De app van De Kerk van Almachtige God

Luister naar Gods stem en verwelkom de wederkomst van Heer Jezus!

We nodigen alle zoekers van de waarheid uit om contact met ons op te nemen.

Hoe horen de wijze maagden de stem van God en verwelkomen ze de Heer?

53

Bijbelverzen ter referentie:

Ik heb jullie nog veel meer te zeggen, maar jullie kunnen het nog niet verdragen. De ​Geest​ van de waarheid zal jullie, wanneer hij komt, de weg wijzen naar de volle waarheid. Hij zal niet namens zichzelf spreken, maar hij zal zeggen wat hij hoort en jullie bekendmaken wat komen gaat” (Johannes 16:12-13).

Gelukkig wie nederig van ​hart​ zijn, want voor hen is het ​koninkrijk van de hemel” (Matteüs 5:3).

Gelukkig wie hongeren en dorsten naar ​gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden” (Matteüs 5:6).

Gelukkig wie zuiver van ​hart​ zijn, want zij zullen God zien” (Matteüs 5:8).

Klassieke woorden van God:

“Hij die de incarnatie van God is, zal de essentie van God hebben. Hij die de incarnatie van God is, zal de uitdrukking van God hebben. Omdat God vlees wordt, zal Hij het werk voortbrengen dat Hij moet doen. En omdat God vlees wordt, zal Hij uitdrukken wat Hij is en zal Hij in staat zijn de waarheid naar de mens te brengen, het leven te schenken en de weg te wijzen. Vlees dat niet de essentie van God bevat, is zeker niet de vleesgeworden God. Dat lijdt geen twijfel. Als de mens wil onderzoeken of dit het geïncarneerde vlees van God is, moet de mens dit vaststellen aan de hand van de gezindheid die Hij uitdrukt en de woorden die Hij spreekt. Dat betekent dat aan de hand van Zijn wezen beoordeeld moet worden of dit al dan niet het geïncarneerde vlees van God is en of dit al dan niet de ware weg is. Bij het vaststellen[a] of dit het geïncarneerde vlees van God is, is het dus het allerbelangrijkste om aandacht te schenken aan Zijn wezen (Zijn werk, Zijn woorden, Zijn gezindheid en nog veel meer dingen) in plaats van aan de uiterlijke schijn. Als de mens alleen Zijn uiterlijk ziet en aan Zijn wezen voorbijgaat, geeft dat blijk van de onwetendheid en naïviteit van de mens.”

uit ‘Voorwoord’

“Door het hele universum heen ben ik mijn werk aan het verrichten, en in het oosten klinken donderslagen eindeloos voort waardoor alle landen en denominaties schudden. Het is mijn stem die alle mensen naar het heden heeft geleid. Ik zal ervoor zorgen dat alle mensen door mijn stem worden overwonnen, in deze stroom geraken en zich aan mij onderwerpen, want ik heb sinds lange tijd mijn glorie van de hele aarde teruggevorderd en deze opnieuw in het oosten tevoorschijn laten komen. Wie verlangt er niet naar mijn glorie te zien? Wie kijkt niet reikhalzend uit naar mijn terugkeer? Wie dorst er niet naar dat ik opnieuw verschijn? Wie smacht niet naar mijn liefelijkheid? Wie zou niet naar het licht komen? Wie zou de rijkdom van Kanaän niet aanschouwen? Wie verlangt niet naar de terugkeer van de Verlosser? Wie aanbidt de grote Almachtige niet? Mijn stem zal zich over de aarde verspreiden; ik wens, als ik mijn uitverkoren volk tegemoet treed meer woorden tegen hen te spreken. Als machtige donderslagen die bergen en rivieren doen schudden, spreek ik mijn woorden tot het hele universum en tot de mensheid. Daarom zijn de woorden in mijn mond de schat van de mens geworden en alle mensen koesteren mijn woorden. De bliksem flitst vanuit het oosten helemaal naar het westen. Mijn woorden zijn zodanig dat de mens ze niet op wil geven en ze tegelijkertijd onpeilbaar vindt, maar zich er des te meer in verheugt. Net als een pasgeboren baby zijn alle mensen blij en vrolijk en vieren ze mijn komst. Door mijn stem zal ik alle mensen voor mijn aangezicht brengen. Voortaan zal ik formeel het mensenras ingaan zodat de mensen mij zullen aanbidden. Met de glorie die ik uitstraal en de woorden in mijn mond, zal ik er voor zorgen dat alle mensen voor mijn aangezicht zullen komen en zullen zien dat de bliksem flitst vanuit het oosten en dat ik ook ben afgedaald naar de ‘Olijfberg’ van het oosten. Ze zullen zien dat ik al lang op aarde ben, niet meer als de Zoon van de Joden maar als de Bliksem uit het oosten. Want ik ben lang geleden opgestaan en ben uit het midden van de mensheid vertrokken en ben toen wederom met glorie onder de mensen verschenen. Ik ben Hem, die ontelbare eeuwen tevoren werd aanbeden, en ik ben ook het kind dat door de Israëlieten talloze eeuwen geleden in de steek is gelaten. Bovendien ben ik de al-glorieuze Almachtige God van het huidige tijdperk! Laat allen voor mijn troon komen en mijn glorieuze gezicht zien, naar mijn stem luisteren en naar mijn daden zien. Dit is mijn totale wil; het is het einde en het hoogtepunt van mijn plan, evenals het doel van mijn management. Laat elke natie mij aanbidden, elke tong mij erkennen, elk mens zijn geloof in mij berusten, en alle mensen onderworpen zijn aan mij!”

uit ‘De zeven donderslagen – een profetie dat het evangelie van het Koninkrijk door heel het universum zal worden verspreid’

“Als ik mijn gezicht naar het universum wend om te spreken, hoort de hele mensheid mijn stem, en ziet vervolgens alle werken die ik heb volbracht in het hele universum. Zij die zich verzetten tegen mijn wil, dat wil zeggen, zij die zich met de daden van de mens tegen mij verzetten, zullen door mijn tuchtiging worden geveld. Ik neem de talrijke sterren in de hemel en vernieuw ze, en dankzij mij worden zon en maan vernieuwd – het firmament zal niet meer zijn zoals het was; de talloze dingen op aarde zullen vernieuwd zijn. Door mijn woorden wordt alles voltooid. De vele naties in het universum zullen opnieuw worden ingedeeld en door mijn natie worden vervangen, zodat de naties op aarde voor altijd verdwijnen en één natie vormen die mij aanbidt; alle naties op aarde zullen vernietigd worden en ophouden te bestaan. Van alle mensen in het universum zullen zij die aan de duivel toebehoren uitgeroeid worden; allen die Satan aanbidden zullen verslagen worden door mijn brandend vuur – dat wil zeggen: behalve zij die zich nu in de stroom bevinden, de anderen zullen in as veranderen. Als ik de vele volkeren tuchtig, zullen zij die in de religieuze wereld leven, in verschillende gradaties, tot mijn koninkrijk terugkeren, overwonnen door mijn werken, omdat zij de komst van de Heilige die op een witte wolk rijdt hebben aanschouwd. De hele mensheid volgt haar eigen soort en ontvangt tuchtiging naar gelang haar daden. Zij die tegen mij stelling hebben genomen zullen omkomen. Als de daden van mensen op aarde geen betrekking hebben gehad op mij, zullen deze mensen, gezien de manier waarop zij zich van hun taak hebben gekweten, blijven voortbestaan op aarde onder heerschappij van mijn zonen en mijn volk. Ik zal mijzelf aan de talloze volken en de talloze naties openbaren, en mijn eigen stem laten klinken op aarde om de voltooiing te verkondigen van mijn grote werk zodat alle mensen het met hun eigen ogen kunnen aanschouwen.”

uit ‘Hoofdstuk 26’ van Gods woorden aan het hele universum

“Dat het gezag en de identiteit van God duidelijk geopenbaard zijn in de bewoordingen waarmee God Zich uit. Bijvoorbeeld, wanneer God zegt: ‘Ik doe jou deze belofte: je zult … ik maak je … Ik zal je … maken …’, uitdrukkingen als ‘je zult’ en ‘Ik zal’, waarvan de bewoording de bevestiging van Gods identiteit en gezag dragen, zijn in één opzicht een indicatie van de trouw van de Schepper; in een ander opzicht zijn het speciale woorden die door God worden gebruikt, die de identiteit van de Schepper bezitten − en die ook deel uitmaken van het conventionele vocabulaire. …

… Deze woorden werden gesproken door de mond van God, en er is kracht, majesteit en gezag in de woorden van God. Zulke macht en zulk gezag, en de onvermijdelijkheid van de vervulling van feiten, zijn onbereikbaar voor een geschapen of niet-geschapen wezen, en onovertrefbaar door een geschapen of niet-geschapen wezen. Alleen de Schepper kan op zo’n toon en met zo’n intonatie met de mensheid praten en feiten hebben bewezen dat Zijn beloften geen lege woorden zijn, of nutteloze opschepperij, maar de uitdrukking zijn van het unieke gezag dat niet te overtreffen is door een persoon, ding of object.

… Wanneer woorden zoals deze worden uitgesproken door God, zijn ze een openbaring en een uitdrukking van Gods ware gezindheid, een perfecte openbaring en manifestatie van het wezen en het gezag van God en er is niets dat geschikter is als bewijs van de identiteit van de Schepper. De manier, toon en bewoording van dergelijke uitspraken zijn nou juist het kenmerk van de identiteit van de Schepper en ze komen perfect overeen met de uitdrukking van Gods eigen identiteit en daarin is geen schijn of onzuiverheid; ze zijn, volkomen de perfecte demonstratie van het wezen en het gezag van de Schepper.”

uit ‘God Zelf, de unieke I’

“In feite is Gods woord een uitdrukking van Gods gezindheid. Uit Gods woord kun je Gods liefde voor en redding van de mensheid opmaken, en Zijn manier om hen te redden. … Dit is omdat Gods woord door God Zelf wordt uitgedrukt en niet iets is waarvoor God de mens gebruikt om het uit te schrijven. Het wordt persoonlijk door God uitgedrukt. Hij drukt Zijn eigen woorden en Zijn innerlijke stem uit. Waarom zeggen we dat het oprechte woorden zijn? Omdat ze vanuit de diepte komen, Zijn gezindheid uitdrukken, Zijn wil, Zijn gedachten, Zijn liefde voor de mensheid, Zijn redding van de mensheid en Zijn verwachtingen van de mensheid … Onder Gods woorden bevinden zich strenge woorden, vriendelijke en zorgzame woorden, en er zijn ook enkele onthullende woorden, woorden die niet in lijn zijn met menselijke verlangens. Als je alleen naar de onthullende woorden kijkt, zul je voelen dat God behoorlijk streng is. Als je alleen naar de vriendelijke woorden kijkt, lijkt God niet zo veel gezag te hebben. Je moet ze daarom niet uit hun verband halen, maar ze vanuit elke hoek beschouwen. Soms spreekt God vanuit een vriendelijke en barmhartig perspectief en zien mensen Gods liefde voor de mensheid, soms spreekt Hij vanuit een streng perspectief en zien mensen Gods gezindheid die geen belediging duldt. De mens is betreurenswaardig vuil en het niet waard Gods aangezicht te aanschouwen of voor God te verschijnen. Dat mensen nu voor God kunnen verschijnen, is louter te danken aan Gods genade. Gods wijsheid kan worden gezien in de manier waarop Hij werkt en in de betekenis van Zijn werk. Zelfs als mensen niet in direct contact met God staan, kunnen ze toch deze dingen in Gods woord zien.”

uit ‘Hoe de geïncarneerde God leren kennen’ in ‘Verslagen van de gesprekken van Christus’

“Deze keer komt God niet in een spiritueel lichaam werken, maar in een heel gewoon lichaam. Niet alleen is dit het lichaam van Gods tweede incarnatie, maar ook het lichaam waarin Hij terugkeert. Het is een heel gewoon vlees. Je zult aan Hem niets ontdekken dat anders is dan bij andere mensen. Wel kun je de waarheden van Hem ontvangen die je nog nooit eerder hebt gehoord. Dit onbetekenende vlees is de belichaming van alle woorden van de waarheid van God; datgene wat Gods werk gedurende de laatste dagen onderneemt. Het is de uitdrukking van heel Gods gezindheid zoals de mens deze mag leren kennen. Heb je niet vurig gewenst dat je God in de hemel mocht aanschouwen? Heb je niet vurig gewenst dat je God in de hemel mocht begrijpen? Heb je niet vurig gewenst om de bestemming van de mensheid te zien? Hij zal je al deze geheimen vertellen die niemand je ooit heeft kunnen vertellen, en Hij zal je zelfs alle waarheden vertellen die je nog niet hebt begrepen. Hij is je poort naar het koninkrijk en je gids naar het nieuwe tijdperk. Dit gewone vlees draagt talloze ondoorgrondelijke mysteries met zich mee. Misschien zullen Zijn daden voor jou ondoorgrondelijk zijn, maar het doel van al het werk dat Hij verricht, volstaat om je te laten inzien dat Hij niet een eenvoudig vlees is, zoals de mens denkt. Want Hij vertegenwoordigt Gods wil en de zorg waarmee God de mens gedurende de laatste dagen omringt. Hoewel je de woorden die Hij spreekt, die hemel en aarde lijken te laten schudden, niet kunt horen, en Zijn ogen, die vuur lijken te spuwen, niet kunt zien, en evenmin de discipline van Zijn ijzeren roede kunt voelen, kun je Gods woede in Zijn woorden horen en kun je weten dat God voor de mens barmhartig is. Dan zie je de rechtvaardige gezindheid en wijsheid van God, en word je je er bovendien van bewust dat God de hele mensheid koestert en verzorgt.”

uit ‘Weet je het al? God heeft iets groots onder de mensen tot stand gebracht’

“En toch is het deze gewone persoon, die verborgen is onder mensen, die het nieuwe werk van het redden van ons uitvoert. Hij legt niets aan ons uit, noch vertelt Hij ons waarom Hij gekomen is. Hij doet alleen het werk dat Hij van plan is te doen in stappen en volgens Zijn plan. Zijn woorden en uitingen worden steeds frequenter. Van troosten, vermanen, herinneren en waarschuwen, tot verwijten en disciplineren; van een toon die zachtaardig en vriendelijk is, tot woorden die fel en majestueus zijn – ze brengen allemaal compassie en schroom in de mens. Alles wat Hij zegt raakt de geheimen die diep in ons verborgen zijn, Zijn woorden steken in ons hart, steken onze geest en maken ons beschaamd en vernederd. …

Zonder dat we het wisten heeft deze onbeduidende man ons stap voor stap naar Gods werk geleid. We ondergaan ontelbare beproevingen, worden onderworpen aan ontelbare kastijdingen en worden getest door de dood. We leren van Gods rechtvaardige en majestueuze gezindheid, genieten ook van Zijn liefde en compassie, leren de grote kracht en wijsheid van God te waarderen, getuigen van de lieflijkheid van God en aanschouwen Gods diepe verlangen om de mens te redden. In de woorden van deze gewone persoon leren we de gezindheid en substantie van God kennen, leren we Gods wil kennen, leren we de natuur en substantie van de mens kennen en zien we de weg van redding en perfectie. Zijn woorden veroorzaken onze ‘dood’ en veroorzaken onze ‘wedergeboorte’; Zijn woorden brengen ons troost, maar laten ons ook gebukt door gevoelens van verwijt en schuld; Zijn woorden brengen ons vreugde en vrede, maar ook grote pijn. Soms zijn we als lammeren voor de slachting in Zijn handen; soms zijn we als Zijn oogappel en ontvangen we Zijn liefde en genegenheid; soms zijn we als Zijn vijand, in as veranderd door Zijn toorn in Zijn ogen. Wij zijn de mensheid die door Hem is gered, wij zijn de maden in Zijn ogen en wij zijn de verloren lammeren aan wie Hij dag en nacht denkt om te vinden. Hij is genadig tegenover ons, Hij veracht ons, Hij heft ons op, Hij troost ons en vermaant ons, Hij leidt ons, Hij verlicht ons, Hij kastijdt en disciplineert ons, en Hij vervloekt ons zelfs. Hij maakt zich dag en nacht zorgen om ons, Hij beschermt en zorgt dag en nacht voor ons, Hij staat altijd naast ons, en Hij besteedt al Zijn zorg aan ons en betaalt elke prijs voor ons. In de woorden van dit kleine en gewone vlees hebben we het geheel van God ervaren en hebben we de bestemming gezien die God ons heeft geschonken. …

De uiting van God gaat verder en Hij maakt gebruikt van verschillende methoden en perspectieven om ons te vermanen wat te doen en de stem van Zijn hart tot uitdrukking te brengen. Zijn woorden dragen levenskracht en laten ons het pad zien dat we moeten lopen en laten ons begrijpen wat de waarheid is. We beginnen aangetrokken te worden tot Zijn woorden, we beginnen ons te concentreren op de toon en manier van Zijn spreken, en beginnen onbewust een interesse in de stem van het hart van deze onopvallende persoon te krijgen. Hij doet nauwgezette pogingen voor ons, verliest de slaap en eetlust voor ons, weent voor ons, zucht voor ons, kermt in ziekte voor ons, lijdt vernedering omwille van onze bestemming en redding, en Zijn hart bloedt en huilt tranen voor onze ongevoeligheid en opstandigheid. Wat Hij heeft en is gaat een gewoon persoon te boven, en kan door geen van de verdorvenen worden bezeten of bereikt. Hij heeft tolerantie en geduld dat geen gewoon persoon heeft, en geen enkel schepsel bezit Zijn liefde. Niemand anders dan Hij kan al onze gedachten kennen, of onze aard en substantie snappen, of de opstandigheid en verdorvenheid van de mensheid beoordelen, of tot ons spreken en zo onder ons werken in naam van de God des hemels. Niemand behalve Hij kan het gezag, de wijsheid en de waardigheid van God bezitten; de gezindheid van God en wat Hij heeft en is, worden in hun geheel van Hem uit uitgegeven. Niemand anders dan Hij kan ons de weg wijzen en ons licht brengen. Niemand anders dan Hij kan de mysteries onthullen die God niet heeft geopenbaard vanaf de schepping tot nu toe. Niemand anders dan Hij kan ons redden van Satans slavernij en onze verdorven gezindheid. Hij vertegenwoordigt God, en drukt de stem van het hart van God uit, de vermaningen van God, en de woorden van oordeel van God voor de hele mensheid. Hij is een nieuw tijdvak begonnen, een nieuw tijdperk, en heeft een nieuwe hemel en aarde gebracht, nieuw werk, en Hij heeft ons hoop gebracht, en een einde gemaakt aan het leven dat we leidden in onduidelijkheid, en heeft ons toegestaan om het pad van redding ten volle te aanschouwen. Hij heeft ons hele wezen overwonnen en ons hart gewonnen. Vanaf dat moment worden onze geesten bewust en lijken onze zielen opnieuw te worden gerevitaliseerd: deze gewone, onbeduidende persoon, die onder ons leeft en lange tijd door ons is verworpen – is Hij niet de Heer Jezus, die voor altijd in onze gedachten is, en naar wie we dag en nacht verlangen? Het is Hij! Het is Hem echt! Hij is onze God! Hij is de waarheid, de weg en het leven! Hij heeft ons toegestaan om weer te leven, het licht te zien en heeft ervoor gezorgd dat onze harten niet langer dwalen. We zijn teruggekeerd naar het huis van God, we zijn teruggekeerd voor Zijn troon, we staan oog in oog met Hem, we hebben Zijn aangezicht aanschouwd en de weg die voor ons ligt gezien. In die tijd zijn onze harten volledig door Hem overwonnen; we twijfelen er niet langer aan wie Hij is en werken niet langer Zijn werk en woord tegen, en we vallen helemaal neer voor Hem. We wensen niets anders dan de voetsporen van God voor de rest van ons leven te volgen en door Hem te worden vervolmaakt en Zijn genade terug te betalen en Zijn liefde voor ons terug te betalen en Zijn orkestraties en arrangementen te gehoorzamen, en samen te werken met Zijn werk, en alles te doen wat we kunnen om te voltooien wat Hij ons toevertrouwt.”

uit ‘Het aanschouwen van de verschijning van God in Zijn oordeel en tuchtiging’

Gerelateerde media