De app van De Kerk van Almachtige God

Luister naar Gods stem en verwelkom de wederkomst van Heer Jezus!

We nodigen alle zoekers van de waarheid uit om contact met ons op te nemen.

Klassieke woorden van Almachtige God, Christus van de laatste dagen

Effen kleuren

Thema's

Lettertype

Lettergrootte

Regelruimte

Paginabreedte

0 zoekresultaten

Geen resultaten gevonden

XI Klassieke woorden over het binnengaan van de werkelijkheid van de waarheid

(XV) Woorden over God dienen en van Hem getuigen

192. De mens verstaat onder werk overal heengaan voor God, in alle plaatsen prediken en zich uitputten voor God. Die opvatting klopt wel, maar is te eenzijdig. God vraagt van de mens namelijk niet alleen overal voor God heen te reizen, het gaat meer om de bediening en zorg in de geest. Veel broeders en zusters hebben zelfs na zoveel jaar ervaring nooit over werken voor God nagedacht. Mensen kijken namelijk heel anders tegen werk aan dan wat God van ze vraagt. De mens heeft dan ook geen enkele interesse in de kwestie van werk. Daarom is de intrede van de mens ook zo eenzijdig. Het binnengaan zou voor jullie allemaal moeten beginnen met werken voor God, zodat jullie alle aspecten ervan beter kunnen ervaren. Daar moeten jullie in opgaan. Werk betekent niet heen en weer rennen voor God, het gaat om de vraag of het leven van de mens en het leven dat hij naleeft God behaagt. Werk verwijst naar de trouw die mensen aan God betonen en de kennis die zij van God hebben om van God te getuigen en anderen te dienen. Dit is de verantwoordelijkheid van de mens en wat alle mensen dienen te beseffen. Met andere woorden: jullie intrede is jullie werk. Jullie proberen binnen te gaan tijdens jullie werk voor God. God ervaren is niet alleen van Zijn woord kunnen eten en drinken. Wat nog belangrijker is: jullie moeten van God kunnen getuigen, God dienen, anderen dienen en voor hen zorgen. Dit is werk en ook jullie intrede. Dit is wat ieder mens dient te verwezenlijken. Er zijn er velen die zich alleen richten op overal naartoe reizen voor God en prediken op alle plaatsen. Toch zien ze hun persoonlijke ervaring over het hoofd en verwaarlozen ze hun intrede in het geestelijke leven. Daardoor worden zij die God dienen zij die God weerstaan.

uit ‘Werk en intrede (2)’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

193. Diegenen die kerken kunnen leiden, mensen van leven voorzien en een apostel zijn voor de mensen, moeten werkelijke ervaringen hebben en een correct begrip van spirituele dingen, een correcte waardering en ervaring van de waarheid. Alleen zulke mannen zijn geschikt om werkers of apostelen te zijn die de kerken leiden. Anders kunnen zij enkel volgen als de minsten en kunnen zij niet leiden, laat staan een apostel zijn die in staat is mensen van leven te voorzien. Dit komt doordat de functie van apostelen niet is om te rennen of te vechten; het is om leven te dienen en veranderingen te brengen in de gezindheid van mensen. Het is een functie die wordt uitgevoerd door diegenen aan wie is opgedragen zware verantwoordelijkheden te dragen en niet iets dat iedereen kan doen. Dit soort werk kan enkel worden ondernomen door diegenen met een wezen dat leeft, namelijk diegenen die de waarheid hebben ervaren. Het kan niet worden ondernomen door iedereen die op kan geven, kan rennen of bereid is uit te geven; mensen die geen ervaring hebben met de waarheid, die niet zijn gesnoeid of geoordeeld, zijn niet in staat om dit type werk te doen. Mensen zonder ervaring, namelijk mensen zonder realiteit, zijn niet in staat om de realiteit duidelijk te zien, omdat zij zelf in dit aspect geen wezen bezitten. Dus dit type persoon is niet alleen niet in staat leiderschapswerk te doen, maar zal worden geëlimineerd als zij langere tijd geen waarheid hebben.

uit ‘Gods werk en het werk van de mens’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

194. Om God te kunnen dienen volgens Zijn wil, is het belangrijk allereerst te begrijpen in welk soort mensen God vreugde vindt en welk soort God verafschuwt, welk soort mensen God vervolmaakt, en welk soort mensen toegerust zijn om God te dienen. Dit moeten jullie je in ieder geval eigen maken. Verder is het belangrijk dat jullie inzien wat het doel van Gods werk is en welk werk God in het hier en nu gaat doen. Als jullie dat eenmaal begrijpen, kunnen jullie geleid door Zijn woorden binnentreden en de opdracht op je nemen die God aan jullie toevertrouwt. Als jullie Gods woorden eenmaal in de praktijk hebben ervaren en Gods werk werkelijk begrijpen, zijn jullie toegerust om Hem te dienen. En terwijl jullie Hem dienen, opent Hij de ogen van jullie geest, zodat jullie een nog duidelijker en beter begrip van Zijn werk krijgen. Als je binnengaat in die werkelijkheid, wordt je ervaring nog diepgaander en echter. Ieder van jullie die dat heeft ervaren, kan zich door alle kerken heen bewegen om zijn broeders en zusters te ondersteunen, waarbij iedere kant gebruik maakt van de kracht van de ander om de eigen tekortkomingen te compenseren en een dieper inzicht te vinden in jullie geesten. Pas als jullie dit hebben bereikt, kunnen jullie God dienen volgens Zijn wil en door Hem te dienen vervolmaakt worden.

uit ‘Hoe te dienen in harmonie met Gods wil’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

195. Mensen die God dienen, moeten Gods vertrouweling zijn. Ze moeten mensen zijn in wie God vreugde vindt en die God onvoorwaardelijk trouw blijven. Of je nu handelt achter de rug van anderen of in hun zicht, altijd kan God Zich in je verheugen en je blijft altijd overeind onder Zijn blik. En ongeacht hoe mensen je behandelen, je blijft altijd je eigen pad gaan en houdt de last van God steeds in gedachten. Dan pas kun je je een vertrouweling van God noemen. Vertrouwelingen van God kunnen Hem rechtstreeks dienen omdat God hen een belangrijke opdracht heeft gegeven en hen Zijn last te dragen geeft. Gods hart is hun hart, Zijn last is hun last. Ze denken niet aan succes of falen, zelfs als ze niets bereiken en uiteindelijk met lege handen staan, blijven ze in God geloven met een hart vol liefde. Daarom zijn zulke mensen Gods vertrouwelingen. Gods vertrouwelingen zijn ook Zijn deelgenoten. Alleen Gods vertrouwelingen kunnen Zijn rusteloosheid en Zijn verlangens delen. Hun vlees is pijnlijk en zwak, maar om God te behagen laten ze wat hen lief is achter zich en dulden ze de pijn. God geeft zulke mensen een extra zware last te dragen, en in hen drukt Hij uit wat Hij wil doen. Daarom vindt Hij vreugde in zulke mensen en kunnen zij Hem dienen volgens Zijn wil. Alleen zij kunnen samen met Hem heersen. Het moment dat je werkelijk een vertrouweling van God wordt, is juist het moment dat je samen met Hem mag heersen.

uit ‘Hoe te dienen in harmonie met Gods wil’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

196. De reden dat Jezus de opdracht die God Hem had gesteld – de verlossing van de mensheid – kon volbrengen, is dat Hij nooit Zijn eigen plan trok, maar altijd Gods wil als leidraad nam. Hij was ook de vertrouweling die jullie het beste kennen – God Zelf, zoals jullie allemaal goed begrijpen (Feitelijk was Hij God Zelf, zoals God heeft getuigd – ik noem Jezus hier als voorbeeld om deze kwestie uit te leggen.) Hij kon Gods managementplannen als uitgangspunt nemen en bad steeds tot Zijn hemelse Vader om te vragen wat Zijn wil was. “Vader!” bad Hij. “Wat uw wil is, volbrengt u. Ga niet uit van mijn bedoelingen, volg uw eigen plan. De mensen zijn zwak, maar waarom zou u Zich om hen bekommeren? Hoe kunnen mensen, die als mieren in uw hand zijn, uw zorg waard zijn? Mijn enige wens in mijn hart is dat ik uw wil kan uitvoeren, dat u met mij kunt doen wat u wilt doen volgens uw eigen bedoelingen.” Toen Jezus op weg was naar Jeruzalem, deed Zijn hart pijn alsof er een mes in werd omgedraaid, maar Hij overwoog geen moment om Zijn belofte te breken. Een sterke kracht dreef Hem onophoudelijk voort naar de plek waar Hij aan het kruis zou worden genageld. Uiteindelijk werd Hij gekruisigd en werd Hij het symbool van een zondig lichaam. Daarmee volbracht Hij Zijn werk, de verlossing van de mensheid. Hij ontsteeg de greep van de dood en het dodenrijk: voor Zijn aangezicht verloren de dood, de hel en het dodenrijk hun macht en werden ze door Hem overwonnen. In de drieëndertig jaar dat Jezus leefde, deed Hij steeds Zijn best om Gods wil te behagen in overeenkomst met Gods werk op dat moment. Hij dacht nooit aan persoonlijk succes of falen, maar volgde in al Zijn plannen de wil van Zijn Hemelse Vader. Daarom zei God, nadat Jezus gedoopt was: “Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde.” Omdat Jezus God voor Zijn aangezicht diende volgens Zijn wil, legde God de zware last van het verlossen van de mensheid op Jezus' schouders en stuurde Hem op weg om deze taak te volbrengen. Jezus was toegerust op deze zware taak en had het recht hem te vervullen. Zijn hele leven leed Hij onvoorstelbaar veel voor God en werd Hij ontelbaar vaak door Satan op de proef gesteld, maar nooit verloor Hij de moed. God gaf Jezus deze zware taak juist omdat Hij Hem vertrouwde en liefhad. Daarom zei Hij persoonlijk: “Dit is mijn geliefde Zoon, in hem vind ik vreugde.” Alleen Jezus kon, in die tijd, deze opdracht volbrengen. Dit was een deel van de waarheid dat God door Zijn werk de mensheid zou verlossen in het Tijdperk van Genade.

Als jullie net als Jezus Gods last in gedachten houden en jullie vlees verzaken, zal God jullie een belangrijke taak toevertrouwen, zodat jullie kunnen voldoen aan de voorwaarden om God te dienen. Dan pas mag je stellen dat jullie Gods wil doen en Zijn opdracht volbrengen. Dan pas kun je zeggen dat jullie God werkelijk dienen.

uit ‘Hoe te dienen in harmonie met Gods wil’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

197. Je moet inzicht hebben in de vele gesteldheden waar mensen zich in bevinden wanneer de Heilige Geest in hen werkt. Vooral degenen die samenwerken in het dienen van God, moeten een bijzonder begrip hebben van de vele gesteldheden als gevolg van het werk dat de Heilige Geest in mensen verricht. Als je alleen maar over talrijke ervaringen praat en over de vele manieren om binnen te gaan, toont dit aan dat jouw ervaring te eenzijdig is. Zonder je werkelijke gesteldheid te kennen of de principes van de waarheid te begrijpen, is het niet mogelijk om een wijziging in gezindheid te bewerkstelligen. Zonder de principes van het werk van de Heilige Geest te kennen of de vrucht die dit draagt te begrijpen, zal het moeilijk zijn om het werk van kwade geesten te doorzien. Je moet het werk van kwade geesten en de opvattingen van mensen blootleggen en direct tot de kern van het probleem komen; je moet ook de vele ontsporingen in de activiteiten van mensen of problemen met het geloof in God aanwijzen zodat zij deze kunnen herkennen. Zorg er in ieder geval voor dat zij zich niet negatief of passief voelen. Je moet echter inzicht hebben in de moeilijkheden waar de meeste mensen objectief mee kampen en niet onredelijk zijn of ‘proberen een varken te leren zingen’; dat is dwaas gedrag. Om de talrijke moeilijkheden van mensen op te lossen, moet je de dynamiek van het werk van de Heilige Geest begrijpen en inzicht hebben in hoe de Heilige Geest in verschillende mensen werkt; je moet begrip hebben van de moeilijkheden van mensen, de tekortkomingen van mensen, de hoofdzaken van het probleem doorzien en tot de kern van het probleem komen, zonder afwijkingen of dwalingen. Alleen een persoon met deze kwaliteiten is geschikt om samen te werken in het dienen van God.

uit ‘Waarmee een geschikte herder moet zijn toegerust’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

198. Kerkleiders en -werkers moeten bij hun werk goed letten op twee dingen: Ten eerste moeten ze hun werk precies volgens de werkregelingen doen, zich altijd aan deze principes houden en hun werk nooit baseren op hun eigen verbeelding of bedoelingen. Bij alles wat ze doen, zouden ze met het werk van Gods familie rekening moeten houden en het belang ervan voorop moeten stellen. Dan is er nog dat andere belangrijke ding en dat is dat ze bij alles wat ze doen zich moeten richten op het volgen van de leiding van de Heilige Geest en alles strikt volgens het woord van God moeten doen. Als jij nog steeds tegen de leiding van de Heilige Geest in kunt gaan, of als je koppig je eigen ideeën volgt en de dingen naar je eigen verbeelding doet, dan is er bij jouw handelingen sprake van zeer ernstig verzet tegen God. Het zal op niets uitlopen wanneer je regelmatig de verlichting en leiding van de Heilige Geest de rug toekeert. Als je het werk van de Heilige Geest kwijtraakt, zul je niet kunnen werken en zelfs als het je lukt om te werken, zul je niets bereiken. Je moet je aan twee belangrijke principes houden als je aan het werk bent: Het ene is dat je het werk precies volgens regelingen van boven moet doen en dat je moet handelen volgens de principes die door boven zijn uitgevaardigd. Het tweede punt is dat je de leiding van de Heilige Geest van binnenuit moet volgen. Als je deze twee punten begrijpt, zul je niet makkelijk fouten maken.

uit ‘De belangrijkste principes van hoe leiders en werkers te werk gaan’ in ‘Verslagen van de gesprekken van Christus’

199. Het werk van een gekwalificeerde werker kan mensen op de juiste weg helpen en hen helpen dieper de waarheid in te duiken. Het werk dat hij doet kan mensen voor God brengen. Daarnaast kan het werk dat hij doet variëren van persoon tot persoon en is het niet gebonden aan regels, waardoor mensen vrijlating en vrijheid kunnen ontvangen. Bovendien kunnen zij geleidelijk groeien in het leven en geleidelijk dieper gaan in de waarheid. Het werk van een ongeschikte werker schiet flink tekort; zijn werk is dwaas. Hij kan mensen alleen naar regels leiden. Wat hij vraagt van mensen varieert niet van persoon tot persoon; hij werkt niet in overeenstemming met de werkelijke noden van de mensen. In dit type werk zijn er te veel regels en te veel doctrines. Het kan mensen niet in de realiteit brengen of in de normale praktijk van groei in het leven. Het kan mensen enkel in staat stellen om te steunen op een paar waardeloze regels. Dergelijke leiding kan mensen alleen maar naar het verkeerde pad leiden. Hij leidt je om te worden hoe hij zelf is; hij kan je brengen naar wat hij heeft en is.

uit ‘Gods werk en het werk van de mens’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

200. Wat is het grootste taboe in het dienen van God door de mens? Weten jullie dat? Degenen die als leiders dienen willen altijd vindingrijker zijn, altijd met kop en schouders boven de rest uitsteken en nieuwe trucjes bedenken zodat God kan zien hoe capabel ze werkelijk zijn. Ze focussen zich echter niet op het begrijpen van de waarheid en het binnengaan in de werkelijkheid van Gods woord. Ze willen altijd opscheppen. Is dit niet precies de openbaring van hun arrogante natuur? Sommigen zeggen zelfs: “Ik weet zeker dat God heel blij is met wat ik doe; Hij zal het echt geweldig vinden. Deze keer laat ik het God zien, ik zal Hem eens prettig verrassen.” Als gevolg van deze verrassing verliezen ze het werk van de Heilige Geest en worden ze door God geëlimineerd. Doe niet overhaast alles wat er maar in je opkomt. Hoe kan het in orde zijn als je niet nadenkt over de gevolgen van je handelingen? Als je Gods gezindheid beledigt, tegen Zijn bestuurlijke decreten zondigt en vervolgens geëlimineerd wordt, dan is er niets meer te zeggen. Wat je bedoeling ook is, of je het nu wel of niet opzettelijk doet, als je Gods gezindheid niet begrijpt of Gods wil niet begrijpt, beledig je God gemakkelijk en zondig je gemakkelijk tegen Zijn bestuurlijke decreten. Hier moet iedereen op bedacht zijn. Als je eenmaal ernstig hebt gezondigd tegen Gods bestuurlijke decreten en Gods gezindheid hebt beledigd, weegt God niet af of je dit met opzet hebt gedaan, of niet. Dit moet je duidelijk zien. Als je deze kwestie niet kunt begrijpen, dan heb je gegarandeerd een probleem. Bij het dienen van God willen mensen grote stappen zetten, grootse dingen doen, grote woorden spreken, groots werk verrichten, enorme boeken drukken, grote vergaderingen houden en grote leiders zijn. Als je altijd grote ambities hebt, dan zondig je tegen Gods grootse bestuurlijke decreten. Zulke mensen sterven snel. Als je niet oprecht, vroom en voorzichtig bent in het dienen van God zul je vroeg of laat Gods bestuurlijke decreten beledigen.

uit ‘Zonder de waarheid is het eenvoudig God te beledigen’ in ‘Verslagen van de gesprekken van Christus’

201. God dienen is geen eenvoudige taak. Degenen met een verdorven gezindheid blijven onveranderd en kunnen God nooit dienen. Als jouw gezindheid niet door Gods woord is geoordeeld en getuchtigd, vertegenwoordigt jouw gezindheid nog steeds Satan. Dit is voldoende om te bewijzen dat je God dient vanuit je eigen goede intentie. Dit is dienst die gebaseerd is op je satanische natuur. Je dient God met je natuurlijke karakter en volgens je persoonlijke voorkeuren, sterker nog, je blijft maar denken dat God zich verheugt in alles wat je maar wilt doen en alles haat wat je niet wilt doen, en je wordt in je werk geheel geleid door je eigen voorkeuren. Kan dit God dienen worden genoemd? Uiteindelijk zal de gezindheid van je leven er geen jota mee veranderen; in tegendeel, je zult nog koppiger worden omdat je God hebt gediend, en hierdoor raakt je verdorven gezindheid nog dieper geworteld. Op deze manier zul je van binnen regels over het dienen van God ontwikkelen die hoofdzakelijk zijn gebaseerd op je eigen karakter en de ervaring die je opdoet met het dienen volgens je eigen gezindheid. Deze les kan worden getrokken uit de menselijke ervaring. Het is de levensfilosofie van de mens. Zulke mensen behoren tot de Farizeeën en de religieuze functionarissen. Wanneer zij niet op een gegeven moment wakker worden en berouw tonen, zullen zij uiteindelijk de valse Christussen worden die in de laatste dagen zullen verschijnen, en ze zullen de bedriegers van de mensen worden. De valse Christussen en bedriegers waarover is gesproken zullen voortkomen uit dit soort mensen. Als degenen die God dienen hun eigen karakter volgen en naar hun eigen wil handelen, zullen ze op elk moment het gevaar lopen uitgedreven te worden. Degenen die de ervaring van vele jaren dienst doen aan God gebruiken om de harten van anderen te veroveren, hen neerbuigend de les te lezen en hen te beteugelen, en degenen die nooit berouw tonen, hun zonden nooit opbiechten, nooit de voordelen van hun positie opgeven, zullen allen voor God ten val komen. Deze mensen zijn van hetzelfde type als Paulus, mensen die zich voorstaan op hun senioriteit en pronken met hun kwalificaties. God zal zulke mensen niet tot volmaaktheid brengen. Dit soort dienst hindert het werk van God. Mensen klampen zich graag vast aan het oude. Ze klampen zich vast aan opvattingen uit het verleden, dingen uit het verleden. Dit is een enorm obstakel voor hun dienst. Als je deze dingen niet van je af kunnen schudden, zullen ze je hele leven verstikken. God zal je niet prijzen, in het geheel niet, zelfs niet als je je benen of rug breekt van het rondrennen of het harde werk, zelfs niet als je je leven geeft in dienst van God. Integendeel: Hij zal zeggen dat je een boosdoener bent.

uit ‘Religieuze diensten moeten worden gezuiverd’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

202. Getuigenis afleggen vereist bovenal dat je spreekt over je kennis van Gods werk, over hoe God mensen overwint, hoe Hij mensen redt, hoe Hij mensen verandert, hoe Hij mensen leidt om binnen te treden en ze in staat stelt om overwonnen, vervolmaakt en gered te worden. Getuigenis afleggen betekent spreken over Zijn werk en alles wat je ervaren hebt. Alleen Zijn werk vertegenwoordigt Hem en alleen Zijn werk kan Hem in Zijn geheel openbaren; Zijn werk getuigt van Hem. Zijn werk en Zijn uitspraken vertegenwoordigen de Geest rechtstreeks, het werk dat Hij doet, wordt door de Geest uitgevoerd en de woorden die Hij spreekt, worden door de Geest gesproken. Deze dingen worden slechts door het geïncarneerde vlees van God geuit; in werkelijkheid zijn ze de uitingen van de Geest. Het werk dat Hij doet en de woorden die Hij spreekt, vertegenwoordigen Zijn wezen. Als God na Zich in het vlees te hebben gehuld onder de mensen niet sprak of werkte, en jullie dan vroeg Zijn echtheid, Zijn normaliteit en Zijn almacht te leren kennen, zou je dat dan kunnen? Zou je kunnen weten wat het wezen van de Geest is? Zou je in staat zijn om te weten wat Zijn eigenschap is? Het is alleen omdat jullie elke stap van Zijn werk ervaren hebben dat Hij jullie vraagt om over Hem te getuigen. Hadden jullie dit niet ervaren, dan zou Hij jullie dit niet gevraagd hebben. Dus, wanneer je over God getuigt, is dat niet om te getuigen van Zijn uiterlijk of normale menselijkheid, maar van het werk dat Hij doet en het pad dat Hij aangeeft, het is om te getuigen hoe je door Hem bent overwonnen en in welke aspecten je vervolmaakt bent. Dit is het soort getuigenis dat je dient af te leggen.

uit ‘Praktijk (7)’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

203. Wanneer de praktische God mensen overwint, zijn het Zijn goddelijke woorden die mensen overwinnen. De mensheid kan dit niet bewerkstelligen, geen gewone sterveling kan dit bewerkstelligen en zelfs normale mensen van het hoogste kaliber zijn hiertoe niet in staat, want Zijn goddelijkheid is hoger dan welk schepsel dan ook. Dit is voor mensen buitengewoon; de Schepper is per slot van rekening hoger dan elk schepsel. Er is gezegd dat leerlingen niet beter kunnen worden dan hun leerkracht. Schepselen kunnen niet hoger worden dan de Schepper; als je hoger was dan Hij, zou Hij je niet kunnen overwinnen — Hij kan je overwinnen omdat Hij hoger is dan jij. Hij die de hele mensheid kan overwinnen, is de Schepper, niemand anders dan Hij kan dit werk doen. Dit is getuigenis; dit is het soort getuigenis dat je behoort af te leggen. Je hebt elke stap van tuchtiging, oordeel, loutering, beproevingen, tegenslagen en moeilijkheden ervaren, je bent overwonnen, en je hebt de vooruitzichten van het vlees, je persoonlijke motivaties en de persoonlijke interesses van het vlees verzaakt — met andere woorden: het hart van alle mensen is overwonnen door Gods woorden. Hoewel je niet in de mate bent gegroeid in je leven zoals Hij had gevraagd, weet je deze dingen en ben je volkomen overtuigd door wat Hij doet — dit is dan getuigenis en dit getuigenis is echt! Het werk dat God is komen doen — oordeel en tuchtiging — is bedoeld om de mens te overwinnen, maar Hij voleindigt ook Zijn werk, besluit het tijdperk en voert het laatste hoofdstuk van Zijn werk uit. Hij sluit het hele tijdperk af, redt de hele mensheid, verlost de mensheid totaal van zonde en wint de mensheid die Hij geschapen heeft helemaal. Daar moet je allemaal getuigenis van afleggen. Je hebt zoveel van Gods werk ervaren, je hebt het met je eigen ogen gezien en het persoonlijk ervaren, wat zou het dan jammer zijn als je uiteindelijk niet eens de functie kunt uitoefenen die je behoort uit te oefenen. In de toekomst, wanneer het evangelie wordt verspreid, moet je in staat zijn om te spreken over je eigen kennis, te getuigen van alles wat je in je hart hebt gewonnen, en daarbij geen moeite sparen. Dit dient een schepsel tot stand te brengen. Wat is de betekenis van deze fase van Gods werk? Wat is het effect ervan? En hoeveel ervan wordt in de mens uitgevoerd? Wat moeten mensen doen? Wanneer jullie duidelijk kunnen spreken over al het werk dat de vleesgeworden God doet na Zijn komst op aarde, dan zal jullie getuigenis compleet zijn. Wanneer je duidelijk kunt spreken over deze vijf dingen — de betekenis, de inhoud en het wezen van Zijn werk, Zijn gezindheid die het vertegenwoordigt en Zijn werkprincipes — dan zal dat het bewijs zijn dat je getuigenis kunt afleggen en dat je de kennis werkelijk bezit. Ik vraag jullie niet veel en dat is voor allen haalbaar die er werkelijk naar streven. Als je vastbesloten bent om een van Gods getuigen te zijn, moet je begrijpen wat God verafschuwt en waar God van houdt. Je hebt veel van Zijn werk ervaren en door dit werk moet je Zijn gezindheid wel leren kennen, wat Hij verafschuwt en waar Hij van houdt, en Zijn wil en Zijn eisen aan de mensheid begrijpen en dit gebruiken om over Hem te getuigen en je plicht te doen.

uit ‘Praktijk (7)’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

204. Wanneer jullie van God getuigen, zouden jullie vooral moeten spreken over hoe God mensen oordeelt en tuchtigt, welke beproevingen Hij gebruikt om mensen te louteren en hun gezindheid te veranderen. Jullie moeten ook spreken over hoeveel verdorvenheid in jullie ervaring is geopenbaard, hoeveel jullie hebben doorstaan en hoe jullie uiteindelijk door God zijn overwonnen; hoeveel echte kennis jullie hebben van Gods werk en hoe jullie van God zouden moeten getuigen en Hem terug zouden moeten betalen voor Zijn liefde. Jullie moeten stevige taal gebruiken en op een eenvoudige manier spreken. Praat niet over lege theorieën. Spreek meer gewone taal; spreek uit je hart. Op die manier moet je dingen ervaren Maak geen gebruik van diepzinnig klinkende, lege theorieën om met jezelf te pronken. Dat maakt een arrogante en onzinnige indruk. Je moet wat meer over werkelijke, reële dingen spreken vanuit je eigen ervaring die werkelijk zijn en uit het hart komen. Daar hebben anderen het meest profijt van en het is voor hen het meest geschikt om te zien. Jullie waren mensen die zich het meest tegen God verzetten, en waren het minst geneigd je aan God te onderwerpen, maar nu zijn jullie overwonnen – vergeet dat nooit. Jullie dienen toegewijd veel bezinning en gedachten aan deze zaken te besteden. Zodra jullie je dit hebben gerealiseerd, zullen jullie weten hoe getuigenis af te leggen; anders lopen jullie de kans om schaamteloze en onzinnige handelingen te plegen.

uit ‘Het fundamentele besef dat de mens dient te bezitten’ in ‘Verslagen van de gesprekken met Christus’

205. Om getuige te zijn van Gods daden moet je in staat zijn om te uiten wat Zijn daden zijn en dit wordt gedaan door jouw ervaring, kennis en het leed dat je hebt doorstaan. Ben jij iemand die getuigt van Gods daden? Heb je dit streven? Als je in staat bent om te getuigen van Zijn naam en zelfs meer, van Zijn acties en ook om naar het beeld dat Hij van Zijn volk verlangt te leven, dan ben jij een getuige van God. Hoe getuig je eigenlijk van God? Door God te zoeken en te verlangen Hem na te leven, door getuigenis te geven middels jouw woorden, door mensen in staat te stellen om Zijn daden te kennen en te zien – als je dit allemaal echt zoekt, zal God je vervolmaken. Als alles wat je zoekt is om door God volmaakt te worden gemaakt en uiteindelijk gezegend te zijn, dan is het perspectief van je geloof in God niet puur. Je zou moeten najagen hoe je Gods daden in het echte leven kunt zien, hoe je Hem kunt tevredenstellen als Hij Zijn wil aan jou openbaart, zoekend hoe je kunt getuigen van Zijn wonderlijkheid en wijsheid en hoe Hij Zijn discipline kan demonstreren en jou kan behandelen. Dit zijn allemaal dingen die je nu moet proberen te achterhalen. Als je liefde voor God alleen zo is dat je kunt delen in de glorie van God nadat Hij je heeft vervolmaakt, dan is het nog steeds ontoereikend en kan het niet voldoen aan Gods vereisten. Je moet in staat zijn om te getuigen van Gods daden, zijn eisen te bevredigen en het werk te ervaren dat Hij op een praktische manier onder mensen heeft verricht. Of het pijn, tranen of verdriet betreft, je moet het allemaal in de praktijk ervaren. Dit alles is, zodat je een getuige van God kunt zijn.

uit ‘Degenen die volmaakt gemaakt moeten worden, moeten loutering ondergaan’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

206. Als je iemand bent die streeft naar vervolmaking, dan zul je getuigenis hebben afgelegd en zul je zeggen: “In dit stapsgewijze werk van God heb ik Gods werk van tuchtiging en oordeel aanvaard en hoewel ik het lijden diep doorstaan heb, ben ik te weten gekomen hoe God de mens volmaakt maakt, ik heb het werk verkregen dat door God is gedaan, ik heb de kennis van de gerechtigheid van God gehad en Zijn tuchtiging heeft me gered. Zijn rechtvaardige gezindheid is over mij gekomen en bracht mij zegeningen en genade; het is Zijn oordeel en tuchtiging die mij heeft beschermd en gezuiverd. Als ik niet door God was getuchtigd en geoordeeld en als de harde woorden van God niet over mij waren gekomen, zou ik God niet hebben gekend, noch kon ik gered zijn. Vandaag zie ik, als een schepsel zijnde, dat je niet alleen geniet van alle dingen die door de Schepper gemaakt zijn, maar wat nog belangrijker is, dat alle schepselen zouden moeten genieten van de rechtvaardige gezindheid van God en genieten van Zijn rechtvaardige oordeel, omdat Gods gezindheid de vreugde van de mens waardig is. Als een schepsel dat verdorven is door Satan, zou men van Gods rechtvaardige gezindheid moeten genieten. In Zijn rechtvaardige gezindheid is er tuchtiging en oordeel en bovendien is er grote liefde. Hoewel ik niet in staat ben Gods liefde vandaag de dag volledig te verwerven, heb ik het geluk gehad het te zien en hierin ben ik gezegend.” Dit is het pad dat wordt bewandeld door degenen die ervaren dat ze volmaakt zijn gemaakt en dit is de kennis waarover ze spreken. Zulke mensen zijn hetzelfde als Petrus; ze hebben dezelfde ervaringen als Petrus. Zulke mensen zijn ook degenen die het leven hebben verkregen en die de waarheid bezitten. Wanneer ze tot het einde ervaren, zullen ze zich tijdens het oordeel van God zeker volledig ontdoen van de invloed van Satan en door God worden gewonnen.

uit ‘De ervaringen van Petrus: zijn kennis van tuchtiging en oordeel’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

207. Zodra God het leven in de mensen wordt, zijn ze niet langer in staat om God te verlaten. Is dit niet de daad van God? Er is geen groter getuigenis! God heeft tot op een zeker punt gewerkt; Hij heeft gezegd dat mensen dienst moesten doen en getuchtigd moesten worden of sterven en mensen hebben zich toch niet teruggetrokken, wat aantoont dat ze door God zijn overwonnen. Mensen die de waarheid hebben zijn degenen die in hun werkelijke ervaringen standvastig zijn in hun getuigenis, standvastig zijn in hun positie, aan de kant van God staan, zonder zich ooit terug te trekken en die een normale relatie kunnen hebben met mensen die van God houden, die als er wat met hen gebeurt, in staat zijn om God volledig te gehoorzamen en God tot de dood kunnen gehoorzamen. Je beoefening en openbaringen in het werkelijke leven zijn de getuigenis van God, zij zijn de naleving van de mens en de getuigenis van God en dit is echt genieten van de liefde van God ; wanneer je tot op dit punt hebt ervaren, zal het gepaste effect zijn bereikt. Je bent bezeten van daadwerkelijke naleving en alles wat je doet wordt met bewondering door anderen bekeken. Je uiterlijk is onopvallend, maar je leeft een leven van uiterste vroomheid en wanneer je de woorden van God communiceert, word je door hem geleid en verlicht. Je bent in staat om Gods wil uit te spreken door je woorden, de realiteit te communiceren en je begrijpt veel over het dienen in de geest. Je bent openhartig in je spraak, je bent fatsoenlijk en oprecht, niet confronterend en beleefd, in staat om Gods regelingen te gehoorzamen en standvastig te blijven in je getuigenis wanneer dingen je overkomen en je bent kalm en beheerst, ongeacht waar je mee te maken hebt. Dit soort persoon heeft echt Gods liefde gezien. Sommige mensen zijn nog jong, maar ze gedragen zich als iemand van middelbare leeftijd; ze zijn volwassen, bezeten van de waarheid en worden bewonderd door anderen – en dit zijn de mensen die getuigenis hebben en de manifestatie van God zijn.

uit ‘Zij die God liefhebben zullen voor altijd in Zijn licht leven’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

208. Nu moet je weten hoe je overwonnen kunt worden, en hoe mensen zich gedragen nadat ze overwonnen zijn. Je kunt wel zeggen dat je overwonnen bent, maar kun je gehoorzaam zijn tot in de dood? Je moet in staat zijn om te volgen tot het bittere eind, ongeacht of er vooruitzichten zijn, en je mag het geloof in God niet verliezen ongeacht de omstandigheden. Uiteindelijk moet je twee aspecten van getuigenis bereiken: het getuigenis van Job − gehoorzaamheid tot in de dood − en het getuigenis van Petrus − de hoogste liefde van God. Aan de ene kant moet je zijn als Job: hij had geen bezittingen en werd ondergedompeld in de pijn van het vlees, toch verwierp hij de naam van Jehova niet. Dit was Jobs getuigenis. Petrus was in staat God lief te hebben tot in de dood. Toen hij stierf − toen hij gekruisigd werd − had hij God nog steeds lief; hij dacht niet aan zijn eigen verwachtingen en streefde geen glorieuze dromen of overdreven ideeën na en hij streefde er alleen naar om God lief te hebben en aan al Gods plannen te gehoorzamen. Dat is de norm waaraan je moet voldoen voordat je kunt zeggen dat je getuigenis hebt gegeven, voordat je kunt worden beschouwd als iemand die na overwonnen te zijn is vervolmaakt.

uit ‘De innerlijke waarheid van het overwinningswerk (2)’ in ‘Het Woord verschijnt in het vlees’

Vorige:(XIV) Woorden over hoe je oordeel en tuchtiging en beproeving en loutering moet ondergaan

Volgende:(XVI) Woorden over de invloed van satan verwerpen en redding bereiken

Gerelateerde media