je altijd antichristen?” Zou het goed zijn om hen niet te ontleden? Ze moeten op deze manier worden ontleed om mensen te leren onderscheiden. Anders zullen antichristen zodra ze verschijnen vele ketterijen en drogredenen verspreiden, vele mensen misleiden en zelfs de kerk beheersen en hun eigen onafhankelijke koninkrijk stichten. Zien jullie duidelijk hoe ernstig de gevolgen van deze zaak zijn? Zojuist hebben we gecommuniceerd over wat het betekent dat de waarheid de scepter zwaait. Door de communicatie hebben mensen de absurde methoden en dwaze zienswijzen van antichristen gezien. Antichristen willen altijd zelf de scepter zwaaien en willen niet dat Christus de scepter zwaait, dus veranderen ze de heerschappij van de waarheid in een democratische vorm, en bepleiten ze dat wanneer iedereen samen over zaken overlegt, de waarheid de scepter zwaait. Zit hier niet Satans bedrog in? Is de waarheid iets waar iedereen door overleg toe kan komen? De waarheid wordt door God uitgedrukt en is afkomstig van God. Waarom kunnen jullie Gods woorden niet rechtstreeks beoefenen, je rechtstreeks aan God onderwerpen en je rechtstreeks aan Gods regelingen onderwerpen? Waarom moeten de opdrachten van Christus worden bepaald door ieders overleg? Is dit geen complot van Satan? Antichristen verspreiden vaak een reeks theorieën om mensen te misleiden, en welke werktaak ze ook uitvoeren, zij hebben altijd het laatste woord en schenden de waarheidsprincipes volledig. Als we kijken naar deze uitingen van antichristen, wat is dan precies hun gezindheid? Zijn het mensen die van positieve dingen en van de waarheid houden? Hebben ze een oprechte onderwerping aan God? (Nee.) Hun essentie is er een van afkeer van en haat jegens de waarheid. Bovendien zijn ze zo arrogant dat ze alle rationaliteit verliezen, en zelfs het elementaire geweten en verstand missen dat mensen zouden moeten hebben. Zulke mensen zijn het niet waard mens genoemd te worden. Er kan alleen van hen worden gezegd dat ze tot Satans soort behoren; het zijn duivels. Iedereen die de waarheid niet in het minst aanvaardt, is een duivel – dit staat buiten kijf.
Er zijn ook mensen die een houding aannemen die noch nederig, noch arrogant is ten opzichte van de woorden van Christus. Ze geven geen blijk van volledige instemming, maar verzetten zich ook niet. Wanneer Christus spreekt, over de waarheid communiceert, iemand onderscheidt of een werktaak toewijst, lijken ze aan de oppervlakte te luisteren en aantekeningen te maken, en tonen ze zich serieus en bereid mee te werken. Ze maken nauwkeurige aantekeningen over alles, zetten er diverse markeringen bij, en lijken zeer geïnteresseerd in de waarheid en veel waarde te hechten aan wat Christus zegt, alsof ze bijzonder van de waarheid houden en onwankelbaar trouw zijn aan Christus. Maar kan de houding van zulke mensen ten opzichte van de waarheid, hun gezindheid en hun essentie worden afgeleid uit zulke oppervlakkige verschijnselen? Nee. Zulke mensen lijken aan de buitenkant aantekeningen te maken en te luisteren, maar wat denken ze werkelijk in hun hart? Wanneer ze kijken naar wat ze hebben genoteerd, denken ze: wat is dit allemaal? Geen enkele nuttige regel, niets dat er verheven uitziet of in overeenstemming is met de waarheid, en niets dat mij logisch lijkt. Ik kan het net zo goed verscheuren! Is dit niet een soort houding? Ik heb veel mensen zien knikken en diverse gezichtsuitdrukkingen zien maken terwijl ze naar preken luisterden en tegelijkertijd aantekeningen maakten. Naderhand nemen ze het echter helemaal niet serieus. Ze herinneren zich niet wat ze in praktijk moeten brengen, noch bewaren ze het in hun hart of handelen ze ernaar. Het is nog minder waarschijnlijk dat ze zullen beoefenen wat ze zouden moeten doen. Wat ze in praktijk moeten brengen heeft te maken met het werk van Gods huis en hun plicht, en wat ze moeten binnengaan heeft betrekking op hun persoonlijke ingang. Ze brengen niet in praktijk wat ze zouden moeten, en nemen hun persoonlijke ingang al helemaal niet serieus. Ze zeggen: “Er wordt gezegd dat elke zin die door christus wordt gesproken en uitgedrukt de waarheid is, dat het is wat mensen moeten binnengaan, dat het allemaal de waarheid, de weg en het leven is – maar ik zie geen enkele waarheid of weg in wat ik elke keer noteer, en ik voel ook niet dat het het leven is. Hoe zou dan de uitspraak dat christus de essentie van god heeft, vervuld kunnen worden? Hoe zou die gerealiseerd kunnen worden? Hoe zou die kunnen kloppen met wat ik zie? Het klopt niet zomaar.” Sommige mensen zeggen: “Als dit hun houding is na het luisteren, waarom hebben ze dan überhaupt aantekeningen gemaakt? Ze leken een juiste, serieuze en verantwoordelijke houding te hebben; wat is er aan de hand?” Er is maar één reden. Als iemand die de waarheid niet liefheeft en er uiterst afkerig van is bijzonder ernstig en aandachtig kan lijken wanneer Christus spreekt, dan is dat omdat hij maar één bedoeling heeft, hij wil slechts halfslachtig voor de vorm meedoen; het is geen oprechte aanvaarding. Telkens wanneer ze Gods woorden lezen of in contact komen met Christus en met Hem converseren, nemen ze niet de zo genoemde verhevenheid, ondoorgrondelijkheid of het wonder van God waar, maar Zijn praktische aard, normaliteit en onbeduidendheid. Daarom is het vanuit hun eigen gezichtspunt en standpunt onmogelijk voor hen om de woorden van deze gewone mens te associëren met de waarheid, de weg of het leven. Hoe ze deze persoon ook bekijken, ze zien slechts een mens; ze kunnen Hem niet als God of Christus beschouwen. Dus kunnen ze deze buitengewoon gewone woorden onmogelijk beschouwen als de waarheid om na te leven, te beoefenen en te gebruiken als leidraad voor het leven, een doel voor het bestaan, enzovoort – ze vinden het pijnlijk. Ze zeggen: “Hoe komt het dat ik geen enkele waarheid zie in deze gewone woorden? Hoe kunnen jullie het allemaal wel zien? Zijn dit niet gewoon maar gewone woorden? Het is menselijke taal, menselijke tekst, menselijke grammatica; er worden zelfs menselijke uitdrukkingen en woorden gebruikt, en wat menselijke spreekwoorden en culturele aspecten ontleed. Hoe kunnen deze woorden de waarheid bevatten? Waarom kan ik het niet zien? Aangezien jullie allemaal zeggen dat het de waarheid is, zal ik maar gewoon meedoen en iedereen napraten; ik zal aantekeningen maken omdat iedereen dat doet, maar terwijl jullie hem allemaal als de waarheid beschouwen, doe ik dat zeker niet. ‘Waarheid’ is zo’n heilig woord, het moet iets uiterst verhevens zijn! Als het om de waarheid gaat, gaat het om god, en als het om god gaat, kan het niet zo gewoon, zo onbeduidend, zo alledaags zijn. Dus, hoe ik ook nauwkeurig onderzoek en analyseer, ik kan geen enkel spoor van god in hem vinden. Als er geen spoor van god in hem is, hoe kan hij ons dan redden? Het is onmogelijk. Als zijn woorden ons niet kunnen redden of baten, waarom zouden we hem dan volgen? Waarom zouden we zijn woorden in praktijk brengen? Waarom zouden we naar zijn woorden leven?” Nu hebben ze hun ware aard als antichristen getoond, nietwaar? Van begin tot eind is hun houding ten opzichte van het vlees waarin God is geïncarneerd er een van nauwkeurig onderzoek. Er is noch aanvaarding noch onderwerping in de manier waarop ze Gods woorden behandelen, laat staan dat ze die beoefenen of ervaren. In plaats daarvan behandelen ze Gods woorden met een houding van weerstand, tegenstand en verwerping. Ze maken met tegenzin wat aantekeningen wanneer Christus met mensen converseert, maar diep vanbinnen aanvaarden ze er niets van. Na interactie met Christus zeggen sommige mensen: “We genieten echt als we van aangezicht tot aangezicht met God spreken en communiceren.” De antichrist zegt: “Ik zal het ook eens proberen. Ik zal van aangezicht tot aangezicht met christus praten en zien hoe de gezichtsuitdrukkingen, handelingen en spraak van christus werkelijk zijn wanneer hij met mensen praat. Ik zal zien wat men eruit kan halen of eruit kan opmaken, of het gunstig is voor mensen om een fundament te leggen en hun geloof in hem als de ware god te bevestigen.” Kunnen zij met zo’n houding ten opzichte van Christus en Zijn woorden ooit tot echte praktijk of uitvoering komen? Nee, dat kunnen ze niet. Ze zijn niets meer dan toeschouwers die op de sensatie afkomen, ze zijn hier helemaal niet om de waarheid te zoeken. Vinden jullie dat de houding waarmee deze mensen Christus behandelen en met Hem converseren een beetje lijkt op een groep buurvrouwen die samen op de veranda kletsen, waarbij niemand serieus hoeft te zijn en iedereen gewoon zegt wat hij wil? Deze mensen behandelen Christus op dezelfde manier: “Jij uit jouw zienswijzen, ik houd vast aan de mijne. Laten we het erover eens zijn dat we van mening verschillen; jij hoeft niet te verwachten dat je me overtuigt, en ik zal zeker niet aanvaarden wat jij zegt.” Is het niet zo’n soort houding? Wat is dit voor houding? (Minachtend en oneerbiedig.) Deze mensen zijn vreemd. Als je Christus niet erkent als het vlees waarin God is geïncarneerd, waarom geloof je dan in Hem en volg je Hem? Als je niet gelooft, waarom ga je dan niet gewoon weg en maak je er een einde aan? Wie dwingt jou te geloven? Niemand dwingt jou in God te geloven; het is je eigen keuze.
Wanneer sommige mensen naar Mijn communicatie over een zaak luisteren, ontwikkelen ze al snel andere meningen: “Jij denkt er zo over, maar ik denk er zo over. Over elke zaak heb jij jouw ideeën en ik heb de mijne; iedereen heeft zijn eigen ideeën.” Wat voor schepsel zou dit zeggen? Wanneer God mensen van de waarheid voorziet, is dat dan een soort betoog? Zijn Gods woorden een academische theorie? (Nee.) Wat zijn ze dan? (Ze zijn de waarheid.) Wees specifieker. (Ze zijn de principes en de richting voor het menselijk gedrag, de levensbehoeften van de mens.) Waarom zeggen we dat God mensen van de waarheid voorziet? Is er ooit gezegd dat Hij kennis verschaft? (Nee.) Waarom zeggen we dat Gods woorden voor mensen zijn om te eten en te drinken? Gods woorden zijn als voedsel voor mensen; ze kunnen je fysieke lichaam onderhouden en je laten leven, en bovendien laten ze je goed leven, ze laten je leven met de gelijkenis van een mens. Ze zijn het leven voor een mens! Gods woorden zijn geen vorm van kennis, geen betoog of gezegde. Kennis, betogen en de traditionele cultuur van de mens kunnen mensen alleen maar verderven. Mensen kunnen met of zonder die dingen leven, maar als iemand wil leven en een schepsel wil worden dat aan de maatstaf voldoet en de norm haalt, kan hij dat niet zonder de waarheid. Dus wat is de waarheid precies? (Het is het criterium om je naar te gedragen, naar te handelen en om God mee te aanbidden.) Juist, dat is specifieker. Zien antichristen dit zo? Ze aanvaarden dit feit niet. Ze maken bezwaar tegen dit feit, weerstaan het en veroordelen het, dus kunnen ze de waarheid niet verkrijgen. In hun gedachten en zienswijzen denken ze: “Jij bent maar een gewoon mens. Jij zegt iets en andere mensen gaan handelen volgens jouw woorden, dus waarom kan ik niet iets juists zeggen en mensen dat ook in praktijk laten brengen? Waarom is wat jij zegt altijd juist en wat ik zeg altijd onjuist? Waarom worden jouw woorden als de waarheid beschouwd, terwijl de mijne als kennis en doctrines worden beschouwd?” Het is nergens op gebaseerd – het is een feit, en dat wordt bepaald door de essentie. Christus is het vlees waarin God is geïncarneerd, en Zijn essentie is God. Niemand kan dit ontkennen; zelfs als antichristen weigeren het te erkennen of te aanvaarden, kunnen ze het niet ontkennen. Het moment dat de mens zich afkeert van Christus en Hem verwerpt, is het moment van de ondergang van de mens. Zonder Christus en Zijn woorden kan niemand worden gered. Is dit geen feit? (Ja.) Wat voor stichting kunnen die woorden en theorieën van antichristen mensen brengen? Als mensen ze niet aanvaarden, zullen ze dan enig verlies lijden? Nee, er zal geen enkel verlies zijn. De woorden van antichristen hebben op niemand een positieve invloed, maar hebben juist veel negatieve gevolgen. Als Christus geen enkele zin zou uitspreken en gewoon zou komen om een aantal jaren een normaal leven te leiden alvorens te vertrekken, wat zou de mensheid dan verkrijgen? Wat zou de mensheid, behalve het dragen van het kruis, nog meer kunnen verkrijgen? Ze zouden nog steeds in zonde leven, hun zonden belijden en berouw tonen, onlosmakelijk gevangen in zonde, steeds verdorvener worden, en uiteindelijk, wanneer Gods werk eindigt, zouden ze allemaal worden vernietigd. Dat zou er van de mensheid terechtkomen. Maar Christus kwam, drukte alle woorden uit die God tegen de mens wilde zeggen, voorzag in alle waarheid die de mens nodig heeft, en openbaarde aan de mens wat God heeft en is. Bracht dit geen keerpunt voor de mens teweeg? Met andere woorden, werd door de woorden van Christus geen keerpunt voor de mens gecreëerd? (Ja.) Wat is dit keerpunt? Voornamelijk is het de overgang van een situatie waarin mensen veroordeling en ondergang tegemoet zien naar een situatie waarin ze kans en hoop hebben om gered te worden. Is dat geen keerpunt? De hoop van mensen is aangebroken; ze zien de dageraad en hebben de hoop om gered te worden en te overleven. Wanneer God de mensheid vernietigt en straft, kunnen zij de vernietiging en straf ontlopen. Zijn Christus en Zijn woorden voor zo’n mensheid die kan overleven dus een goede of een slechte zaak? (Een goede zaak.) Ze zijn een goede zaak. Dat antichristen zo vijandig staan tegenover zo’n Christus, zo’n gewoon mens, en zo’n afkeer van Hem hebben, wordt bepaald door hun essentie.
Er is nog een uiting van antichristen in hun behandeling van de geïncarneerde God: ze zeggen: “Zodra ik zag dat christus een gewoon mens was, vormden zich in mijn gedachten noties. Het Woord verschijnt in het vlees is een uitdrukking van god; het is de waarheid, en dat geef ik toe. Ik heb een exemplaar van Het Woord verschijnt in het vlees, en dat is genoeg. Ik hoef geen contact te hebben met christus. Als ik noties, negativiteit of zwakheid heb, kan ik die oplossen door gewoon gods woord te lezen. Het is gemakkelijk om noties te vormen als ik contact heb met de geïncarneerde god, en dit zal aantonen dat ik te diep verdorven ben. Als ik door god veroordeeld word, heb ik geen hoop op redding. Dus is het beter als ik gewoon in mijn eentje gods woord lees. Het is god in de hemel die mensen kan redden.” Het zijn Gods huidige woorden en communicatie, vooral die woorden die de gezindheid en essentie van antichristen blootleggen, die de harten van antichristen het meest steken en het pijnlijkst voor hen zijn. Dit zijn de woorden die antichristen het minst graag lezen. Daarom wensen antichristen in hun hart dat God de aarde snel zal verlaten, zodat zij op eigen kracht op aarde kunnen heersen. Ze geloven dat het vlees waarin God is geïncarneerd, deze gewone mens, voor hen overbodig is. Ze peinzen altijd: voordat ik naar de preken van christus luisterde, had ik het gevoel dat ik alles begreep en dat alles goed met me ging, maar na het luisteren naar de preken van christus is het anders. Ik heb nu het gevoel alsof ik niets heb, ik voel me zo onbeduidend en erbarmelijk. Daarom stellen ze vast dat Christus’ woorden niet hen blootleggen maar anderen, en denken ze dat het niet nodig is om naar Christus’ preken te luisteren, dat het lezen van Het Woord verschijnt in het vlees genoeg is. In het hart van antichristen is hun voornaamste bedoeling het feit te ontkennen dat God vlees is geworden, het feit te ontkennen dat Christus de waarheid uitdrukt, denkend dat er op deze manier hoop voor hen is om gered te worden door hun geloof in God, en dat ze als koningen in de kerk kunnen heersen en dat het doel dat ze hadden toen ze oorspronkelijk in God gingen geloven zo kan worden gerealiseerd. Antichristen hebben een aangeboren aard van weerstand tegen God; ze zijn even onverenigbaar met de geïncarneerde God als water en vuur, in eeuwige onenigheid. Ze denken dat elke dag dat Christus bestaat een dag is waarop het moeilijk voor hen zal zijn om te schitteren, en dat ze gevaar lopen veroordeeld, geëlimineerd, vernietigd en gestraft te worden. Zolang Christus niet spreekt en niet werkt, en zolang Gods uitverkoren volk niet naar Christus opkijkt, hebben antichristen een kans. Ze krijgen de kans om hun bekwaamheden te demonstreren. Met een enkel handgebaar zullen massa’s mensen naar hun kant overlopen, en kunnen antichristen als koningen heersen. De aard-essentie van antichristen is afkerig te zijn van de waarheid en Christus te haten. Ze wedijveren met Christus over wie getalenteerder is of wie bekwamer is; ze wedijveren met Christus over wiens woorden meer gezag hebben en wiens bekwaamheden groter zijn. Aangezien ze hetzelfde doen als Christus, zijn ze erop uit anderen te laten zien dat zij en Hij beiden mens zijn en dat de bekwaamheden en geleerdheid van Christus niet groter zijn dan die van een gewoon mens. Antichristen wedijveren op elke manier met Christus, betwisten wie beter is, en proberen op alle mogelijke manieren het feit te ontkennen dat Christus God is, dat Hij de belichaming is van Gods Geest, en dat Hij de belichaming is van de waarheid. Ze bedenken ook op elk gebied verschillende manieren en middelen om te voorkomen dat Christus gezag heeft onder Gods uitverkoren volk, en proberen zo te voorkomen dat Christus’ woorden worden verspreid of in praktijk worden gebracht onder Gods uitverkoren volk, en zelfs om te voorkomen dat de dingen die Christus doet en Zijn eisen aan en hoop voor mensen worden verwezenlijkt onder Gods uitverkorenen. Het is alsof ze, wanneer Christus aanwezig is, worden genegeerd, en door de kerk worden veroordeeld en verworpen – een groep mensen die in een donker hoekje is gezet. We kunnen uit de diverse uitingen van antichristen opmaken dat ze qua essentie en gezindheid onverenigbaar zijn met Christus – ze kunnen niet samen met Hem onder dezelfde hemel bestaan! Antichristen zijn God vijandig gezind sinds hun geboorte; ze zijn er specifiek op uit om Christus te weerstaan, en ze willen Christus verslaan en overwinnen. Ze willen dat al het werk dat Christus doet tevergeefs en voor niets is, zodat Christus uiteindelijk niet veel mensen zal winnen, en zodat Hij, waar Hij ook werkt, geen resultaten zal boeken. Pas dan zullen antichristen gelukkig zijn. Als Christus waarheden uitdrukt, en mensen daarnaar dorsten, ze zoeken, ze blijmoedig aanvaarden, bereid zijn zich voor Christus in te zetten, alles op te geven en Christus’ evangelie te verspreiden, dan worden antichristen moedeloos en hebben ze het gevoel dat er geen hoop is voor morgen, dat er nooit een kans voor hen zal zijn om te schitteren, alsof ze in de hel zijn geworpen. Als we naar deze uitingen van antichristen kijken, is deze essentie van hen om tegen God te strijden en Hem met vijandigheid te bejegenen hun dan door iemand anders ingeprent? Absoluut niet; ze zijn ermee geboren. Daarom zijn antichristen een soort mensen die vanaf hun geboorte de reïncarnatie van de duivel zijn, de duivel die naar de aarde is gekomen. Het is onmogelijk dat ze ooit de waarheid aanvaarden, en ze zullen Christus nooit aanvaarden, Christus verhogen of van Christus getuigen. Hoewel je hen uiterlijk niet openlijk over Christus zult zien oordelen of zien dat ze Hem veroordelen, en hoewel ze zich gedwee kunnen inspannen en een prijs kunnen betalen, zal de onverenigbaarheid van antichristen met God zich tonen zodra ze hun kans schoon zien, wanneer het moment rijp is. Het feit dat antichristen tegen God strijden en een onafhankelijk koninkrijk stichten, zal openbaar worden. Al deze dingen zijn eerder gebeurd op plaatsen waar antichristen waren, en ze komen vooral frequent voor in deze jaren waarin God Zijn werk van het oordeel van de laatste dagen doet; veel mensen hebben ze ervaren en waargenomen.
27 juni 2020