De app van De Kerk van Almachtige God

Luister naar Gods stem en verwelkom de wederkomst van Heer Jezus!

We nodigen alle zoekers van de waarheid uit om contact met ons op te nemen.

Gods schapen horen de stem van God

Effen kleuren

Thema's

Lettertype

Lettergrootte

Regelruimte

Paginabreedte

0 zoekresulta(a)t(en)

Geen resultaten gevonden

Hoofdstuk 1 Je moet weten dat Almachtige God de enige ware God is en de hemelen en de aarde en alles daarin heeft geschapen

2. Almachtige God is de teruggekeerde Heer Jezus

Relevante woorden van God:

God is vlees geworden op het vasteland van China, wat de medepatriotten in Hongkong en Taiwan het binnenland noemen. Toen God van boven naar de aarde kwam, wist niemand in de hemel en op aarde daar iets van, want dit is de ware betekenis van God die op verborgen wijze terugkeert. Hij werkt en leeft al heel lang in het vlees, toch heeft niemand er iets van geweten. Zelfs tot op de dag van vandaag herkent niemand het. Dit zal wellicht een eeuwig raadsel blijven. Gods komst in het vlees is deze keer niet iets waar iedereen zomaar van op de hoogte kan zijn. Hoe grootschalig en machtig het werk van de Geest ook is, God blijft altijd beheerst en geeft Zichzelf nooit bloot. Men kan zeggen dat het is alsof deze fase van Zijn werk plaatsvindt in het hemelse rijk. Hoewel het voor iedereen zonneklaar is, herkent niemand het. Wanneer God deze fase van Zijn werk voltooit, zal iedereen uit zijn langdurige droom ontwaken en zijn eerdere houding aan een ommekeer onderwerpen.[1] Ik weet nog dat God eens heeft gezegd: “In het vlees komen is deze keer als het vallen in het hol van de tijger.” Wat dit betekent is dat, omdat God in deze ronde van Gods werk in het vlees komt en geboren wordt in de woonplaats van de grote rode draak, Zijn komst nog meer gepaard gaat met extreme gevaren. Hij wordt met messen, geweren en knuppels geconfronteerd; Hij wordt met verleiding geconfronteerd; Hij wordt met hordes geconfronteerd die er moordlustig uitzien. Hij loopt het risico om elk moment vermoord te worden. God kwam wél met toorn. Hij kwam echter om het werk van vervolmaking te doen, oftewel het tweede deel van Zijn werk dat verdergaat na het verlossingswerk. Ten behoeve van deze fase van Zijn werk heeft God er uiterste zorg en aandacht aan besteed en gebruikt Hij elk denkbaar middel om de aanvallen van verleiding te vermijden, waarbij Hij Zichzelf nederig verbergt en nooit met Zijn identiteit te koop loopt. In het redden van de mens vanaf het kruis voltooide Jezus alleen het verlossingswerk; Hij was niet bezig met het werk van vervolmaking. Dus slechts de helft van Gods werk werd gedaan en voltooiing van het verlossingswerk was maar de helft van Zijn hele plan. Terwijl het nieuwe tijdperk op het punt stond om te beginnen en het oude op het punt stond om afgesloten te worden, begon God de Vader plannen te maken voor het tweede deel van Zijn werk en er voorbereidingen voor te treffen. In het verleden is deze vleeswording in de laatste dagen misschien niet geprofeteerd, wat daarom deze keer een fundament heeft gelegd voor de toegenomen geheimzinnigheid rond Gods komst in het vlees. In de morgenstond kwam God zonder medeweten van wie dan ook naar de aarde en begon Hij Zijn leven in het vlees. Mensen waren zich niet bewust van dit moment. Misschien waren ze allemaal in diepe slaap, misschien waren er velen klaarwakker aan het wachten en misschien waren er velen in stilte tot God in de hemel aan het bidden. Toch wist niemand onder al deze vele mensen dat God al op aarde was aangekomen. God werkte op deze manier om Zijn werk zo soepeler uit te voeren en betere resultaten te bereiken, alsook om meer verleidingen uit de weg te gaan. Als de mens uit zijn lentesluimer ontwaakt, zal Gods werk al lang zijn voltooid, zal Hij vertrekken en Zijn zwervende leven en verblijf op aarde tot een einde brengen. Aangezien Gods werk vereist dat God persoonlijk handelt en spreekt, en aangezien de mens op geen enkele manier kan helpen, heeft God extreme pijn verdragen door naar de aarde te komen om het werk Zelf te doen. De mens is niet in staat om als plaatsvervanger op te treden voor Gods werk. Daarom riskeerde God gevaren die duizenden malen groter zijn dan die tijdens het Tijdperk van Genade om af te dalen naar waar de grote rode draak woont om Zijn eigen werk te doen, om al Zijn aandacht en zorg te stoppen in het redden van deze groep armoedige mensen, het redden van deze groep mensen die is weggezonken in een mesthoop. Hoewel niemand van Gods bestaan afweet, maalt God daar niet om, want het komt Gods werk zeer ten goede. Iedereen is afschuwelijk slecht, dus hoe kan wie dan ook Gods bestaan verdragen? Daarom is God op aarde altijd stil. Hoe overmatig wreed de mens ook is, God trekt Zich daar niets van aan, maar blijft gewoon het werk doen dat Hij moet doen om de grotere opdracht te vervullen die de hemelse Vader Hem gaf. Wie onder jullie heeft Gods lieflijkheid herkend? Wie bekommert zich meer om de last van God de Vader dan Zijn Zoon dat doet? Wie is er in staat om de wil van God de Vader te begrijpen? De Geest in de hemel van God de Vader is vaak bezorgd en Zijn Zoon op aarde bidt vaak over de wil van God de Vader, waarbij Zijn hart van zorgen in stukken breekt. Is er iemand die van de liefde van God de Vader voor Zijn Zoon afweet? Is er iemand die weet hoe de geliefde Zoon God de Vader mist? Verscheurd tussen hemel en aarde houden ze elkaar van veraf constant in het oog, zij aan zij in de Geest. O mensheid! Wanneer houden jullie rekening met Gods hart? Wanneer zullen jullie Gods bedoeling begrijpen? Vader en Zoon hebben altijd op elkaar vertrouwd. Waarom moeten Zij dan gescheiden zijn, een in de hemel boven en een op de aarde beneden? De vader houdt van Zijn Zoon zoals de Zoon van Zijn Vader houdt. Waarom moet Hij dan met zo’n verlangen wachten en met zo’n spanning smachten? Hoewel Zij niet lang gescheiden zijn, weet iemand wel dat de Vader al zo veel dagen en nachten een smachtend verlangen heeft en al heel lang uitkijkt naar de spoedige terugkeer van Zijn geliefde Zoon? Hij observeert, Hij zit in stilte, Hij wacht. Het is allemaal voor de spoedige terugkeer van Zijn geliefde Zoon. Wanneer zal Hij weer samen met de Zoon zijn die op aarde zwerft? Zelfs al waren zij eens samen en al zullen Zij voor eeuwig samen zijn, hoe kan Hij de duizenden dagen en nachten verdragen dat Zij gescheiden zijn, één in de hemel boven en één op aarde beneden? Tientallen jaren op aarde zijn als duizenden jaren in de hemel. Hoe zou God de Vader Zich geen zorgen kunnen maken? Wanneer God naar de aarde komt, ervaart Hij de vele wisselvalligheden van de mensenwereld net zoals de mens dat doet. God Zelf is onschuldig, dus waarom God dezelfde pijn laten lijden als de mens? Geen wonder dat God de Vader zo naar Zijn Zoon smacht; wie kan Gods hart begrijpen? God geeft de mens teveel; hoe kan de mens Gods hart afdoende terugbetalen? Toch geeft de mens God te weinig; hoe zou God Zich dan geen zorgen kunnen maken?

Onder de mensen begrijpt amper iemand Gods smachtende hart omdat hun kaliber te ondermaats is en hun geestelijke gevoeligheid behoorlijk is afgestompt, en omdat zij geen van allen opmerken noch aandacht schenken aan wat God aan het doen is. God blijft Zich dus zorgen maken om de mens, alsof de dierlijke natuur van de mens op elk moment de kop op zou kunnen steken. Dit laat verder zien dat Gods komst naar de aarde gepaard gaat met grote verleidingen. Maar omdat God een groep mensen compleet wil maken, liet Hij, vol glorie, de mens al Zijn bedoelingen weten, zonder iets te verbergen. Hij heeft Zich vast voorgenomen om deze groep mensen compleet te maken. Daarom schenkt Hij geen aandacht aan moeilijkheden of verleidingen en negeert Hij die volkomen. Hij doet alleen stilletjes Zijn eigen werk, in de vaste overtuiging dat de mens God op een dag zal kennen wanneer Hij glorie heeft verkregen, en met het geloof dat de mens Gods hart volledig zal begrijpen wanneer hij door God compleet is gemaakt. Op dit moment zijn er misschien mensen die God in verzoeking brengen of God verkeerd begrijpen of God verwijten maken; God trekt Zich daar helemaal niets van aan. Wanneer God in glorie afdaalt, zullen alle mensen begrijpen dat alles wat God doet voor het welzijn van de mensheid is en zullen alle mensen begrijpen dat alles wat God doet de mensheid helpt om beter te overleven. Gods komst gaat gepaard met verleidingen en God komt ook met majesteit en toorn. Tegen de tijd dat God de mens verlaat, zal Hij al glorie hebben verkregen en zal Hij vol glorie vertrekken en met de vreugde over Zijn terugkeer. De God die op aarde werkt, trekt Zich nergens iets van aan, hoe mensen Hem ook verwerpen. Hij doet gewoon Zijn werk. Gods schepping van de wereld gaat duizenden jaren terug, Hij is naar de aarde gekomen om een onmetelijke hoeveelheid werk te doen en Hij heeft de afwijzing en lasterpraat van de mensenwereld volop ervaren. Niemand heet God welkom; iedereen beziet Hem slechts met een koude blik. In de loop van deze duizenden jaren aan moeilijkheden heeft het gedrag van de mens Gods hart lang geleden al verbrijzeld. Hij schenkt geen aandacht meer aan de opstandigheid van mensen, maar maakt in plaats daarvan een afzonderlijk plan om de mens om te vormen en te reinigen. De spot, de lasterpraat, de vervolging, de beproeving, het lijden aan het kruis, de uitsluiting door de mens enzovoort die God in het vlees heeft ervaren − God heeft hier al genoeg van geproefd. God in het vlees heeft de ellende van de mensenwereld volop ondergaan. De Geest van God de Vader in de hemel kon zulke dingen al lang geleden niet aanzien, gooide Zijn hoofd achterover en sloot Zijn ogen, wachtend op de terugkeer van Zijn geliefde Zoon. Alles wat Hij verlangt, is dat mensen allemaal luisteren en gehoorzamen, in staat zijn om zich zeer te schamen in het aangezicht van Zijn vlees en niet tegen Hem in opstand komen. Alles wat Hij verlangt, is dat mensen allemaal geloven dat God bestaat. Hij hield er lang geleden mee op om hogere eisen aan de mens te stellen, want God heeft een te hoge prijs betaald, toch maakt de mens zich niet druk[2] en neemt hij Gods werk geenszins ter harte.

‘Werk en intrede (4)’ in Het Woord verschijnt in het vlees

De eerste keer dat God vlees werd, was door bevruchting door de Heilige Geest, en het had te maken met het werk dat Hij wilde doen. Het Tijdperk van Genade begon met Jezus’ naam. Toen Jezus Zijn bediening begon uit te voeren, begon de Heilige Geest te getuigen van de naam van Jezus en werd de naam van Jehova niet langer genoemd; in plaats daarvan verrichte de Heilige Geest het nieuwe werk hoofdzakelijk onder de naam van Jezus. Het getuigenis van degenen die in Hem geloofden, werd gedragen voor Jezus Christus, en het werk dat zij deden was ook voor Jezus Christus. Het eindigen van het oudtestamentische Tijdperk van de Wet betekende dat het werk dat hoofdzakelijk onder de naam Jehova werd uitgevoerd ten einde was gekomen. Voortaan was de naam van God niet langer Jehova; in plaats daarvan heette Hij Jezus en vanaf dat moment begon de Heilige Geest het werk hoofdzakelijk onder de naam Jezus. Dus de mens die vandaag nog steeds de woorden van Jehova eet en drinkt, en nog altijd alles doet volgens het werk van het Tijdperk van de Wet – ben je hier niet blindelings regels aan het opvolgen? Ben je niet blijven hangen in het verleden? Jullie weten nu dat de laatste dagen zijn aangebroken. Kan het zijn dat Jezus, wanneer Hij komt, nog steeds Jezus heet? Jehova vertelde het volk Israël dat er een Messias zou komen, en toch heette Hij bij Zijn komst niet Messias maar Jezus. Jezus zei dat Hij zou terugkomen en dat Hij zou komen zoals Hij was weggegaan. Dit waren de woorden van Jezus, maar heb jij gezien hoe Jezus wegging? Jezus zweefde weg op een witte wolk, maar is het mogelijk dat Hij in eigen persoon op een witte wolk onder de mensen terugkeert? Als dat zo was, zou Hij dan niet nog steeds Jezus worden genoemd? Wanneer Jezus terugkomt, zal het al een ander tijdperk zijn: zal Hij dan nog steeds Jezus kunnen heten? Kan God soms alleen gekend worden door de naam van Jezus? Kan Hij in een nieuw tijdperk geen nieuwe naam hebben? Kan het beeld van één persoon en één specifieke naam een volledige weergave van God bieden? In elk tijdperk verricht God nieuw werk en heeft Hij een nieuwe naam; hoe zou Hij in verschillende tijdperken hetzelfde werk kunnen doen? Hoe zou Hij kunnen vasthouden aan het oude? De naam van Jezus is gekozen omwille van het verlossingswerk, zou Hij dan dezelfde naam houden als Hij terugkeert in de laatste dagen? Zou Hij nog altijd het verlossingswerk verrichten? Waarom zijn Jehova en Jezus één, maar hebben ze in verschillende tijdperken toch verschillende namen? Komt het niet doordat de tijdperken van hun werk anders zijn? Zou een enkele naam een volledige weergave van God kunnen bieden? Daarom moet God in een ander tijdperk bij een andere naam genoemd worden , en de naam gebruiken om het tijdperk te veranderen en het tijdperk weer te geven. Want geen enkele naam kan God volledig weergeven, en elke naam kan slechts een tijdelijke blik bieden op Gods gezindheid in een bepaald tijdperk; de naam hoeft alleen maar Zijn werk weer te geven. Daarom kan God enige naam kiezen die bij Zijn gezindheid past om het gehele tijdperk te vertegenwoordigen. Ongeacht of het het tijdperk van Jehova is of het tijdperk van Jezus, ieder tijdperk wordt weergegeven door een naam. Aan het eind van het Tijdperk van Genade is het laatste tijdperk aangebroken en is Jezus al teruggekomen. Hoe zou Hij nog Jezus kunnen heten? Hoe zou Hij nog de gedaante van Jezus onder de mensen kunnen aannemen? Ben je soms vergeten dat Jezus slechts de gestalte had van een Nazarener? Ben je vergeten dat Jezus alleen maar de Verlosser van de mensheid was? Hoe zou Hij het werk van de overwinning en vervolmaking van de mens in de laatste dagen op zich kunnen nemen? Jezus zweefde weg op een witte wolk – dat is zeker – maar hoe zou Hij onder de mensen kunnen terugkeren op een witte wolk en nog steeds Jezus worden genoemd? Als Hij echt op een wolk aankwam, hoe zou de mens Hem dan niet kunnen herkennen? Zouden mensen over de hele wereld Hem dan niet herkennen? Zou Jezus alleen dan niet God zijn? In dat geval zou het beeld van God de verschijning van een Jood zijn en bovendien voor altijd hetzelfde blijven. Jezus zei dat Hij zou terugkomen zoals Hij was weggegaan, maar weet je wat Zijn woorden echt betekenen? Kan het zijn dat Hij het jullie in deze groep heeft verteld? Je weet alleen dat Hij zal komen zoals Hij wegging, zwevend op een wolk, maar weet je precies hoe God Zelf Zijn werk doet? Als je echt zou kunnen zien, hoe moeten de woorden die Jezus sprak dan worden uitgelegd? Hij zei: “Wanneer de Mensenzoon terugkomt in de laatste dagen zal Hij Zelf niet weten, de engelen zullen het niet weten, de boodschappers in de hemel zullen het niet weten, en de gehele mensheid zal het niet weten. Alleen de Vader zal het weten, dat wil zeggen, alleen de Geest zal het weten.” Zouden deze woorden niet zinloos zijn als jij in staat was om te weten en te zien? Zelfs de Mensenzoon Zelf weet het niet, maar jij kunt wel zien en weten? Zouden deze woorden soms niet voor niets zijn uitgesproken als jij het met eigen ogen had gezien? En wat heeft Jezus destijds gezegd? “Niemand weet wanneer die dag en dat moment zullen aanbreken, ook de hemelse engelen en de Zoon niet, alleen de Vader weet het. Zoals het was in de dagen van Noach, zo zal het zijn wanneer de Mensenzoon komt. … Daarom moeten ook jullie klaarstaan, want de Mensenzoon komt op een tijdstip waarop je het niet verwacht.” Als die dag aanbreekt, zal de Mensenzoon Zelf het niet weten. De Mensenzoon verwijst naar het vleesgeworden vlees van God, een normaal en gewoon persoon. Deze persoon Zelf weet het niet eens, dus hoe zou jij het kunnen weten? Jezus zei dat Hij zou komen zoals Hij was weggegaan. Zelfs Hij weet niet wanneer Hij terugkomt, dus hoe kan Hij jou dan van tevoren informeren? Kun jij Zijn komst zien aankomen? Is dat niet lachwekkend? Iedere keer dat God naar de aarde komt, verandert Hij Zijn naam, Zijn geslacht, Zijn beeld en Zijn werk; Hij herhaalt Zijn werk niet. Hij is een God die altijd nieuw is en nooit oud. Eerder toen Hij kwam heette Hij Jezus; kan Hij dit keer nog steeds Jezus worden genoemd als Hij terugkomt? Eerder toen Hij kwam, was Hij mannelijk; kan Hij deze keer weer mannelijk zijn? Toen Hij kwam tijdens het Tijdperk van Genade, bestond Zijn werk eruit aan het kruis genageld te worden; kan Hij de mensheid nog steeds van de zonden verlossen wanneer Hij terugkomt? Kan Hij opnieuw aan het kruis worden genageld? Zou dat geen herhaling van Zijn werk zijn? Wist je niet dat God altijd nieuw is en nooit oud? Je hebt mensen die zeggen dat God onveranderlijk is. Dat klopt, maar het verwijst naar de onveranderlijkheid van Gods gezindheid en Zijn substantie. Veranderingen in Zijn naam en werk bewijzen niet dat Zijn substantie is veranderd; met andere woorden, God zal altijd God zijn, en dit zal nooit veranderen. Als je zegt dat het werk van God onveranderlijk is, zou Hij dan Zijn zesduizend jaar durende managementplan kunnen voleinden? Jij weet alleen dat God altijd hetzelfde blijft, maar weet je ook dat God altijd nieuw is en nooit oud? Als het werk van God onveranderlijk is, had Hij dan de mensheid helemaal tot aan de huidige dag kunnen leiden? Als God onveranderlijk is, hoe kan hij dan al twee tijdperken aan werk volbracht hebben? Zijn werk gaat altijd door, wat wil zeggen dat Zijn gezindheid geleidelijk wordt geopenbaard aan de mens en wat geopenbaard wordt, is Zijn inherente gezindheid. In den beginne was Gods gezindheid verborgen voor de mens. Hij openbaarde Zijn gezindheid nooit openlijk aan de mens en de mens wist eenvoudigweg niets over Hem. Daarom gebruikt Hij Zijn werk om Zijn gezindheid stukje bij beetje aan de mens te openbaren, maar deze werkwijze betekent niet dat Gods gezindheid in elk tijdperk verandert. Het is niet zo dat Gods gezindheid voortdurend verandert omdat Zijn wil steeds verandert. Omdat de tijdperken van Zijn werk van elkaar verschillen, openbaart God Zijn gehele inherente gezindheid juist stap voor stap aan de mens, opdat de mens Hem kan leren kennen. Maar dit bewijst geenszins dat God van oorsprong geen bepaalde gezindheid heeft of dat Zijn gezindheid met het verstrijken van de tijdperken geleidelijk is veranderd – zo’n opvatting zou onjuist zijn. God openbaart Zijn inherente en specifieke gezindheid aan de mens – wat Hij is – volgens het verstrijken der tijdperken; het werk van één enkel tijdperk kan niet de volledige gezindheid van God uitdrukken. En dus verwijzen de woorden “God is altijd nieuw en nooit oud” naar Zijn werk en de woorden “God is onveranderlijk” naar wat God inherent heeft en is. Hoe dan ook kun je het werk van zesduizend jaar niet aan één enkel punt ophangen of met dode woorden omvatten. Zo stom is de mens nu. God is niet zo eenvoudig als de mens zich voorstelt, en Zijn werk kan niet in één enkel tijdperk blijven dralen. Jehova bijvoorbeeld kan niet altijd staan voor de naam van God; God kan ook Zijn werk doen onder de naam Jezus. Dit is een teken dat Gods werk zich altijd in voorwaartse richting beweegt.

God is altijd God en zal nooit Satan worden; Satan is altijd Satan en zal nooit God worden. Gods wijsheid, Gods wonderbaarlijkheid, Gods rechtvaardigheid en Gods majesteit zullen nooit veranderen. Zijn essentie en wat Hij heeft en is, zal nooit veranderen. Zijn werk gaat daarentegen altijd voorwaarts, altijd dieper, want Hij is altijd nieuw en nooit oud. In elk tijdperk neemt God een nieuwe naam aan, in elk tijdperk doet Hij nieuw werk, en in elk tijdperk staat Hij het Zijn schepselen toe Zijn nieuwe wil en nieuwe gezindheid te zien. Als mensen in een nieuw tijdperk de uitdrukking van Gods nieuwe gezindheid niet kunnen zien, zouden ze Hem dan niet altijd aan het kruis blijven nagelen? En zouden ze daarmee God niet definiëren? Als God alleen als een man in het vlees was gekomen, zouden mensen hem als mannelijk definiëren, als de God van mannen, en nooit geloven dat Hij de God van vrouwen was. Mannen zouden dan geloven dat God van hetzelfde geslacht is als mannen, dat God de mannen aanvoert – en vrouwen dan? Dit is oneerlijk; is dit soms geen voorkeursbehandeling? Als dit zo was, was iedereen die door God gered is een man zoals Hij, en zou niet één vrouw gered worden. Toen God de mensheid schiep, schiep Hij Adam en schiep Hij Eva. Hij schiep niet alleen Adam, maar maakte zowel de man als de vrouw naar Zijn beeld. God is niet alleen de God van mannen – Hij is ook de God van vrouwen. In de laatste dagen start God een nieuwe werkfase. Hij zal nog meer van Zijn gezindheid onthullen, en het zal niet de barmhartigheid en liefde zijn uit de tijd van Jezus. Omdat hij nieuw werk in handen heeft, zal dit vergezeld gaan van een nieuwe gezindheid. Als dit werk dan verricht werd door de Geest – als God geen vlees werd, en de Geest in plaats daarvan rechtstreeks door de donder sprak zodat de mens geen contact met Hem kon hebben, zou de mens dan in staat zijn om Zijn gezindheid te kennen? Als de Geest als enige het werk deed, zou de mens niet in staat zijn om Gods gezindheid te leren kennen. Mensen kunnen Gods gezindheid alleen met hun eigen ogen aanschouwen als Hij vlees wordt, als het Woord in het vlees verschijnt en Hij zijn volledige gezindheid door het vlees tot uitdrukking brengt. God leeft werkelijk en waarlijk onder de mensen. Hij is tastbaar; de mens kan echt betrokken zijn bij Zijn gezindheid, betrokken zijn bij wat Hij heeft en is; alleen op deze manier kan de mens Hem echt leren kennen. Tegelijkertijd heeft God ook het werk voltooid waarin “God de God van mannen en de God van vrouwen is” en zijn volledige werk in het vlees volbracht. In geen enkel tijdperk doet Hij het werk nog eens over. Aangezien de laatste dagen zijn aangebroken, zal Hij het werk doen dat Hij in de laatste dagen doet en openbaren wat Zijn volledige gezindheid in de laatste dagen is. Met de laatste dagen wordt verwezen naar een apart tijdperk, één waarin Jezus zei dat jullie zeker rampspoed en aardbevingen, hongersnoden en plagen zullen ondervinden waaruit zal blijken dat dit een nieuw tijdperk is, en niet langer het oude Tijdperk van Genade. Stel dat, zoals men zegt, God voor eeuwig hetzelfde blijft, Zijn gezindheid altijd barmhartig en liefdevol is, Hij de mens lief heeft als Zichzelf, en Hij eenieder verlossing biedt en de mens nooit haat; zou Zijn werk dan ooit ten einde kunnen komen? Toen Jezus kwam en aan het kruis genageld werd, waarmee hij Zichzelf opofferde voor alle zondaars en Zichzelf offerde op het altaar, had Hij het verlossingswerk al volbracht en het Tijdperk van Genade voltooid. Wat voor nut zou het dan hebben om het werk van dat tijdperk te herhalen in de laatste dagen? Zou het geen ontkenning zijn van het werk van Jezus om hetzelfde nog eens te doen? Als God het werk van de kruisiging niet volbracht toen Hij in deze fase kwam, maar liefdevol en barmhartig bleef, zou Hij het tijdperk dan ten einde kunnen brengen? Zou een liefdevolle en barmhartige God in staat zijn om het tijdperk ten einde te brengen? In Zijn laatste werk om het tijdperk af te sluiten, omvat Gods gezindheid tuchtiging en oordeel, waarmee Hij alles onthult wat onrechtvaardig is om publiekelijk te oordelen over alle volken, en te vervolmaken wie Hem oprecht liefhebben. Alleen een dergelijke gezindheid kan het tijdperk ten einde brengen. De laatste dagen zijn al aangebroken. Alle dingen in de schepping zullen worden geclassificeerd naar soort en ingedeeld in verschillende categorieën op basis van hun aard. Dit is het moment waarop God de uitkomst van de mensheid en haar bestemming onthult. Als mensen geen tuchtiging en oordeel ondergaan, kan hun ongehoorzaamheid en ongerechtigheid niet aan het licht gebracht worden. Alleen door tuchtiging en oordeel kan de uitkomst van de hele schepping geopenbaard worden. De mens toont zijn ware aard pas wanneer hij wordt getuchtigd en geoordeeld. Het kwaad zal bij het kwaad worden geplaatst, het goede bij het goede, en de gehele mensheid zal naar soort worden ingedeeld. Door tuchtiging en oordeel zal de uitkomst van de hele schepping worden geopenbaard, opdat de kwaden gestraft kunnen worden en de goeden beloond en alle mensen onderworpen worden aan de heerschappij van God. Al dit werk moet bereikt worden door rechtvaardige tuchtiging en oordeel. Omdat de verdorvenheid van de mens een hoogtepunt heeft bereikt en zijn ongehoorzaamheid buitengewoon buitensporig is geworden, kan alleen Gods rechtvaardige gezindheid, die hoofdzakelijk bestaat uit tuchtiging en oordeel en die in de laatste dagen wordt geopenbaard, de mens volledig transformeren en compleet maken. Alleen deze gezindheid kan het kwaad blootleggen en zo alle onrechtvaardigen zwaar straffen. Daarom is een gezindheid als deze doordrenkt met tijdelijke betekenis, en de openbaring en tentoonspreiding van Zijn gezindheid worden gemanifesteerd omwille van het werk van elk nieuw tijdperk. Het is niet zo dat God Zijn gezindheid willekeurig en zonder betekenis onthult. Stel je voor dat God, door de uitkomst van de mens tijdens de laatste dagen te onthullen, hem nog steeds oneindig veel barmhartigheid en liefde zou schenken en liefdevol jegens hem zou blijven, stel je voor dat Hij de mens niet aan een rechtvaardig oordeel zou onderwerpen maar hem juist tolerantie, geduld en vergeving zou tonen, en dat Hij de mens zou vergeven, ongeacht de ernst van zijn zonden, zonder een greintje rechtvaardig oordeel: wanneer zou Gods hele management dan ooit ten einde worden gebracht? Wanneer zou een dergelijke gezindheid de mensheid naar haar juiste bestemming kunnen leiden? Neem bijvoorbeeld een rechter die altijd liefdevol is, een rechter met een vriendelijk gezicht en een zachtmoedig hart. Hij houdt van mensen, ongeacht de misdaden die ze misschien begaan hebben, en hij benadert ze liefdevol en toegeeflijk, wie ze ook zijn. Wanneer kan hij dan ooit een rechtvaardig vonnis bereiken? In de laatste dagen kan alleen een rechtvaardig oordeel de mens indelen naar soort, en de mens een nieuw rijk binnenleiden. Op deze manier wordt het hele tijdperk ten einde gebracht door Gods rechtvaardige gezindheid van oordeel en tuchtiging.

‘De visie van Gods werk (3)’ in Het Woord verschijnt in het vlees

In elk tijdperk en elke fase van mijn werk heeft mijn naam een reden en een representatieve betekenis: elke naam vertegenwoordigt één tijdperk. ‘Jehova’ vertegenwoordigt het Tijdperk van de Wet en is eretitel voor de God die wordt aanbeden door het volk van Israël. ‘Jezus’ vertegenwoordigt het Tijdperk van de Genade en is de naam van de God van al degenen die zijn verlost in het Tijdperk van Genade. Als de mens nog steeds verlangt naar de komst van Jezus de Redder in de laatste dagen en nog steeds verwacht dat Hij zal komen in de gestalte die Hij in Judea had, zou Gods hele zesduizendjarig managementplan voor de mensheid eindigen in het Tijdperk van de Verlossing en zou geen voortgang meer kunnen vinden. Bovendien zouden de laatste dagen dan nooit komen en het tijdperk zou nooit tot een einde worden gebracht. Dat is omdat de rol van Jezus de Redder alleen de redding en verlossing van de mensheid was. Ik heb de naam Jezus aangenomen in het belang van al de zondaren in het Tijdperk van Genade en het is niet de naam waaronder ik de hele mensheid zal beëindigen. Hoewel Jehova, Jezus, en de Messias allen mijn Geest vertegenwoordigen, duiden deze namen alleen de verschillende tijdperken van mijn managementplan voor de mensheid aan en ze vertegenwoordigen mij niet in mijn volledigheid. De namen waarmee mensen op aarde mij aanduiden, kunnen niet mijn gezindheid in al haar aspecten en alles wat ik ben verwoorden. Het zijn slechts verschillende namen waarmee ik in de verschillende tijdperken ben aangeduid. En zo zal mijn naam wanneer de eindtijd – de tijd van de laatste dagen – aanbreekt, opnieuw veranderen. Ik zal niet worden aangeduid met Jehova of Jezus, laat staan de Messias, maar ik zal de indrukwekkende Almachtige God Zelf worden genoemd, en onder deze naam zal ik het gehele tijdperk tot een einde voeren. Eens ben ik aangeduid met Jehova. Ik ben ook aangeduid met Messias en de mensen noemden me Jezus de Redder, omdat ze van mij hielden en mij respecteerden. Maar in deze tijd ben ik niet de Jehova of Jezus die de mensen kennen uit het verleden – ik ben de God die is teruggekeerd in de laatste dagen, de God die dit tijdperk tot het einde zal voeren. Ik ben God Zelf die oprijst aan de einden van de aarde, met de volledige manifestatie van mijn gezindheid en vol gezag, eer en glorie. De mensen zijn nooit interactie met mij aangegaan, hebben mij nooit leren kennen en hebben mijn gezindheid nooit leren kennen. Vanaf de schepping van de wereld tot op de dag van vandaag heeft geen enkel mens mij ooit gezien. Dit is de God die in de laatste dagen aan de mens verschijnt, maar onder de mensen verborgen is. Hij houdt verblijf onder de mensen, waarachtig en echt, als de brandende zon en het vlammende vuur, vol kracht en vol gezag. En er is geen enkel mens of ding die niet zal worden geoordeeld door mijn woorden en er is geen enkel mens of ding dat niet door het branden van het vuur zal worden gezuiverd. Uiteindelijk zullen alle naties worden gezegend vanwege mijn woorden en ook aan stukken worden geslagen vanwege mijn woorden. Zo zullen alle mensen in de laatste dagen zien dat ik de teruggekeerde Redder ben, dat ik de Almachtige God ben die de hele mensheid overwint; ik ben ooit het zondoffer voor de mens geweest, maar in de laatste dagen word ik ook het vuur van de zon dat alles verbrandt en de zon van de rechtvaardigheid die alles openbaart. Dat is mijn werk van de laatste dagen. Ik heb deze naam aangenomen en ik bezit deze gezindheid zodat alle mensen kunnen zien dat ik een rechtvaardige God ben, en de brandende zon en het vlammende vuur. Dit is zodat allen mij, de enige ware God, kunnen aanbidden en zodat zij mijn ware gezicht kunnen zien: ik ben niet alleen de God van de Israëlieten en ik ben niet alleen de verlosser – ik ben de God van alle schepselen in de hemelen, op de aarde en in de zeeën.

‘De Redder is al teruggekeerd op een “witte wolk”’ in Het Woord verschijnt in het vlees

Het werk dat op dit moment gedaan wordt, heeft het werk van het Tijdperk van Genade verder gebracht; dat wil zeggen dat het werk van het hele zesduizendjarige managementplan voortgegaan is. Hoewel het Tijdperk van Genade nu voorbij is, heeft het werk van God voortgang geboekt. Waarom zeg ik steeds weer dat dit stadium van het werk bouwt op het Tijdperk van Genade en het Tijdperk van de Wet? Dit houdt in dat het huidige werk een voortzetting is van het werk dat in het Tijdperk van Genade is gedaan en een vooruitgang ten opzichte van het werk in het Tijdperk van de Wet. De drie stadia zijn nauw verweven en iedere schakel in de keten is nauw verbonden met de volgende. Waarom zeg ik ook dat dit stadium van het werk voortborduurt op het werk van Jezus? Stel dat dit stadium niet op het werk van Jezus zou voortborduren. Hij zou dan in dit stadium weer gekruisigd moeten worden, en het verlossingswerk van het vorige stadium zou helemaal overgedaan moeten worden. Dat zou zinloos zijn. Het is dus niet zo dat het werk helemaal klaar is, maar het tijdperk is verder gegaan en het werk is naar een nog hoger niveau getild dan voorheen. Je kunt zeggen dat dit stadium van het werk op het fundament van het Tijdperk van de Wet en op de rots van het werk van Jezus is gebouwd. Het werk wordt stadium voor stadium opgebouwd, en dit stadium is geen nieuw begin. Alleen de combinatie van de drie stadia van het werk kunnen als het zesduizendjarige managementplan worden beschouwd. Het werk in dit stadium wordt gedaan op het fundament van het werk van het Tijdperk van Genade. Als de twee stadia van het werk niet in verband stonden met elkaar, waarom wordt de kruisiging dan in dit stadium niet herhaald? Waarom draag ik de zonden van de mens dan niet? Ik ben niet door de ontvangenis van de Heilige Geest gekomen, en ik draag ook de zonden van de mens niet door gekruisigd te worden. Ik ben hier om de mens rechtstreeks te tuchtigen. Als mijn tuchtiging van de mens en mijn huidige komst zonder de ontvangenis van de Heilige Geest niet was gevolgd op de kruisiging, dan zou ik niet geschikt zijn om de mens te tuchtigen. Juist omdat ik één ben met Jezus kom ik rechtstreeks om de mens te tuchtigen en te oordelen. Het werk in dit stadium wordt geheel op het werk van het voorgaande tijdperk gebouwd. Dat is de reden dat alleen dit soort werk de mens stap voor stap naar de redding kan brengen. Jezus en ik komen voort uit dezelfde Geest. Al zijn wij door het vlees niet met elkaar verbonden, onze Geest is één. Al is de inhoud van wat we doen en het werk dat we ondernemen niet hetzelfde, in essentie zijn we hetzelfde. Ons vlees neemt verschillende vormen aan, maar dit komt doordat er verandering is gekomen in het tijdperk en de eisen die aan ons werk gesteld worden. Onze bedieningen zijn niet dezelfde, daarom is het werk dat wij voortbrengen en de gezindheid die wij onthullen aan de mens ook anders. Daarom is wat de mens ziet en begrijpt nu anders dan in het verleden, dit komt door de verandering van tijdperk. Hun Geest is één, ook al zijn Zij van een ander geslacht en is de vorm van Hun vlees anders, en zijn Zij niet in dezelfde familie geboren, laat staan in hetzelfde tijdsgewricht. Het kan niet worden ontkend dat Zij de incarnatie van God in twee verschillende tijdsperiodes zijn, ook al deelt Hun vlees niet hetzelfde bloed of fysieke verwantschap van enig soort. Dat Zij het geïncarneerde vlees van God zijn is een onweerlegbare waarheid, al hebben Zij niet dezelfde stamboom en hebben Zij geen gemeenschappelijke menselijke taal (de één was een man die de taal van de Joden sprak en de andere is een vrouw die uitsluitend Chinees spreekt). Om deze redenen hebben Zij in verschillende landen geleefd om het werk te doen dat eenieder past, en ook nog in verschillende tijdsperiodes. Ondanks het feit dat Zij uit dezelfde Geest bestaan en dezelfde essentie hebben, zijn er helemaal geen absolute overeenkomsten tussen de uiterlijke omhulsels van Hun vlees. Zij delen slechts dezelfde menselijkheid, maar waar het het uiterlijk voorkomen van Hun vlees en de omstandigheden van Hun geboorte aangaat, lijken Zij niet op elkaar. Deze dingen hebben geen invloed op Hun respectievelijke werkzaamheden of op de kennis die de mens van Hen heeft, want uiteindelijk zijn Zij dezelfde Geest en kan niemand Hen scheiden. Al hebben Zij geen familierelatie, Hun hele wezen staat onder de hoede van Hun Geest, die Hen ander werk toebedeelt in andere tijden, en die Hun vlees een andere stamboom toebedeelt. Zo is ook de Geest van Jehova niet de vader van de Geest van Jezus, en de Geest van Jezus is niet de zoon van de Geest van Jehova: Zij zijn één en dezelfde Geest. Dit geldt ook voor de geïncarneerde God van vandaag en Jezus. Hoewel Zij geen familierelatie hebben, zijn Zij één; dit komt omdat Hun Geest één is.

‘De twee incarnaties voltooien de betekenis van de incarnatie’ in Het Woord verschijnt in het vlees

Hoewel het werk van de twee geïncarneerde vlezen anders is, is de essentie van de vlezen en de bron van Hun werk identiek. Ze bestaan alleen om de twee verschillende stadia van het werk uit te voeren, en ze ontstaan in twee verschillende tijdperken. Hoe dan ook, Gods geïncarneerde vlezen hebben dezelfde essentie en oorsprong - dit is een waarheid die niemand kan ontkennen.

‘De essentie van het door God bewoonde vlees’ in Het Woord verschijnt in het vlees

De eerste keer dat ik onder de mensen kwam, was tijdens het Tijdperk van Verlossing. Uiteraard kwam ik te midden van de Joodse familie; daarom zag het Joodse volk God als eerste op aarde komen. Ik deed dit werk persoonlijk omdat ik mijn geïncarneerde vlees wilde gebruiken als zondeoffer in mijn verlossingswerk. De Joden in het Tijdperk van Genade zagen mij dus het eerst. Dat was de eerste keer dat ik in het vlees werkte. In het Tijdperk van het Koninkrijk is het overwinnen en het vervolmaken mijn werk, dus doe ik wederom herderlijk werk in het vlees. Dit is de tweede keer dat ik in het vlees werk. In de laatste twee fasen van het werk komen de mensen niet meer in contact met de onzichtbare, ontastbare Geest, maar met een persoon, waarvan de Geest bekleed is in het vlees. In de ogen van de mens word ik dus weer een persoon die er niet als God uitziet en aanvoelt. Bovendien is de God die mensen zien niet alleen mannelijk maar ook vrouwelijk, wat zeer verbazingwekkend en raadselachtig voor hen is. Steeds weer doet mijn buitengewone werk oude opvattingen van vele, vele jaren uiteenspatten. Mensen staan versteld! God is niet alleen de Heilige Geest, die Geest, de zevenvoudig versterkte Geest, de allesomvattende Geest, maar ook een persoon, een gewone persoon, een uitzonderlijk gewone persoon. Hij is niet alleen mannelijk, maar ook vrouwelijk. Ze lijken op elkaar in de zin dat beiden geboren zijn uit mensen, en ze lijken niet op elkaar in de zin dat de een is ontvangen uit de Heilige Geest en de ander is geboren uit een mens maar rechtstreeks uit de Geest afkomstig is. Ze lijken op elkaar in de zin dat beiden als geïncarneerd vlees van God het werk van de Vader uitvoeren, en ze lijken niet op elkaar in de zin dat de een het werk van verlossing doet en de ander het werk van overwinning. Beiden vertegenwoordigen God de Vader, maar de een is de Heer van verlossing vol van goedertierenheid en barmhartigheid, en de ander is de God van gerechtigheid vol van toorn en oordeel. De een is de Opperbevelhebber die het verlossingswerk in gang zet en de ander is de rechtvaardige God die het werk van overwinning tot stand brengt. De een is het begin, de ander het einde. De een is zondeloos vlees, de ander is vlees dat de verlossing voltooit, het werk voortzet en nooit zondig is. Beiden zijn dezelfde Geest, maar Zij vertoeven niet in hetzelfde vlees en zijn in verschillende plaatsen geboren. En Zij zijn door enkele duizenden jaren van elkaar gescheiden. Toch vult al Hun werk elkaar aan, zonder met elkaar te botsen en kan het in één adem genoemd worden. Beiden zijn mensen, maar de een is een baby jongetje en de ander is een peutermeisje.

‘Wat is je begrip aangaande God’ in Het Woord verschijnt in het vlees

God is niet alleen een Geest, Hij kan ook vlees worden; bovendien is Hij een lichaam van glorie. Hoewel jullie Jezus niet hebben gezien is Hij door de Israëlieten wel gezien, dat wil zeggen de Joden van die tijd. Eerst was Hij een lichaam van vlees, maar na Zijn kruisiging werd Hij een lichaam van glorie. Hij is de allesomvattende Geest en kan overal werken. Hij kan Jehova zijn, of Jezus of Messias, en uiteindelijk kan Hij ook Almachtige God worden. Hij is rechtvaardigheid, oordeel en tuchtiging; Hij is vloek en toorn; maar Hij is ook mededogen en barmhartigheid. Al het werk dat Hij gedaan heeft kan Hem vertegenwoordigen.

‘De twee incarnaties voltooien de betekenis van de incarnatie’ in Het Woord verschijnt in het vlees

Van het werk van Jehova tot dat van Jezus, en van het werk van Jezus tot dat van deze huidige fase; deze drie fasen vormen een rode draad door de volledige omvang van Gods management, en allemaal zijn ze het werk van één Geest. Sinds de schepping van de wereld is God altijd bezig geweest met het beheer van de mensheid. Hij is het begin en het einde, Hij is de eerste en de laatste, en Hij is degene die een tijdperk begint en tot een einde brengt. De drie fasen van het werk, in verschillende tijdperken en op verschillende locaties, zijn onmiskenbaar het werk van één Geest. Iedereen die deze drie fasen van elkaar scheidt, staat lijnrecht tegenover God. Nu is het jouw verantwoordelijkheid om in te zien dat al het werk vanaf de eerste fase tot aan vandaag het werk is van één God, het werk van één Geest. Hierover kan geen twijfel bestaan.

‘De visie van Gods werk (3)’ in Het Woord verschijnt in het vlees

Ik geloof dat onze generatie gezegend is dat ze verder kan gaan op de weg die niet is afgemaakt door de mensen van eerdere generaties en dat we de wederverschijning kan aanschouwen van God van duizenden jaren geleden – God die hier onder ons is en ook alles vervult. Je had nooit gedacht dat je deze weg zou kunnen gaan: kun je het doen? Deze weg wordt rechtstreeks geleid door de Heilige Geest, hij wordt geleid door de zevenvoudig geïntensiveerde Geest van de Heer Jezus Christus en is de weg die voor jou is geopend door de God van vandaag. Zelfs in je stoutste dromen kon je je niet voorstellen dat de Jezus van duizenden jaren geleden opnieuw zou verschijnen voor jou. Voel je je niet dankbaar? Wie is in staat om voor het aangezicht van God te komen? Ik bid vaak voor onze groep om grotere zegeningen te krijgen van God, dat God ons gunstig gezind is en dat we gewonnen worden door Hem, maar er zijn ook talloze keren geweest dat ik bittere tranen heb gehuild omwille van ons, en God vroeg dat Hij ons zou verlichten en ons toe zou staan grotere onthullingen te zien.

‘De weg … (7)’ in Het Woord verschijnt in het vlees

Voetnoten:

1. “Zijn eerdere houding aan een ommekeer onderwerpen” duidt op hoe de opvattingen en ideeën van mensen over God veranderen wanneer ze God eenmaal kennen.

2. “Maakt zich niet druk” geeft aan dat mensen zich niet bekommeren om Gods werk en het niet belangrijk achten.

Vorige:Almachtige God is de enige ware God die over alle dingen regeert.

Volgende:Redding kan alleen komen door geloof in Almachtige God

Mogelijk vindt u dit ook interessant