Gods woorden ‘De mens kan alleen gered worden onder het management van God’ | Nederlands
Aanbevolen video: https://nl.kingdomsalvation.org/video-category/Almighty-God-word.html...
Wij heten alle zoekenden welkom die ernaar verlangen dat God verschijnt.
Wat Ik jullie hier moet uitleggen, is niet alleen gericht aan leiders en werkers, maar ook aan iedereen die aanwezig is – het is een uiterst belangrijk principe. Waar jullie ook het kerkelijke werk uitvoeren, jullie plichten vervullen of het evangelie prediken, er zullen altijd woelige wateren zijn. Zelfs Gods eigen werk gaat gepaard met moeilijkheden – hebben jullie allemaal dit feit opgemerkt? Hoewel jullie de specifieke details misschien niet kennen of goed begrijpen, zijn jullie je allemaal bewust van de algemene omstandigheden. Het verspreiden van Gods evangeliewerk gaat niet van een leien dakje, en jullie moeten hier allemaal mentaal op voorbereid zijn en dit beseffen. Dit vaststaande feit ligt hier voor ons, dus welke houding moeten we aannemen ten opzichte van deze zaken om het meest gepast, het meest redelijk en het meest correct te zijn? Is het juist om innerlijk bevreesd en angstig te zijn? (Nee.) Aangezien bevreesd en angstig zijn niet juist is, is het dan juist om de houding en zienswijze te hebben dat je hemel noch aarde vreest, een vijand van de hele wereld bent, de hele wereld tot het einde weerstaat en tegen de stroom ingaat? (Nee.) Is dit de rationaliteit van de normale menselijkheid of onstuimigheid? Deze onjuiste zienswijzen zijn allemaal een uiting van onstuimigheid, niet van oprecht geloof. Wat voor soort zienswijzen en houdingen zijn dan wel correct? Laat Ik er een paar voor jullie op een rijtje zetten. Dit is de eerste zienswijze die mensen zouden moeten hebben: Of het nu in het buitenland is of in China: zich van ganser harte inzetten voor God en hun plichten vervullen is de meest gerechtvaardigde zaak van de hele mensheid, van de oudheid tot nu. Onze plichtsvervulling is open en eerlijk, niet heimelijk, omdat wat we nu doen de meest gerechtvaardigde zaak van de mensheid is. Waar verwijst dit ‘gerechtvaardigd’ naar? Het verwijst naar de waarheid, naar Gods wil, naar de regelingen en opdrachten van de Schepper; het overstijgt volledig de menselijke moraal, ethiek en wetten, en is een zaak die wordt uitgevoerd onder de leiding en zorg van de Schepper. Is dit niet de meest correcte zienswijze? Enerzijds is deze zienswijze een werkelijk bestaand feit; anderzijds is het ook het meest correcte besef van de plicht die men vervult. Dit is de tweede zienswijze die mensen zouden moeten hebben: God is soeverein over alle dingen en alle gebeurtenissen. Alles, inclusief de heersers van de wereld en elke macht, religie, organisatie en etniciteit in de wereld, staat onder de soevereiniteit en macht van Gods hand – niemand heeft zijn eigen lot in handen. Wij zijn geen uitzondering; ons lot staat onder de soevereiniteit en macht van Gods hand, en niemand kan de richting veranderen van waar we heen gaan en waar we verblijven, noch kan iemand onze toekomst en bestemming veranderen. Zoals de Bijbel zegt: “Het hart van de koning is in de hand van Jehova als het water van een rivier: Hij laat het stromen waarheen Hij dat wil” (Spreuken 21:1). Hoeveel te meer geldt dit dan voor het lot van ons, onbeduidende mensen! De heerschappij en het systeem van de heerser van het land waarin we verblijven, evenals de leefomgeving van dit land, of die nu bedreigend, vijandig of vriendelijk jegens ons zijn – dit alles staat onder Gods soevereiniteit, en we hoeven ons nergens zorgen over te maken of druk over te maken. Dit is de zienswijze die mensen zouden moeten hebben en het bewustzijn dat ze zouden moeten hebben, evenals de waarheid die ze zouden moeten bezitten en begrijpen. En dit is de derde zienswijze, die natuurlijk ook de belangrijkste is: Ongeacht waar we wonen, in welk land, en ongeacht onze bekwaamheden of ons kaliber, we zijn slechts een deel van de massa onbeduidende schepselen. De enige verantwoordelijkheid en plicht die we moeten vervullen, is ons te onderwerpen aan de soevereiniteit, regelingen en orkestraties van de Schepper; er is niets anders, zo eenvoudig is het. Hoewel we ons momenteel in een vrij land en een vrije omgeving bevinden, als God op een dag een vijandige macht opwekt om ons te vervolgen en te schaden, zouden we geen enkele klacht moeten hebben. Waarom zouden we geen klachten moeten hebben? Omdat we al lang voorbereid zijn; onze verplichting, verantwoordelijkheid en plicht is om ons te onderwerpen aan alles wat God doet en orkestreert. Is deze onderwerping de waarheid? Is het de houding die mensen zouden moeten hebben? (Ja.) Als op een dag de hele mensheid en de hele omgeving zich tegen ons keren en we de dood onder ogen zien, zouden we dan klachten moeten hebben? (Dat zouden we niet moeten hebben.) Sommigen zeggen: “Heeft God ons niet naar het buitenland geleid zodat we niet langer de wrede vervolging van Satan hoefden te ondergaan? Was het niet zodat we vrijelijk onze plichten konden vervullen en de lucht van vrijheid konden inademen? Waarom is het dan nog steeds Gods bedoeling dat we de dood onder ogen zien?” Deze woorden zijn onjuist. Zich onderwerpen aan Gods orkestraties en regelingen is een houding, de houding die mensen zouden moeten hebben tegenover God, tegenover Gods soevereiniteit. Het is de houding die een schepsel zou moeten hebben.
Er is nog een uiterst belangrijk punt dat mensen zich moeten realiseren: hoewel het in het buitenland relatief stabiel en vrij is, is het nog steeds moeilijk om te vermijden dat men vaak door de grote rode draak wordt lastiggevallen. Geconfronteerd met het lastigvallen door de grote rode draak, maken sommige mensen zich zorgen: ‘De macht van de grote rode draak is te groot. Hij kan belangrijke figuren over de hele wereld omkopen om diensten voor hem te verlenen, om namens hem te werken. Dus zelfs als we naar het buitenland vluchten, zijn we nog steeds in gevaar, nog steeds in direct levensgevaar! Wat kunnen we doen?’ Telkens wanneer men dit soort berichten hoort, raken sommigen bezorgd en angstig, willen ze een compromis sluiten, willen ze vluchten, en weten ze niet waar ze zich moeten verbergen. Telkens wanneer dit gebeurt, denken sommigen: ‘De wereld is zo groot, maar er is geen plaats voor mij! Onder de macht van de grote rode draak lijd ik onder zijn vervolging, en zelfs buiten het bereik van zijn gezag, waarom word ik er dan nog steeds door gehinderd? De macht van de grote rode draak is te groot; zelfs als ik naar het einde van de wereld vlucht, waarom kan hij me dan nog steeds vinden?’ Mensen raken onvermijdelijk doodsbang en weten niet meer wat ze moeten doen. Is dit een uiting van geloof hebben? Wat is hier het probleem? (Gebrek aan geloof in God.) Is het alleen een gebrek aan geloof in God? Voelen jullie diep vanbinnen dat jullie minder zijn dan anderen? Voelen jullie je een beetje heimelijk, als een dief, over het geloven in Almachtige God en het vervullen van jullie plicht in de kerk? Voelen jullie je enigszins minderwaardig ten opzichte van degenen in de religieuze wereld? ‘Kijk naar hun macht; ze hebben officiële dominees en door de staat erkende grote kathedralen, het is zo luxueus! Ze hebben koren en ondernemingen in verschillende landen. Maar kijk naar ons, altijd gepest, overal waar we komen worden we buitengesloten – waarom zijn we anders dan zij? Waarom kunnen we er niet openlijk over spreken, waar we ook gaan? Waarom moeten we zo ellendig leven? Vooral met al die negatieve propaganda online. Waarom ondergaan andere kerken dit niet, waarom moeten wij deze dingen altijd ondergaan? Andere gelovigen in God verkondigen openlijk hun geloof in het christendom waar ze ook gaan, maar wij, gelovigen in Almachtige God, durven niet openlijk te spreken, uit angst dat slechte mensen ons zullen aangeven en we dan gearresteerd worden.’ Onlangs hoorde Ik dat een persoon die beweerde een overheidsfunctionaris te zijn, enkele broeders en zusters een paar vragen stelde. Toen ze zagen dat een functionaris hen ondervroeg, werden ze bang en gaven ze alles prijs wat ze wisten, en beantwoordden ze alles wat hun gevraagd werd. Wat was het probleem met hun manier van handelen? Je bent een gelovige in God – waarom zou je bang zijn voor functionarissen? Als je niets illegaals hebt gedaan, hoef je niet bang te zijn. Als je de waarheid hebt, waarom zou je dan duivels en Satan vrezen? Denk je dat geloven in God niet de juiste weg is? Heb je het gevoel dat je iets illegaals hebt gedaan? Waarom ben je dan bang voor een functionaris? Zijn zulke mensen niet dwaas en onwetend? Sommige mensen hebben op het vasteland veel geleden onder jacht en vervolging; voelen ze zich, nadat ze naar het buitenland zijn gekomen, schuldig over hun geloof in God? Voelen ze zich te schande gemaakt door de vervolging van de grote rode draak? Schamen ze zich om hun voorouders onder ogen te komen en voelen ze zich onteerd omdat ze gedwongen zijn naar het buitenland te vluchten om in God te geloven en hun plicht te doen? Wanneer ze zien dat het satanische regime en de religieuze wereld zich vijandig opstellen tegenover God en de kerk, voelen ze zich dan minderwaardig, misschien zelfs alsof dit nog beschamender is dan het plegen van een misdaad? Hebben jullie zulke gevoelens? (Nee.) Jullie schudden misschien op het eerste gezicht jullie hoofd, omdat jullie deze gedachten en gevoelens niet willen hebben, maar wanneer men met feitelijke situaties wordt geconfronteerd, onthullen iemands mentaliteit, zijn gedragingen en de onbewuste handelingen die hij verricht onvermijdelijk de diepste, meest verborgen aspecten van zijn hart. Wat is hier aan de hand? Als je deze dingen niet hebt, waarom ben je dan bang? Is iemand die de wet niet heeft overtreden bang voor de politie? Is hij bang voor de rechter? Nee. Alleen degenen die de wet hebben overtreden zijn het meest bang voor de politie, en alleen de Chinezen, die gewend zijn geraakt aan de onderdrukking door de politie, zijn het meest bang voor hen, omdat de CCP-politie wetteloos is en doet wat ze wil. Daarom voelen Chinezen, wanneer ze voor het eerst in het buitenland aankomen, zich bang zodra ze de politie zien. Dit is het gevolg van de angst die door de heerschappij van de grote rode draak is ingeboezemd; het is iets wat uit hun onderbewustzijn voortkomt. In westerse landen is je status legaal, je hebt verblijfsrecht, je hebt geen enkele wet overtreden, noch heb je de regering aangevallen, en je hebt geen misdaden begaan. Hoeveel controverse je geloof ook mag veroorzaken in de religieuze wereld, één feit staat vast: Je geloof wordt wettelijk beschermd, het is wettig en vrij, en dit is je rechtmatige mensenrecht. Je hebt geen enkele wet overtreden, dus als iemand beweert een politieagent te zijn en je ondervraagt: “Geloof je in Almachtige God? Laat me je identiteitsbewijs zien! Waar kom je vandaan? Hoe oud ben je? Hoeveel jaar ben je al een gelovige? Waar woon je? Geef me je adres!” Hoe zou je dan reageren? Op de eerste vraag: “Geloof je in Almachtige God?” Hoe zou je antwoorden? (Ja.) Waarom zouden jullie ‘ja’ zeggen? Is dit gebaseerd op feiten? Of is dit je verantwoordelijkheid als burger, dat je ‘ja’ moet zeggen als het je gevraagd wordt? Of heeft God je opgedragen ‘ja’ te zeggen? Wat is jullie basis? Wat betreft het tweede wat ze vroegen: “Laat me je identiteitsbewijs zien!” Zouden jullie het laten zien? (Nee.) En de derde vraag: “Waar woon je? Schrijf je adres op.” Zouden jullie het opschrijven? (Nee.) De vierde vraag: “Hoeveel jaar geloof je al in God? Wie heeft je tot het geloof gebracht? Waarom geloof je? Hoeveel jaar ben je al in het buitenland?” Zouden jullie deze vragen beantwoorden? (Nee.) De vijfde vraag: “Welke plicht vervul je hier? Wie is je leider?” Zouden jullie hierop reageren? (Nee.) Waarom niet? (Ik ben niet verplicht het aan hen te vertellen.) Dan terug naar de eerste vraag: Toen gevraagd werd of je in Almachtige God gelooft, zeiden jullie allemaal unaniem dat jullie ‘ja’ zouden antwoorden. Is het correct om op die manier te antwoorden? (Nee.) Waarom is het niet correct? (Omdat geloof een persoonlijke vrijheid is. De politie heeft geen bevoegdheid om zich daarmee te bemoeien. Ik heb dus het recht om het niet aan hen te vertellen.) Waarom zou je het dan niet aan hen vertellen? (Omdat ik eerst moet verduidelijken waarom ze me ondervragen, in welke hoedanigheid ze dat doen en of hun ondervraging al dan niet wettig is. Als hun doel en identiteit onduidelijk zijn, ben ik niet verplicht om hun vragen te beantwoorden.) Deze verklaring is correct. In het begin verklaarden jullie allemaal dat jullie ‘ja’ zouden antwoorden, maar naarmate Ik verder vroeg, begonnen jullie te voelen dat er iets niet klopte, en vonden jullie dat jullie antwoord onjuist was. Hebben jullie vastgesteld waar het probleem lag? In deze kwestie is dit het inzicht dat jullie zouden moeten hebben: We hebben geen enkele wet overtreden door in God te geloven, we zijn geen criminelen, we hebben onze mensenrechten en vrijheid. Niet zomaar iedereen kan ons naar believen ondervragen of verhoren. Het is niet zo dat wie aan ons ook vragen stelt, we waarheidsgetrouw moeten antwoorden; we zijn hiertoe niet verplicht. Zijn deze woorden correct? (Ja.) Het is illegaal voor wie dan ook om ons willekeurig te ondervragen; we moeten de wet begrijpen en leren hoe we die kunnen gebruiken om onszelf te beschermen. Dit is de wijsheid die Gods uitverkoren volk zou moeten bezitten. Dus, wat moet je doen als je in de toekomst een dergelijke situatie tegenkomt? Als iemand je vraagt of je in Almachtige God gelooft, hoe zou je dan reageren, hoe zou je het aanpakken? Het eerste wat je zegt is: “Wie ben jij? Met welk recht vraag je me dit? Ken ik jou?” Als hij zegt dat hij een medewerker is van een of andere overheidsinstantie, dan moet je hem vragen zijn legitimatie te tonen. Als hij zijn legitimatie niet toont, zeg je: “Je bent niet bevoegd om met mij te spreken, en ik ben niet verplicht om je te antwoorden. Er zijn veel overheidsmedewerkers; moet ik hen allemaal antwoorden? De overheid heeft aangewezen personen om bepaalde taken uit te voeren – ben jij echt verantwoordelijk voor deze zaak? Zelfs als je dat bent, heb ik de wet niet overtreden, dus waarom zou ik je antwoorden? Waarom zou ik je alles vertellen? Als je denkt dat ik iets verkeerd heb gedaan en de wet heb overtreden, kun je bewijs leveren. Maar als je wilt dat ik een van je vragen beantwoord, ga dan met mijn advocaat praten. Ik ben niet verplicht om je te antwoorden, en je hebt niet het recht om dit te vragen!” Hoe is deze manier van reageren? Straalt die waardigheid uit? (Ja.) Wat liet jullie reactie dan zien? Straalde die waardigheid uit? (Nee.) Op jullie manier reageren getuigt van onwetendheid over de wet. Je antwoordt gewoon op alles wat anderen vragen, en wat gebeurt er uiteindelijk? Je wordt een Judas. Jullie kunnen roekeloos antwoorden, en daar is een reden voor: Mensen in het land van de grote rode draak zijn geïndoctrineerd en gehersenspoeld om te denken dat gelovigen in God onwetend zijn, tot de lagere klasse behoren en door de staat worden vervolgd, dat ze in dit land zonder mensenrechten of waardigheid zouden moeten leven; dus degraderen gelovigen zichzelf tot een lagere status. Nadat ze in westerse landen zijn aangekomen, hebben ze geen begrip van zaken als mensenrechten, waardigheid of de verplichtingen van een burger. Dus, wanneer iemand vraagt of je in God gelooft, geef je het haastig toe uit angst, vertel je hem alles wat je weet en laat je totaal geen gestalte zien. Wie heeft dit allemaal veroorzaakt? Het is de indoctrinatie en heerschappij van de grote rode draak die het heeft veroorzaakt. Diep in het onderbewustzijn van iedereen op het vasteland leeft het idee dat zodra je in God gelooft, je de laagste status in deze maatschappij, onder de mensheid, inneemt; je raakt losgekoppeld van de maatschappij en de mensheid. Daardoor ontbreekt het deze mensen aan waardigheid, mensenrechten en het bewustzijn om zichzelf te beschermen; ze zijn dwaas, onwetend en hebben geen inzicht, waardoor anderen hen naar believen kunnen pesten en manipuleren. Dit is jullie denkwijze. Verre van standvastig te staan in jullie getuigenis voor God, verraden jullie Hem op elk moment en worden jullie op elk moment een judas. Dus, hoe kun je met waardigheid handelen? Hoe moet je op een vreemde reageren die je vragen stelt? Vraag eerst wie hij is, en vraag hem dan om zijn legitimatie te tonen. Dit is de juiste juridische procedure. In westerse landen tonen politieagenten of om het even welke andere overheidsmedewerkers, wanneer ze namens de overheid met het publiek in contact treden, altijd eerst hun legitimatie. Nadat je hun identiteit hebt geverifieerd op basis van hun legitimatie, beslis je hoe je op hun vragen reageert of hoe je met hun eisen aan jou omgaat. Natuurlijk heb je in deze kwestie zeker ruimte om keuzes te maken, je hebt absoluut autonomie, je bent geen marionet. Hoewel je Chinees bent en lid van De Kerk van Almachtige God, ben je ook een legaal en erkend lid van het land waarin je verblijft. Vergeet niet dat je autonomie hebt; je bent geen slaaf of gevangene van welk land dan ook, je bent iemand die kan genieten van de wetten, mensenrechten en systemen van dit land.
Op basis van de inhoud waarover Ik heb gecommuniceerd, hoe moeten jullie plotselinge omstandigheden en onverwachte gebeurtenissen het hoofd bieden? Dit is het vierde punt waarover we zullen communiceren: wees niet bevreesd. Sommige mensen vragen: “Betekent ‘niet bevreesd zijn’ dat je gewoon roekeloos bent?” Nee, ‘niet bevreesd zijn’ betekent geen enkele macht vrezen, want we zijn geen criminelen, we zijn geen slaven; we zijn het waardige uitverkoren volk van God, de waardige schepselen onder de soevereiniteit van de Schepper. Wees in de eerste plaats niet bevreesd bij de aanpak van deze kwestie. Handhaaf daarnaast actief je plicht en de omgeving waarin je die vervult, en treed de verschillende omstandigheden en de uitspraken, handelingen en andere zaken van de verschillende machten die op ons gericht zijn, met een proactieve houding tegemoet. Als we deze actief tegemoet treden en niet bevreesd zijn, wat vinden jullie dan van deze houding? (Die is goed.) Op die manier leven is waardig, zoals het een mens betaamt; het is geen onwaardig leven, louter om te overleven. We komen naar het buitenland om onze plicht te doen, niet om onze buik te vullen of een bestaan bij elkaar te scharrelen; we hebben geen wetten overtreden, geen problemen veroorzaakt voor enig land en we zijn zeker geen slaven van enig land. We vervullen de plicht van schepselen in Gods huis; we voorzien in ons eigen onderhoud en zijn niet afhankelijk van anderen; dit is volkomen legaal.
Van de vier punten die we zojuist hebben besproken, is elk punt cruciaal. Wat was het eerste punt? (Of het nu in het buitenland is of in China: zich van ganser harte inzetten voor God en hun plichten vervullen is de meest gerechtvaardigde zaak van de hele mensheid, van de oudheid tot nu. Onze plichtsvervulling is open en eerlijk, niet heimelijk, omdat wat we nu doen de meest gerechtvaardigde zaak van de mensheid is.) En het tweede? (God is soeverein over alle dingen en alle gebeurtenissen. Alles, inclusief de heersers van de wereld en elke macht in de wereld, staat onder de soevereiniteit en macht van Gods hand – niemand heeft zijn lot in eigen handen. Wij zijn geen uitzondering; ons lot staat onder de soevereiniteit en macht van Gods hand, en niemand kan de richting veranderen van waar we naartoe gaan en waar we blijven. Wat de heerschappij en het systeem van de heerser ook is in het land waar we verblijven, hoe de leefomgeving van dit land ook is, en of die nu bedreigend, vijandig of vriendelijk jegens ons zijn – dit alles staat onder Gods soevereiniteit, en we hoeven ons nergens zorgen over te maken of druk over te maken.) Het derde punt? (Ongeacht waar we zijn en ongeacht onze bekwaamheden of ons kaliber, we zijn slechts een klein onderdeel van de massa onbeduidende schepselen. De enige verantwoordelijkheid en plicht die we moeten vervullen, is ons te onderwerpen aan de soevereiniteit, regelingen en orkestraties van de Schepper. Hoewel we ons momenteel in een vrij land bevinden, zouden we, als God op een dag een vijandige macht laat opstaan die ons vervolgt en schaadt, geen enkele klacht moeten hebben. Dit komt doordat het onze verplichting, verantwoordelijkheid en plicht is om ons te onderwerpen aan alles wat God doet en orkestreert.) Het vierde punt is dat we alle mensen, gebeurtenissen en dingen van buitenaf actief en zonder vrees onder ogen zien. Deze vier punten zijn de houdingen en inzichten die iedereen die zijn plicht vervult zou moeten hebben, en het zijn ook de waarheden die iedereen die zijn plicht vervult zou moeten begrijpen. Hoewel deze vier punten niet nauw verbonden zijn met de achtste verantwoordelijkheid van leiders en werkers waarover we vandaag communiceren, stippen we ze toch aan nu we het over moeilijkheden in het werk hebben; dat doen we niet voor niets.
Sommige leiders en werkers stuiten in externe aangelegenheden op moeilijk te hanteren kwesties en staan dan met lege handen: ze doorgronden de kern van het probleem niet en weten niet hoe ze het moeten aanpakken. Ze negeren het simpelweg, waardoor de zaak vertraging oploopt. Wat voor probleem is dit? Dit wijst op valse leiders die geen werk kunnen verrichten en alleen maar voor vertraging zorgen. Valse leiders missen het verstand van een normaal mens; aangezien ze problemen niet kunnen aanpakken, waarom rapporteren ze die dan niet aan de Boven? Als je een probleem aan de Boven rapporteert, kunnen we het samen het hoofd bieden en komt er uiteindelijk een oplossing. Er zijn sommige dingen die jullie niet kunnen doorgronden; Ik zal jullie helpen ze te analyseren. Zolang we de wet of overheidsvoorschriften niet overtreden, is geen enkel probleem zo groot dat we het niet kunnen overwinnen. Kwesties die de waarheidsprincipes raken, lossen we zelf op; voor kwesties met een juridische component kunnen we advies vragen en kunnen we ze langs juridische weg aanpakken. Welke kwade machten het werk van Gods huis ook opzettelijk verstoren en saboteren, onthoud één ding: zolang we de wet niet overtreden of overheidsvoorschriften schenden, kan niemand ons iets aandoen. Dit komt doordat de meeste overzeese landen democratische rechtsstaten zijn; zelfs wanneer kwade machten de wet overtreden, vrezen ze toch ontmaskering en juridische sancties. Dit is een feit. Hoe de duistere hand van de grote rode draak het werk van Gods huis ook verstoort en saboteert, ons normale leven hindert of mensen omkoopt om kwaad te doen, we moeten foto’s en authentieke video-opnames maken, en zorgvuldig tijd, plaats en betrokkenen registreren. Wanneer de tijd rijp is, dan lossen we het via juridische weg op en hoeven we er niet bang voor te zijn. Hoe krankzinnig de onderdrukking door de grote rode draak ook is, we zijn er niet bang voor, want God is onze steun. Op een dag zal God rampen zenden om hem te vernietigen en hem rechtstreeks vergelden – wij hoeven niets te doen. Soms kunnen jullie een kwestie niet doorgronden. Rapporteer die dan snel aan de Boven. De Boven zal jullie een pad wijzen, zodat grote problemen klein worden en kleine problemen verdwijnen. In feite weten jullie bij veel kwesties niet hoe je ze moet analyseren en kunnen jullie de essentie ervan niet doorgronden, en denken jullie dat een situatie zwaarwegend en ernstig is, maar na analyse door de Boven zullen jullie beseffen dat het in wezen niets voorstelt; niets om bang voor te zijn en niets wezenlijks. Hanteer dan gewoon een afwachtende houding; na verloop van tijd loopt het vanzelf dood. De verstoringen van kwade machten kunnen geen grote opschudding veroorzaken; ze zijn bovenal bang voor publieke openbaarmaking en durven daarom geen grenzen te overschrijden. En als een paar hansworsten dat toch doen, kunnen we het langs juridische weg aanpakken en rechtsmiddelen inzetten. Dit is iets wat alle leiders en werkers zouden moeten doorzien. Welke situatie je ook tegenkomt: handel beslist niet verward of dom. Als je een situatie niet kunt doorgronden of aanpakken, moet je die onmiddellijk aan de Boven rapporteren en je door de Boven laten adviseren over de aanpak en strategie. Wat werkelijk zorgen baart, is dit: valse leiders doorzien kwesties niet of kunnen ze niet aan, en toch rapporteren ze niet aan de Boven of informeren ze de Boven niet. Ze wachten tot de zaak escaleert en het werk vertraging oploopt, en pas dan rapporteren ze, waarbij de beste kans om het probleem aan te pakken vaak al verkeken is. Dat lijkt op iemand met kanker die niet op tijd onderzoek of behandeling zoekt en pas in een laat stadium naar het ziekenhuis gaat; dan is het te laat en rest alleen wachten op de dood. Daarom hebben valse leiders de grootste kans om zaken in hun werk te vertragen. Valse leiders zijn zwakzinnig, het zijn schurken die geen verantwoordelijkheid nemen en het werk van Gods huis niet beschermen. Waarom noemen we valse leiders uitschot, onheilsboden, idioten die het meest verstoken zijn van verstand? Precies om deze reden. Elke valse leider met zo’n pover kaliber dat hij niet eens externe aangelegenheden kan afhandelen, moet onmiddellijk worden ontheven en geëlimineerd, en niet langer worden ingezet, om verdere vertraging aan het werk van Gods huis te voorkomen. Het werk van valse leiders werkt het meest belemmerend. Vaak kan een probleem, zodra het zich aandient, via tijdig overleg met iedereen worden opgelost; de enige zorg is dat de valse leider die aan het roer staat zwakzinnig is, dat hij het zelf niet kan oplossen en het toch niet bespreekt met de besluitvormingsgroep en niet rapporteert aan de Boven. In plaats daarvan kiest hij voor nalatigheid: het probleem verdoezelen en onderdrukken – en dát veroorzaakt de grootste vertraging. Als de kwestie wordt vertraagd en de omstandigheden veranderen, kan dit ertoe leiden dat je het initiatief bij de aanpak van het probleem verliest en in een passieve positie belandt. Wat bewijst dit? Sommige zaken dulden geen uitstel en moeten tijdig, bij de eerste gelegenheid, worden aangepakt. Valse leiders zijn zich hier echter niet van bewust; mensen met een extreem pover kaliber mogen dan ook beslist geen leiding geven. Valse leiders kunnen alleen wat woorden en doctrines spuien en lossen geen enkel daadwerkelijk probleem op; ze schaden alleen maar mensen of veroorzaken vertragingen. Alleen door deze valse leiders te ontheffen en mensen met een last en verantwoordelijkheidsbesef te kiezen als leiders en werkers, kan het werk van de kerk normaal vorderen. Welke problemen je ook tegenkomt, zolang je de waarheid kunt zoeken, is er een manier om ze op te lossen. Externe aangelegenheden en verstoringen veroorzaakt door de grote rode draak kunnen, indien nodig, langs juridische weg worden opgelost, dat is niets ernstigs. Zolang we de wet niet overtreden of overheidsvoorschriften schenden, kan niemand ons iets aandoen, en met dit vertrouwen hoeven we geen enkele verstoring van Satan of duivels te vrezen.
Nu moeten we de kwestie van valse leiders ontleden en begrijpen. Dit is van cruciaal belang om het werk van de kerk goed uit te voeren! Laten we nu communiceren over waarom valse leiders, wanneer ze geconfronteerd worden met kwesties die ze zelf niet kunnen oplossen, die toch niet aan de Boven rapporteren. Hoe moeten we dit zien? Jullie kunnen dit allemaal analyseren en er profijt van hebben. Het probleem dat valse leiders geen daadwerkelijk werk doen is al ernstig, maar er is een nog ernstiger probleem: wanneer de kerk te maken krijgt met verstoringen door kwaadaardige mensen en antichristen, pakken valse leiders dit niet alleen niet aan; wat nog erger is, is dat ze het ook nalaten om dit aan de Boven te rapporteren, en kwaadaardige mensen en antichristen de kerk laten verstoren – ze kijken veilig vanaf de zijlijn toe om niemand voor het hoofd te stoten. In welke mate het werk van de kerk ook wordt verstoord, het kan valse leiders niet schelen. Wat is hier het probleem? Ontbreekt het zulke valse leiders niet te zeer aan moraal? Dit feit alleen al is genoeg reden om zulke valse leiders te verdrijven. Dat valse leiders kwaadaardige mensen en antichristen vrij spel geven om de kerk te verstoren, staat gelijk aan het overleveren van de kerk en Gods uitverkorenen aan deze kwaadaardige mensen en antichristen, waarbij ze als schild voor hen fungeren. Dit brengt het werk van de kerk te grote schade toe! Alleen al op dit punt is de vraag niet of valse leiders moeten worden ontheven, maar of ze moeten worden verwijderd. Wat is ernstiger van aard: valse leiders die geen daadwerkelijk werk doen of valse leiders die kwaadaardige mensen en antichristen de kerk laten verstoren? Geen daadwerkelijk werk doen kan de ingang in het leven van Gods uitverkorenen en de voortgang van het kerkwerk beïnvloeden; dat veroorzaakt al vertraging in belangrijke zaken. Maar wanneer valse leiders kwaadaardige mensen en antichristen willekeurig de kerk laten verstoren, zonder naar een oplossing te zoeken of het aan de Boven te rapporteren, zijn de gevolgen niet te overzien. Op zijn minst wordt het kerkelijke leven door kwaadaardige mensen en antichristen in volledige chaos en wanorde gestort, en bovendien wordt het werk van de kerk verprutst en verlamd. Tast dit niet rechtstreeks de verspreiding van het evangeliewerk aan? De gevolgen zijn inderdaad ernstig! Daarom moeten valse leiders die deze fout maken, worden verdreven. Veel leiders en werkers hebben altijd een afwijkende mening en opvatting over het rapporteren van kwesties aan de Boven. Sommigen zeggen: “Zelfs het rapporteren van kwesties aan de Boven lost ze misschien niet op.” Dit is absurde praat! Wat bedoel je met ‘lost ze misschien niet op’? Dat jij het niet kunt oplossen, betekent niet dat de Boven het niet kan. Als de Boven je een pad wijst, is het probleem in werkelijkheid in wezen opgelost; als de Boven geen pad biedt, blijf jij zonder een pad achter. Je kunt zelfs deze kleine kwestie niet doorzien; je bent te arrogant en zelfgenoegzaam! Sommigen zeggen ook: “Wanneer we moeilijkheden of problemen ondervinden, moeten we eerst een paar dagen nadenken en het pas rapporteren als we echt geen oplossing kunnen vinden.” Het klinkt misschien alsof degenen die dit zeggen mensen met verstand zijn, maar is het niet waarschijnlijk dat deze dagen van nadenken voor vertraging zullen zorgen? Kun je er zeker van zijn dat een paar dagen nadenken de kwestie zal oplossen? Kun je garanderen dat het geen verdere vertraging zal veroorzaken? Anderen zeggen: “Als we een kwestie meteen rapporteren, zal de Boven dan niet denken dat we zelfs deze kleine kwestie niet kunnen doorzien? Zal de Boven ons niet dwaas en onwetend noemen en ons snoeien?” Ze hebben het mis als ze dit zeggen – of je de kwestie nu rapporteert of niet, de kwaliteit van je kaliber is al duidelijk; de Boven weet het allemaal. Denk je dat de Boven je hoog zal achten als je een kwestie niet rapporteert? Als je de kwestie wel rapporteert en het geen vertraging heeft veroorzaakt in belangrijke zaken, zal Gods huis je niet ter verantwoording roepen. Maar als je het niet rapporteert en het leidt tot vertragingen, dan word je direct verantwoordelijk gehouden en onmiddellijk ontheven – en nooit meer ingezet. Gods uitverkorenen zullen je ook als onwetend, dwaas, zwakzinnig en geestelijk gestoord zien, en ze zullen je haten en voor altijd verachten. Degenen die altijd bang zijn om gesnoeid of door de Boven geminacht te worden voor het rapporteren van problemen, zijn van pover kaliber en de grootste dwazen; ze moeten worden ontheven, om nooit meer te worden ingezet. Zo’n pover kaliber hebben en toch je gezicht willen redden – is dat niet volkomen schaamteloos? Zeg Mij, zijn valse leiders, die niet alleen hun werk slecht doen, maar ook vertraging veroorzaken in belangrijke zaken, niet verwerpelijk? Moeten ze uit hun functie worden ontheven? (Ja.) Als ze geconfronteerd worden met een belangrijke kwestie en die tijdig kunnen rapporteren zonder vertragingen of ernstige gevolgen te veroorzaken, hoe moeten zulke leiders dan worden beoordeeld? Ze worden op zijn minst beschouwd als mensen met verstand en in staat om het werk van de kerk te beschermen. Moeten zulke leiders in dienst blijven? (Ja.) Alleen de meest zwakzinnige leiders zouden nalaten om kwesties te rapporteren uit angst om gesnoeid te worden. Kunnen zulke leiders in de toekomst nog worden ingezet? Ik denk dat ze niet meer kunnen worden ingezet, omdat hen inzetten te veel vertraging veroorzaakt. Inmiddels zouden jullie allemaal dit soort problemen moeten kunnen doorzien, toch? Wanneer je problemen tegenkomt die je niet kunt aanpakken, rapporteer ze dan snel en communiceer met de besluitvormingsgroep om tot oplossingen te komen. Als de besluitvormingsgroep ze niet kan aanpakken, rapporteer ze dan onmiddellijk aan de Boven; maak je geen zorgen over dit of dat, het tijdig kunnen oplossen van de kwestie is het belangrijkst. Het zojuist genoemde voorbeeld komt in alle kerken voor; deze moeilijkheden en problemen zullen opduiken. Vergeleken met sommige interne moeilijkheden van de kerk brengen deze externe kwesties ernstiger gevolgen met zich mee. De moeilijkheidsgraad van externe kwesties is dus wat groter dan die van de interne kwesties van de kerk. Als jullie met externe kwesties worden geconfronteerd, moeten jullie die snel oplossen door overleg of ze aan de Boven rapporteren; dit is essentieel. Alleen door op deze manier te praktiseren kan de normale voortgang van het kerkelijke werk worden gewaarborgd en kan worden gegarandeerd dat de verspreiding van het evangelie van het koninkrijk niet wordt belemmerd. Dat is alles voor onze communicatie over de principes voor het aanpakken van de externe kwesties van de kerk.
In elke kerk zijn er enkele mensen met een pover kaliber. Zij ondervinden altijd moeilijkheden bij het vervullen van hun plichten en kunnen, hoe over de waarheid ook met hen wordt gecommuniceerd, geen beoefeningsprincipes vinden; ze passen slechts blindelings regels toe zonder enig werkelijk effect. In dergelijke gevallen moeten de plichtstoewijzingen van deze mensen worden aangepast. Deze aanpassing is de herverdeling van personeel. Er is bijvoorbeeld iemand die een belangrijke taak krijgt toegewezen, maar die enkele problemen in zijn werk heeft die niet kunnen worden opgelost, hoe je ook met hem communiceert. Je kunt de essentie van het probleem niet doorgronden en evenmin bepalen of deze persoon nog inzetbaar is, en observatie of verdere communicatie levert ook geen resultaten op. Hoewel deze persoon niet al te veel vertraging in het werk veroorzaakt, worden de kritieke kwesties nooit opgelost, wat je altijd een enigszins onrustig gevoel geeft. Wat moet je doen wanneer je hiermee wordt geconfronteerd? Dit is een cruciale kwestie. Als je het zelf niet kunt oplossen, moet je het ter sprake brengen tijdens een bijeenkomst van leiders en werkers voor communicatie, ontleding en analyse. Als er uiteindelijk een consensus kan worden bereikt, zal het probleem worden opgelost. Als het probleem op deze manier niet wordt opgelost en het aansleept, kan het dan vertraging veroorzaken in belangrijke zaken? Als dat zou kunnen, dan moet je het zo snel mogelijk aan de Boven rapporteren en een oplossing zoeken. Kortom, welke verwarring of moeilijkheden je ook in je werk ondervindt, zolang ze Gods uitverkorenen kunnen beïnvloeden bij het vervullen van hun plichten of de normale voortgang van het kerkelijke werk kunnen belemmeren, moeten de kwesties tijdig worden opgelost. Als je een kwestie niet alleen kunt oplossen, moet je een paar mensen die de waarheid begrijpen erbij betrekken om het op te lossen. Als zelfs dit niet werkt, dan moet je de kwestie aankaarten en aan de Boven rapporteren om een oplossing te zoeken. Dit is de verantwoordelijkheid en verplichting van leiders en werkers. Leiders en werkers moeten alle moeilijkheden of verwarring die ze ondervinden serieus nemen, en niet zomaar wat woorden en doctrines prediken, leuzen roepen om de broeders en zusters aan te vuren, of hen snoeien en het dan als afgedaan beschouwen nadat ze problemen of moeilijkheden hebben ontdekt. Soms kan het prediken van woorden en doctrines enkele oppervlakkige problemen oplossen, maar uiteindelijk kan het de kernproblemen niet oplossen. Kwesties die te maken hebben met de kern, met verdorven gezindheden, en met de opvattingen en verbeeldingen van mensen, moeten worden opgelost door communicatie over de waarheid op basis van Gods woorden. Daarnaast zijn er ook de individuele moeilijkheden van mensen, kwesties die te maken hebben met de omgeving en problemen in verband met de vakkennis die nodig is voor het vervullen van plichten; al deze praktische kwesties vereisen oplossingen door leiders en werkers. Onder deze kwesties kunnen alle verwarring en moeilijkheden die leiders en werkers niet kunnen oplossen ofwel ter sprake worden gebracht tijdens een bijeenkomst van leiders en werkers voor ontleding, analyse en oplossing, ofwel direct aan de Boven worden gerapporteerd om de waarheid te zoeken voor een oplossing. Dit wordt daadwerkelijk werk doen genoemd, en alleen door zich op deze manier te oefenen in daadwerkelijk werk doen, kan iemands gestalte groeien en kan hij zijn plichten goed vervullen. Leiders en werkers zullen, zolang ze een gevoel van verantwoordelijkheid hebben, op elk moment en op elke plaats problemen identificeren; er zijn elke dag problemen die ze zouden moeten oplossen. Ik noemde bijvoorbeeld zojuist een voorval waarbij iemand vroeg of je in Almachtige God gelooft, en jullie waren allemaal verbijsterd. Aanvankelijk verklaarde iedereen dat ze ‘ja’ zouden antwoorden, maar later zeiden sommigen dat dit niet de juiste reactie was, en anderen zeiden dat ze het niet wisten; er waren allerlei reacties. Uiteindelijk waren ook de leiders en werkers verbijsterd en dachten: ‘nee’ zeggen op de vraag of je in Almachtige God gelooft, zou betekenen dat je God verloochent ten overstaan van anderen, en dan zou God ons niet erkennen – maar wat zouden de gevolgen zijn van ‘ja’ zeggen op de vraag of je in Almachtige God gelooft? Beide keuzes lijken onjuist. De leiders en werkers wisten niet hoe ze dit moesten oplossen en konden geen beslissing nemen; dus wanneer de broeders en zusters opnieuw met dergelijke situaties te maken krijgen, zullen ze nog steeds niet beschikken over de juiste zienswijzen en houdingen, en zal het probleem onopgelost blijven. Dit betekent dat de leiders en werkers hun verantwoordelijkheden niet hebben vervuld – ze hebben hun verantwoordelijkheden verzaakt. Het verzaken van je verantwoordelijkheden is een probleem van bekwaamheid en kaliber, maar wanneer dergelijke kwesties zich voordoen, wat moet je dan doen als je weet dat ze niet zijn opgelost? Je moet ze niet negeren of de zaak onderdrukken om die te laten bekoelen, en iedereen vrij laten handelen en doen wat hem goeddunkt. In plaats daarvan moet je het aan de Boven rapporteren en zoeken naar de juiste handelingen en het juiste beoefeningspad om in dergelijke situaties te volgen. Uiteindelijk moet iedereen duidelijk worden gemaakt wat Gods bedoelingen zijn in deze situaties, welke principes mensen moeten naleven en welke houdingen en standpunten ze moeten aannemen. Wanneer ze in de toekomst opnieuw met dergelijke situaties worden geconfronteerd, zullen zij de waarheidsprincipes begrijpen en een beoefeningspad hebben. Op deze manier vervullen leiders en werkers hun verantwoordelijkheden. Dus waarom zeiden jullie allemaal aanvankelijk dat jullie ‘ja’ zouden antwoorden wanneer aan jullie werd gevraagd of jullie in Almachtige God geloven? Hier is een reden voor: leiders en werkers hebben nooit met jullie gecommuniceerd over hoe zulke kwesties opgelost moeten worden. Ze beschouwen dit als kleine zaken waarbij ieder het op zijn eigen manier begrijpt en naar eigen inzicht praktiseert. Daarom waren er allerlei reacties, toen jullie deze vraag werd gesteld. Hebben jullie nu dus een conclusie bereikt over deze kwestie? Wat moet je doen als iemand je vraagt of je in Almachtige God gelooft? Vraag eerst wie hij is. Vraag ten tweede of hij zich kan legitimeren. Als hij je om andere persoonlijke informatie vraagt, geef dan geen antwoord. Zelfs als hij zich legitimeert, vertel het hem dan niet, want dit valt onder je persoonlijke privacy. Hoeveel jaar je in God hebt geloofd, wie het evangelie aan je heeft gepredikt, waar je je plichten hebt vervuld, hoe sterk je geloof is, hoe je je toekomstige pad kiest, hoe je de waarheid nastreeft en verkrijgt – deze zaken zijn te kostbaar voor ons om zomaar aan een vreemde bekend te maken. Hij heeft het recht niet om naar zulke belangrijke informatie te vragen. Als leiders en werkers zulke kwesties niet kunnen oplossen, moeten ze die tijdig aan de Boven rapporteren om oplossingen te zoeken en te vragen naar gepaste manieren om te reageren. De Boven zal je niet uitlachen; hoogstens zal die zeggen dat je erg dwaas bent. Hoe dan ook, het kunnen oplossen van het probleem is het beste resultaat.
Vandaag hebben we, met betrekking tot de achtste verantwoordelijkheid van leiders en werkers – het tijdig rapporteren en zoeken naar een oplossing voor de verwarring en moeilijkheden die in het werk worden ondervonden – voornamelijk gecommuniceerd over wat verwarring en moeilijkheden inhouden, en hoe leiders en werkers deze kwesties moeten aanpakken en oplossen wanneer ze ermee worden geconfronteerd, en hoe ze deze zaken moeten benaderen. Wat betreft de uitingen van valse leiders wanneer zij deze kwesties tegenkomen, dat deel zullen we in de volgende communicatie behandelen.
27 maart 2021
Rampen zoals oorlogen en pandemieën komen vaak voor over de hele wereld. Hoe kunnen we de terugkeer van de Heer verwelkomen en Gods bescherming krijgen tijdens rampen? Neem deel aan onze gebedsbijeenkomst om de weg te vinden.
Aanbevolen video: https://nl.kingdomsalvation.org/video-category/Almighty-God-word.html...