Gods woorden ‘Een korte toespraak over “Het Duizendjarig Koninkrijk is gekomen”’
Aanbevolen video:...
Wij heten alle zoekenden welkom die ernaar verlangen dat God verschijnt.
Sommige mensen hebben een behoorlijke menselijkheid, ze hebben sterke kanten en een heldere geest, ze spreken normaal, zijn doorgaans erg optimistisch en zeer proactief in het vervullen van hun plicht, maar ze hebben één gebrek: ze zijn erg sentimenteel. Terwijl ze God volgen en hun plicht in de kerk vervullen, missen ze voortdurend hun familie en verwanten, of ze denken voortdurend aan het lekkere eten uit hun geboortestreek en lijden eronder als ze dat niet kunnen eten, wat op zijn beurt de vervulling van hun plicht beïnvloedt. Er is nog een ander soort mens, die graag op een bepaalde plek op zichzelf woont, in een privéruimte voor zichzelf. Wanneer ze bij de broeders en zusters zijn, vinden ze het werktempo te hoog en menen ze geen privéruimte te hebben. Ze voelen dat ze voortdurend onder druk staan, en ze voelen zich altijd beteugeld en ongemakkelijk als ze met de broeders en zusters samenleven. Ze willen altijd doen wat ze willen en vrij zijn om zich te laten gaan. Ze willen hun plicht niet samen met alle anderen vervullen en denken er voortdurend aan om naar huis terug te keren. Ze vinden het vervullen van hun plicht in Gods huis altijd onaangenaam. Hoewel de broeders en zusters gemakkelijk in de omgang zijn en niemand hen in Gods huis pest, vinden ze het toch moeilijk zich aan het werk- en rustschema te houden. Als iedereen ’s ochtends opstaat, willen zij uitslapen, maar daar schamen ze zich voor. En als iedereen ’s avonds al gaat slapen, willen zij nog niet naar bed en altijd iets doen wat hen interesseert. Soms is er iets specifieks wat ze heel graag willen eten, maar dat is er niet in de kantine en ze schamen zich er te veel voor om ernaar te vragen. Soms willen ze een wandeling maken, maar omdat niemand anders dit voorstelt, durven ze zich niet te laten gaan. Ze zijn altijd voorzichtig en behoedzaam, en bang om uitgelachen, geminacht of kinderachtig genoemd te worden. Als ze hun plicht niet goed vervullen, worden ze soms gesnoeid. Ze hebben het gevoel dat ze elke dag gespannen zijn, dat ze op eieren lopen, en zijn behoorlijk ongelukkig. Ze denken: ‘Ik herinner me dat ik thuis het lievelingetje van de familie was, vrij en ongebonden, als een engeltje. Wat was ik gelukkig! Ik vervul nu mijn plicht in Gods huis, hoe komt het dat er niets meer over is van mijn vroegere zelf? Ik kan niet langer doen wat ik wil, zoals vroeger’, en dus willen ze dit soort leven niet leiden. Maar ze durven dit niet tegen hun leider te zeggen en verspreiden deze gedachten voortdurend onder de mensen om hen heen, ze hebben altijd heimwee en ze huilen ’s nachts in het geheim in bed. Wat moet er met dit soort mensen worden gedaan? Iedereen die hiervan op de hoogte is, moet het onverwijld melden. De leider moet onmiddellijk nagaan of de melding waar is, en als dat zo is, kan die persoon toestemming krijgen om naar huis terug te keren. Ze genieten van het eten, drinken en de gastvrijheid van Gods huis, maar zijn desondanks onwillig hun plicht te vervullen, zijn altijd humeurig en voelen zich gekrenkt en ongelukkig. Stuur hen dus zo snel mogelijk weg. Dit soort mensen heeft deze stemmingen niet tijdelijk, waarna ze die zelf oplossen door erover na te denken – zo is hun situatie niet. De subjectieve wil van sommige mensen is om standvastig hun plicht te vervullen. Hoewel ze hun thuis missen, weten ze wat voor probleem dit is en zijn ze in staat de waarheid te zoeken om het op te lossen. In het geval van deze mensen is het niet nodig hen te laten gaan of zich zorgen over hen te maken. De situatie waar we het over hebben is wanneer mensen van in de 30 zich nog steeds als kinderen gedragen, zonder ooit volwassen te worden, en altijd onstabiel blijven. Ze doen alleen wat hun gevraagd wordt, en als ze niets te doen hebben, denken ze aan plezier maken en kletsen over onbenulligheden, en willen ze nooit hun eigenlijke werk doen. Ongelovigen spreken over gevestigd zijn op dertigjarige leeftijd. Gevestigd zijn betekent je eigenlijke werk doen, in staat zijn een baan op je te nemen en voor jezelf te zorgen, weten dat je je met je eigen zaken moet bezighouden, minder tijd besteden aan plezier maken en je eigenlijke werk niet uitstellen. Wat betekent ‘zich als kinderen gedragen’? Het betekent niet in staat zijn om enig eigenlijk werk op je te nemen, altijd je gedachten laten afdwalen en voortdurend willen wandelen, ronddwalen, lanterfanten, snacks eten, series kijken, over onbenulligheden praten, spelletjes spelen en het internet afstruinen naar vreemde gebeurtenissen en ongewone verhalen. Het betekent nooit geneigd zijn om bijeenkomsten bij te wonen, altijd willen slapen wanneer er bijeenkomsten worden gehouden, willen slapen zodra ze zich slaperig voelen en willen eten zodra ze honger hebben, eigenzinnig zijn en hun eigenlijke werk verzuimen. Van zulke mensen kan niet worden gezegd dat ze een slechte menselijkheid hebben, het is alleen dat ze nooit volwassen worden en altijd onvolwassen blijven. Ze zijn zo op hun dertigste en nog steeds zo op hun veertigste; ze zijn niet in staat om te veranderen. Als ze verzoeken om te vertrekken en hun plicht niet langer willen vervullen, hoe moet dit dan worden aangepakt? Gods huis dringt er niet bij hen op aan om te blijven. Je moet hen onmiddellijk antwoord geven en hen meteen laten vertrekken om terug te keren naar de ongelovigen, en hen op het hart drukken dat ze absoluut niet mogen zeggen dat ze in God geloven. Kunnen mensen die hun eigenlijke werk verzuimen de waarheid verkrijgen? Als je verwacht dat ze door het vervullen van een plicht in Gods huis volwassen worden in hun menselijkheid en hun eigenlijke werk gaan doen, in staat zijn om een belangrijke taak op zich te nemen, en vervolgens de waarheid begrijpen, beoefenen en een menselijke gelijkenis naleven, moet je daar absoluut niet op rekenen. In elke groep vind je zulke mensen. Ongelovigen hebben een bijnaam voor dit soort mensen: ‘grote kinderen’. Zulke mensen kunnen 60 jaar worden zonder ooit hun eigenlijke werk te hebben gedaan. Hun manier van praten en handelen is onbehoorlijk, ze zijn altijd aan het lachen, grappen en dollen, nemen niets serieus en zijn er vooral op uit om plezier te maken. Gods huis kan zulke mensen niet gebruiken.
Vinden jullie deze ‘grote kinderen’ slecht? Zijn het kwaadaardige mensen? (Nee.) Sommigen van hen zijn geen kwaadaardige mensen; ze zijn vrij eenvoudig en niet slecht. Sommigen zijn vrij goedhartig en bereid om anderen te helpen. Maar ze hebben allemaal één gebrek: ze zijn eigenzinnig, houden van plezier en verzuimen hun eigenlijke werk. Een voorbeeld: stel dat een vrouw na haar huwelijk geen huishoudelijk werk leert doen. Ze kookt alleen als ze vrolijk is, maar niet als ze dat niet is – ze moet voortdurend worden overgehaald. Als je wilt dat ze iets doet, moet je met haar onderhandelen en haar in de gaten houden. Ze vindt het altijd leuk om zich mooi aan te kleden, zodat ze kan gaan winkelen, kleren en cosmetica kan kopen en schoonheidsbehandelingen kan ondergaan. Wanneer ze thuiskomt, doet ze geen enkele klus en wil ze alleen maar kaarten en mahjong spelen. Als je haar vraagt hoeveel een pond kool kost, weet ze het niet; als je haar vraagt wat ze morgen gaat eten, weet ze dat ook niet; en als je haar vraagt om iets te koken, maakt ze er een potje van. Waar is ze dan het meest bedreven in? Ze is het meest bedreven in dingen als weten welk restaurant het beste eten serveert, welke winkel de meest modieuze kleren heeft en welke winkel betaalbare en effectieve cosmetica verkoopt, maar ze begrijpt of leert andere dingen niet, zoals hoe ze haar dagen moet doorbrengen, of de vaardigheden die vereist zijn in het normale menselijke leven. Leert ze deze dingen niet omdat ze onvoldoende kaliber heeft? Nee, dat is het niet. Afgaande op de dingen waarin ze bedreven is, heeft ze kaliber, maar ze verzuimt haar eigenlijke werk. Zolang ze geld te besteden heeft, gaat ze uit eten in restaurants en koopt ze make-up en kleren. Als er thuis een tekort is aan potten en pannen en haar wordt gevraagd om er enkele te kopen, zal ze zeggen: “Buiten is er overal heerlijk eten te koop, waarvoor moet ik dat allemaal kopen?” Als de stofzuiger thuis kapot is en haar wordt gevraagd om een kledingstuk minder te kopen om geld te sparen voor een nieuwe, zal ze zeggen: “Als ik in de toekomst geld verdien, huur ik gewoon een huishoudster in om het huis schoon te maken, dus het is niet nodig om een stofzuiger te kopen.” Doorgaans, als ze geen spelletjes of mahjong speelt, koopt ze modieuze kleren, en ze maakt het huis nooit schoon. Dit is het verzuimen van je eigenlijke werk, nietwaar? Dan zijn er sommige mannen die, zodra ze wat geld verdienen, er een auto mee kopen of het vergokken. Als er thuis iets kapot is, repareren ze het niet. Ze brengen hun dagen niet op een behoorlijke manier door. In hun huis werkt de koelkast niet, evenmin als de wasmachine, de afvoeren zijn verstopt en het dak lekt als het regent, maar ze repareren dit al heel lang niet. Wat vinden jullie van zulke mannen? Ze verzuimen hun eigenlijke werk. Of het nu mannen of vrouwen zijn, Gods huis kan het soort mensen dat overdreven eigenzinnig is en hun eigenlijke werk verzuimt, niet gebruiken.
Sommige mensen verzuimen hun eigenlijke werk als ouders en zorgen niet goed voor hun kinderen. Als gevolg daarvan raken hun kinderen verbrand door kokend water of lopen ze schrammen en builen op; sommige kinderen breken hun neus, anderen verbranden hun billen aan de kachel, en weer anderen verbranden hun keel na het drinken van kokend water. Dergelijke mensen zijn bij niets wat ze doen aandachtig en ze zijn niet in staat om iets goed te doen. Ze verzuimen hun eigenlijke werk, ze lanterfanten, zijn eigenzinnig, houden van plezier en zijn niet in staat om de verantwoordelijkheden te dragen die een mens zou moeten dragen. Als ouders kunnen ze hun verantwoordelijkheden niet vervullen en zijn ze onoplettend. Kunnen zulke mensen dan de verantwoordelijkheden dragen die normale mensen zouden moeten dragen wanneer ze een plicht in Gods huis vervullen? Nee, absoluut niet. Mensen die hun eigenlijke werk verzuimen, kunnen niet worden ingezet. Als ze zeggen dat ze hun plicht niet langer willen vervullen en vragen om naar huis terug te keren, laat hen dan meteen gaan. Niemand moet hen dwingen of aansporen te blijven, want dit is een probleem dat met hun aard te maken heeft, het is geen incidentele, tijdelijke uiting. Deze mensen zaten vol waanideeën toen ze naar Gods huis kwamen om hun plicht te vervullen; ze dachten dat het vervullen van een plicht en het volgen van God zou zijn als het betreden van de Hof van Eden, alsof ze in het goede land Kanaän waren. Het leven dat ze zich voorstelden was prachtig, met de hele dag heerlijk eten en drinken, vrijheid zonder beperkingen en helemaal geen werk te doen. Ze wilden een zorgeloos, ontspannen leven leiden, maar het bleek totaal anders te zijn dan ze zich hadden voorgesteld. Deze mensen hebben genoeg ervaren, vinden het hier saai en eentonig en willen vertrekken, dus laat hen onverwijld gaan. Gods huis dringt er niet op aan dat ze blijven. Gods huis dwingt mensen niet, en jullie moeten dat ook niet doen; dit is de waarheid beoefenen en handelen in overeenstemming met de principes. Jullie moeten dingen doen die overeenstemmen met de waarheidsprincipes, jullie moeten mensen zijn die Gods bedoelingen begrijpen, wijze mensen – wees geen verwarde mensen of allemansvrienden. Als het soort mensen dat hun eigenlijke werk verzuimt op deze manier wordt behandeld, kan dit dan worden beschouwd als liefdeloos of als het niet geven van een kans op berouw? (Nee, dat kan niet.) God is billijk jegens iedereen, en Gods huis heeft het recht je te bevorderen, te cultiveren en te gebruiken. Als je niet bereid bent om je plicht te vervullen en je vraagt om de kerk te verlaten, is dat je eigen vrije keuze, dus de kerk moet instemmen met je verzoek en zal je absoluut niet dwingen. Dit is in overeenstemming met de moraal, in overeenstemming met de menselijkheid, en natuurlijk is het vooral in overeenstemming met de waarheidsprincipes. Dit is een zeer gepaste handelwijze! Als iemand zijn plicht een tijdlang vervult en het vermoeiend en moeilijk vindt, en er niet langer gelukkig mee is, en dientengevolge zijn plicht wil opgeven en wil stoppen met in God te geloven, zal Ik je hier vandaag een definitief antwoord op geven: Gods huis zal hiermee instemmen en je nooit dwingen om te blijven of het je moeilijk maken. Hier is geen dilemma aan verbonden, en je hoeft niet het gevoel te hebben dat je in een lastig parket zit of dat je gezichtsverlies hebt geleden. Voor Gods huis is het al helemaal geen probleem, en Gods huis stelt ook geen eisen aan je. Bovendien, als je wilt vertrekken, zal Gods huis je niet veroordelen of in de weg staan, want dit is het pad dat je hebt gekozen, en Gods huis kan alleen aan je eisen voldoen. Is dit een gepaste handelwijze? (Ja.)
Ik heb zojuist verschillende situaties opgesomd waarin mensen hun eigenlijke werk verzuimen. Gods huis zal deze mensen niet dwingen; als ze niet bereid zijn om hun plicht te vervullen of persoonlijke moeilijkheden hebben en verzoeken om geen plicht meer te vervullen, dan zal Gods huis daarmee instemmen. Het zal hen niet meer gebruiken en hen geen plicht laten vervullen. Zo worden zulke mensen behandeld, en dat is een volkomen gepaste handelwijze.
Er zijn mensen die extreem lafhartig zijn. Telkens wanneer ze horen dat een broeder of zuster is gearresteerd, worden ze zelf doodsbang om ook gearresteerd te worden. Het is duidelijk dat het gevaar bestaat dat ze, als ze worden gearresteerd, de kerk zullen verraden. Hoe moeten zulke mensen worden behandeld? Zijn deze mensen geschikt om belangrijke plichten te vervullen? (Nee, dat zijn ze niet.) Sommige mensen zeggen misschien: “Wie kan garanderen dat hij zelf geen Judas wordt?” Niemand kan garanderen dat hij zelf nooit een Judas zou worden als hij zou worden gemarteld. Dus, waarom zet Gods huis geen laffe mensen in die Judassen zouden kunnen worden? Omdat mensen die overduidelijk laf zijn op elk moment gearresteerd kunnen worden en verraad kunnen plegen; als zulke mensen worden ingezet voor een belangrijke plicht, is het uiterst waarschijnlijk dat het misgaat. Dit is een principe dat begrepen moet worden bij het selecteren en gebruiken van mensen in de gevaarlijke omgeving van het Chinese vasteland. Er is hier een speciale omstandigheid, namelijk dat sommige mensen zijn onderworpen aan ernstige, langdurige marteling die hun leven in gevaar bracht, en uiteindelijk konden ze het echt niet meer verdragen, dus werden ze uit zwakte Judassen en verraadden ze enkele onbeduidende zaken. Niemand kan zulke mensen doorzien, en deze mensen kunnen nog steeds worden ingezet. Maar dan zijn er mensen die al een uitweg voor zichzelf hebben voorbereid voordat ze worden gearresteerd. Ze hebben lang en diep nagedacht over hoe ze hun onmiddellijke vrijlating na arrestatie kunnen veiligstellen zonder enige marteling te hoeven ondergaan – ten eerste, marteling vermijden, ten tweede, een veroordeling vermijden, en ten derde, de gevangenis vermijden. Zo denken zij. Ze hebben niet de vastberadenheid dat ze liever lijden of gevangengezet worden dan een Judas te worden. Ze zouden zelfs zonder gemarteld te worden verraad kunnen plegen, dus kan men zeggen dat ze al Judassen zijn voordat ze worden gearresteerd en gevangengezet? (Ja.) Dit zijn de echte Judassen. Durft de kerk dit soort mensen te gebruiken? (Nee, dat durft ze niet.) Als ze kunnen worden herkend, mogen ze absoluut niet worden gecultiveerd en ingezet. Hoe manifesteren deze mensen zich doorgaans? Ze zijn extreem lafhartig. Zodra er iets misgaat, onttrekken ze zich zo snel mogelijk aan hun verantwoordelijkheden, en telkens wanneer ze het geringste risico tegenkomen, laten ze hun plicht in de steek en gaan ze ervandoor. Elke keer dat ze horen dat de omgeving gevaarlijk is geworden, zoeken ze een veilige plek om zich te verstoppen; niemand kan hen vinden en ze houden met niemand contact. Ze zijn meesters in het onderduiken. Het kan hun niet schelen welke moeilijkheden het werk van de kerk ook ondervindt, en ze zijn in staat om elk soort cruciaal werk opzij te zetten; ze beschouwen hun eigen veiligheid als belangrijker dan al het andere. Bovendien, wanneer er gevaar dreigt, laten ze anderen de kastanjes uit het vuur halen en de risico’s nemen telkens wanneer er iets gebeurt, terwijl ze zichzelf beschermen. Hoeveel gevaar ze anderen ook laten lopen, ze vinden dat het de moeite waard en gepast is om dit te doen omwille van hun eigen veiligheid. En wanneer er gevaar dreigt, komen ze niet haastig voor God om te bidden en regelen ze niet haastig de noodevacuatie van broeders en zusters of kerkelijke eigendommen die in gevaar kunnen zijn. In plaats daarvan denken ze eerst diep na over hoe ze kunnen ontsnappen, hoe ze zich kunnen verbergen en hoe ze zich uit het gevaar kunnen redden. Ze hebben zelfs hun ontsnappingsplan al uitgedacht – wie ze als eerste moeten verraden als ze worden gearresteerd, hoe ze marteling kunnen vermijden, hoe ze een gevangenisstraf kunnen ontlopen en hoe ze aan de tegenspoed kunnen ontsnappen. Telkens wanneer ze een of andere tegenspoed ondervinden, zijn ze doodsbang en bezitten ze geen greintje geloof. Zijn dit soort mensen niet gevaarlijk? Als hen wordt gevraagd gevaarlijk werk op zich te nemen, klagen ze er eindeloos over, worden ze bang, denken ze er voortdurend aan om weg te lopen en zijn ze onwillig het op zich te nemen. Dit soort mensen vertoont al tekenen van Judassen te zijn, zelfs voordat ze worden gearresteerd. Zodra ze worden gearresteerd, is het honderd procent zeker dat ze de kerk zullen verraden. Bij het vervullen van hun plicht in Gods huis zijn ze zeer proactief in alles wat hen in de schijnwerpers plaatst zonder hen aan risico’s bloot te stellen; maar als het op het nemen van risico’s aankomt, deinzen ze terug, en als je hen vraagt iets risicovols te doen, zullen ze het niet doen, ze nemen gewoon geen verantwoordelijkheid. Zodra ze ergens lucht van krijgen, bijvoorbeeld dat de grote rode draak arrestaties uitvoert, of dat er gelovigen zijn opgepakt, stoppen ze met het bijwonen van bijeenkomsten, verbreken ze het contact met de broeders en zusters en kan niemand hen meer vinden. Zodra de geruchten zijn gaan liggen en alles weer rustig is, duiken ze weer op. Zijn dit soort mensen betrouwbaar? Kunnen ze een plicht in Gods huis vervullen? (Nee.) Waarom niet? Ze missen zelfs de vastberadenheid of de wens om geen Judas te worden; het zijn gewoon lafaards, watjes en nietsnutten. Zulke mensen hebben één duidelijk kenmerk, namelijk dat, ongeacht welke sterke kanten en bekwaamheden ze bezitten, als Gods huis hen inzet, ze zich nooit met hart en ziel zullen wijden aan het verdedigen van de belangen van Gods huis. Verdedigen ze de belangen van Gods huis niet omdat ze daartoe niet in staat zijn? Nee, dat is niet het geval; zelfs als ze deze bekwaamheid hebben, zullen ze de belangen van Gods huis niet verdedigen. Het zijn typische Judassen. Telkens wanneer ze in de loop van hun plichtsvervulling met ongelovigen te maken hebben, onderhouden ze harmonieuze relaties met hen en zorgen ze ervoor dat de ongelovigen een hoge achting, respect en waardering voor hen behouden. Wat is dan de prijs die ze voor dit alles betalen? Het is het verraden van de belangen van Gods huis in ruil voor hun persoonlijke eer en belangen. Dit soort persoon is zelfs vóór zijn arrestatie al bijzonder laf, en na zijn arrestatie is het honderd procent zeker dat hij verraad zal plegen. Gods huis kan mensen als deze – deze Judassen – absoluut niet gebruiken en moet hen zo snel mogelijk elimineren.
Wat betreft het soort mensen dat Judassen zijn: hoewel ze uiterlijk niet als kwaadaardige mensen overkomen, zijn het in feite mensen met een extreem lage integriteit en een duivels karakter. Hoeveel ze ook naar preken luisteren of Gods woorden lezen, ze kunnen de waarheid gewoon niet begrijpen, en ze voelen evenmin dat het schaden van de belangen van Gods huis het meest schandelijke, boosaardige en kwaadwillige is. Ze zijn bereid naar voren te stappen als het gaat om zaken waarmee ze opvallen, maar als het gaat om zaken die riskant of lastig aan te pakken zijn, laten ze anderen die op zich nemen en aanpakken. Wat voor mensen zijn dat? Zijn dat geen mensen met een extreem lage integriteit? Sommige mensen kopen dingen voor Gods huis en behoren daarbij rekening te houden met de belangen van Gods huis, en eerlijk en redelijk te zijn. Mensen van het Judas-type verdedigen de belangen van Gods huis echter niet; integendeel, ze helpen ongelovigen ten koste van Gods huis. Ze grijpen elke kans aan om aan de eisen van ongelovigen te voldoen en zien liever dat de belangen van Gods huis worden geschaad, zolang het hen maar helpt om bij die ongelovigen in de gunst te komen. Dit heet de hand bijten die je voedt en getuigt van een diep gebrek aan deugd! Heeft men dan niet een verachtelijke menselijkheid? Dit is niet veel beter dan Judas die de Heer en zijn vrienden verraadde. Wat Gods huis hun ook toevertrouwt, ze houden geen rekening met de belangen van Gods huis. Wanneer hen wordt gevraagd om iets te kopen, doen ze nooit de moeite om rond te kijken en de prijzen, kwaliteit en service na verkoop van meerdere leveranciers te vergelijken, en dan zorgvuldig de opties af te wegen en de juiste controle uit te voeren, zodat ze oplichting vermijden, Gods huis wat geld besparen en de belangen van Gods huis beschermen – dat doen ze nooit. Als een broeder of zuster suggereert dat het het beste zou zijn om rond te kijken, zeggen ze: “Het is niet nodig om rond te kijken; de leverancier zegt dat hun spullen de beste zijn.” Wanneer de broeder of zuster hen vraagt: “Dus kun je met hen over een prijs onderhandelen?” antwoorden ze: “Waarom over een prijs onderhandelen? Ze hebben me de prijs al verteld, en als ik met hen begin af te dingen, zou dat zeker gênant zijn, en het zou lijken alsof we geen geld hadden. Gods huis is toch rijk?” Ongeacht hoeveel iets kost of wat de kwaliteit is, zolang zij het geschikt achten, laten ze het onmiddellijk door iemand kopen, en bekritiseren, berispen en veroordelen ze zelfs iedereen die de aankoop uitstelt. Niemand durft in hun gezicht ‘nee’ te zeggen en niemand durft enige mening naar voren te brengen. Of ze nu een grote transactie of een kleine boodschap voor Gods huis doen, wat zijn hun principes? “Gods huis hoeft alleen maar het geld te betalen, en of de belangen van gods huis al dan niet worden geschaad, heeft niets met mij te maken. Dit is gewoon hoe ik dingen doe; ik moet goede relaties met ongelovigen opbouwen. Wat de ongelovigen ook zeggen, het is juist, en ik zal erin meegaan. Ik zal zaken niet afhandelen volgens de vereisten van gods huis. Als je me wilt gebruiken, doe dat dan; als je me niet wilt gebruiken, dan niet – dat moet je zelf weten. Zo ben ik nu eenmaal!” Is dit geen duivelse aard? Zulke mensen zijn ongelovigen en niet-gelovigen. Kunnen zij worden gebruikt om zaken voor Gods huis af te handelen? Dit soort persoon heeft enige opleiding, sterke punten en wat uiterlijke bekwaamheden, is goed van de tongriem gesneden en kan bepaalde zakelijke taken aan. Maar welke zaken ze ook voor Gods huis afhandelen, ze doen het onvermijdelijk roekeloos en eigenzinnig, wat schade toebrengt aan de belangen van Gods huis. Ze bedriegen Gods huis ook voortdurend en verbergen de ware stand van zaken, en zodra ze de boel hebben verprutst, moet Gods huis iemand regelen om hun rommel op te ruimen. Dit is een typisch voorbeeld van samenspannen met buitenstaanders om de belangen van Gods huis te verraden. Hoe verschilt dit van Judas die de Heer en zijn vrienden verraadde? Wanneer mensen van dit soort worden ingezet om een plicht te doen, verzuimen ze niet alleen om dienst te doen voor Gods huis, maar ontpoppen ze zich tot verkwisters en brengers van onheil. Ze zijn niet eens gekwalificeerd om dienstdoeners te zijn; het zijn ontaarde lieden, puur en simpel! Zulke mensen zijn bij uitstek de dienaren van Satan en het nageslacht van de grote rode draak, en zodra ze worden onthuld, moeten ze worden verwijderd en geëlimineerd. Als gelovige in God en lid van Gods huis kunnen ze niet eens hun verantwoordelijkheid vervullen om de belangen van Gods huis te verdedigen; hebben ze nog wel geweten en verstand? Ze zijn nog erger dan een waakhond!
Mensen van het Judas-type hebben het woord ‘Judas’ niet op hun voorhoofd geschreven staan, maar hun handelingen en gedrag zijn van exact dezelfde aard als die van Judas, en je moet dit soort mensen nooit inzetten. Wat bedoel Ik met ‘nooit inzetten’? Het betekent dat er nooit en te nimmer belangrijke zaken aan hen mogen worden toevertrouwd. Als het om een onbeduidende kwestie gaat die geen gevolgen heeft voor de belangen van Gods huis, is het prima om hen tijdelijk in te zetten, maar dit type persoon voldoet absoluut niet aan de principes van Gods huis voor het inzetten van mensen, omdat het een geboren judas is en hij van nature slecht is. Kortom, deze mensen zijn gevaarlijke figuren en mogen absoluut niet worden ingezet. Hoe langer je dit soort mensen gebruikt, hoe ongemakkelijker je je zult voelen en hoe meer nadelige gevolgen het in de toekomst zal hebben. Daarom, als je al duidelijk ziet dat het mensen van het Judas-type zijn, moet je hen absoluut niet inzetten – dit alles is waar. Is het gepast om hen op deze manier te behandelen? Sommige mensen zeggen misschien: “Het is liefdeloos om hen zo te behandelen. Ze hebben niemand verraden; hoe kunnen het dan Judassen zijn?” Moet je wachten tot ze iemand verraden? Hoe manifesteerde Judas zich? Waren er tekenen dat hij op het punt stond de Heer te verraden? (Ja, hij stal geld uit de geldbuidel van de Heer Jezus.) Mensen die voortdurend de belangen van Gods huis verraden, hebben dezelfde aard als Judas, die geld uit de geldbuidel stal. Zodra mensen als dezen worden gearresteerd, zullen ze verraad plegen en alles wat ze weten zonder iets achter te houden aan Satan overleveren. Dit soort persoon heeft de essentie van Judas. Hun essentie is al duidelijk onthuld en blootgelegd; als je hen desondanks inzet, vraag je dan niet om moeilijkheden? Is dit niet het opzettelijk schaden van Gods huis? Sommige mensen zeggen openlijk: “Als iemand mij snoeit, of als iemand iets doet wat mijn belangen schaadt of mijn goede zaak hier verpest, dan zwaait er wat voor hem!” Juist dit soort persoon heeft overduidelijk de essentie van Judas. Ze vertellen anderen zelf dat ze een judas zijn, dus zo iemand kan absoluut niet worden ingezet.
Er is nog een ander soort mensen dat niet als goed of slecht kan worden beschouwd en slechts in naam gelovig is. Als je hen af en toe vraagt iets te doen, kunnen ze dat doen, maar ze zullen niet proactief hun plicht doen als je het niet voor hen regelt. Wanneer ze vrij zijn, wonen ze bijeenkomsten bij, maar in hun eigen privétijd is het onbekend of ze Gods woorden eten en drinken, lofzangen leren of bidden. Ze zijn echter relatief vriendelijk tegenover Gods huis en de kerk. Wat betekent relatief vriendelijk? Het betekent dat als de broeders en zusters hen vragen iets te doen, ze ermee instemmen; omwille van het feit dat ze medegelovigen zijn, kunnen ze helpen om een paar dingen gedaan te krijgen, binnen de grenzen van hun kunnen. Als hen echter wordt gevraagd grote inspanningen te leveren of een of andere prijs te betalen, zullen ze dat absoluut niet doen. Als een broeder of zuster in moeilijkheden verkeert en hun hulp nodig heeft, zoals af en toe helpen met op het huis passen, een maaltijd koken, of af en toe helpen met een paar kleine klusjes – of de persoon kent een vreemde taal en kan de broeders en zusters helpen om brieven te lezen – dan kunnen ze met dit soort dingen een handje helpen en zijn ze relatief vriendelijk. Ze kunnen doorgaans redelijk goed met anderen opschieten en zijn niet kleinzielig, maar ze wonen niet regelmatig bijeenkomsten bij en vragen niet om een plicht te doen, laat staan dat ze belangrijk of zelfs gevaarlijk werk op zich nemen. Als je hen vraagt een gevaarlijke taak uit te voeren, zullen ze je beslist afwijzen en zeggen: “Ik geloof in god om vrede te zoeken, dus hoe zou ik gevaarlijke taken kunnen doen? Zou dat niet betekenen dat ik moeilijkheden voor mezelf zoek? Dat kan ik absoluut niet doen!” Maar als de broeders en zusters of de kerk hen vragen iets kleins te doen, kunnen ze helpen en een symbolische inspanning leveren, net als een vriend. Deze vorm van zich inspannen en helpen kan niet het doen van een plicht worden genoemd, noch kan het handelen in overeenstemming met de waarheidsprincipes worden genoemd, en nog veel minder kan het het beoefenen van de waarheid worden genoemd; het komt er slechts op neer dat ze een gunstige indruk hebben van gelovigen in God, redelijk vriendelijk tegenover hen zijn en in staat zijn om een helpende hand te bieden als iemand hulp nodig heeft. Wat is de naam voor dit soort mensen? Gods huis noemt hen kerkvrienden. Hoe moet dit soort mensen, kerkvrienden, worden behandeld? Als ze kaliber en enkele sterke punten bezitten en de kerk kunnen helpen met externe zaken, dan zijn het ook dienstdoeners en zijn het kerkvrienden. Dit komt doordat mensen van dit soort niet als gelovigen in God gelden, en Gods huis hen niet erkent. En als ze niet door Gods huis worden erkend, kan God hen dan als gelovigen erkennen? (Nee.) Vraag dit soort mensen daarom nooit en te nimmer om zich aan te sluiten bij degenen die een voltijdse plicht vervullen. Er zijn mensen die zeggen: “Sommige mensen hebben, wanneer ze net beginnen te geloven, weinig geloof en willen alleen kerkvrienden zijn. Ze begrijpen veel dingen over het geloof in God niet, dus hoe kunnen ze bereid zijn om een plicht te doen? Hoe kunnen ze bereid zijn om zich van ganser harte in te zetten?” We hebben het niet over mensen die drie tot vijf maanden of tot een jaar in God hebben geloofd, maar over mensen die in naam al meer dan drie jaar, of zelfs vijf of tien jaar, in God hebben geloofd. Hoezeer mensen als dezen ook met hun mond belijden dat God de enige ware God is en dat De Kerk van Almachtige God de ware kerk is, het bewijst niet dat het ware gelovigen zijn. Op basis van de verschillende manifestaties van dit soort mensen en hun manier van geloven, noemen we hen kerkvrienden. Behandel hen niet als broeders of zusters – het zijn geen broeders of zusters. Laat zulke mensen zich niet aansluiten bij de voltijdsplichtenkerk en laat hen zich niet aansluiten bij degenen die een voltijdse plicht vervullen; Gods huis zet zulke mensen niet in. Sommigen zeggen misschien: “Bent U bevooroordeeld tegen dit soort mensen? Hoewel ze uiterlijk lauw lijken, zijn ze innerlijk in feite zeer vurig.” Het zou voor oprechte gelovigen onmogelijk zijn om na vijf of tien jaar geloof nog steeds lauw te zijn; het gedrag van dit soort mensen onthult al volledig dat het niet-gelovigen zijn, mensen die buiten Gods woorden staan, en ongelovigen. Als je hen nog steeds broeders en zusters noemt en nog steeds zegt dat ze onrechtvaardig worden behandeld, dan zijn dat je opvattingen en je gevoelens die spreken.
Hoe moeten we het soort mensen behandelen dat kerkvrienden is? Ze zijn warmhartig en bereid te helpen met een klein aantal zaken. Als er behoefte aan hen is, kun je hen de gelegenheid geven een klein aantal zaken af te handelen. Als ze iets kunnen doen, laat het hen dan doen. Wat betreft dingen die ze niet goed kunnen en misschien zelfs verprutsen, laat zulke taken beslist niet aan hen over, om problemen te voorkomen – je mag je niet door hun goede bedoelingen laten dwingen. Ze begrijpen de waarheid niet, en evenmin begrijpen ze de principes. Als er externe zaken zijn die ze kunnen afhandelen, laat hen dan hun gang gaan. Maar laat hen nooit belangrijke zaken afhandelen die van invloed zijn op het werk van de kerk – in zo’n geval moeten hun goede bedoelingen en enthousiaste hulp worden afgewezen. Wanneer je dit soort mensen tegenkomt, ga dan slechts oppervlakkig met hen om en laat het daarbij; neem hen niet serieus. Waarom zou je hen niet serieus nemen? Omdat het slechts kerkvrienden zijn, en ze zijn absoluut geen broeders of zusters. Voldoen zulke mensen aan de principes van Gods huis voor het inzetten van mensen? (Nee, dat doen ze niet.) Daarom, als dit soort mensen geen bijeenkomsten bijwonen, niet naar preken luisteren of geen plicht doen, is het niet nodig hen uit te nodigen. Als ze Gods woorden niet eten en drinken of niet bidden, als ze de waarheidsprincipes niet zoeken telkens wanneer hun dingen overkomen, en als ze niet bereid zijn om met de broeders en zusters om te gaan, is het niet nodig om hen te ondersteunen of te helpen. Drie woorden: negeer hen gewoon. Neem het soort mensen die kerkvrienden en niet-gelovigen zijn niet serieus, en negeer hen gewoon. Het is niet nodig om je om hen te bekommeren en niet nodig om naar hen te informeren. Waarom niet naar hen informeren? Wat is het nut van informeren naar mensen die niets met ons te maken hebben? Dat is toch overbodig? Willen jullie aandacht besteden aan dit soort mensen? Misschien bemoeien jullie je graag met andermans zaken en willen jullie je bekommeren, en vragen jullie je af: “Hoe gaat het nu met hen? Zijn ze getrouwd of niet? Gaat het goed met hen? Welk werk doen ze nu?” Hoe het ook met hen gaat, het heeft niets met jou te maken. Wat is het nut om je daarmee bezig te houden? Besteed geen aandacht aan hen en geef ook geen commentaar op hen. Sommige mensen geven graag commentaar, zoals: “Zie je wel? Ze geloven niet goed in God, ze leiden elke dag een ontmoedigend en uitputtend bestaan, en ze zien er altijd zo moe en uitgeput uit”, of “Zie je wel? Ze geloven niet goed in God, dus hebben ze geen vrede, en er is weer iets ergs in hun familie gebeurd.” Dit is allemaal onzin en onnodig. Hoe zij hun leven leiden en welk pad zij bewandelen, gaat jou niets aan. Noem hen niet eens; je bevindt je niet op hetzelfde pad als zij. Jij zet je oprecht in voor God en doet je plicht voltijds, je wilt alleen het verwerven van de waarheid nastreven en redding verkrijgen, en wat God ook zegt, je wilt je best doen om Hem tevreden te stellen; die mensen hebben deze dingen niet in hun hart. Wanneer je kwade trends ziet, veracht je ze en word je erdoor afgestoten, en je voelt dat er geen geluk is in het leven in deze wereld, en dat je alleen geluk kunt vinden door in God te geloven; terwijl zij precies het tegenovergestelde van jou zijn: dit bewijst dat zij zich niet op hetzelfde pad als jij bevinden. Het principe dat Gods huis hanteert voor de omgang met dit soort mensen is dat als zij bereid zijn om te helpen, Gods huis hen een kans kan geven, zolang er geen potentiële nadelige gevolgen zijn. Als Gods huis hen helemaal niet nodig heeft en zij nog steeds bereid zijn om te helpen, dan is het het beste om beleefd te weigeren – maak het jezelf niet onnodig moeilijk. Gelovigen communiceren elke dag over de waarheid en aanvaarden dat ze worden gesnoeid, maar kunnen nog steeds dingen op een plichtmatige manier doen. Kunnen kerkvrienden dan zaken naar behoren afhandelen zonder er iets voor terug te krijgen? (Nee, dat kunnen ze niet.) Zeg Mij, is dit een te negatieve kijk op mensen? Is dit mensen in een overdreven negatief daglicht stellen? (Nee, dat is het niet.) Dit is spreken op basis van feiten, spreken op basis van de essentie van de mens. Wees niet onwetend, wees niet dom en doe niets dwaas. Gelovigen moeten nog steeds snoeien, oordelen en tuchtigingen, strenge disciplinering, kastijding en ontmaskering ondergaan voordat de vervulling van hun plicht beetje bij beetje kan overeenstemmen met Gods bedoeling. Een kerkvriend of een ongelovige aanvaardt helemaal geen waarheid en denkt alleen maar aan zijn eigen belangen, dus wat voor goeds kan eruit voortkomen als hij zaken voor Gods huis of voor de broeders en zusters afhandelt? Dat is totaal uitgesloten. Het is gewoon gepast om geen aandacht te besteden aan dit soort mensen, nietwaar? (Ja.) Wat betekent dat, ‘geen aandacht aan hen besteden’? Het betekent dat Gods huis hen niet als gelovigen beschouwt. Ze kunnen in God geloven hoe ze maar willen, maar het werk en de zaken van Gods huis hebben hoegenaamd niets met hen te maken. Ze zijn bereid om te helpen, maar we moeten de zaken afwegen en inschatten of ze geschikt zijn om het te doen, en als ze er niet geschikt voor zijn, kunnen we hun deze kans niet geven. Zeg Mij, is op deze manier handelen in overeenstemming met de principes? Hebben we het recht om zulke mensen zo te behandelen? Jazeker!
Rampen zoals oorlogen en pandemieën komen vaak voor over de hele wereld. Hoe kunnen we de terugkeer van de Heer verwelkomen en Gods bescherming krijgen tijdens rampen? Neem deel aan onze gebedsbijeenkomst om de weg te vinden.
Aanbevolen video:...
Aanbevolen video: https://nl.kingdomsalvation.org/video-category/Almighty-God-word.html De bijbelteksten zijn ontleend aan de Nieuwe...
Aanbevolen video: https://nl.kingdomsalvation.org/video-category/Almighty-God-word.html...